Goofy44 schreef:Kalkoenen gebruik je meestal op een ondergrond met risiko (bv uitglijden). Vaak op zachte ondergrond. Op harde ondergrond zoals bevroren sneeuw, ijs e.d. ook. In alle gevallen twee kalkoenen. Er zijn ook hoefblessures waarbij de takken van de ijzers iets van de grond gezet worden. Je kan kalkoenen in gaten drukken, draaien of het is in het smeedwerk opgenomen. Op een echte "harde ondergrond" is de hoefstand bij grondcontact en de afwikkeling van de hoefbeweging heel anders. Kalkoenen kunnen dan aanleiding tot blessures zijn.
Gesmede "kalkoenen" kun je niet losnemen. Als je ze gebruikt: per hoef altijd 2. Er zijn ook ijzers om 4 kalkoenen in te draaien. Als een paard gaat liggen met kalkoenen, kan het paard zichzelf blesseren (ellebogen). Kalkoenen zijn er in verschillende vormen, van doppen, rond, vierkant, meerkant, scherpe puntig, scherp wig enz.
Heel interessant verhaal hoor, maar zou je misschien commentaar willen geven op mijn stellingen.
Het gaat er dus om dat het paard loopt op een harde ondergrond die wel tot uitglijden uitnodigd ivm gras. Andere situaties zijn op mijn vraagstuk niet van toepassing.