fransje23 schreef:Huertecilla schreef:- Geef altijd voorrang;
- Maak ruim baan.
AL-TIJD!
Moet er in de situatie wel de ruimte zijn om ruim baan te maken. Op een smalle dijk past een een breed landbouwvoertuig niet zo makkelijk, en zeker niet op een veilige manier, langs een paard of fietser. Sommieg van die bestuurders willen dan graag toch langsrijden ongeacht of jij bijna in de sloot beland of niet. In dat soort gevallen ga ik toch echt niet aan de kant maar pak wat meer ruimte op de weg.
Soms gaat GBV (gezond boerenverstand) boven verkeersregels.
Sleutelwoord is ´soms´.
In uitzonderlijke gevallen pas jij je OOK aan.
Demonstratief op het midden doorkuieren roept irritaties op. Moet je vooral nog ´kalm aan´ gebaren.
Als jij met typerende ruiterarrogantie meent de ´wijste´ te zijn, gedráág je daar dan ook naar
Wees realistisch. Je ríjdt in de weg. Je hoúdt de boel op. Beperkt dat zoveel mogelijk.
In die zeldzame gevallen dat ik geen ruim baan kán maken, en er iemand langs wil, maak ik een verontschuldigend gebaar en ga een stukje in galop. Waar ik wel ruimte heb ga ik met een breed gebaar van dank aan de kant.
Dat ís al geven en nemen van twee
kanten.

Nu mag je paard nog zo verkeersmak zijn als wat; als die auto te snel komt aangereden en je niet op tijd ziet of weet ik veel wat, dan heb je daar dus ook niets aan.