Toen ik na dacht over de tijden met Ben, vond ik het wel te snel gaan eigenlijk. Ik kende hem nog niet zo lang, en toch nog ben ik met hem mee gegaan, meerdere keren.
Ik was totaal verward. Ik was me zelf niet meer.
De deur ging open, en Ben liep naar binnen. Ik wachtte op zijn begroeting, maar het bleef akelig lang stil. Hij keek naar de grond, en durfde me niet aan te kijken. Zijn hele houding, zo kende ik Ben niet! Schouders die naar beneden hingen, z'n armen zo slap als een theezakje, hij strompelde naar binnen.
Ik besloot niks te zeggen, hij mocht maar eens beginnen.
Hij liep naar me toe, nog steeds naar de grond kijkend. Voor hij op het bed ging zitten, ging z'n mond open. "Sorry..." Zei hij. "Ik had je hier niet in mogen betrekken. Maar dit is m'n werk...."
Ik begreep hem niet. Wat bedoelde hij?
Ik pakte zijn hand vast, die ijs koud aanvoelde. "Sorry ik begrijp je niet." Zei ik.
Mijn ogen zochten naar contact met hem, maar hij zocht geen contact met mij. Hij trok z'n hand uit de mijne, en keek voor zich uit.
"Waarom maak je het zo moeilijk?" Schreeuwde hij door de hele kamer heen. Ik kroop meteen in een, toen ik z'n stem hoorde. Hij was niet kwaad, niet verdrietig, maar van allebei een beetje.
De deur ging weer open. "Ben kom onmiddelijk terug! Zo verknal je het gast!" Hoorde ik iemand schreeuwen. Ik zag niet wie het was, het was te donker.
Ben zuchtte. "Ik vertel je het straks wel." Zei hij. Hij keek me aan, en keek weer weg. Hij baalde er echt van, dat ik hier zat.
Hij liep weg, en keek me voor hij de kamer uit liep, nog een keer aan.
Maar ik ontweek z'n gezicht. Ik snapte hem echt niet meer.
De deur ging dicht, en weer een beetje open gelaten. "Was dit mijn kans? Kon ik zo naar huis ontsnappen? Was dit Ben's bedoeling?" Allerlei vragen spookten door m'n hoofd.