
Toen ik nog een thuiswonende tiener was, was ik al groot fan van Tinkers. Stiekem keek ik toen ook al vaak op marktplaats, dromend van mijn eigen harige vlekkenpaardje.
Op een dag, najaar 2009 zag ik haar dan ook daar voorbij komen. Mijn droompaard. Sterrin. Pas 2,5 jaar oud en aangeboden door een kleinschalige stal ergens in een klein dorpje in oost Groningen. Ik kreeg haar niet uit m’n hoofd en zocht alles uit over haar. Haar moeder droeg de naam Megan. En haar vader? Dat was jij, Collin van de Gorterstraat.
Sindsdien was mijn droom niet meer alleen om ooit mijn eigen Tinkermerrie te hebben, maar ook om zelf een veulentje te fokken. De vader? Daar hoefde ik niet meer over na te denken, dat moest Collin worden. Want niet alleen Sterrin was gaaf, Collin bleek veel hele toffe nakomelingen te hebben.
Maar in werkelijkheid kwam ik niet uit een paarden familie, en een Tinker verstoppen op mijn zolderkamertje lukte ook niet. Dus Sterrin werd verkocht, maar niet aan mij. Via bokt kwam ik erachter dat ze naar Luxemburg was verhuisd.
In 2010 kreeg die droom om een veulentje te fokken onverwacht een kans toen de eigenaar van mijn verzorgTinker Lady hierin mee wilde denken. Ik opende een topic op bokt met de vraag welke hengst bij haar zou passen. Ondanks dat ik met m’n hart allang gekozen had; Collin natuurlijk. Klein detail; de vader van Phoebe was de nummer 2 op dat lijstje. Helaas overleed Lady onverwacht en veel te vroeg aan koliek.
In 2011 kwam het andere deel van de droom een stapje dichterbij; ik woonde inmiddels op mezelf in Assen, ik ging langzaam op zoek naar mijn eerste eigen paardje, en had een leuke bruikleen Tinker. Op een dag was ik op weg naar hem en kwam ik een mevrouw tegen die aan het wandelen was met haar Tinker. Een werkelijk prachtig paard. We raakten in gesprek, en wat bleek? Dat was Sterrin! Hoeveel toeval kan je hebben?!
We hielden contact, er ontstond een vriendschap, en in 2012 besloot ik dat het er dan echt van moest komen; ik wilde mijn eigen Tinker merrie. Hoe? Ik tikte op marktplaats “Collin van de Gorterstraat” in. Er stond één dochter van hem te koop! Ayla. Ik maakte kennis met Ayla en was gelijk verliefd op haar typische Collin koppie. Maar ergens was een twijfel, een onderbuik gevoel. Toen er op een avond een andere Tinker merrie op marktplaats verscheen wist ik het al voordat ik de advertentie aan klikte; dit was haar. Caily was geen dochter van Collin, maar absoluut mijn droompaard. En dat veulen van Collin? Die fokte ik zelf wel.
Al 4 veulens had Caily gehad, dus na het inwinnen van veel informatie besloot ik haar in 2013 naar Tinkerstal van de Gorterstraat te brengen, om te laten dekken door Collin. Eind 2012 was ik al een keer bij hem wezen kijken, zijn eigenaresse had hem speciaal voor aan de weg gezet zodat ik hem goed kon zien, ondanks dat ze zelf op vakantie waren.

Het was niet alleen Caily die gedekt werd waarvoor we naar Brabant gingen. Er ontstond opnieuw een vriendschap. Niet alleen met de eigenaren van de Gorterstraat, maar ook met Collin. Uren kon ik bij hem zitten, z’n manen borstelen en vlechten of gewoon genieten van zijn schoonheid. Ooit was hij gereden, maar inmiddels al jaren niet meer. Mijn verbazing en geluk konden dus niet op toen ik de vraag kreeg; zou je Collin eens willen rijden? Ja natuurlijk! En zo geschiedde, en Collin? Die zette uiteraard geen pas verkeerd.

Eind van de zomer van 2013 gingen de eigenaresse van Sterrin en ik samen met onze merries naar de keuring. Wat was dat gaaf! Net als de ritjes die we samen maakten, met onze merries samen, of om en om op elkaars paard. Sterrin maakte de verwachtingen die ze ooit schepte echt helemaal waar, wat een gaaf paard!
In 2014 beviel Caily van een prachtig merrieveulen, Lola. Vanaf dag 1 waren we onafscheidelijk. Waar ik ging, was Lola, en vice versa. Achter haar moeder aan lopen? Echt niet! Dus vanaf dag 1 ging Lola aan een touwtje mee naar stal, terwijl een wat bezorgde mamma er los achteraan danste.

Uiteraard bleven de bezoekjes naar Brabant ook door gaan. Ik heb Collin nog eens mogen rijden, en in het voorjaar van 2015 gingen we met alle Gorterstraat hengsten (waaronder de over grootvader van Liv) naar de keuring. Collin bevestigde nogmaals zijn STER predikaat. En een week later werd hij MODEL hengst, wat was ik trots!


Helaas besloot de eigenaresse van Collin later dat jaar om hem te verkopen. Hij had amper nog merries om te dekken, en tijd voor aandacht was er ook amper. Collin verdiende beter. Gekscherend zei ze; ‘Waarom koop jij hem niet? Zo’n penny tut meisje als jij zou hij geweldig vinden!’. Maar voor mij was dat echt een ver-van-m’n-bed show, ik een hengst? Ik had pas sinds een jaartje de paarden aan huis en fokte net m’n eerste veulens. Bovendien wilde ik ook graag rijden met Caily en zou Collin Lola natuurlijk nooit kunnen dekken.

Collin vertrok naar een fokkerij in Polen om zijn bloedlijn voort te zetten. Ik was verdrietig, maar enorm dankbaar voor z’n knappe dochter Lola die me elke dag weer blij maakte.
Maar helaas sloeg in 2017 het noodlot toe. Toen Lola 2 jaar en 8 maanden oud was kreeg ze verstoppingskoliek. Het zag er niet goed uit. Na dagenlang (en nachtenlang) thuis proberen haar erdoor te krijgen, ging ze naar de kliniek in Wolvega. De kansen waren niet goed, ook een operatie zou weinig zekerheid geven. Dankzij hele lieve mensen kon ik veel bij Lola zijn. Dat betekende ook helpen met haar behandeling. Sonderen was lastig, want de slang inbrengen lukte moeilijk bij haar.
Gejuicht heb ik, toen ze na dagenlange zorgen een goede hoop mest liet vallen. Gejankt heb ik toen ze na dagenlang niks mogen eten (alleen wat grazen aan de hand), haar slobber niet wilde eten. Enkel het worteltje ging er met smaak in. Na een week lang vechten was het op en moest ik Lola laten gaan.
Het eerste paard wat ik aanraakte na haar overlijden was Finnegan (de vader van Liv), hij zorgde dat m’n tranen droogde voordat we terug naar huis gingen.
En dan moet je verder… Eigenlijk wilde ik helemaal niet verder. Niet zonder Lola. Mijn andere paarden verkocht ik. Als ik verder wilde? Dan met een dochter van Collin. Zelfs Lola haar moeder Caily, voor wie ik een dekking aangeboden kreeg, kon me niet overtuigen. Vrienden zeiden me; ergens is een paard wat jou gaat helpen, Lotte zonder paard, dat kan niet.’
Op een zaterdagavond keek ik, zoals ik immers al jaren deed, op marktplaats en miste mijn hart een slag. Stond er nou een Collin dochter te koop? Ik kende alle nakomelingen inmiddels uit m’n hoofd. De foto’s waren slecht, maar qua aftekeningen leek ze exact op Collindochter Hannah. Na het vragen van haar afstamming bleek ze het niet te zijn. Maar ze stond niet ver weg, dus ik liet me overtuigen om toch te gaan kijken.
En ze betoverde me. Net als Sterrin ooit deed, net als Caily deed. Phoebe (toen nog Candy) had een attitude waar je U tegen zei, en een opvoeding die onder het vriespunt ging. Maar ik kon haar niet loslaten. Exact een half jaar nadat ik Lola verloor, besloot ik dat ik weer een paard wilde; Phoebe. Geen dochter van Collin, maar wel dankzij een soortgelijke aftekening als een Collindochter op mijn pad gekomen.
En het meest bijzondere? Hoe moeilijk ze ook was, ik begreep haar, door te denken wat Lola gedaan zou hebben. Ze leken op elkaar. Ik heb de vraag of ze een dochter van Collin is, echt talloze keren moeten beantwoorden.
Omdat Phoebe dus geen dochter van Collin was, herhaalde de wens zich om een veulen van hem te fokken. Ik schreef elk jaar naar Polen of het mogelijk was sperma op te sturen. Helaas was het antwoord keer op keer nee.
Wel was Sterrin nog steeds in mijn leven. Ze was inmiddels gewisseld van eigenaar, maar daardoor zag ik haar eerder meer dan minder. De ritjes en ontmoetingen met haar bleven bijzonder.
In 2018 werd Sterrin voor de tweede keer moeder. En om dat veulen af te spenen, mocht Sterrin wel bij mij logeren, dan kon haar veulen thuis blijven. Wauw! Waar ik in 2009 van droomde, werd gewoon werkelijkheid. Sterrin bij mij in de wei.

En wat was het gaaf. We hebben de hele nazomer veel mooie ritjes gemaakt. Maar die herfst sloeg het noodlot opnieuw toe.
Na heel heftig en bizar ziek te zijn geweest, was er geen optie anders dan Sterrin te laten gaan. Wat een nachtmerrie. En bizar dat het wederom Finnegan was, die de eerste tranen na het verlies van ook deze geweldige Collin dochter wist te drogen.
In 2019 werd ik benaderd door iemand die een kleinzoon van Collin had, Ashlan. Ashlan was een zoon uit een Collindochter met een zeer interessante vaderlijn. Hij leek qua postuur en aftekening ook erg veel op Collin. De vraag was of Ashlan bij mij mocht logeren, dan zou ik hem ook mogen gebruiken om te dekken. Bij gebrek aan Collin zelf, stemde ik in. Zeker het enorm verdrietige verhaal omdat Ashlan ernstig ziek was, besloot ik ervoor te gaan. Hij verdiende deze kans, en zijn bloedlijnen pasten erg mooi bij Phoebe, met een vleugje van Collin.
In het vroege voorjaar van 2020, toen ik niet 1, maar 3 merries hoogdrachtig had, kwam er bericht vanuit Polen. ‘Het’ kon wel opgestuurd worden. Ik sprong een gat in de lucht! Eindelijk de mogelijkheid om Collin te gebruiken, er zouden veulens van hem bij mij komen. Yes!
Maar ik had ‘het’ niet helemaal goed begrepen. Het ging niet over een pakketje sperma, maar over het paard zelf. Dan kon ik zoveel veulens met Collin fokken als ik wilde, aldus de Poolse eigenaar. Hij beloofde dat Collin er uit zag alsof hij 8 was, en van die 20 jaar die hij echt was, niets te merken was.
Poeh, Collin kopen? Een 20-jarige hengst van een filmpje vanuit Polen laten komen? Dat is een behoorlijke gok. Maar het was wel Collin…
Onder het mom van ‘beter spijt van iets wat je wel gedaan hebt, dan van iets dat je niet gedaan hebt’, besloot ik de gok te nemen. De sprong te wagen. Maar wat vond ik het eng. Zeker met 3 hoogdrachtige merries.
Phoebe beviel als eerste, in de maanden dat Collin nog in Polen was. Wat Caily (en Collin) bij mij niet was gelukt; flikte zij gewoon in 1 keer. Ze gaf me het merrieveulen met smal blesje én zwarte staart. En om het extra bizar te maken, de apart laag doorlopende aftekening op haar voorbeen, net als Collin dat heeft.

(Foto van een paar jaar later; hier is de aftekening bij beiden te zien)
De avond dat Collin hier kwam zal ik nooit vergeten. Wat als lange nacht wachten op het transport begon, veranderde al snel in een bizarre waas vol verstandsverbijstering. Liv besloot dat dit het ideale moment was om geboren te worden. Waar ik nagenoeg geen verwachtingen had van dit veulen, besloot Finnegan de pijn door het verlies van Lola en Sterrin, te verzachten door mij zijn meest bijzondere dochter te geven. Zijn eerste valkbonte veulen, met lucky ears, 2 verschillende ogen, én 2 kleurige staart; alsof ik ook een vleugje Lola terug kreeg.
Toen heel vroeg in de ochtend het transport vanuit Polen arriveerde, kon ik de werkelijkheid niet geloven. Collin, de Collin, vanaf nu mijn Collin. En dan ook nog die kleine Liv. Ik heb echt wekenlang gedacht dat ik droomde. Gelukkig maakte niemand mij wakker, en op den duur besefte ik dat het allemaal echt was.

Al gauw klom ik eens op Collin z’n rug, gewoon zonder zadel; even voelen. Dat voelde zo goed dat we al snel lekker samen de hort op gingen. Wat was hij braaf! Een heerlijk paard, zo betrouwbaar, zo meedenkend. Elke kilometer op z’n rug was goud, puur genieten en een vette penny droom die uitkwam.

Qua fokkerij stond het geluk minder aan mijn kant. Natuurlijk mocht Collin Phoebe dekken, en ze was gelijk drachtig, zo gaaf! Maar op de tweede scan een paar weken later, bleek het vruchtje helaas gestorven te zijn. Dat betekende dat bij 2 andere merries die gedekt waren volgende zomer een Collin veulen zou lopen, maar bij ons in de wei niet. Dat was even zuur, maar ik had Lou, Liv en Collin zelf. Dus echt treuren heb ik niet gedaan. Het kwam wel, daar was ik van overtuigd.

En het kwam zeker! Want in 2021 werd niet alleen Phoebe drachtig van Collin, maar ook Lilly. Knappe beauty Lilly. Lilly de Ierse Tinker merrie, ze had de zus van Lady kunnen zijn. Een enorm gave kans om haar in onze kudde te mogen hebben om een veulentje te fokken, en ondertussen heerlijke buitenritten te maken.

Omdat ik zag hoeveel het Collin deed dat hij alleen moest staan, heb ik die zomer een grote gok genomen. Na minimaal 15 jaar alleen geleefd te hebben, heb ik Collin samen gezet met Phoebe en Lilly. Doodeng, maar Collin verdiende geen eenzaamheid. Geen enkel paard verdiend dat, maar zeker zo’n lieverd niet. Alleen maar omdat hij hengst was? Echt niet!
Phoebe en Lilly hebben Collin geleerd weer een compleet paard te zijn. Collin vond interactie met soortgenoten doodeng. Als er een paard voorzichtig aan z’n billen snuffelde, gilde hij het letterlijk uit van angst. Maar van Phoebe en Lilly leerde hij; dat hoeft niet. Vriendschap is ook een optie. Dat bracht hem niet alleen heerlijke kriebels, maar ook veiligheid, en daarmee rust. Rust in z’n koppie en rust in z’n lijf.

Ik had de jongedames Lou en Liv apart gehouden, en zij misten een volwassen paard wat over hun waakten en ze sturing gaf. Daarom koos ik ervoor Phoebe terug bij hun te zetten. Ondanks dat bleef de bijzondere band tussen Collin en Phoebe bestaan. Maar een echte vriendschap, die bouwde hij op met Lilly. Ze werden echt kop en kont en waren altijd in elkaars buurt te vinden.

Wat vond ik het dan ook moeilijk om ze dat voorjaar te moeten scheiden. Maar met de naderende bevalling, was het onvermijdelijk.
Ik vond voor Collin een plekje hier in het dorp, als gezelschap voor een oudere ruin. Zo hoefde hij niet alleen te staan. Zowel met Chex als met de eigenaresse van dat plekje (wie net haar paard was verloren) klikte het erg goed. Net als altijd, won Collin ze gelijk om zijn hoefje. Elke ochtend ging ik eerst bij hem kijken voordat ik naar de merries ging, en natuurlijk bleven we nog steeds vele mooie ritjes maken.
Helaas besloot de eigenaresse van Chex al snel dat haar paard beter af was op een grotere pensionstal. Maar thuis had ik inmiddels ook een tuin staan om mee de sport in te gaan, dus ik hoopte (en verwachtte) dat Collin daar wel mee klikte, dus ik haalde hem, nog voordat de merries bevielen, weer op. Maar ik had dit even flink onderschat; echt niet dat Collin een ruin accepteerde in de buurt van zijn merries. Echt niet! De verste uithoek van de paddock kon hij krijgen, maar bewegen mocht Diego zeker niet, want Collin kon z’n bloed wel drinken. Compleet bezeten door de hormonen en zijn instinct, was er niks meer over van mijn geweldige vriend. Dus maar snel wat draadjes gespannen tussen de heren.

Niet veel later bleek dat Diego inderdaad niet oké was en is hij terug gegaan naar de plek waar hij z’n hele leven had gewoond. Collin was blij, maar voor mij voelde het alsof we terug bij af waren; Collin stond weer alleen. Voor nu moest ik dat accepteren, want de veulens konden elk moment geboren worden! Maar elke avond als hij heen en weer ging pezen langs de omheining, brak m’n hart een beetje meer.
Het eerste veulen wat werd geboren was van Lilly. De bevalling was als uit een boekje, maar Megan had wat opstart probleempjes. Achteraf kwamen we erachter waardoor, en behalve vanwege de link naar Sterrin, is dat ook de reden waarom ze haar naam draagt. Gelukkig was een dierenarts bereid een uur te rijden om dit mega knappe veulen te redden. Want wauw, deze Collin dochter was niet alleen groot, met zwarte staart en smal blesje, ze had ook nog eens het zwarte neusje. Dat had Collin al een paar keer eerder door gegeven, en vond ik prachtig. Maar het was zo zeldzaam dat ik niet had bedacht dat dat hier geboren zou worden. Zo gaaf!

Het tweede veulen was van Phoebe; een hengstje; Trevor. Trevor is midden op de dag geboren, onder toeziend oog van Collin. En wauw, wat was hij knap! Trevor leek sprekend op zijn ouders en zou een waardige opvolger zijn. Maar helaas, al mijn merries zijn familie van hem, dus hij moest verkocht worden.
Vier serieuze kopers had ik, 4. Wat een luxe. En ik had wat bedacht. Ik zou Trevor proberen te koppelen aan z’n vader. Ik had dat ooit bij een andere fokker gezien. En die jonkies met een oudere hengst is echt een hele fijne combinatie. Dus aan alle kopers vroeg ik, zouden jullie Collin erbij willen? In een bruikleen constructie, want verkopen kon ik niet aan.
En zo vonden Trevor en Collin samen hun nieuwe thuis. Weten jullie nog dat ik aan het begin schreef over dat dorpje in oost Groningen waar Sterrin als 2,5 jarige te koop stond? Dat dorpje, zelfs in dezelfde straat! Daar verhuisden Collin en Trevor heen.

Het begon super, de heren hadden een droom leventje samen. Wat was ik dankbaar, en zo trots op Collin. Eerst samen met Trevor, en later met 2 merries erbij. De heren deelden ze zonder gedoe. Maar drachtig werden ze helaas niet. Trevor was nog te jong, en we wisten dat Collin zijn sperma kwaliteit inmiddels erg slecht was. Desondanks genoten de mensen daar enorm van Collin zijn geweldige karakter, en hebben beide dochters van het gezin leren rijden op Collin. Wat een geweldige ritjes hebben wij, en zij, gemaakt.
Helaas veranderde op den duur de situatie. Er werd onwijs veel van Collin gehouden daar, maar de manier van paarden houden veranderde en paste niet meer bij Collin. Elke keer dat ik op bezoek kwam, zag ik hem meer en meer ongelukkig. Hij kwijnde weg. Hij leek wel 30. In gesprek gaan en er samen uit komen leek helaas onmogelijk.
Ik had gekozen voor bruikleen, zodat ik Collin zijn welzijn ten alle tijden kon waarborgen. Dus met pijn in m’n hart heb ik Collin daar weg gehaald. Verschrikkelijk om die meiden verdrietig te maken, en om Trevor z’n maatje en grote voorbeeld af te pakken. Maar ik moest ook aan Collin denken.
Thuis had Collin tijd nodig om weer op z’n plek te komen. Omdat ik hem inmiddels goed kende, wist ik de weide zo in te delen dat hij geen stress meer had van het alleen staan. Maar lichamelijk en mentaal had hij een behoorlijke klap gehad.
Maar hij trok boven verwachting snel bij. Bijna 24 jaar inmiddels, maar nog zo fit als een hoentje, liet hij steeds vaker merken.
Ik kreeg de kans zijn allerlaatste zoon hierheen te halen, Cimarron. Cim zou samen met z’n beste vriend Shooter hierheen komen, en ondanks dat ik wist dat de kans op concurrentie gedrag bestond, hoopte ik stiekem dat dit de nieuwe maatjes van Collin konden worden.
Maar Collin z’n instinct was te sterk. Hij accepteerde de heren niet. Dus er moest een draadje tussen.
Draadje? Shooter besloot op een dag dat draadjes niet zo boeiend meer waren, en wilde toch nog eens kennis maken met Collin. Ik zag het gebeuren, maar had een merrie in m’n handen, dus gelijk ingrijpen kon ik niet. Ik hield m’n hart vast…
En Collin en Shooter? Die gingen gewoon staan kriebelen! Alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Vol ongeloof stond ik erbij en keek ik erna.
En nu? Collin en Cimarron waren moeilijker te koppelen, maar Shooter dagelijks tussen hun wisselen zag ik ook niet zitten. Daar was hij echt veel te gevoelig voor. Dus met bonzend hart heb ik alle omheining weg gehaald, op meer dan 20 plekken hooi op de grond gelegd, en ben ik heel, heel hard gaan duimen. En vrezen, ik vond dit zo eng dat ik ‘s nachts zelfs 2 keer een wekker heb gezet om te kijken of het nog goed ging.
Die ochtend kwam ik bij de wei en zag ik alleen Shooter. oliebol. Snel verder lopen. Ik ging de hoek om, en daar stonden Collin en Cimarron, samen van 1 hoopje hooi te eten. Gewoon als matties. Geen gedoe, mannen onder elkaar. Wat was ik dankbaar.
Heerlijke maanden volgden. Collin samen met zijn zoon en vriendje, mijn dierbare merries Phoebe, Lou, Liv en Collindochter Megan met z’n vieren. Wat een enorm rijkdom. Kon de tijd maar worden stil gezet.

Maar helaas tikt de tijd door. En ik wist, als het voorjaar wordt en de hormonen beginnen, is de vriendschap tussen de heren over. En dan?
Na veel wikken en wegen besloten we dat Shooter zou mogen verhuizen. Zijn kwaliteiten waren enorm, maar van zijn bloedlijnen bleef nog genoeg over. Cimarron daarentegen, was de allerlaatste, en enige op Megan na, van Collin. Dus hij en Collin mochten eerst blijven.
Al stond ik bij Collin wel open voor een fijne plek bij een recreatieruiter die lekker met hem door de bossen zou gaan sloffen. Want eerlijk is eerlijk; ik ben qua paardrijden best wel een snelheidsduivel, en daarin passen de merries beter bij mij dan Collin. Maar alleen voor de perfecte plek zou Collin weg mogen. Dus aan huis, altijd buiten, en natuurlijk samen met een maatje. Voor minder niet. Dat plekje leek onvindbaar, dus de focus kwam op het vinden van een fijne plek voor Shooter.
En toen kwamen daar in een smerig weertje Kirsten en Frank door de modder geploeterd. Van de droge zandgrond naar de natte klei omdat ze iets in Shooter zagen. Shooter zag hetzelfde in hun, dus na even slikken wisten we, dit moet zo zijn.
Maar die arme Shooter was nog nooit in een trailer geweest, én nog nooit vervoerd zonder z’n vriend Cimarron. En Cimarron niet zonder hem. Dus hoe zouden we dat het beste kunnen doen? Ik opperde, neem Collin maar mee. Die is zo ervaren, makkelijk en braaf, die steunt Shooter wel. Maar dan moet je hem wel ook weer terug brengen…
Tenzij je hem wilt houden, zei ik er half lachend achteraan. Niet helemaal serieus eigenlijk. Want wat moet iemand die komt kijken voor een jong paardje, bedoeld als ruin, nou met een 24 jarige ex-dekhengst?
Nou blijkbaar een heleboel, want na veel nadenken en overleg werd het een serieus plan. Volgens mij heb ik nog nooit ergens zoveel nachten van wakker gelegen en over gepiekerd. Moest ik dit doen? En hoe dan? Ik kon mijn maatje, mijn droompaard, allerliefste Collin, toch niet (weer) missen?
Maar kon ik hem die kans ontnemen? De kans op een leven bij mensen aan huis, op een paddock paradise, met Shooter als maatje. Waar hij nu al dik bevriend mee was. Een plek zonder merries in de buurt, waar hij lekker gezinspaard mocht zijn met leuke buitenritjes zolang het ging, en verder gewoon genieten.
Het klonk zo perfect, maar ik was zo bang. Zo bang voor de herhaling van de situatie die weg gehad hadden in bruikleen. Die optie viel voor mij af. Ik zou deze gok nemen met als consequentie het los te laten, of ik zou Collin hier houden en de rest van z’n leven eenzaam laten zijn.
En dat kon ik niet. Ik kon Collin niet meer recht aankijken, wetende dat hij zo’n gave kans had gehad, en dat ik hem dat door mijn eigen angst had ontnomen. Het moest maar.
Ik telde de dagen af, en elke dag werd de steen in m’n maag een beetje zwaarder, wat als? Ik had jaren eerder Caily verkocht om Phoebe te kunnen houden, dat was een klote keuze waarom ik keihard heb gejankt. Maar dit ging verder. Dit ging dieper. Ik kon niet eens bij m’n eigen tranen.

(Een laatste foto dat hij van mij was, met zijn dochter Megan)
Maar al snel bleek, het was het waard. Alles beloftes, plannen en ideeën waren echt. Collin had eindelijk het leven wat hij verdiende.
En dat niet alleen. Ik werd overal bij betrokken en mocht langs komen zo vaak ik wilde. Herhaaldelijk zijn we met Collin en Shooter in de trailer naar de mooiste plekjes in de buurt gereden om samen te genieten. Wauw, zo onbeschrijflijk dierbaar. Om die herinneringen te kunnen maken, maar vooral om te zien hoe gelukkig Collin was.
In de zomer van 2025 kwam Kirsten toeval bij Lilly. Dé Lilly. Lilly die zo hard hulp nodig had, dat Kirsten besloot haar naar huis te halen. Spannend, want hoe zouden zij en Collin op elkaar reageren? En wat zou Shooter z’n plek worden?
Het ondenkbare gebeurde; na een periode van wennen ontstond een unieke kudde; bestaande uit merrie Lilly, hengst Collin en ruin Shooter. En het ging gewoon goed. Bizar, maar zo onwijs gaaf. Nog meer mooie herinneringen en momentjes samen volgden.
Helaas duurde het veel te kort, en in november 2025 bleek dat Lilly niet meer beter zou worden. Collin en Shooter moesten afscheid van haar nemen, net als hun geweldige eigenaren. Wat een diep respect heb ik dat ze Lilly die kans hebben gegeven, en wat kan de wereld hard en gemeen zijn dat dit dan de afloop is.
Ik kreeg de vraag vanuit het ICS-NL stamboek of ik met Collin naar de hengstenshow wilde komen. Vanwege hun jubileum jaar hadden ze een “Golden Oldies” rubriek, en Collin hoorde daar zeker bij. Helaas moest ik ze teleur stellen dat Collin niet meer van mij was. Maar na overleg bleek Kirsten absoluut in te zijn voor dit plan.
En zo schitterde Collin begin maart op de hengstenshow. De oudste hengst van de dag, misschien wel de oudste nog levende hengst van Nederland. Hij ging nog op de foto samen met z’n zoon die helemaal vanuit Polen was gekomen. Hij rende door dezelfde bak als waar ik een jaar geleden met zijn zoon Cimarron rende toen hij werd goedgekeurd als dekhengst.
We speculeerden over hoe oud Collin zou worden. 30 zou wel lukken toch? Hij was immers nog best fit, maakte zo nu en dan nog een buitenritje, liet zijn nieuwste kudde maatje zo nu en dan weten dat hij wel de echte man van het trio was.
Tot afgelopen zondag. Het bericht. Collin heeft koliek, de dierenarts is onderweg. Alle alarmbellen in m’n hoofd gingen af. Oké, rustig Lotte. Het is ‘maar’ koliek. Meestal loopt dat gewoon goed af. Maar mijn onderbewuste liet het niet los. Collin had nooit wat. Maar het zou toch niet?
Maandag was het nog niet goed. Helemaal niet goed zelfs. Kom maar, voor het geval dat…
Dus ik heb alles uit m’n handen laten vallen, een vriendin gebeld of ze de merries wilde checken (en ik ga nooit op pad zonder ze zelf gezien te hebben, dus dat zegt wat), en ik kon maar aan 1 ding denken. Dit mocht niet, dit kon niet. Niet nu al.
Maar eigenlijk zei de blik in Collin z’n ogen toen ik hem zag alles. Het ging niet.
Maar wat als… dus hij kreeg 1 kans, wie weet was het genoeg…
Alsof de geschiedenis zich herhaalde stonden we daar, 9 jaar na de nachtmerrie met Lola, kreeg Collin nu dezelfde behandeling. Met hetzelfde gevecht. Hij had met smaak de worteltjes weg gekauwd die ik had mee genomen, hij leek wat op te knappen tijdens het grazen, maar z’n slobber wilde hij niet. Net als zijn dochter 9 jaar geleden.
De hele avond en nacht heb ik gehuild, geduimd, gehoopt en gevraagd of de uitkomst deze keer alsjeblieft anders mocht zijn. Het kon toch niet zo zijn dat hij maar zo kort van dit gave leven mocht genieten? Dat zijn geweldige eigenaren voor de tweede keer in een half jaar afscheid moesten nemen?
In de ochtend was er mest. Ik deed opgelucht, maar ik wist hoe de artsen dat bij Lola nietszeggend vonden. Dus juichen durfde ik niet.
Tot groot verdriet bleek de angst terecht. Het ging opnieuw slechter met Collin. Er was niks meer aan te doen.
Lieve Collin is weer samen met zijn beste vriendin Lilly. Twee keer kwamen ze elkaar tegen op aarde, en nu zijn ze voor altijd samen.
Toen ik hoorde dat Collin er niet meer was, was het bizar genoeg de dochter van Finnegan, Liv, die de eerste troost kwam bieden. Alsof ze een cirkel rond wilde maken. Maar in m’n hoofd krijg ik dit niet rond. Collin zou 30 worden. Misschien wel 40.
Dag allerliefste Collin ⭐️ ♥️
Het paard wat als rode draad door mijn hele paarden leven liep, is er niet meer. Het paard wat vroeger op de poster boven mijn bed stond, het paard wat al mijn paardendromen heeft waar gemaakt, en nog veel meer wat ik niet had durven dromen.
Nu kan ik zeggen, hij leeft voor in de vele nakomelingen. Maar daarmee doe ik hem echt heel erg tekort.
Collin deed op shows vele hoofden draaien door zijn knappe looks en aanwezige hinnik. Ook zijn nakomelingen gooiden vaak hoge ogen. Maar de mensen die Collin écht kenden, met hem om gingen, met hem reden of met hem werkten, die werden betoverd.
Niet af en toe, maar altijd. Iedereen. Wauw, wat een bijzonder paard. Niet om de legendarische hengst die hij was, maar door het onbeschrijfelijke paard wat hij was.
Bij Kirsten en Frank mocht hij eindelijk volwaardig dat paard zijn. Daar kreeg hij eindelijk het leven wat hij verdiende. Namens Collin ben ik zo dankbaar dat zij op zijn pad mochten komen. Nergens heeft hij het zo goed gehad, ook al werd er altijd en overal veel van hem gehouden.
Dag allergrootste vriend ❤️
Collin van de Gorterstraat
Augustus 2000 - April 2026