voor diegenen die zon zoen en vakantie niet hebben gelezen...
de link staat bovenin dit topic... het is waarschijnlijk wel slim om die ook nog even te lezen, want anders heb je misschien straks niet helemaal door wát er aan de hand is.
*waarom ik dit verhaal noem is omdat mij gevraagd is of aniek alsjebliehiehieft nog even terug mocht komen
*ik ben trouwens van plan of om te proberen om elke pagina een nieuw stuk te plaatsen....
veel plezier!
Citaat:‘Ik ga weer naar boven hoor!’ vragend kijkt mijn moeder me aan. ‘Sabine, we hebben net ons eten op!’ ‘Mam, ik móet echt de perfecte outfit vinden voor vanavond hoor!’ Even hoor ik een zucht. Die gek genoeg uit alle drie de monden lijkt te komen die bij mij aan tafel zitten. Of hoofden, hoe je het maar wil zeggen. Je begrijpt vast wel wat ik bedoel toch? ‘Sabine, het is pas half 6! Om hoe laat wil je weg als je nú al je kleren uit moet zoeken?’ Ik draai me om en loop de trap op. Dat gezeur ook altijd over dat ik er zo lang over doe om dé outfit te vinden! Dat valt best wel mee!
Een klein uurtje later is mijn kamer veranderd in een slagveld. Ik zit al een uur in mijn klerenkast te graaien opzoek naar dé perfecte outfit voor vanavond. Maar gek genoeg blijkt die onvindbaar te zijn. Met een zucht kijk ik achter me. Daar ligt intussen een gigantische berg met kleding. Kleding die hét nét niet is. Bijna. Maar niet helemaal. Wie zei ook alweer dat het best wel meeviel over de tijd dat ik dé outfit heb gevonden!? Dan schiet me opeens te binnen dat ik ergens nog een lila jurkje heb liggen. Ik heb het nog niet vaak gedragen, wat wil je ook met dit weer hier, en nu is het heerlijk weer buiten. Gek genoeg is het na de regenbui van vanmiddag gigantisch opgeklaard. Maar belangrijker nog, waar is dat jurkje gebleven? Waar heb ik dat ding in vredesnaam gelaten? Met een zucht kijk ik weer naar de berg kleding. Daar ligt hij vast niet tussen. Dan moet hij ergens in mijn kast liggen. Maar waar? Ik besluit eventjes op mijn bed te gaan zitten om na te denken waar in de kast hij kan liggen. Als ik met een plofje ga zitten stuit ik op iets hards. De afstandsbediening van mijn tv. Nu ik die toch in de buurt heb pak ik hem maar op en zap naar de eerste de beste muziekzender. TMF. Een liedje van Jan Smit schalmt uit de box van mijn tv. Ik heb het liedje nog nooit gehoord, maar gek genoeg kan ik hem meteen al meezingen. ‘Als de morgen is gekomen. En alles wat ‘k heb mee gemaakt al lang verdwenen is. Als de morgen is gekomen. Verlaat je mijn verleden en ben jij degene die ik mis!’ zing ik vrolijk mee. Dan schiet me weer te binnen dat ik dé outfit voor vanavond aan het uitzoeken was. Dé outfit voor mijn date met Tijs. Ik weet wel dat Angie Tijs leuk vindt. Maar hij vindt haar toch niet leuk. Wie valt er nou op een meisje met kort donker krullend haar, doodsaaie blauwe ogen en kleine korte benen? Nee, dan is hij veel beter uit met mij. Bedenk ik me tevreden.
Met een zucht zet ik de tv aan. Eindelijk klaar met mijn band plakken. ‘Angie!’ klinkt het vanuit de keuken. ‘Ja?’ ‘Wil je de tv even wat harder aandoen?’ ‘Hoezo?’ verbaast kijk ik naar het beeldscherm. Daar loopt Jan Smit gezellig door het scherm heen. ‘Mam! Sinds wanneer ben jij fan van Jan Smit?’ vraag ik nog verbaasder. ‘Ik weet het niet, maar het is zo’n vrolijk nummer. Ook al gaat het over een kater.’ Ondertussen zit mijn moeder naast me op de bank. En ze begint zachtjes mee te zingen. Ze heeft gelijk dat het een vrolijk nummer is. Mijn humeur is even later ook weer stukken beter. Aan het einde van het nummer staat mijn moeder weer op en gaat ze weer naar de keuken toe. ‘Mam?’ ‘Ja?’ ‘Wat eten we vandaag?’ Ik hoor een zucht vanuit de keuken komen. Ze haat het dat ik altijd vraag wat we gaan eten. ‘We gaan lekker eten. En als je nieuwsgierig bent wat kom je maar hierheen. En dan kun je ook meteen de tafel klaarmaken voor ons drieën.’ ‘Eet Myra ook mee?’ Mijn oudere zus Myra is amper thuis. Ze eet meestal in haar eigen appartementje en ik zie haar helaas niet zo veel meer. ‘Ja! Leuk he!’ ‘Gezellig!’ reageer ik. Mijn blik glijd af naar een fotolijstje dat in de kast staat. Er zit een foto in van mijn vader. Een man die ik ontzettend mis. ‘Ik wou dat je er ook bij was pap.’ Fluister ik zachtjes naar de foto.
Er klinkt een harde brul van beneden. ‘Nadia! Hier komen! NÚ!’ Mijn vader is weer thuis. Voorzichtig loop ik naar beneden. Bang voor wat ik zal aantreffen. ‘Doe je jas aan en ga naar de winkel. En haal een krat bier voor me op. Begrepen? Als je terug bent kun je gaan eten.’ Zegt mijn vader tegen me. Nou ja, meer schreeuwen. Blijkbaar heeft mijn moeder geen alcohol in huis gehaald. Even twijfel ik. Ga ik het ophalen. Of niet. Ik hoor een zachtjes geluid vanuit de keuken. Het klinkt als gehuil. Dit maakt mijn twijfel nog groter. Vragend kijk ik mijn vader aan. ‘Wat er met jouw moeder aan de hand is heb jij helemaal niks mee te maken. En nú naar de supermarkt!’ Hij duwt me mijn jas in mijn handen. Gevolgd door een bundeltje met geld. Vervolgens duwt hij me de deur uit. Een tijd lang sta ik tegen de deur aangeleund. Wetend dat mijn vader wacht totdat ik langs fiets. Waarschijnlijk weet hij wel dat hij lang kan wachten totdat ik langs fiets. Een kleine vijf minuten later word de deur, waar ik tegenaan leunde geopend. Achter me staat een intussen rood aangelopen man. Zijn ogen spuwen vuur. ‘Wat doe je hier nog? Ga naar de supermarkt!’ Even vloekt hij binnensmonds. ‘Als je nu niet naar de supermarkt gaat kom je het huis niet weer in! Dan slaap je maar buiten!’ Dan gooit hij de deur weer dicht. Weer sta ik in tweestrijd. Uiteindelijk besluit ik toch maar om naar de supermarkt te gaan. Ik loop naar de berging en pak mijn fiets eruit. Even later fiets ik voor het raam langs. Ik zie mijn vader tevreden kijken. Het is hem weer gelukt. Maar hij weet dat ik nog wat tijd heb om een plannetje te bedenken.
Ja! Daar ligt mijn jurkje! Blij trek ik hem uit een stapeltje netjes opgevouwen kleren. Die nu, door mijn haast om het jurkje te pakken, niet meer zo heel erg netjes opgevouwen is. Veel aandacht besteed ik er niet aan. Snel trek ik het jurkje aan. Hij is perfect! In de spiegel zie ik dat ik een grote glimlach op mijn gezicht heb. Even bestudeer ik hoe hij me staat. Hij sluit mooi aan bij mijn lichaam. En het zit geweldig. In gedachten geef ik mezelf een schouderklopje op mijn schouder. Toch maar goed dat ik zo om mijn lijn denk. Maar ja, wat wil je ook, als je model bent he! Doordat ik zo in mezelf opga merk ik niet dat beneden de telefoon gaat. Wel hoor ik even later een luid gejuich, wat zal er aan de hand zijn? Ach het is vast niet belangrijk. ‘Sabine! Kom is hier! Er is goed nieuws over je nichtje!’ Mijn nichtje? Bedoelen ze de rechtzaak van die vage verkrachting van haar? Het is vast verzonnen allemaal. Net zoals die hele drugszaak op dat vakantiepark daar. Écht hoor, mijn nichtje heeft zo’n fantasie. Ik vind het nog steeds niet raar dat haar Franse, of was het nou een Nederlander, nog niks van zich heeft laten horen. ‘Sabine!’ klinkt het weer van beneden. ‘Ja ja, ik kom al!’ roep ik terug. Met een zucht ruk ik mijn blik los van de spiegel. Ik ben tevreden. En nu maar hopen dat Tijs zijn blik ook de hele avond op mij gericht houdt!
Met een zucht ga ik aan tafel zitten. Tegenover mij zit mijn zus Myra, mijn moeder zit naast me. Mijn moeder zit meteen vrolijk te kletsen met mijn zus. Ze hebben het over een rechtzaak die mijn zus vandaag heeft gewonnen. Ze is advocate. En als ik haar verhalen zo moet geloven nog een goede ook! Even voel ik een steek van jaloezie. Zíj is advocate, Sabine is model en ik, ik ben de grootste blunderqueen van de hele school! ‘Angie! Wat is er? Je kijkt opeens zo boos.’ Vraagt Myra bezorgt aan me. ‘Er is niks hoor,’ wijs ik haar vraag af. Om nou te gaan vertellen dat ik zo jaloers ben dat iedereen een goed leven heeft, behalve ik. Dat lijkt me nou absoluut geen goed idee. Met een zucht prik ik met mijn vork in het stukje vlees dat voor me ligt. Om me het volgende moment weer te laten verzinken in mijn eigen gedachten.
Goed. Neem ik bier mee voor mijn vader? Of niet. Of zal ik iets anders meenemen? Als ik nou een fles jenever meeneem. En daar wat slaappillen indoe. Dan slaapt hij tenminste en hebben mijn moeder en ik een rustige avond. Zónder geschreeuw van mijn vader. Even kijk ik hoeveel geld ik heb meegekregen. 50 euro. Niet mis. Ik weet dat mijn vader niet controleert hoeveel hij terug krijgt. En al helemaal niet vraagt om een bonnetje. Ik besluit een krat bier mee te nemen, een fles jenever en een doosje met slaappillen. Welterusten man, die mijn vader hoort te zijn. Maar de fles blijkbaar veel belangrijker vind. Bedenk ik me bitter. Ik reken af, stap op de fiets en ga vervolgens richting huis. Met een vage angst, voor wat ik thuis aan zal treffen.

*
) *