Ik liep naar het steegje, maar kon haar niet meer vinden. Zuchtend liep ik weer terug, toen ik ineens een snikkend geluid hoorde. “Mam... Ik ben ontsnapt, het was vreselijk....” Ik ging op de stem af, toen ik ineens een hand op m’n schouder voelde. “Wat doe je hier?” Ik keek achter om, en zag het meisje van de bus. “Nou zeg op...Wat deed je daar?” Ze keek me recht in m’n ogen aan. Ik zag hoe hoog haar tranen stonden. “Ik wou weten wat er aan de hand is.” Zei ik eerlijk. “Wat was er met die zilver witte BMW?” Ze schrok, en keek me heel angstig aan. “Ik ben ontsnapt van ze. Van de slechtste mensen op aarden. beesten dat het zijn! Ze willen macht over ander man hebben zo niet, schrijven ze alles vol met 4 letters...” Zei ze. “Ik was mee genomen door m’n vriend, en hij reed me naar een plek waar ik niet meer heen wil. Het was daar zo stil, zo vreselijk eenzaam...Hij zei dat we naar een mooie plek gingen, zonder al dat nare gedoe, maar dit was echt vreselijk!” Ze liet haar tranen rollen, en keek me aan. “Maar wat weet jij er nou van?” Zei ze. “Ik ben ook mee genomen, door iemand met een zilver witte BMW. Het was een soort van vriend, maar zo zag hij het niet. ik was een opdracht voor hem. Ben wou dat ik met andere naar bed ging.” Voor ik het wist had ik het al gezegt. Het meisje keek me aan, toen ze Ben hoorde. “Ben? Ik ook!” Ze huilde nog harder. “Hij was altijd zo lief, ik had eerst drie maanden met hem, maar het was uit, door een meisje. Hij wou haar, en niet mij.” Ze draaide zich om, en liep een andere kant op. “Hoe heet je?” Vroeg k aan haar. “Amanda” Schreeuwde ze zachtjes. Ze liep weg, ik liep er niet achter aan. Volgens mij was zij ook in de war.
Ik liep richting huis maar op de krukken ging dat langzamer dan gewoon. Ik liep op een lange weg, met een fietspad naast me. Ineens herrinnerde ik het me weer. Hier liep ik ook, toen ik Ben net had leren kennen! Ik liep denkend verder, wat zou die aan het doen zijn? Waar zou hij zijn? En met wie? De vragen deden me zeer aan m’n hoofd. Ik keek naar voren, over de weg, en zag een hele politie stoet aan komen. Met zeer harde sirenes. Ze reden snel langs me heen, alleen de achterste stopte. “Patty?” Hoorde ik uit de auto geroepen. Ik keek de auto in, en zag daar m’n moeder zitten. “Mam!” Schreeuwde ik.
M’n moeder deed de deur open, en omhelsde me. “Waar was je? Is alles goed met je?” Ze keek me aan, en schrok. “Wat heb jij gedaan?” Ik keek m’n moeder met een verdrietig gezicht aan. “Lang verhaal, heel lang verhaal...” Ik moest van haar de auto in. We reden meteen naar huis, en kreeg thuis de volle lading. “Waar was je?” Vroeg mn vader bezorgd. Ik voelde de bezorgdheid van m’n ouders op me af komen. “Ik was even bij een vriendin...” Zei ik twijfelend. Maar m’n ouders leken het te geloven. “Maar waarom die kras in je gezicht?” Ik dacht meteen “sh*t!” maar zei niks. “Oo ja ik uuh...” Ik kwam niet meer uit m’n woorden. Het was ineens stil, duizenden gedachten spookten door m;n hoofd. Wat zou ik nu gaan zeggen?
“We liepen in het park, en kreeg een tak in me gezicht.” Zei ik, na tien lange stille minuten. M’n ouders keken elkaar aan, en liepen naar me toe. Zonder ik er iets over had te zeggen, kreeg ik een liefdevolle knuffel van ze. Voor het eerst had ik nu het gevoel dat ze me echt hadden gemist. Ik werd er best emotioneel van. De tranen kwamen nu niet, maar dat vond ik ook niet nodig. Veels te aandacht trekkend.
De dag ging langzaam verder. Ik lag veel op de bank, keek veel televisie. Na enkele uren, belde iemand aan. “Blijf maar liggen, ik doe wel open!” Hoorde ik m’n moeder zeggen. Ze stond volgens mij al voor de deur, want hij ging meteen open. “Goede middag” Hoorde ik vanuit de gang komen. Het werd stil. Alleen de klok was te horen tikken. “Ja ze is binnen.” Hoorde ik ineens. Ik ging recht opzitten, en wachtte geduldig af. Ik hoorde vier voeten door de gang stampen. “Goede middag, U bent Patty?” Hoorde ik ineens. Ik keek op, en zag de agent de woon kamer inlopen. “U bent vandaag in het ziekenhuis geweest. Klopt dat?” Zei de agent. M’ n moeder ging achter hem staan, en keek me vragend aan. Ik knikte. “U bent ook gezien, met Jolanda.” Zei de agent. “Jolanda?” Vroeg ik hem weer. “Nee dat kan niet.” Zei ik er achter aan. “O met wie was u dan?” Vroeg de agent weer. Ik twijfelde, zou ik het hem zeggen? Ik besloot het maar te zeggen , want liegen tegen de politie is echt een stomme actie! “Ze heette amanda.” Zei ik. De agent pakte een notitieblok en schreef de naam op. “waar kwam ze vandaan? Zei ze tegen u?” Vroeg hij weer. Ik begon te gapen. Ik hoopte dat de agent snapte, dat ik nu moe was. Maar hij negeerde de hint. “Mevrouw?” Herhaalde hij weer. “Ik kwam haar tegen in de bus.” Ik keek mn moeder aan, die me meteen begreep. “Meneer ze heeft rust nodig.” Zei ze. Ze leidde de politie het huis uit, en kwam met snelle passen naar me toe. “Welk ziekenhuis?” Vroeg ze meteen. Ik baalde. Nu moest ik alles uitleggen. “Nou meis,vertel.”Zei ze weer. Ik ging er tegen in. “En als ik nou niks vertel?” Zei ik tegen mn moeder. Ze liep naar me toe, en pakte me vast. “We waren zo ongerust!” Ik ontweek haar ogen, want alleen die konden me laten zien hoe ze zich voelde. “Ik ben moe.” Zei ik, en ging weer liggen, en sloot m;n ogen. Ik deed alsof ik sliep.M’n moeder liet me snel al met rust. Maar mn gedachtes niet. Ik was bij Ben, en bij Amanda. Wat hebben wij samen gemeen? Dacht ik in mezelf.
Ik ging niet slapen, ik dacht na over de situaties. Ik begreep er echt niets meer van eigenlijk. Het ging echt allemaal te snel. Eerst schold ie me uit, toen ineens zag ik z’n ogen, en de klik was er meteen. Maar de problemen kwamen al snel. Joost, Jenny, de date waarbij ze met elkaar gingen. Toen ben er ook was, met de aanrijding van Bello. Dat vond ik nog het ergste! Hij had m’n hondje aan gereden! Maar wel ging ie mee, naar de dierenarts. Die zei dat ze wel een kans had te overleven... maar nee hoor, het mocht niet zo zijn. Toch overleden. ik zal dat nooit vergeten... Ben was gewoon een rare jongen. Ik had het moeten weten. Zo onwijs knap, lief, teder... Hij was er op momenten, dat ik hem nodig had. maar ook op momenten dat ik hem nodig had, was hij er soms niet. Dat ongeluk, was raar.... Ik was daar, met Bello, bello rende de straat over, en voor ik het wist... Ik begon te huilen, en de snikken. Bello, ik voelde dat ze bij me was. Klinkt heel zweverig, maar het was echt zo! Ik voelde een warmte over me heen komen. Maar het voelde ook heel betrouwbaar, als of dit vaker gebeurde. Ik opende m’n ogen, en zag op de televisie een man, met een dode hond naast zich. Ik keek er naar. “Vandaag, voor de zoveelste keer een hond vermoord in het strand omgeving. Niemand weet wie het zou kunnen zijn, maar wel weet iedereen dat dit niet had mogen gebeuren.” De camera richtte zich op de hond. Hij lag er verlaten bij, onbeschrijvelijk. Ik keek beter, maar de camera draaide zich weer op de man. “De hond is overleden aan inwendige bloedingen. met een stok is ie geslagen, met een mes is z’n linker oor besneden met het woord: Trut!” De camera draaide naar het oor, en er werd op het oor ingezoemd. Met flinke snee’en was er in gesneden. Ik keek n eens goed, en zag de halsband van het hondje. “Ook lag er een brief bij. Maar is nu bij de politie voor onderzoek. meer nieuws, als we meer weten, want mensen! Dit moet echt stoppen! Zo kunnen dieren niet worden behandeld.” De man gaf het levenloze lichaampje een aai, en groete af. Maar je zag hem ook slikken, toen ie naar het hondje keek. Ik moest huilen van het bericht. Wie doet dit nou? de woorden spookten door m’n hoofd. “Omgeving van het strand....” Ik slikte, en werd ineens bang. “Zou dit het rottweiler pup zijn? “ Met die woorden, ging ik zitten, en schreeuwde naar bello. Alleen zij was altijd de enige om mij te troosten, Maar nu ze er niet meer was....
Geweldig Devica ben echt benieuwd.. Volgens mij is het wel die rotweiler pup, maar ik hoop het niet En die Amanda zit ook diep in de problemen volgens mij, net als Patty.. echt Super verhaal!