"Kijk nou! We moeten dat arme beestje helpen!" In de wei stond een mager, klein veulen, die nog amper op zijn benen kon staan.
Oscar rende naar het hek. "Dat ziet er niet goed uit, ik ga mijn trailer halen!" Hij rende zo hard als hij kon terug naar het huis om zijn auto en trailer te halen.
"Arme schat!" Kimberley klakte met haar tong om het veulen te lokken. Maar net toen het kleine beestje een stap wilde verzetten, zakte het door zijn iele beentjes heen. Kimberley keek wanhopig toe. "Oh, kon ik nou maar lopen! Ik kan helemaal niets doen nu!" zei ze tegen zichzelf.
Een kwartier later kwam Oscar aan met een Jeep en een trailer erachter. Hij stapte uit en deed het hek open, daarna reed hij het weiland in, naar het veulen toe. Hij probeerde het veulen overeind te helpen, wat nog net wilde. In de trailer zakte hij weer in elkaar.
"Snel! Straks redt hij het niet!" riep Kimberley in paniek en reed zo snel als ze kon achter de Jeep met trailer aan.
"Red hij het wel?" vroeg Kimberley, toen ze even later in een stal met het veulen zaten.
Oscar knikte. "Het trouwens een zij. Ze is ondervoed en is denk ik een maandje oud. Ik vraag me af wat er met je gebeurd is, meisje."
Het veulentje lag op de grond met een voerbak naast zich. Gretig at het veulen ervan en Kimberley keek glimlachend toe.
"Hoe komt het dat jij hier zoveel van weet, Oscar?"
Oscar haalde zijn schouders op. "Ik heb een vriend die een opleiding voor dierenarts doet, ik leer veel van hem. Als één van mijn paarden een keer iets mankeert, legt hij mij uit wat er aan de hand is en wat je er tegen kan doen."
"Oh, dat is wel handig. Ga je dit mooie meisje trouwens houden?"
"Dat weet ik nog niet. Ik ga eerst uitzoeken of ze gestolen is, of achtergelaten. Als ze gestolen is laat ik de eigenaars opsporen en zo niet, houd ik haar. We kunnen wel een naam voor haar bedenken, en jij kan haar verzorgen."
Kimberley keek blij naar hem. Dat had ze nou altijd al gewild, een eigen verzorgpaardje!