Dit is inderdaad niet echt de herkenbare kwaliteit van een spiegelreflexcamera.
Een automatische stand heeft met meer bewolkt weer e.d. niet altijd even veel zin, maar ook voor amateur/beroepsfotografen, die zich dus meer verdiepen in de wereld van fotografie, is het nog een grote uitdaging om bij slechter weer goede foto's te kunnen maken. Dit is nou eenmaal erg moeilijk.
Ik geef even een uitleg, met betrekking tot een handmatige stand. (In dit geval, op M. Dit betekent Manual, en dus moet je alles hierbij zelf instellen.)
Bewegende objecten geheel scherp vastleggen, een bevroren beeld noemen we dit, kan met een korte sluitertijd. Dit is per weeromstandigheid verschillend, dus kan geen richtlijn geven. Is er heel veel zon, moet je de sluitertijd korter maken. In dit geval wordt het getal achter de slash dus groter. 1/60 betekent; een zestigste seconde. Dus, als je 1/250 hebt, om maar een voorbeeld te noemen, heb je dus te maken met een kortere sluitertijd.
Daarnaast is het diafragma een heel belangrijk aandeel in je instellingen. Bij een laag diafragmagetal, is de opening van je lens/objectief groot. Als we het hebben over een lichtsterke lens, betekent dit dat de opening van je lens verder open kan dan een 'normaler' objectief en je dus voor een lager diafragmagetal kunt kiezen. Daarom zijn deze objectieven ook duurder.
De ISO-waarde bepaald je lichtgevoeligheid. Bepaald is misschien het verkeerde woord, maar ook deze instelling is aan te passen op de omstandigheden. Bij veel licht, zet je je ISOwaarde zo laag mogelijk, bijv. op 100. Fotografeer je bijv. in een binnenbak, kun je je ISOwaarde wat verder omhoog zetten. Probeer hem nooit op 1600 te zetten, want dan kun je je foto's wel weggooien. Dit zorgt namelijk voor ruis in je foto, een ander woord; korrel.
Tot slot in mijn uitleg, de witbalans. Buiten fotografeer je met daglicht, dit is het beste. Ieder soort licht heeft zijn of haar eigen temperatuur. In de wereld van fotografie drukken we deze temperatuur uit met een eenheid, Kelvin, afgekort door een hoofdletter K. De witbalans stel je af op het soort licht waar je mee werkt. In veel camera's staan hiervoor pictogrammetjes/symbooltjes. Zo heb je bijv. een witbalans voor daglicht, bewolkt, kunstlicht, TL-licht, flitslicht en nog een aantal dingen. Fotografeer je bij daglicht en je stelt je camera in op TL-licht, krijg je een blauwe foto. Hier kun je zelf wat mee proberen
.
Ik zeg er heel eerlijk bij dat de Manual stand wel heel extreem is om mee te beginnen. Ik bedoel met deze uitleg ook niet dat je nu op Manual moet gaan fotograferen, voorlopig kun je ook nog op automatische stand werken als je zeker wilt weten dat je acceptabele foto's maakt. (op een uitzondering na, want de automatische stand werkt dus niet altijd even goed..)
Tussendoor, hobbymatig, is het misschien een uitdaging om je wat meer te gaan verdiepen in de handmatige standen. Dit is een kwestie van veel uitproberen en oefenen.
Een tijd geleden fotografeerde ik alleen nog op de Pstand. Hierbij stelt je camera de sluitertijd in, en jij het diafragmagetal. (bij een Canon) Vond dit toentertijd persoonlijk een hele fijne stand om mee te werken en wat ervaring op te doen.
Mijn verhaal is nu wel lang genoeg, je hebt huiswerk zat, haha
. Ik wens je heel veel succes, en ben benieuwd of het een beetje gaat lukken!
Gr Esmée