Ik ben op zoek naar een nieuwe/extra uitdaging met mijn hond. De sporten die ik ken zijn: GG Behendigheid/agility Fly-Bal Frisbee Speuren Jacht (geen optie, is drijver) Doggydance en het drijven natuurlijk.
Drijven doe ik al maar zoek er iets bij. Wil liever geen behendigheid gaan doen want merk dat ze er heel druk van word.
Ter informatie, het gaat om een aussie, moet dus wel mentaal geprikkeld worden. Alleen wandelen is niet voldoende. Naast het drijven wat ik 2 tot 4 x per maand doe, gaat ze ook mee met rijden en met de fiets. En natuurlijk gewoon wandelen.
Wij doen IPO training. Dat houdt in speuren, pakwerk en appél. leuke uitdaging en afwisselend. de honden vinden het geweldig en kunnen echt hun energie er in kwijt.
Wij doen IPO training. Dat houdt in speuren, pakwerk en appél. leuke uitdaging en afwisselend. de honden vinden het geweldig en kunnen echt hun energie er in kwijt.
Klinkt leuk zeg. Doe je dat gewoon bij een hondenschool dan? Hoe moet ik dat voor me zien?
Het examen VZH vormt de kroon op het werk voor de meeste mensen die elementaire gehoorzaamheid hebben gevolgd, en is de basis voor degenen die IPO (willen gaan) draaien. Het examen bestaat uit twee afdelingen.
Deel A bestaat uit gehoorzaamheids-oefeningen op het trainingsveld. De hond moet zowel aangelijnd als los netjes volgen. Dat geldt zowel de rechte stukken, als de wendingen en keertwendingen, alsmede "in de groep" (een 8-tje lopen om en tussen een groep mensen). Het programma kent een aantal zgn. tempowisselingen (gewone pas wordt afgewisseld door een stukje looppas, een stukje slenterpas). De hond dient automatisch te gaan zitten, als de baas blijft staan. Daarnaast moet de hond op commando gaan zitten en liggen terwijl de baas doorloopt. En tenslotte: snel voorkomen en aan de voet komen als 'ie geroepen wordt. Deel B bestaat uit het testen van de hond in "real-life". De hond wordt meegenomen naar een winkelcentrum of andere drukke plaats en dient zich daar in alle opzichten sociaal en rustig te gedragen. Ook als er bellende fietsers langskomen. Of als er een metro leegstroomt. En ook als u de winkel ingaat en er een andere hond langskomt of de hond geaaid wordt.
Hondensport: I.P.O.
IPO als doelstelling:
IPO staat voor Internationale Prüfungs- Ordnung, een standaard waarin de reglementen van examens en wedstrijden op mondiaal niveau zijn vastgelegd. Het IPO-programma bestaat uit drie onderdelen die alle drie dienen te worden beoefend: Afdeling A: speuren Afdeling B: appèl Afdeling C: manwerk. In principe zijn er drie niveaus, aangeduid als IPO-I, II en III. De moeilijkheidsgraad binnen alle afdelingen neemt toe van IPO-I naar IPO III
Hondensport: IPO-speuren afd. A
Speuren
Bij het speuren gaat het er om dat de hond een door de baas (IPO-I) of door een vreemde (IPO II en III) uitgelopen spoor, weet te volgen en de voorwerpen die daarop zijn "verloren" weet terug te vinden. De lengte van het spoor en de tijd tussen het "leggen" en het "uitwerken" van het spoor, zijn afhankelijk van het niveau. De hond dient zelfstandig te werken waarbij hij circa 10 meter voor zijn geleider loopt. Bij de jonge honden op de foto's loopt de geleider nog dicht achter de hond, om deze beter te kunnen steunen, stimuleren en corrigeren. Soms wordt --in de opbouwfase- gewerkt met voer op het spoor. Hoe het ook zij, als de hond een voorwerp vindt dat behoort aan degene die het spoor heeft gelegd, dient hij dit voorwerp te "verwijzen" (de meest gebruikte methode is dat de hond -uit zichzelf- vlak voor het voorwerp gaat liggen). Het voorwerp mag ook naar de geleider worden geapporteerd. Door gebrek aan "schone" (dwz.: onbelopen) speurvelden in de , zijn we min of meer gedwongen er 's-morgens vroeg op uit te trekken. Da's in de winter wel eens moeilijk, maar dat het niet altijd een straf behoeft te zijn bewijzen deze foto's die om 09.00 uur 's-morgens zijn gemaakt
Hondensport: IPO-appèl afd.B.
Appèl Het appèl vormt de basis van de drie onderdelen. Het woord appèl wordt vaak gezien als synoniem voor gehoorzaamheid en het netjes afwerken van de verplichte oefeningen. Maar het draait vooral om de relatie baas-hond. Een slaafs volgende hond die met hangende staart en zichtbare tegenzin de oefeningen afwerkt, zal nooit hoog scoren. Hetzelfde geldt voor een hond die voortdurend luidkeels protesteert. Het plezier van baas en hond moet er gewoon van afstralen. Het programma bestaat - afhankelijk van het niveau - uit aangelijnd en los volgen, volgens een vast programma. De ruimte ontbreekt hier om alles tot in detail te bespreken, verwezen zij naar het programmaboekje van de NBG. Wat hier staat, is slechts bedoeld om een globaal beeld te schetsen.
In het programma, dat een aantal tempowisselingen kent (versnelde pas, normale pas en langzame pas) is een aantal keerwendingen (180o) en hoeken (90o) opgenomen. Daarnaast dienen baas en hond door een groepje mensen te lopen waarbij de hond noch angstig, noch agressief mag reageren.
Ook dient de hond - vanuit normale dan wel versnelde pas - op commando te blijven staan dan wel te gaan zitten of liggen, terwijl de geleider gewoon doorloopt. De hond moet vervolgens op commando (alleen vanuit de af- en de sta-positie) netjes voorkomen (naar de baas toekomen en recht voor 'm gaan zitten) en aan de voet te gaan. Daarna wordt er geapporteerd. Eerst over wat men noemt "de vlakke grond", daarna over de springschutting en de klimschutting. Vervolgens wordt de hond over een afstand van circa 80 meter vooruitgestuurd, alwaar hij op commando moet gaan liggen. Het programma wordt afgesloten met het zogenoemde "afleggen met afleiding" waarbij de hond (onaangelijnd) alleen wordt gelaten en circa 10 minuten - zonder van de plaats te komen - moet toekijken hoe andere combinaties het programma afwerken.
Hondensport: IPO-manwerk afd. C.
Manwerk Bij dit laatste onderdeel, dat ook wel wordt aangeduid als "de verdedigingsdienst",leert de hond een pakwerker aan te bijten. Daarbij gaat het - althans bij onze vereniging - nadrukkelijk om sportafrichting die appelleert aan de buitdrift van een hond en niet aan de agressieve instincten. Daarbij maken we gebruik van een bijtrolletje, dat uiteindelijk door de hond wordt gewonnen. Dit betekent dat we de hond niet opleiden tot een verdedigingshond die in de dagelijkse praktijk als zodanig in te zetten is.
De overstap van bijtrolletje naar bijtmouw wordt geleidelijk en gedoseerd gemaakt. Zeker in het begin wordt de hond gesteund door gebruik van een lange lijn.
Zodra de pakwerker gevonden is dient de hond deze aan te blaffen. De hond mag de pakwerker niet bijten. De hond wordt daarna aan de voet geroepen en op aanwijzing van de geleider verlaat de pakwerker het verstek.