Ik weet dat het laat is maar helaas was het niet mogelijk dit eerder te doen.
Morgen heb ik een proefwerk scheikunde van hoofdstuk 4, 5 en 6 (boek Curie, scheikunde voor de 2e fase, VWO deel 1)
Het gaat over zouten, oplossen en mengen, rekenen aan reacties (molrekenen).
Wij hebben de volgende vragen gekregen die in het proefwerk zouden komen morgen (of in een andere vorm)
1 30 mL van een 0,10 M (molariteit) alimuniumnitraat oplossing wordt gemengd met 70 mL van een 0,10 M natronloog.
a. Bereken de concentratie [Al2+] [NO3-] [Na+] [OH-] na samenvoegen van oplossingen vóórdat het neerslag gevormd is.
b. Geef de reactievergelijking van de neerslagreactie.
c. Bereken de concentratie van de overgebleven ionen in de oplossing.
d. Bereken de hoeveelheid neerslag die gevormd is.
2 Een vegetarische krokodil eet per dag 25 kg brood (C12H22O11)
a. Geef de reactievergelijking van de volledige verbranding van C12H22O11
b. Bereken het aantal kg O2 dat nodig is voor de verbranding.
c. Bereken het aantal m3 O2 dat nodig is voor de verbranding.
Gebruik de algemene gaswet voor het berekenen van Vm (molair volume) ; T=310 Kelvin
d. Bereken het aantal liter CO2 werlke de krokodil uitademt.
e. Bereken het aantal mg H2O welke de krokodil uitademt.
Als je dit hele verhaal hebt gelezen, bedankt!
Natuurlijk zou ik het helemaal fijn vinden als iemand 1 (of meer) van deze vragen voor mij zou kunnen uitwerken/beantwoorden.
)