Begin in stap met het aanleren van je zithulpen. Wend af bij E en ga netjes zwaarder zitten, knieen klemmen en lang maken. Hierbij geef je ook de stemhulp (HOOWW of HALT).. loopt die door eindig die vanzelf met zn neus tegen de B. STaat die stil, met of zonder neuscontact met de B, beloon je hem. Dit herhaal je tot die Goed! reageerd. Dan ga je hte doen met tempowisselen.. stukje verruimen in stap en weer een stukje terug rijden op je zit. Hierbij kan je ook weer gebruik maken an het pasje op zij in de wendingen he. Bij alles wat je doet is het heel belangrijk dat je hem overdreven beloont als die wat goeds doet! op die manier krijgt die lol in zn werkt en gaat die ook harder voor je werken.
Als ditin stap goed gaat zal je merken dat die nagevelijk word, hij laat namelijk zn rug los en gaat je hand vertrouwen omdat je niet zit te rommelen in zn mond maar hem van achtere naar vore toe nagevelijk rijdt. Als die lekker nagevelijk loopt in stap -ook al ben je dan 3 kwartier verder- draaf je pas aan. Dan begin je weer helemaal op nieuw in draf. Merk je dat die te heet word wend je weer af bij E en zet je hem stil, loopt die door eindigd die op de B en stap je vanuit daar weer verder tot je een goed tempocontrolle hebt en dan pas draaf je weer aan.
Pas als je het gevoel heb dat je kan lezen en schrijven met je paardje in stap en draf ben je pas toe aan de galop. Het is niet erg als je en paar weken niet galopeerd onder het zadel, dit kan je dan oplossen met longeren, losgooien ed. Rij in galop heel veel overgangen. Dus spring aan en rij hem na een pas of 5 weer netjes terug tot de rust. DIt kan een mooie draf zijn maar misschien is die druk en moet je hem verder terug rijden tot stap of zelfs weer halthouden. Weer ntejes opbouwen en opnieuw aanspringen in galop. Na enkel passen neem je hem weer opnieuw terug.
ook hierbij is het van belang dat het allemaal vanuit rust en vertrouwen gebeurd. Hij moet hierbij natuurlijk wel mooi actief blijven en goed aan de hulpen dus laat hem niet lui worden maar hij hem contrant bezig (klinkt makkelijk, in practijk is het vaak wat moeilijker!) als die beter gaat kan je telkens vaker aan springen en als je met gemak kan aanspringen ga je de afstanden van de galop wat uitbreiden.