allemaal klopt maar ik heb mijn best gedaan. Zou graag feedback willen hebben.

Met al haar kracht hees het kleine meisje zich omhoog en leunde in de kussens die de zuster onder
haar rug duwde. Zo, ze zat. Maar wat een pijn. De operatie was goed gelukt, de kanker was weg.
Maar ze ging door een hel. Pijn die begon in haar hoofd en uitmondde in haar tenen.
Ze zat en dacht aan alle leuke dingen die ze over een tijd weer zou kunnen doen.
Hinkelen met Merel, met papa een fietswedstrijdje doen, kralen rijgen bij oma en rijden op haar paard.
Iets wat ze het liefste deed, maar al zo lang niet had kunnen doen. Ze had nu een jaar lang allerlei behandelingen gehad.
En gelukkig was de laatste aangeslagen. En is de tumor verwijderd.
Ze dacht over alle leuke dingen, de dingen waarvoor ze die helse pijn moest doorstaan. Waarom ze vol moest houden,
ondanks dat het allemaal zo was gegaan als het was gegaan.
Het kleine meisje, amper 9 jaar oud, had al zoveel doorstaan. Dit laatste puntje van de staart
móest ze gewoon redden. Haar ouders en anderen in haar omgeving hadden er dan ook alle vertrouwen in
dat ze over een tijdje hun eigenwijze Josephine weer terug hadden.
De hele dag waren er mensen bij haar op bezoek geweest. Vriendinnetjes, familie en natuurlijk papa en mama.
Ze waren allemaal zo blij. Het was goed gegaan, we hadden nou niks meer te vrezen! Het meisje was
moe van alle aandacht en de drukte. Iedereen was weer naar huis, alleen haar moeder zou nog even komen kijken.
Ze besloot de tv aan te doen om te kijken of er een leuk programma bezig was.
Toen ze een leuk programma gevonden had, was ze erin verzonken…
--------------------------------------------------------------------------------------------
Wat een drukte, maar wat een heerlijk gevoel. De blije moeder stapte het ziekenhuis binnen.
Toen ze één voet over de drempel van de witgeschilderde ziekenhuisdeur zette, voelde ze hoe een machtig
gevoel zich van haar meester maakte. Nooit hoefden ze hier meer naar binnen voor behandelingen van Josephine!
Nooit meer dat nare geluid van de MRI en de CT scan. Nooit meer spanning of ze het wel of niet zal halen.
Het was hun gelukt, en wat was ze de dokter dankbaar.
Toen ze hoorde dat de operatie goed verlopen was en hun dochter dus schoon was, was ze de dokter
om zijn nek gevlogen en ze had niet meer kunnen stoppen met huilen. Toen keek ze haar man aan en hun
ogen zeiden het zelfde: ons kleine meisje heeft het gered. Toen Josephine wakker werd waren haar eerste woorden:
mama, papa ik ben nu beter. Ik wil morgen weer op Bloem rijden! Ze hadden allemaal tranen in hun ogen gehad.
Ja meisje, dat kan nog even niet. Je zult eerst volledig moeten herstellen, had de dokter gezegd.
Ze liep naar de lift die haar naar de afdeling Oncologie zou brengen. Hoe vaak had ze wel niet op die
verdomde knop gedrukt? In spanning, of Josephine het zou halen? Soms met anderen mensen in de lift,
maar over het algemeen allemaal met dezelfde gedachtes. Soms had ze hier alleen gestaan, zodat ze haar
tranen even kon laten gaan. Ze stapte de lift in en drukte op de knop. Eenmaal boven liep ze de lift uit, ze kon
het eigenlijk al met haar ogen dicht. Dit was eigenlijk hun tweede thuis, al dan niet gewensd. Maar gelukkig bestond het ziekenhuis.
Ze was bijna bij Joss haar kamer, bij haar kleine meisje, toen dokter Steward haar tegenhield.
Dezelfde dokter die zei dat haar meisje genezen was. ‘Ik moet u iets vertellen’, begon de dokter.
‘Ik kan er niet omheen draaien, dat is oneerlijk. Josephine heeft een hartaanval gehad’.
Hans en Ellen stonden bij het graf van hun kleine meisje. De kist was net gedaald en iedereen weende.
Waarom dit kleine meisje wat zo gevochten had? Wat nooit de moed verloren had.
Daar waar de sterksten op zouden geven, was zij doorgegaan. Als een nooit-verwoestbaar wezen had
zij alles doorstaan. Het kleine meisje, maar o zo sterk.
Naast Hans en Ellen stond Bloem treurig voor zich uit te staren. Hij zou zijn liefste baasje nooit meer zien.
Bloem had zijn baasje naar haar laatste rustplaats gebracht, hij had een grote witte koets getrokken. Ellen
hield hem vast aan het roze halstertouw dat Josephine voor haar ziekte gekocht had van haar eerste zakgeld.
Nooit zou ze haar dochter meer zien rijden met die witte van haar. Nooit meer 2 soulmates bij elkaar.
Maar Bloem zou nooit weggaan, Ellen was zwanger en het toekomstige kindje zal het in de naam van Joss
heel goed verzorgen en berijden. Ellen zou haar altijd vertellen over haar grote zus die zo moedig was geweest.
En tot die tijd dat zij kon rijden, zouden Hans en Ellen alles voor Bloem doen wat Joss ook
voor hem gedaan zou hebben.
Hun kleine meisje..
Ik zou graag willen weten wat jullie ervan vinden