"Hallo? Meisje? Gaat het wel?" Kimberley hoorde een stem en deed haar ogen open. Ze zag het gezicht van een jongen voor zich. Een jongen van zes jaar ouder dan zij, dus ongeveer achttien.
"Hé, wat?" Ze wreef in haar ogen en schudde haar hoofd. "Ja, het gaat wel..."
"Weet je het zeker? Je ziet er moe uit." De jongen keek bezorgd en floot. Er kwam een hond aan, een labrador.
Ik knikte zelfverzekerd. "Ja, het gaat echt wel, ik ben alleen verdwaald. En ik wil niet meer terug naar huis." Ze trok een boos gezicht en sloeg haar armen over elkaar.
De jongen fronste. "Laten we eerst maar eens naar mijn huis toe gaan. Dan krijg je een warme kop thee en vertel je me alles."
Kimberley besloot maar mee te gaan. Ze kon toch niets anders doen, en het was ijskoud buiten. De hond liep vrolijk mee. Hij had een bal in zijn mond. Ze bleef staan en de hond legde de bal op haar schoot. "Wat wil hij?"
De jongen keek om. "Gooi de bal maar ergens heen, dan kan hij hem pakken," zei hij en hij lachte toen Kimberley de bekwijlde bal met een vies gezicht pakte. Ze gooide de bal weg en de hond rende er als een gek achteraan. Kimberley vond het leuk en vroeg: "Hoe heet hij?"
"Dylan," antwoordde de jongen. "Volgens mij vind hij je wel leuk." De hond kwam weer aan met de bal en gaf Kimberley een lik op haar hand. Lachend stroopte ze haar mouw op om de rest van haar arm af te laten likken.
"Wat is er met je arm?" vroeg de jongen en hij bleef staan, met een blik op de arm die onder de blauwe plekken zat.
Kimberley deed gauw haar mouw weer naar beneden. "Dat vertel ik je bij jou thuis wel."
Ze gingen naar binnen en de jongen deed een licht aan. Het was nogal een rommelig huis. Ik kreeg een deken over me heen en een kop thee in mijn handen geduwd.
Ze vertelde het hele verhaal en de jongen luisterde aandachtig.
"Zo zo, wat een verhaal!" De jongen krabde achter zijn oor. "Misschien is het verstandig dat je even een tijdje bij ze allemaal uit de buurt blijft."
"Ja, maar waar moet ik dan heen, ik kan verder nergens heen..." Met een sip gezicht nam ze een slok van haar thee.
"Je kan hier toch blijven? Ik kan wel wat gezelschap gebruiken, het is hier zo saai in mijn eentje!"
Kimberley dacht even na en zei toen: "Oké, als dat echt mag, wil ik wel hier blijven."
De jongen glimlachte. "Natuurlijk mag je blijven, anders zou ik het toch niet zeggen! Ik kan trouwens ook wel wat hulp gebruiken met de paarden, als dat lukt met je rolstoel."
"Paarden?" dacht Kimberley blij.
Laatst bijgewerkt door Eline op 25-08-05 11:47, in het totaal 1 keer bewerkt
Reden: Stukje aangepast