Idee voor een Wiki artikel? Lees in dit artikel hoe je kunt helpen!

Hogeschool

Uit Bokt

Ga naar: navigatie, zoeken

De hogeschool is een vergevorderde vorm van dressuur (van 'dressage' wat 'trainen' betekent in het Frans). Hiervoor dienen paard en ruiter een zeer goede verstandhouding te hebben. Er moet een perfecte balans zijn en het moet lijken of het paard het bijna vanzelf doet. Het Hogeschoolrijden is heel bekend geworden door de Spaanse Rijschool in Wenen.

Hogeschoolonderdelen

Spaanse pas

Spaanse pas

Bij de Spaanse pas stapt het paard verzameld en strekt daarbij het voorbeen iedere pas recht vooruit. Het voorbeen dient zo ver mogelijk horizontaal te komen. Dit moet in een vloeiende beweging gebeuren. Hierbij is het van belang dat het paard met de achterhand door blijft stappen zodat het paard niet steeds langer wordt. Ook is het belangrijk om erop te letten dat het lijf mooi opwaarts blijft en de hals niet te lang wordt. Anders komt er teveel gewicht op de voorhand. Het paard zal dan zijn benen minder hoog op kunnen tillen en hij zal makkelijk zijn balans en ritme kwijtraken.[1]

Probeer bij het aanleren van de Spaanse pas altijd zoveel mogelijk aan de zijkant van je paard te staan zodat je niet in de baan van de uitzwaaiende voorbenen terecht komt. Een nadeel van deze manier van aanleren is wel dat sommige paarden scheef gaan lopen omdat ze teveel op jouw focussen.


Polkapas

De polka pas komt grotendeels overeen met de Spaanse pas. Alleen wordt bij de polkapas het voorbeen niet iedere pas gestrekt. Het paard strekt alleen de eerste pas van de drie het been. Hierdoor strekt bijvoorbeeld het paard eerst het linkervoorbeen en maakt daarna twee normale passen waarna hij het rechtervoor strekt en zo verder.

Passage

Passage is een zeer verzamelde drafvorm. Daarbij wordt de voorhand hoog opgeheven en de achterhand extra eronder gebracht. De passage heeft een zeer lang zweefmoment. Hierdoor lijkt het alsof het paard in slowmotion draaft. Het paard heeft een hele sterke balans nodig om hierbij zijn evenwicht niet te verliezen.

Piaffe

Passage

Piaffe is de meest verzamelde vorm van de draf. Het paard blijft op de plaats of met een lichte voorwaartse beweging draven. Hierbij is het van belang dat het paard constant in het zelfde ritme blijft. Doordat de achterhand er ver onder komt gaat deze een beetje omlaag en de voorhand een beetje omhoog. De voorbenen worden zo hoog opgetild dat de hoef tot ongeveer halverwege de pijp komt en de achterhoef moeten tot net boven de kogel van het andere achterbeen komen.

Renvers, Travers en Appuyeren

Renvers, Travers en Appuyeren; zie Zijgang

Changement

Bij changementen, ook wel vliegende galopwisselingen genoemd, springt het paard over van de ene galop in de andere. Hierbij is het van belang dat zowel de voor- als de achterhand in de zelfde galopsprong van galop wisselen. Best veel paarden kunnen dit een enkele keer bijvoorbeeld op de diagonaal. Bij de Hogeschool wordt deze oefening uitgebreid naar meerdere keren op bijvoorbeeld de diagonaal tot om de pas. Hierbij zit het paard dus niet meer dan 1 galopsprong in dezelfde galop en spring dus constant over.

Pirouette

Pirouette

Een pirouette betekent draaien om de as. Dit wordt er dus ook gedaan bij een pirouette door een paard. Het paard blijft daarbij met de achterhand op dezelfde plaats en draait er met de voorhand omheen. Hierbij is het van belang dat de achterhand mee blijft springen bij iedere pas en zichzelf niet ingraaft in de grond, dit is namelijk slecht voor de gewrichten. Een pirouette kan zowel in stap (bekend als Keertwending om de achterhand ) als in galop uitgevoerd worden. Het doel van een pirouette is om het paard meer gewicht op de achterhand te laten nemen. Het rijden van een pirouette vraagt veel gevoel van de ruiter. Bij het paard verbetert een pirouette de reacties, balans en coördinatie.

Capriole

Bij een capriole (betekent sprong van een geit) steigert het paard waarna hij met de uithand uitslaat op het moment dat hij op zijn hoogste punt is met de voorhand. Vervolgens landt het paard vrijwel met vier benen tegelijk. Video van een Capriole

Courbette

In een courbette steigert het paard waarbij hij de voorbenen gebogen houdt richting zijn lichaam. Daarna maakt hij enkele sprongetjes voorwaarts waarbij de voorbenen de grond niet aan mogen raken. Bijzonder sterke en begaafde paarden kunnen vijf of meer sprongen maken voordat zij met de voorbenen de grond raken. Het is gebruikelijker om een serie van drie of vier sprongen te zien.

Regionaal is er echter wel een verschil wat er onder de Courbette wordt verstaan. Men moet daarbij rekening houden met de tijd waarin deze oefening zijn ontwikkeld, de aansluitende aanpassingen en de regionale verschillen en aanpassingen van deze oefening.

Oorspronkelijk is de Courbette een hoog gesprongen krachtige galop, die haast op de plek uitgevoerd wordt. Het paard spring daarbij in tweetakt, en landt met beide voorbenen tegelijk terwijl de achterhand nog in de lucht is, of spring met beide achterbenen terwijl de voorhand nog in de lucht is. Als de sprong niet heel hoog wordt uitgevoerd heet deze oefening Mezair.

In Duitsland en Oostenrijk is de Courbette een van de oefeningen van de “ Hoge school boven de aarde” , waarbij het paard eerst in een relatief steile hoek op de achterbenen gaat staan en aansluiten met beide achterbenen tegelijk naar voren springt, zonder dat het paard tussendoor met de voorbenen de grond aan mag raken. Het is een van de moeilijkste oefeningen uit de Scholen boven de Aarde. Als het paard tussendoor regelmatig met de voorbenen de grond aanraakt, heet de oefening Mezair. Een eenmalige sprong heet Lanzade.

In Frankrijk (bij het Cadre Noir) is een Courbette een heel andere oefening. De Courbette is daar het oprichten van het paard op de achterhand, waarbij het paard op de grond blijft staan, dus niet gaat springen. Deze oefening wordt ook Pesade genoemd.

Video van een Courbette

Schoolhalt

In de schoolhalt wordt het gewicht tijdens het stilstaan naar de achterhand verplaatst en buigt het paard in de achterbenen. Het is een voorganger van de levade. Tijdens de schoolhalt is er geen druk op de teugels. Het paard leert met deze oefening op de juiste manier op halve ophoudingen te reageren. Vaak wordt de schoolhalt gevraagd vanuit de piaffe omdat het paard dan al zeer verzameld is en zijn achterbenen ver onder het lichaam brengt.

Levade

Levade

In de levade brengt het paard zijn voorhand van de grond zodat hij een hoek van ongeveer 35 graden met het terrein vormt, daarbij trekt hij beide voorbenen gelijkmatig op en balanceert in deze positie. Bij het begin van de beweging worden de achterbenen onder het zwaartepunt van het paard gebracht waarbij de spronggewrichten richting de grond zakken, hierdoor komt de achterhand van het paard verder omlaag en lijkt het alsof de voorhand hoger komt. Deze houding is slechts enkele seconden vast te houden waarna het paard rustig op de voorbenen landt en kan daarna verder stappen of halt houden. Video van een Levade

Croupade

De croupade lijkt heel erg op een capriole, alleen slaat het paard niet uit op het hoogste punt maar houdt zijn benen onder zijn lichaam.

Ballotade

De ballotade komt grotendeels overeen met de croupade, maar de achterhoeven van het paard worden zo gehouden dat het lijkt alsof het paard uit wil slaan. De rug van het paard is bijna horizontaal. Dit is een overgangsbeweging naar de capriole die moeilijker is voor het paard.

Mezair

Bij een mezair steigert het paard waarna hij uitslaat met zijn voorbenen. Het is een serie levades met een voorwaartse beweging (niet op de plaats), waarbij het paard dat geleidelijk zijn benen verder voorwaarts brengt en steeds kort met zijn voorbenen de grond raakt voordat hij weer opnieuw omhoog komt.

Bronnen, referenties en/of voetnoten

  1. http://www.bokt.nl/forums/viewtopic.php?f=194&t=1658027
  • Lipizzaner door Heinz Nürnberg
  • Lipica door Milan Dolec
  • Die Spanische Hofheitschule zu Wien