Een gewoon paard heeft drie gangen: stap, draf en (ren)galop.
Een IJslander heeft daarbij nog twee andere gangen (niet allemaal trouwens, sommige hebben minder aanleg voor de extra gangen): Tölt en (ren)telgang.
Tölt kun je een beetje vergelijken met een soort snelwandelen...een soort stap, maar dan sneller. Het is een hele comfortabele gang, die de ruiter goed laat zitten.
Telgang is een laterale gang, dat wil zeggen, het paard brengt de beide benen aan dezelfde kant tegelijk naar voren en naar achteren. Een IJslander kan dat heel hard. Daar zijn ook wedstrijden in. Evenals in het tölten.
Een gewoon rijpaard kan in stap ook wel eens gaan telgangen (lateraal gaan), maar dat wordt dan als fout gezien.