Schaapen, schaapjes, kleine schaapjes.
Lammetjes, kleine lieve lammetjes.
Weiland, weilanden. Allemaal weilanden.
Dat zie ik, dat zie ik van achter het glas.
Ik wou dat het lekker weer was.
Het is tenslotte lente sinds kort.
Maarja,
April doet wat ie wil.
Maar ze zeggen dat het steeds lekker de weer wordt,de komende dagen.
Niks te klagen !
Schaapen, schaapjes, kleine schaapjes.
Lammetjes, kleine lieve lammetjes.
Overal als ik om me heen kijk, zie ik mensen.
Mensen die zitten, die zitten te klieren of muziek zitten te luisteren.
Andere zitten weer domme dingen naar elkaar te fluisteren.
Maar ik, ik kijk liever naar buiten.
Naar de schaapjes en de lieve kleine lammetjes op het weiland.
Nogsteeds overal, overal schaapjes en lammetjes.
Nu met de bus, bij mijn eind punt aangekomen ...
Zie ik geen schaapjes en geen lammetjes meer.
Ik moet naar school ...
Maar gelukkig zie ik ze morgen weer !