Bondscoach Wim Ernes heeft, in overleg met de KNHS, de kadercriteria dressuur aangepast. Doel is een betere doorstroming naar het Olympisch kader. In het Olympisch kader zijn zeven combinaties opgenomen, het B kader bestaat nu uit negen ruiters.
In het Olympisch kader zijn nu zeven combinaties opgenomen, die in een periode van zes maanden drie scores van minimaal 71 procent hebben behaald waarvan een op een internationale wedstrijd. De criteria voor opname in het Olympisch kader zijn ongewijzigd.
Drie scores van minimaal 69 procent in een periode van zes maanden op nationale wedstrijden zijn voldoende voor opname in het B-kader dressuur bij de senioren. Voorheen moest een van deze scores ook op een internationale wedstrijd behaald zijn. “We hebben in Nederland een zeer hoogwaardig jurycorps. Het eenmaal internationaal starten heeft geen extra toegevoegde waarde voor opname in het B-kader”, legt Ernes de wijziging uit. “Door meer ruiters op te nemen in het B-kader verwacht ik een betere en snellere doorstroming naar het Olympisch kader.” De wijzigingen in de kaders zijn met terugwerkende kracht ingevoerd.
Dan kan hij toch nog steeds binnen de zoveel scores binnen een bepaalde tijd vallen? Als het paard niet meer bij hem is, verdwijnt hij vanzelf weer uit het lijstje?
Donna Silver is al naar een andere ruiter! Vind zelf belangrijk dat ruiters ook internationaal starten voordat ze het B kader in komen, weet Wim ook wat de buitenlandse juryleden van hem/haar vinden!