Meldplicht niet nodig
Staatssecretaris Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) is niet bereid om een meldplicht in te stellen voor eigenaren en houders van paarden en dierenartsen als het vermoeden bestaat dat een paard lijdt aan de neurologische vorm van Rhinopneumonie. Bleker denkt dat het goed is dat paardenhouders elkaar via een centraal loket informeren over uitbraken, risico’s en te nemen maatregelen. Een dergelijk loket of helpdesk is voorzien in de sectoragenda infectieuze ziekten van 22 december 2011 en wordt op dit moment door de Sectorraad Paarden in samenwerking met de paardendierenartsen opgericht. Hierbij ziet Bleker geen rol voor de rijksoverheid weggelegd.
Bleker vindt echter een meldplicht voor deze ziekte een te zwaar instrument. Bovendien is in de afgelopen jaren bij eerdere uitbraken van Rhinopneumonie gebleken dat de individuele houder in samenwerking met zijn dierenarts en sectororganisaties heel goed in staat zijn de ziekte te beheersen, aldus Bleker in antwoord op vragen vanuit de Tweede Kamer.
Tot op heden zijn er drie bevestigde gevallen van de neurologische vorm van Rhinopneumonie in Nederland en één geval van de abortusvariant bij een paard. Het betreft bedrijven in Heumen, Berg en Dal, Woubrugge en Ede (abortusvariant).
Een zwaar instrument als een wettelijke meld- en of bestrijdingsplicht is volgens Bleker gereserveerd voor ziekten waarbij:
- Het een zoönose betreft waardoor snelle signalering of centrale bestrijding noodzakelijk is.
- De aard van de maatregelen van dien aard is dat de uitbraak niet door de sector zelf bestreden kan worden.
- Er door een uitbraak grote externe effecten optreden, zoals handelsbelemmeringen.