Hoogendroog: psychiatrie is ook al tot in het oneindige onderzocht, zeker met betrekking tot mannelijkheid. Helaas, want dat is een reuze interessant onderwerp!
Yasmine: mijn begeleidend docent is geen expert op dit gebied. Ik ben aan hem gekoppeld omdat hij het programma medische geschiedenis leidt. Helaas zijn er ook weinig anderen die ik hier kan benaderen. Ik heb zojuist een gesprek gehad met een docent in genderstudies, met ruime ervaring op het gebied van mannelijkheid. Hij raadde me aan het idee van mannelijkheid compleet te laten vallen, maar kwam niet echt met een andere focus. Ook raadde hij me aan contact op te nemen met verschillende archieven om te zien welke bronnen er wel zijn, en om misschien een topografische focus aan te houden (hij hintte sterk naar Schotland).
Een vaag idee is om het revalidatieproces onder de loep te nemen. Op die manier kan ik het onderzoek linken aan het idee van mannelijkheid, maar tegelijkertijd laten zien dat dit onder de mannen zelf een veel minder grote rol speelde dan in het sociale leven in het algemeen (dit is mijn vaste overtuiging, al heb ik op dit moment nog maar een bron gezien waarin dit min of meer werd bevestigd). Het Imperial War Museum heeft interviews met veteranen waarin het revalidatieproces wordt besproken, evenals interviews met zusters. Verder kan ik dan zowel de psychiatrie als de fysieke handicaps onder de loep nemen.
Het is maar een idee, maar zou het fijn vinden om feedback te krijgen 
En bedankt voor de reacties, super fijn dat jullie de moeite nemen!!
Edit:
Mayniac_val: het debat rond dit onderwerp is vrij klein, wat misschien op zichzelf al een indicatie is dat er niet al teveel nieuwe invalshoeken meer zijn?
In het kort: het ideaal van mannelijkheid, oftewel het idee van hoe een man eruit moest zien, zich moest gedragen etc., botste na de oorlog compleet met de realiteit. En deze mannen pasten wel in het militaire ideaal van heroiek; zij hadden letterlijk hun identiteit (verlies van gezicht, letterlijk) of delen van hun lichaam opgegeven voor de natie. Het eindresultaat was dat mannen die een ledemaat verloren hadden, wat op zichzelf niet akelig was om te zien, werden erkend als extra mannelijk. De mannen met een psychische stoornis of een kapot gezicht echter werden uit het zicht gehouden, omdat ze een directe link vormden met de vreselijke dingen die in de oorlog gebeurden.
Het allermooist zou natuurlijk zijn als ik kon laten zien dat dit ideaal iets anders was dan de realiteit, en dat historici teveel hebben gefocussed op een ideaalbeeld ipv op echte ervaringen. Ik geloof niet dat een ideaal ooit zoveel impact kan hebben dat het elke veteraan in zo'n mate heeft beinvloed dat hij zich minder of meer mannelijk zou voelen. Denk maar eens aan het debat over anorexia. Het ideaal van 'dun zijn' in de modewereld is misschien een ideaal dat overal terugkomt, maar dat betekent niet dat ieder meisje anorexia ontwikkelt. Snap je?