Idee voor een Wiki artikel? Lees in dit artikel hoe je kunt helpen!

Voltige

Uit Bokt

Ga naar: navigatie, zoeken
Vrije kür team

Voltige is het uitvoeren van (gymnastische) oefeningen op een paard terwijl het stapt (in de lagere klassen) of galoppeert. Vaak wordt het vergeleken met turnen op een paard. In 1976 werd voltige benoemd tot een tak in de paardensport met het doel kinderen te leren paardrijden. In 1983 heeft de FEI voltige opgenomen als een aparte discipline in de paardensport. Vanaf toen werd voltige als een sport beoefend. Je hebt verschillende soorten in het voltigeren. Je kan voltigeren in teamverband (teamvoltigeren), met zijn tweeën (duovoltigeren) en individueel (solovoltigeren).

Klassen

Bij het teamvoltigeren wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende klassen:

  • Junioren (t/m 18 jaar)
  • BB
  • B
  • L
  • M
  • Z
  • ZZ

In de klasse BB en B is het mogelijk om met 1 tot 7 personen te starten, hierbij maakt het niet uit met hoeveel personen je bent het wordt altijd team genoemd. Vanaf de klasse L is het mogelijk om in solo, duo of team te starten waarbij een team bestaat uit 7 personen.

Wanneer een voltigeur nog nooit heeft gestart heeft deze de mogelijkheid om in de BB, B of L klasse te starten. Zodra je in de L klasse eenmaal bent gestart mag je niet meer in de B starten. Het is wel zo dat iedereen, ongeacht de klassering in de BB mag starten omdat dit een impulsklasse is.

Bij de BB kan de voltigeur kiezen om de verplichte oefeningen in stap of galop te doen, dit zijn 2 losse rubrieken waarbij de vrije oefeningen (ook wel kür genoemd) in stap worden uitgevoerd. In de klasse B doe je verplichte oefeningen in galop en de vrije oefeningen in stap. Vanaf de L klasse wordt de plicht en kür in galop uitgevoerd en geldt dat je mag promoveren bij het behalen van 4 winstpunten en dat je moet promoveren bij 8 winstpunten.

Teamvoltigeren

Bij het teamvoltigeren wordt er met een team van 7 voltigeurs gewerkt (In de BB en B is dit een 1 tot 7tal). Teamvoltigeren is vergelijkbaar met het paardrijden bij kunstschaatsen. Je moet bij het teamvoltigeren de verplichte oefeningen uitvoeren om aan te tonen dat de basisvaardigheden worden beheerst, maar ook is er een vrije kür waarbij ze met twee- en drietallen acrobatische oefeningen vertonen op het paard. Met teamvoltigeren kan worden gestart vanaf zesjarige leeftijd.


Duovoltigeren

Bij deze wedstrijdvorm voltigeren twee voltigeurs samen. Dit wordt ook wel "pas de deux" genoemd. Tijdens de kür voltigeren ze samen. Alle oefeningen worden uitgevoerd op een galopperend paard. Vanaf 12 jaar mag aan deze wedstrijdvorm worden deelgenomen.

Solovoltigeren

Solovoltigeren word gedaan vanaf een leeftijd van 14 jaar. De solovoltigeur moet dezelfde verplichte oefeningen uitvoeren als een teamvoltigeur om aan te tonen dat de basisvaardigheden worden beheerst. De vrije kür ziet er anders uit omdat er maar één voltigeur deze uitvoert in tegenstelling tot het teamvoltigeren. Alle oefeningen worden uitgevoerd op een galopperend paard.

Verplichte oefeningen

  • Opsprong: Een oefening waarbij je op het paard springt. De oefening moet in het galop ritme van het paard worden opgevoerd.
  • Afsprong naar binnen en naar buiten: Hierbij ga je vanuit de gewone zit naar de binnen of buitenkant en duw je jezelf af.
  • Afflanken: Hierbij zwaai je jezelf op tot handstand en duw je jezelf af naar de buitenkant.
  • Vrije zit: Bij deze oefening zit je met je armen gespreid. Je moet dit 4 galopsprongen volhouden.
  • Opzwaaien tot bank: Hierbij zwaai je je benen een klein beetje omhoog. Vervolgens zwaai je ze naar achteren en kom je op je knieën te zitten.
  • Vlag: Je zit op je knieën en steekt dan je linker arm uit en je rechter been. Ook dit moet 4 galopsprongen worden volgehouden.
  • Knielen: Hierbij zit je op je knieën en steek je beide handen naar voren.
  • Molen: Je draait een rondje op de rug. Je komt in 4 fase's elke fase moet 4 galopsprongen volgehouden worden.
  • Voorwaarts opzwaaien: Je zwaait jezelf op tot een handstand.
  • Achterwaarts opzwaaien: Je zit achterwaarts en zwaait je benen en heupen zo hoog mogelijk in de lucht.
  • Schaar: Je drukt je op en draait je lichaam.
  • Staan: Je moet hierbij 4 galopsprongen lang op het paard staan
  • Flanken: Je springt via een soort handstand van het paard af.
  • Scharen 1ste deel: De voltigeur begint in een zittende houding, waarbij eerste de benen gestrekt naar voren worden gestrekt en daarna naar achteren worden gezwaaid met het doel om op te kunnen drukken en naar handstand te zwaaien. Waarbij op het hoogste moment de heupen linksom worden gedraaid waarna de benen volgen en de voltigeur zachtjes achterstevoren op het paard land.
  • Scharen 2de deel: De voltigeur zit achterstevoren en heeft de beugel vast. Hierbij worden de benen dit keer naar achteren gestrekt samen met gestrekte armen, waarbij de binnenkant van de knieën alleen nog maar het dek raken en er een boogspanning wordt gemaakt. Bij de tweede fase van deze oefening worden de benen naar voren gezwaaid en moet er een hoek gemaakt worden van 90 graden tussen de armen en de rug, en een hoek van 90 graden tussen de gestrekte benen en de buik. Op het hoogste punt worden de heupen rechtsom gedraaid waarbij benen en armen helpen om weer zachtjes voorwaarts te landen.

Foto's


Bronnen, referenties en/of voetnoten