Aan het eind van de middag word ik een beetje nerveus. Nog heel even en mijn ouders komen. Ik moet mijn plan met hun overleggen. De minuten tikken langzaam voorbij en ik word steeds onzekerder. Is het eigenlijk wel zo’n goed plan. Ik besluit het even uit mijn gedachten te verbannen. “Wat is er?” hoor ik Mark ineens achter me zeggen. “Niks. Ik was gewoon even in gedachten verzonken.” Hij knikt begrijpen en ik ben blij dat hij er niet verder op ingaat.
Eindelijk stopt er een taxivoor het huis. Gelijk spring ik op en ren naar buiten en vlieg me moeder om de hals. “Ik heb je zo gemist mam.” Ik trek haar dicht tegen me aan, bang om haar weer kwijt te raken.” “Ik heb jou ook gemist, schat.” De tranen staan in haar ogen en ik zie de wallen onder haar ogen. Ze is natuurlijk zo ongerust geweest dat ze amper heeft geslapen. Daarna val ik mijn vader om de hals. Wanneer ik me omdraai naar het huis staan, Rebecca in de deuropening. “Komen jullie binnen eerst nog wat drinken.” Zonder op mijn ouders antwoord te wachten knik ik.
Even later zitten we met zijn allen aan een bakje dampende thee zitten. Ik stel iedereen aan mijn ouders voor. Wanneer ik Mark voorstel, voel ik een lichte blos op mijn wangen. Gelukkig hadden mijn ouders het niet door. Ik vertel samen met Berber en Claudia het hele verhaal aan mijn ouders. Terwijl we aan het vertellen waren, keek mijn moeder erg bezorgt. Eigenlijk had ik wel met haar te doen. Ze is altijd al een beetje overbezorgd en dan gebeurt dit. Als we alles hebben verteld, ga ik even met mijn moeder naar binnen. Ik wil haar even alleen spreken.
“Mam?” vraag ik even later als we met zijn tweeën binnen staan. “Ja schat. Wat is er?” Even twijfel ik of het wel zo’n goed idee is, maar dan zeg ik: “Ik zit met een probleem. Die jongen Mark, ik mag hem erg. Ik ben er vandaag achter gekomen dat hij helemaal geen ouders heeft. Hij woont in een krot van een huis en heeft amper geld.” Even aarzel ik, hoe moet ik dit tegen mijn moeder zeggen. Maar voordat ik verder kan gaan zegt mijn moeder: “Mag hem erg? Volgens mij is het wel iets meer dan mag ik erg of niet?” Ik knik en zeg: “Eigenlijk wil ik hem niet achter laten.” “Maar wat wil je ertegen doen?” ze kijkt me vragend aan en ik weet niet goed hoe ik het moet zeggen. “Kan hij niet met ons mee.” Flap ik er zomaar uit. Mijn moeder kijkt me een bedenkelijk aan. Voor mij is dat al een opluchting, want ze zegt tenminste niet meteen, nee. “En wat vond Mark hiervan dan?” “Ik heb het er met Mark niet over gehad. Eerst wou ik het aan jullie vragen.” Ik zie mijn moeder twijfelen. “Alsjeblieft, mam. Hij kan slapen op de logeerkamer. Ik kan hem hier echt niet zo achterlaten.” Ik kijk me moeder nu smekend aan. “Ik weet niet hoor schat. Hij is een totaal onbekende. Wie weet is hij wel heel anders dan je denkt.” Ik schut mijn hoofd en zeg: “Nee mam. Dat is hij niet. Ik heb aan hem zelfs mijn leven te danken. Nu kan ik wat voor hem terug doen.” “Ik moet het hier met je vader over hebben hoor schat. En ik wil hier een nachtje over slapen.” Ik schrik even en zeg: “Maar we hebben geen nachtje meer.” “Jawel schat, we gaan zo naar een hotel hier in de stad. Morgen gaat het vliegtuig pas s’avonds, dus we hebben nog even tijd. Nu wil ik het er eerst met je vader over hebben gehad, oké.” Ik knik instemmend en zeg dan: “Mag ik hier dan nog een nachtje blijven slapen? Dan kan ik nog wat meer afscheid nemen van Claudia, Berber en Rebecca.” Ik zie dat me moeder twijfelt, maar ik wil zo graag nog wat langer blijven. Ik ben vandaag helemaal niet in de stemming om afscheid te nemen. “Toe mam!” “Nou vooruit dan maar. Het voordeel is dat ik het dan rustig met je vader kan bespreken.” Met die woorden verlaten me moeder en ik de kamer weer en gaan naar buiten.
Mijn ouders gaan na een tijdje weg, want ze moeten nog bij een hotel inchecken. Rebecca vond het goed dat ik hier nog een nachtje bleef. En we huren gezellig met zijn allen een film. De jongens blijven ook gezellig kijken en ik lig de hele tijd samen met Mark op de bank. Hij is zo lief, iedere keer als het mij iets teveel werd. Stelde hij me gerust. S’avonds gaan de jongens pas laat weg. Ik voel me haast schuldig tegenover Mark. Hij moet weer naar zijn haast instortende huisje toe. Ik denk bij mezelf, hopelijk is dat je laatste nachtje daar.
De volgende ochtend schrik ik wakker van een plons in het zwembad. Een beetje slaperig stap ik uit bed en kijk uit het raam. Het is Claudia, die alweer op een luchtbed in het water ligt. Ik schut even mijn hoofd, eigenlijk had ik nog wel even willen slapen. Maar nu ik toch wakker ben heeft dat geen zin meer. Dus besluit ik om ook maar weer gezellig te gaan liggen zonnen op het water.
“Zo jij bent ook een vroege vogel.” Zeg ik tegen Claudia wanneer ik beneden komt. Ze kijkt op en zegt: “Ik heb je toch niet wakker gemaakt?” “Nou eigenlijk wel. Maar is niet erg, ik kom er ook even gezellig bij liggen.” Ze knikt en glimlacht verontschuldigend naar me. “Sorry, dat ik je het wakker gemaakt.” “Maakt niet uit.” Samen liggen we lekker op het water, als Rebecca en Berber ook naar buiten komen. “Goedemorgen.” zegt Rebecca opgewekt. Berber ziet er wat minder wakker uit. Maar die is nooit een ochtendmens geweest. “Goedemorgen!” zeggen Claudia en ik opgewekt terug. Rebecca en Berber komen ook gezellig bij ons liggen. “Het is maar goed dat je vier luchtbedden hebt.” zeg ik tegen Rebecca. “Er gaat er regelmatig eentje lek en als me vriend er niet is, koop ik een nieuwe. Ik heb nooit zin om die dingen te plakken.” We schieten allemaal in de lach en Claudia zegt: “Lui, hé.”
Zo liggen we gezellig kletsend op het water, als we het tuinhekje open horen gaan. We kijken op en het zijn de jongens. Gelijk verschijnt er een glimlach op mijn gezicht wanneer ik Mark zie. De jongens trekken hun shirts uit en duiken het water in. Mark zwemt onder mijn luchtbed door en duwt plots van onderaf het luchtbed om. Met een enorme plons beland ik in het water. Allemaal liggen we dubbel van het lachen. Ik probeer ondertussen Mark kopje onder te duiken, maar hij is veel te sterk. Uiteindelijk ga ik weer kopje onder inplaats van hij. Omdat het me toch niet lukt, probeer ik weer op het luchtbed te komen. Maar steeds als ik er haast op ben, duwt Mark hem weer om. Het is een stevig gestoei in het water en we hebben de grootste lol. Na een tijdje ben ik het zwemmen zat en ga naar boven om me om te kleden.
Als ik ben omgekleed wil ik weer naar beneden gaan, maar ineens denk ik weer aan mijn plan. Wat als me vader het niet goed vind? Moet ik Mark hier dan laten? Zal ik ook hier blijven? Ik heb eigenlijk even geen zin om naar beneden te gaan. Dus ga ik nog maar even op mijn bed liggen. Allemaal gedachten tollen door mijn hoofd, ik wil Mark niet meer kwijt. Ik hou van hem. Plots schrik ik op uit mijn gepieker, door een deur die open gaat. Het is Mark, hij kijkt me een beetje bezorgt aan en zegt: “Is er wat?” Als ik hem zo zie springen de tranen in mijn ogen. “Ik wil je niet kwijt.” Zachtjes loopt hij naar me toe en komt naast me toen. Lief slaat hij zijn armen om mij een en snikkend blijf ik even tegen hem aan hangen. Zachtjes streelt hij met zijn vingers over mijn blonde haar. Terwijl we zo zitten bedenk ik weer, dat ik hem echt niet kwijt wil. Hij is veel te lief, ik krijg nooit meer zo’n vriendje. De meeste vriendjes die ik had waren gewoon vriendjes van een week. Maar Mark is anders, hij voelt echt iets als iets dat bij mij hoort. Wat nou als mijn vader het niet goed vind? Wat nou als mijn moeder mijn vader niet kan overhalen. Ik begin iets harder te snikken en Mark trekt mij tegen zich aan. Als ik me terug trek en Mark in de ogen kijk, denk ik bij mezelf. Nee, hij is het! De vriend waarvan ik droom, die alleen maar in sprookjes voorkomen. Zachtjes ga ik met mijn hand over zijn gezicht en ik verdrink zowat in zijn ogen. Zulke momenten kan ik niet missen, deze liefde heb ik nodig. Dan voel ik ineens Mark’s lippen de mijne raken en ik voel de vlinders in mijn buik alle kanten op fladderen.
Kus Nujaro




*
Al bijna klaar met t nieuwe stuk?