Bandida schreef:Maar hoe kom je er achter of een hond geselecteerd is op goeie huishond zijn? Moeilijk.. In dat geval zou ik dus uitkijken naar eentje waar beide ouders van te ontmoeten zijn in iemands huis, en dat zou primeren op al de rest. Maar papier? Hoeft niet in dat geval, gezond en lieve ouders zouden volstaan.
Daar kom je niet achter.
Je kan inderdaad niet veel meer doen dan naar de beide ouders kijken.
Daarbij blijft het wel zaak dat de ouders gezond en onverwant zijn. Dat is een fors probleem bij menig ras omdat de genenpoel vaak klein is en volledige verziekt.
Papier op zich is allleen maar een registratie vande ouders. Niets meer niets minder. Daar hoeft geen tentoonstlling noch rasvereniging bij te pas te komen. Op zích zelfs geen bij de FCI aangesloten federatie noch die hele FCI. Het zijn allemáál ´loodgietersverenigenen´.
Het is niet voor niets dat er steeds meer ´dissidenten´ een eigen richting ingaan en zelfs hun eigen stambomen bijhouden/uitgeven, al dan niet in verenigd verband. Daarbij kan de leek niet beoordelen of dat goed of juist slecht is.
Het is voor de leek echt een groot probleem geworden. Degene die zijn/haar best doet om het goed te doen wordt door in een fuik gevoerd. De informatie komt vanuit de belanghebbenden en de grootste belanghebbenden hebben spelen de grootste rol.
Het is inmiddels zo dat een pup van twee lieve gezonde ouders zonder stamboom de meeste kans op een leuke gezonde hond biedt.
Dat is een ´geheim´ wat al volkswijsheid is; de haast spreekwoordelijk gezonde vuilnisbakkenras-hond.
De reden staat in dat boekje M,M,M en het is ónbegrijpelijk dat die trein van de kynologie ongehinderd doorboldert.
Ik ben nu met mijn beste Frans door een héél informatief boek uit 1982 over brachycephale rassen aan het ´lezen´. Dat is een beetje een waterscheidingboek. De basis staat erin en de verwatering door de verschillende belangen ook. De auteur scheidt het door helder aan te geven wat het uitgangspunt was en wat de uitleg/interpretatie. In de huídige standaarden is het meeste van wat in dit boek interpretatie is, al naar de richtlijn verhuisd. Zelf compleet nieuw verzonne ras´kenmerken´ zijn hier en daar opgedoken. Echt
hoe e kynologie geschiedenis herschrijft en rassen een andere kant op navigeert.
In het algemeen is het heel verfrissend om oudere spaans- en franstalige boeken te lezen. Dat geeft een héél ander perspectief dan de info van vandaag de dag welke vrijwel uitsluitend steunt op engelstalig bronnen die sterk subjectief zijn vanuit de eigen belangen en zelfs nationalisme.