Ik doe namelijk trekspelletjes met mijn hond, en ik laat hem winnen regelmatig winnen ook......
Mijn honden mogen op de bank, en samen met mij zitten ze op de grond.
Als ze mij een knuffel geven komen ze hoger dan ik
en ik ga soms door de knieën zodat ze er beter bij kunnen, wat ik ben dol op hun knuffels en gezoen.Ik vraag wat ze willen, en soms doen we waar zíj zin in hebben.
Ik eet regelmatig later als de honden. Ze mogen ook naast me zitten als ik eet, ik vind dat wel gezellig.
Oh, ze mogen niet als eerste door de deur. Dat is meer praktisch, ik wens niet aan de kant geduwd te worden. Ik geloof dat dat duwen puur enthousiasme is, maar ik corrigeer het wel, want ik vind het niet erg respectvol.
Ik stoei met ze, ik speel met ze, ik troost ze als ze verdrietig of bang zijn, ik kom voor ze op, ik verzorg ze goed als ik kan, ik geef ze het beste wat ik te bieden heb.....
Kortom, ik heb schijt aan Martin Gaus.
En toch..... ze volgen me op de voet, alsof ik de leukste persoon ter wereld ben, pakken medicijnen uit mijn handen aan alsof het snoep is, als ik zeg dat het goed is, laten ze zich prikjes geven, gedragen zich geweldig als er bezoek is, zijn lief voor kinderen, en dól op alles wat leeft...... en ik heb geen ogenblik dominantieproblemen. Ze knuffelen me, ze lopen te trutten en te miepen soms, zijn knettergek bij tijden, en altijd eerlijk en betrouwbaar.....
Dimo is geen grote held, maar is toch wel wat stoerder geworden, niet meer bang voor alles. Hij gelooft me als ik hem zeg dat ik niet toe zal laten dat wie dan ook hem iets doet...... en als hij zich niet lekker voelt, komt hij bij mij. Als hij bang is, komt hij bij mij om troost en bescherming. Als hij een zere poot heeft, geef ik er een kusje op, en vraag hem of het nog au doet.......
Wat ben ik dol op mijn beesten.
En wat ben ik blij dat ik zo'n band met ze kan hebben........
Laat je hond gewoon hond zijn. Beloon wat ze goed doen, beloon ze als je trots op ze bent. Prijs ze de hemel in als ze iets heel knaps doen. Spreek ze streng toe als ze iets doen wat niet mag, maar...... hou van ze. Geef ze vertrouwen in je.
Wees een leider, zoals een leider moet zijn. Verzorgend, liefhebbend, beschermend, eerlijk. Ze zullen voor je door het vuur gaan.....
Maar word nooit een baas.
Word geen tiran, maar begrijp ze, onderdruk ze niet. Leer hun taal, het is het enige wat ze hebben om jou iets duidelijk te maken. Jouw taal kunnen ze niet leren, ze zijn honden. Jij de hunne wel. Doe het voor ze. Val ze niet lastig met regels die ze niet begrijpen. Wees altijd consequent, ze begrijpen het niet als je dat niet bent, en worden er onzeker van. Jíj bent de enige die ze zekerheid en veiligheid kan bieden, niemand anders kan dat. Doe het dan ook.
Probeer ze niet onderdanig te maken met belachelijke regels. Ze proberen je niet van de troon te stoten, wees niet zo achterdochtig. Ze zijn te vertrouwen, het zijn geen mensen.
Alles wat ze van je willen is veiligheid, bescherming, liefde en eten. De rest is allemaal minder belangrijk.
En dat gaat als een zonnetje!

