DEEL 1
Citaat:‘Shana!’, schreeuwde mijn vriendin over onze halve aardbol. Ik, Shana, 15 jaar jong, gooide mijn laatste schep mest in de kruiwagen. Mijn grote, vriendelijke reus, Ambition, stond de wereld geïnteresseerd te bekijken vanuit zijn veilige stal. Wat een sukkeltje was het ook. Eigenlijk moest ik hem nu uit stal gaan halen, en beginnen met opzadelen, we gingen naar de crossbaan rijden en daar even onze crosstalenten laten blijken aan iedereen daar. Ambition was een ongelofelijk veelzijdig paard, hij kon werkelijk alles, je kon lekker dressuur met hem rijden, hij kon geweldig springen met een goede ruiter, en hij was heerlijk op buitenritten. Ik had een speciaal rooster, hoe vaak ik hem reed, wanneer hij vrij had, en ga zo maar door. Hij kreeg sowieso elke dag beweging of aandacht van me, ik kon hem moeilijk de hele dag op stal laten, en al helemaal nu hij aan huis stond. Mijn beste vriendin, Naomi, had haar paard al klaar staan, en ik moest nog beginnen. Ze stapte ongeduldig rondjes op het erf, en Ambition werd helemaal gek van haar en haar super Fjord. Haar beestje was echt een leuk beest, hij kon ongelofelijk springen, ruim zijn eigen lengte (ook al sprong Naomi dat niet met hem), hij schrok werkelijk nergens van, alleen dressuur was niet hun sterkste punt. Naomi’s Fjord, Sultan, had zijn naam niet voor niets, hij kon namelijk echt een draak zijn in de bak. Daarom reed Naomi vrijwel altijd buiten, meestal samen met mij. Ik reed nooit in mijn eentje in het bos, Ambition vond het nog wel eens leuk om een loopje met me te nemen, en ik had geen zin om dan in mijn eentje het bos door te crossen. Uiteindelijk, na zo ongeveer een kwartier, steeg ik op, en reden we samen naar buiten. Ik had een speciale springoutfit, een mooi dekje, grijs met een roze randje, een veelzijdigheids zadel, die prima als een springzadel door kon, en een borsttuig met een martingaal. Het stond Ambition helemaal geweldig, alleen hij vond al dat getut aan zijn lichaam maar niks. Buiten alles wat hij al had, reed ik ook nog eens met een bontje op en onder het zadel, hij had peesbeschermers en springschoenen met bont. Hij had heel gevoelige plekken op zijn hoofd, en een zadelbontje was omdat het veelzijdigheids zadel eigenlijk niet helemaal goed meer paste. Ambition was veel te dik geworden. Samen reden we naar buiten, druk pratend over van alles en nog wat. De rit door het bos, naar de crossbaan toe, was een heerlijk ontspannende rit. Jammer dat, hoe dichter we bij de crossbaan kwamen, hoe drukker de paarden werden. Dit ritje maakten ze elke zaterdag, en ze wisten dondersgoed wat het betekende. Ik wist Ambition met moeite onder bedwang te houden toen ze een paar hindernissen in het vizier kregen. Het was rustig vandaag, de instructeur was er, die stond een bak koffie te drinken, en er waren een paar mensen dressuur aan het rijden. Toen de instructeur, en tevens de oprichter van deze plek, ons zag, sprong hij op en liep hij naar ons toe. ‘Jullie komen om te crossen?’, vroeg hij hoopvol. Ik lachte. ‘Ja, wij komen eens even lekker uitrazen hier zo’. Hij schoot ook in de lach, en liep naar ons toe. ‘Zullen we eerst op het kruisje inspringen?, dan doe ik hem op 50 cm’. Naomi knikte, en ik nam er genoegen mee. Ambition kon nog veel hoger, dat wist ik nog wel van toen hij nog op de handelsstal stond, maar ik was niet zo’n springruiter, gaf mij maar een potje serieuze dressuur. Jammer dat hij het zelf zo leuk vond. En bovendien was de instructeur die dit allemaal georganiseerd had, helemaal geweldig, hij gaf leuk les, jammer dat hij geen dressuur deed. Van hem zou ik nog eens veel kunnen leren, maar we kwamen hier alleen op zaterdag, en meestal was het ongelofelijk druk. Dan moest je een half uur wachten voor je eindelijk 1 sprongetje kon nemen, maar vandaag konden we anderhalf uur lang achter elkaar springen. Met pauze er tussendoor natuurlijk. Toen we terugreden, waren we allemaal moe, maar voldaan. Ambition, Sultan, Naomi en ik natuurlijk. Ik zadelde Ambition vrij langzaam af, net zoals Naomi. We borstelden de paarden, en daarna mochten ze in het weiland. Toch wel makkelijk, 2 ruinen, hoef je, je niet druk te maken over dat ze misschien wel gedekt worden of dat soort onzin. Ik zou daar eigenlijk nog niet eens zo heel veel problemen mee hebben, krijg ik tenminste een veulen!, dat is toch leuk?. Mijn ouders dachten daar helaas anders over, als ik ooit een merrie kreeg, en ik liet die dekken, dan hing ik. Ik zwaaide Naomi uit, en gaf Ambition nog even een knuffel, alvorens ik zelf naar binnen ging om te eten.
De volgende dag had ik voor een keer niet met Naomi afgesproken om het bos in te gaan op zondag. Ik wou serieuzer aan mijn dressuur gaan hameren, Ambition kon het geweldig, maar hij liet het dus echt niet blijken. Zijn vorige eigenaresse was met hem M1 geweest met dressuur, en de eigenaar daarvoor ZZ springen. Hij was dus echt een toppaard, van pas 12 jaar, maar hij liet niet blijken dat hij zo’n toppertje was, misschien was ik niet de juiste ruiter voor hem?. Ambition liet merken dat hij geen zin had om dressuur te doen vandaag, zondag was zijn dag om lekker door het bos te galopperen, 2 uur lang. ‘Vandaag niet!’, schreeuwde ik voor de honderdste keer toen we langs de ingang van de bak kwamen en hij de bak uit wou springen. Sultan stond lekker in het weiland, morgen had hij wedstrijd, dus had hij vandaag rust. Eigenlijk niet slim, je moet toch trainen?. En zaterdag hadden we gesproken. Naomi had een hele aparte trainingswijze, ze reed maar 1 keer in de week dressuur, maar toch wist ze het voor elkaar te krijgen elke keer winstpunten te halen. Ik kon het me niet voorstellen. Als ik een keer voor de grap een onderlinge wedstrijd reed, haalde ik nóóit winstpunten. Vroeger stond ik op een manege, eerst met Potter, later ook even met Ambition. Potter was mijn eerste pony, een witte, heel mooi, en kon geweldig lopen. Op de manege reed ik 3 keer in de week (weinig hé?!), waarvan 2 keer in een kinderles, en de andere keer, op zaterdag, voor mezelf. Ik vond dit heerlijk, we hadden een oude, grote schuur waar van de winter zand in gestort werd zodat dat een binnenbak zou worden, tegen de regen, en tot die tijd redde ik het prima met onze buitenbak. Het was een mooie, gedrailleerde bak, dus ik had nooit problemen ermee, dat hij nat was. Ik reed hem een half uur, en daarna begon hij echt vervelend te doen, bokken, steigeren, en ander protest wat ik niet van hem waardeerde. Ik wist hem nog een keer in draf te krijgen, voor het gevoel, en daarna kwam ik eraf. Ambition kon zijn hoofd helemaal op de teugels leggen, hij liet zijn hoofd dan gewoon rusten op jou spieren, en daar kon ik helemaal gek van worden. Ook liep hij regelmatig veel te diep. En zie een ex-dressuurpaard er dan maar uit te rijden!. Af en toe kreeg ik het neusje er gewoon niet uit, die liet ik het maar. Ik kreeg er vaak commentaar op bij wedstrijden, soms positief, soms negatief. Het boeide me allemaal niet, ik had Potter verkocht omdat ik een recreatiepaard wou, en niet een werklustige pony die alleen maar dressuur kom doen, en weer omdat ik Ambition had, was ik aan huis gaan staan. Potter was echt een superpony geweest, begrijp me niet verkeerd, maar ik werd te groot, en bovendien wou ik recreatieruiter worden, en niet iemand die maar 3 keer rijd in een week, waarvan 2 keer levenloze lessen, en af en toe nog een wedstrijd op zondag. Ik kwam ook nooit meer op die manege. Er werd verteld dat je een pony hard in de mond moet trekken als je hem aan de teugel wilt rijden. Nou, ik, als een meisje van 12, wist wel beter, maar een kind van 7 die net op paardrijden zit, kan je dat soort dingen prima aansmeren. Ik vond het altijd heel gemeen en paardonvriendelijk. Ook in mijn lessen werd er doorgezaagd over het aan de teugel rijden, zelfs al was Potter gespannen door mijn manier van rijden. Hij was sowieso eigenlijk altijd al vreselijk schichtig voor mijn hulpen geweest, ik kon Potter niet aandrijven of hij stond op zijn achterbenen, ik moest echt met de zweep werken, alleen sturen en remmen kon met mijn handen, de rest met de zweep. Erg moeilijk, want dan krijg je zo’n vreselijk sloom “wedstrijdpaard” van je ouders, en dan ben je dat niet gelijk vast, klamp je, je gelijk vast aan de manen als je 1 keer aangedreven had. Met mijn zweep werken moest ik ook erg veel doen op Ambition, net als met mijn sporen. Ik had het op Potter niet moeten proberen, met sporen rijden, zelfs al waren het heel onschuldige knopsporen.
