

Super weer! Echt een mooi stukje

Moderators: Essie73, NadjaNadja, Muiz, Telpeva, ynskek, Ladybird, Polly
Citaat:‘Zullen we weer naar beneden? Wat gaan drinken enzo?’ Ik knik en sta op. Carlos staat ook op en maakt het luik open. Achter elkaar aan lopen we naar beneden. Op het terras voor de keuken zit Francisco met twee oudere mensen. Carlos’ ouders denk ik. Wij gaan ook naar buiten en Carlos stelt me voor aan de twee mensen. ‘Ha mam en pap! Dit is Camilla, ik logeer een tijdje bij haar om de omslag van haar boek te maken.’ Ik geef ze allebei een hand. Het zijn twee kranige oudere mensen. Nog helemaal niet klaar om achter de geraniums te gaan zitten zo te zien. Carlos en ik drinken een kopje thee met ze mee en daarna nemen we afscheid. ‘Je komt nog wel een keer met Carlos mee toch?’ Vraagt Carlos’ moeder aan mij, ‘Ja natuurlijk.’ Antwoord ik met een glimlach op mijn gezicht. Wat een heerlijke mensen!
Op de terugreis ben ik heel stil. Ik staar uit het raam en denk na over Carlos en José. José is gewoon anders, hij is er heel weinig en de laatste tijd is hij telkens zo druk… Hij is veranderd concludeer ik. Waarom zou hij nu zonder het mij te vertellen aan het werk zijn gegaan? Het was druk had hij als smoesje… Ik hoop maar dat hij vanavond thuiskomt, anders raakt hij mij nog eens kwijt aan Carlos…
Carlos haalt me uit mijn gedachtes als we er bijna zijn, ‘We zijn er bijna dame. Je bent er niet echt bij met je hoofd hè?’ Ik draai me weer om en lach naar Carlos ‘Ik moet gewoon even nadenken, ik vraag me af waar José blijft…’Carlos kijkt me begrijpend aan. ‘Ik hoop dat José vandaag weer thuis is.’ Zeg ik.
Citaat:Op dat moment rijden we knisperend de oprijlaan op en stopt de auto voor de deur, ‘Wat een donkere wolk komt eraan! Het gaat vast onweren!’ Zeg ik terwijl ik uit de auto stap. ‘Laten we dan ook maar naar binnen gaan, ik ga denk ik weer even tekenen. Ik heb inspiratie.’ Ik lach, ‘Mooizo! Des te sneller ben je uit het huis!’ ‘Oo, zit het zo mevrouwtje!...’ Olivier loopt dreigend op me af en slaat zijn armen om mijn buik. Ik spartel en probeer weg te komen, ‘Genade genade!!’ ‘Nou, voor deze ene keer.’ Hij laat me weer los en al lachend gaan Carlos en ik naar binnen. In de woonkamer zit Eliza op de bank een kopje thee te drinken en een boek te lezen.
Ik loop naar de keuken om glazen te pakken. Als ik in de keuken ben komt Eliza ook gehaast binnen lopen. ‘Het zit echt niet lekker met José…’ Zegt ze duister, ‘Hoezo dan niet?’ ‘Hij belde daarstraks weer, dat het toch een beetje erg uit de hand gelopen is en we hem deze week niet meer hoeven te verwachten.’ Verbaast kijk ik haar aan, ‘Serieus? Zei hij dat?’ ‘Ja echt, hij klonk heel gestressed… Ik weet niet wat ik ervan moet denken hoor, eerlijk gezegd heb ik er een beetje een nare smaak van in mijn mond. Volgens mij is het niet een lekker zaakje.’
Citaat:Ik knik en tranen wellen op in mijn ogen, van de snelle veranderingen van stemmingen en het gevoel dat ik tussen Carlos en José in sta. Eliza schuift de deur naar de gang dicht zodat Carlos echt niet mee kan luisteren, ‘Wat is er toch meisje? Het gaat niet alleen om José of wel?’ ‘Nee. Ik voel me zo fijn bij Carlos, alsof ik hem al jaren ken. Ik heb plezier met hem, ik kan goed met hem praten, hij begrijpt me… Hij is er echt voor me, zo is José nooit geweest.’
‘Het gaat wel snel he? Je kent hem pas sinds gister…’ ‘Ja, dat is ook precies hetgene dat mij verwart. Waardoor ik twijfel. Maar eigenlijk vanaf het eerste oogcontact is er iets tussen ons…’ Eliza glimlacht, ‘Het is of een bevlieging, of het is voorbestemd. Ik denk dat Carlos en jij voor elkaar bestemd zijn. En je moet José gewoon hier buiten laten, het zal nooit meer zo worden als het ooit was. Omdat je nu hebt gezien hoe het ook kan zijn.’ ‘Ik denk dat je wel gelijk hebt, José is nooit zo geïnteresseerd geweest in mijn leven. Carlos daar in tegen heeft er respect voor en ookal kent hij me nog niet eens echt goed steunt hij me al. Sinds Carlos er is zie ik pas in dat José en ik nooit écht van elkaar gehouden hebben. En dat het nu eigenlijk een best, hoe zal ik het noemen, kille relatie is.’ ‘Precies. Por lo tanto, sigue el corazón.(Daarom, volg je hart.)’
Met die wijze woorden sluit Eliza ons gesprek af en gaan we weer naar de woonkamer en zetten het leven voort alsof er niks gebeurd is. In de kamer zit Carlos met zijn tekenblok op schoot met een rustige hand te tekenen. De regen tikt al tegen de ruiten en buiten is het aarde donker alsof het winter is. ‘Ik heb ook een kopje voor jou mee genomen, ik dacht dat je ook wel thee wilde.’ ‘Dat klopt. Moeten we niks meer binnen halen?’ Vraagt hij nog vriendelijk, ‘Nee, voordat jullie terug kwamen zag ik de bui al komen en heb ik het buiten al opgeruimd.’ Ik kruip naast Carlos op de bank en trek mijn knieen op. ‘En Roberto?’ ‘Die zit geloof ik in de schuur, te knutselen waarschijnlijk.’ ‘Oke. Wat ben je eigenlijk aan het tekenen Carlos?’ Vraag ik nieuwsgierig, terwijl ik hem over mijn theemok heen aankijk. Hij glimlacht, ‘Dat zie je nog wel een keer.’
Citaat:Hier in de woonkamer is het altijd heerlijk vertoeven als het regent. Het is de enige wat donkere kamer in het huis. De muren zijn wel gebroken wit geschilderd, maar er is een zwarte haard en mooie bordeau rode banken. De mooie tafel van palissanderhout in het midden maakt de kamer compleet en met het mooie lichte tapijt eronder is het warme plaatje af. Het is totaal het tegenovergestelde van de rest van het huis, maar zeker niet minder.
Op de andere bank zit Eliza en ze kijkt me onheilspellend aan. We wisselen wat blikken met elkaar en zonder woorden voeren een gesprek. ‘Ik ga maar even boven stofzuigen.’ Zegt Eliza waarna ze de hal inloopt en ik haar de eikenhouten trap op hoor gaan. In de kamer hoor je alleen het krassen van Carlos’ potlood en van mijn slurpen aan mijn thee. Verder in het huis hoor je de stofzuiger. Op die manier is het heerlijk rustig in de kamer, alsof we van het geluid zijn buitengesloten. Die stilte wordt heel bruut verstoort als opeens de telefoon gaat. Met een schok schiet ik overeind en gutst er een klots thee uit mijn kopje. Carlos kijkt me geschrokken aan en voorzichtig zet ik mijn kopje thee op de tafel en pak de telefoon van zijn houder naast de bank.
Citaat:‘Met Camilla.’ ‘U spreekt met Call center El Mundo, ik wil u wat vragen stellen over…’ En zo ratelt de vrouw aan de andere kant door en ik onderbreek haar hardhandig, ‘Sorry, maar weet u wat u veroorzaakt? Ik zit heerlijk thee te drinken en door uw telefoontje om niks schiet ik overeind en heb ik zojuist thee over mijn nieuwe tapijt heen gegooid, de vraag is maar of ik dat er nog wel uitkrijg… Kortom, schade van zo’n paar honderd euro’s, alleen omdat u mij even wat vragen wil stellen over iets waar ik totaal niet in geïnteresseerd ben. Vult u maar bij alle vragen NEE in, ja, met hoofdletters, en stort u maar 25 euro voor de schrik op mijn rekening’ Ik noem mijn rekeningnummer, ‘Ik hoop voor u dat het er snel is… Prettige avond!’ En ik hang op voor de vrouw weer terug kan gaan praten en Carlos lacht. ‘Had je dit van tevoren bedacht?’ ‘Nee joh! Als ik die 25 euro binnen krijg lach ik me helemaal krom… En ik denk nog dat ze het doet ook, weet zij veel wat voor tapijt ik heb…’ Carlos grijnst, ‘Slimmerd.’ Hij legt zijn tekening weg en pakt zijn kopje thee. De stilte komt weer terug en zwijgend zitten we naast elkaar aan onze thee te nippen. Die is echter nog heel erg heet dus ik zet mijn kopje weer op tafel en zit voor me uit te staren. De tijd verstrijkt en de regen slaat steeds harder tegen de ruit. Mijn ogen zakken langzaam dicht en ongemerkt glijdt mijn hoofd opzij tegen Carlos aan en zo val ik in slaap.
Citaat:De volgende ochtend wordt ik wakker van het gekwetter van de vogels buiten en loom doe ik mijn ogen open. Ik merk dat ik niet gewoon in mijn bed lig, maar dat ik op de bank lig, in Carlos armen… Ik weet niet goed wat ik ermee moet dus doe ik mijn ogen maar weer dicht en wacht ik tot iemand anders een besluit neemt.
Even later hoor ik Eliza de trap afkomen en ik doe mijn ogen weer open. In de kamer gekomen kijkt ze me aan en glimlacht ze, ‘Goeiemorgen.’ Ik glimlach, ‘Gister ben je expres weggegaan hè?’ Met een lach antwoordt ze zonder er woorden aan te verbruiken en loopt daarna naar de keuken, ‘Wat wil je voor ontbijt? Zal ik warme pistoletjes maken en een eitje bakken?’ ‘Ja graag, zal ik je helpen?’ ‘Nee, nee, blijf nog maar even lekker daar liggen…’
Het rommelt wat in de keuken en kort daarna komt de heerlijke geur van warme pistoletjes de kamer binnendrijven. Het geluid van het bakkende eitje erbij maakt het helemaal perfect. Carlos begint te bewegen en strekt zich uit. Vlug doe ik mijn ogen dicht en luister naar zijn ademhaling. Zijn arm slaat hij weer om mij heen en ik hoor Eliza terugkomen uit de keuken, ‘Goedemorgen! Lekker geslapen!’ Zegt ze vrolijk, ‘Ik dacht dat jullie wel zin zouden hebben in een heerlijk ontbijt…’ Ik voel dat Carlos lacht, ‘Het ruikt zalig, en ik heb inderdaad heerlijk geslapen.’ Ik open voorzichtig mijn ogen weer en draai me om en kijk Carlos aan. Ik grijns, ‘Ik heb ook heerlijk geslapen… Maar nu is het tijd voor ontbijt!’ Ik sta op en loop naar Eliza en achter haar aan naar de keuken.
In de keuken ruikt het nog sterker en nog lekkerder naar de pistoletjes. De zachte wind laat de gordijnen wapperen en van buiten komen de geluiden van de vogels.
Citaat:Richard komt binnen lopen door de open deur, ‘Binnenkort moeten we de olijven oogsten… Het is echt een goede oogst dit jaar denk ik!’ ‘Dat mag jij dan regelen, goedemorgen! Vind jij vast ook leuk Carlos! Het is altijd heel gezellig.’ Zeg ik tegen Richard waarna ik op de houten bank ga zitten en de net gezette thee begin in te schenken. ‘Wie wil er allemaal thee?’ Eliza en Roberto gaan tegenover mij zitten en Carlos schuift naast me op de bank. Allemaal tegelijk zeggen ze, ‘Ik graag.’ Ik lach, ‘Dat kan!’ Eliza draait zich om en pakt nog wat kopjes uit de kast en zet ze rond de theepot op tafel. ‘En wat ga je vandaag allemaal doen Camilla?’ ‘Ehm… Dat weet ik nog niet… Ik wil eigenlijk even naar het strand, het water op de kliffen zien spatten. Nog wat van José gehoord eigenlijk?’ Roberto houdt op met eten en Carlos zie ik gespannen zijn ogen richten op Eliza, ikzelf neem zenuwachtig een slokje thee. ‘Nee… Alleen wat ik jou gister al verteld had, dat hij heeft gebeld en gezegd dat je hem niet deze week hoeft te verwachten.’ Carlos wil zich er duidelijk niet mee bemoeien en neemt snel weer een hap van zijn pistoletje. Roberto draait zijn hoofd naar mij en kijkt me aan alsof hij vuur ziet branden, ‘Wáár heeft hij wel niet last van?!’ floept uit zijn mond. Ik kijk naar mijn bord, ‘Dat zou ik niet weten. Ik weet wel dat hij als hij weer terugkomt het even haarfijn mag gaan uitleggen. Op deze manier hoeft hij hier niet meer te blijven hoor, liever niet zelfs…’ Het was al stil aan tafel, maar nu lijkt het alsof zelfs de wind even stopt, zélfs Eliza kijkt me aan met uitpuilende ogen. Carlos staart mij ook aan met zijn mond open. De rest van het eten hoor je alleen maar het geknisper van de broodjes en het tikken van het bestek op de borden. Niemand zegt een woord. Als ik mijn bord leeg heb sta ik op, ‘Ik ga even zwemmen en daarna naar het strand.’