De bewegingsonscherpte zit vooral in de achtergrond,
en dat geeft de foto alleen maar meer dynamiek.
Wil je toch meer scherpte dan kan je de camera het beste
in de sportstand zetten, hij pakt dan een snelle sluitertijd.
Wat altijd lastig blijft als je onderwerp snel naar je toe komt is het scherpstellen zelf;
tussen het scherpstellen en de eigenlijke foto zit altijd wel wat tijd.
In die tijd is je onderwerp dan alweer uit het scherpe stukje van de foto vertrokken,
zeker met een compactcamera waar altijd wel een vertraging op zit.
Dat zie je op jou foto ook; de haartjes aan de achterkant van het hoofd zijn mooi scherp,
het gezicht is iets onscherper.
Je kan dit op een paar manieren opvangen; als je zelf wat in kan stellen door een kleiner diafragma
te kiezen (hoger getal), hierdoor krijg je meer scherptediepte maar wordt ook je sluitertijd weer langer.
Je kan ook je standpunt veranderen en de foto meer van opzij maken
waardoor de afstand tussen camera en onderwerp minder snel verandert.
Of probeer de foto te maken op het dode punt, dus net voor de schommel weer naar achteren gaat.
Op dat moment is de beweging het minst.