Zo hoofdstuk veertien!
Niet zo'n spannend hoofdstuk dit keer maar goed ..
Heb zometeen mijn eerste examen Tekenen
Hoofdstuk veertien
Ik liet me terug op de grond zakken en trok aan mijn schoen. Er was echter geen beweging in te krijgen. Ik gaf een hardere ruk en de schoen schoot met een zachte 'plop' van mijn voet. Een hevige pijnscheut gleed door me heen. Ik slaakte een kreet en verbeet mijn tranen. Gehaast trok ik mijn sok uit. Mijn hele voet was zeker drie keer dikker dan normaal en hing er verloren bij. Ik kreunde toen ik zachtjes met mijn vingers op mijn tenen drukte en kromp ineen van de pijn. Er was iets goed mis, dat merkte ik meteen. Ik kon mijn tranen niet langer verbergen en liet ze de vrije loop. Ik schoof iets naar achter zodat ik met mijn rug tegen de bast van een boom kon leunen en probeerde daarbij mijn voet zo min mogelijk te belasten. Ik snifte en hield mijn voet stevig in mijn hand geklemd.
'Hallo?'
Er gleed een schrok door me heen. Stanley. Ik deed een wanhopige poging me tussen de bladeren te verschuilen maar hij had me al gezien. Ik zag de verbazing in zijn ogen. Hij holde naar me toe en hurkte bij me neer.
'Wat doe jij hier?' Vroeg hij en zijn blik gleed van mijn gezicht naar mijn voet.
'Ik wilde naar de duintop.' Antwoordde ik zachtjes.
Mijn tranen waren niet te stelpen. Ik wilde niet dat Stanley zag dat ik moest huilen. Dat plezier wilde ik hem niet gunnen maar ik kon het niet helpen.
'Ben je onderweg gestruikeld?' Vroeg Stanley en voelde voorzichtig met zijn vingers aan mijn voet.
Ik knikte door mijn tranen heen. Hij had me dus niet gezien. Ik liet hem voorlopig maar in de waan dat ik inderdaad onderweg naar de duintop gestruikeld was.
'Je voet ziet er niet best uit.' Zei hij bezorgd toen ik ineen kromp toen hij met zijn duim op een botje drukte.
Ik beet op mijn onderlip en sloot even mijn ogen om de pijn weg te drukken waarna ik hem weer aankeek en voorzichtig de lucht die ik net opgezogen had uit mijn longen perstte.
'Je moet naar het ziekenhuis.' Zei hij nog steeds bezorgd en keek me vragend aan.
'Ik ben met de fiets.' Fluisterde ik.
'Ik breng je wel, ik ben met de scooter.'
'Echt?'
Hij knikte vastberaden en glimlachte toen bemoedigend.
'Krijg jij je sok aan? Ik moet even iemand ophalen.'
Ik knikte en keek hoe hij weer tussen de bomen verdween. Ik schoof weer iets naar voren en greep mijn sok. Tergend langzaam trok ik hem over mijn voet heen die inmiddels opgezwollen was en enigsinds blauw begon te worden. Ik klemde mijn lippen op mekaar.
'Amber?'
Ik keek op en keek naar Stanley. Naast hem stond de vrouw die ik zojuist ook gezien had. Ik trachtte een vriendelijke glimlach op mijn gezicht af te dwingen maar zonder enig resultaat.
'Dit is Mercedes, mijn zus.'
'Hallo.' Zei Mercedes.
Ze had dezelfde stem als haar moeder. Hoog en zangerig. Ze glimlachte liefjes naar me en liet haar blik over me heen glijden. Ik slikte. Dit was zijn zus, zijn zús! Ik schaamde me te pletter maar was tegelijker tijd opgelucht dat het slechts zijn zus was. Daar kom ik mee leven.
'Hallo.' Begroette ik haar voorzichtig weder.
Stanley en Mercedes liepen naar me toe en hielpen me omhoog. De weg terug leek langer dan ooit. In mijn rechterhand droeg ik mijn schoen terwijl ik tussen Mercedes en Stanley in hinkte. Ze hadden hun arm onder mijn oksels doorgeschoven zodat ik wat steun had. Toen ik mijn fiets in het oog kreeg kon ik een zucht van opluchting niet tegenhouden. Ik was nog nooit zo blij geweest mijn fiets te zien.
'Ik fiets wel terug op jouw fiets dan kan jij achterop bij Stan.' Zei Mercedes en glimlachte me bemoedigend toe.
Ik kon haar wel om de hals vliegen. Ik bedankte haar en gaf haar de sleutels. Ze hielp me op de scooter achter Stan en zwaaide ons uit terwijl we wegreden..
'Dat ziet er niet goed uit, mevrouw.'
De dokter voelde voorzichtig aan mijn voet en schudde af en toe misprijzend zijn hoofd. Uiteindelijk keek hij me met een diepe frons in zijn voorhoofd bezorgd aan.
'Er moeten foto's gemaakt worden.' Zei hij.
Stanley kneep in mijn hand en ik keek hem even aan. Ik had het niet zo op ziekenhuizen, laat staan op dokters. Er werden foto's gemaakt en daarna moesten we een klein kwartiertje wachten tot de dokter met de uitslag kwam. Zwaar gekneusd en een gebroken teen. Absolute rust, gips en krukken. Ik kon wel janken maar dat had ik al genoeg gedaan. Achterop de scooter werd uitdrukkelijk verboden door de dokter. Daarom had ik zo'n hekel aan ze. Stanley belde Elsa op en binnen tien minuten stond ze voor het ziekenhuis. Voorzichtig hielp ze me de auto in.
'Kun je nooit eens uit de problemen blijven?' Grapte ze toen we wegreden.
Ondanks de pijn moest ik lachen. Er moest mij nou eenmaal altijd wat overkomen. Stanley was op de scooter naar huis gegaan en Mercedes zat waarschijnlijk nog op de fiets. Ik had medelijden met haar. Door mijn stommiteiten moest zij nu zo rot eind fietsen!
'Ik heb overginds een busje kunnen regelen. Over twee dagen kunnen we de andere spullen uit je kamer ophalen.' Zei Elsa ineens.
'Echt? Gelukkig!'
Ik glimlachte en keek naar het voorbij flitsende landschap. Ik vroeg me af waar papa nou was. Als ik mee was gegaan naar dat huis had ik misschien geweten waar hij was. Wie weet had de politie hem allang opgespoord en kreeg ik eerdaags een telefoontje van Helga. Dat zou het mooiste zijn. Ik huiverde bij het idee dat ik met hem moest praten. Hij zou waarschijnlijk helemaal door het lint gaan. Onmiddelijk verbandde ik die gedachte weer uit mijn hoofd. Als ik bij de politie was zou hij zich hopelijk wel inhouden. Hoewel.. Hij had zich nooit ergens door laten tegenhouden..
'Elsa?'
'Ja meid?'
'Kunnen we naar het graf van mijn moeder?'
'Ja natuurlijk.' Antwoordde Elsa een tikje verbaasd.
Elsa reed naar de begraafplaats en vroeg of ze mee moest. Ik haalde mijn schouders op. Ik ging liever alleen maar durfde het niet zo goed te zeggen. Af en toe leek het als of Elsa helderziend was, want ze zou in de auto blijven wachten. Het was stil op de begraafplaats. Ik hinkte tussen de graven door en bleef voor mama's graf staan. Ik had bloemen mee moeten nemen! De bloemen die er nu nog lagen waren vrijwel allemaal dood.
'Mama? Hoe is het? Dans je al met de goden?' Fluisterde ik zacht.
Toen ik nog klein was zei mama altijd dat mensen die overleden waren nu danste met de goden en feest vierde terwijl ze naar ons keken.
'Je viert vast feest als nooit tevoren! Ik mis je wel hoor. Ik woon nu bij Elsa. Ik kon niet langer bij papa blijven, dat snap je toch wel mama? Je hebt het toch allemaal gezien, ja toch?'
Ik richtte mijn ogen hoopvol tot de hemel. Ik hoopte dat ze zomaar naast me zou staan en me zou vertellen dat ik goede keuzes had gemaakt maar het enige wat er gebeurde was dat het begon te regenen.
'Maar ik geef niet op hoor mam! Ik zal me aan mijn belofte houden! Je moet het nog wel even volhouden hé daar zonder mij?'
Ik glimlachte en haalde diep adem. Ik kreeg last van mijn gezonde been dat al het gewicht moest dragen.
'Volgende keer neem ik bloemen mee! In alle kleuren, goed? Tot gauw!'
Ik wuifde naar de inmiddels donkere lucht en draaide me om. Langzaam hinkte ik terug naar de parkeerplaats. Elsa stond nog te wachten. Toen ze me aan zag komen sprong ze uit de auto en hield het portier voor me open.
'Hoe was het?' Vroeg ze toen we onze gordels vast deden.
'Fijn.' Antwoordde ik en ik meende het.
'Goed zo.' Zei ze en kneep me even bemoedigend in de schouder.
Met een ronkende motor reden we weg..
Op mijn tenen sloop ik de trap af. Ik wilde Elsa onder geen beding wakker maken hoewel dat met zo'n grote bonk gips aan je voet een tikje moeilijk ging. Toen ik eindelijk beneden was moest ik eerst even uitpuffen. Ik knipte het licht in de keuken aan en trok de koelkast open. Ik haalde een kommetje te voorschijn en goot het vol met melk. Een beetje conflakes erbij en klaar is kees. Ik ging zitten aan de keukentafel en luid smakkend werkte ik het bakje naar binnen. Af en toe schoot er een pijnscheut door mijn voet heen maar over het algemeen was de ergste pijn over. Ik had twee pijnstillers van Elsa gehad en was daarna meteen naar bed gegaan. Ik kon echter niet slapen en hoorde al de hele avond mijn maag knorren. Eerst durfde ik niet naar beneden maar uiteindelijk had ik al mijn moed bij elkaar geraapt en was naar beneden gegaan. Er viel een dunne streep flauw maanlicht door een kiertje van de gordijnen heen. Ik hinkte er naar toe en wilde het gordijn dicht trekken toen ik in een flits mijn fiets zag staan. Mercedes had hem op het tuinpaadje gezet. Ik glimlachte licht. Ik moest Mercedes en Stanley eigenlijk bedanken maar ik had nog geen flauw idee hoe. Ik hinkte terug naar de tafel, ruimde mijn troep op en begon voorzichtig terug aan de weg naar boven. Toen ik op de eerste verdieping stond ging Elsa haar deur open. Ik schrok. Elsa haar neus en een plukje van haar grijze haar kwam tevoorschijn. Ze keek me slaperig aan.
'Lekker gegeten?' Mompelde ze.
Ik schoot bijna in de lach maar wist me net op tijd in te houden.
'Ja.' Antwoordde ik en hinkte snel door naar de trap.