Een tijdje geleden heb ik een beginnetje gemaakt van dit verhaal, en ik heb nu besloten het hier te plaatsen, hopelijk krijg ik wat goede tips, kritiek is welkom!
Citaat:“Mariël, dit is echt awesome!” Een beetje langzaam richt ik mezelf op, en kijk in de richting van Kim. “Wat?” roep ik nog, terwijl ik me al in haar richting beweeg. Voor haar is een klein riviertje te zien, waarin wat leuke visjes voorbij komen. “Gaaf”zeg ik weinig enthousiast, terwijl ik naast haar ga staan. “Het is toch ongelooflijk dat zoiets op zo’n plekje zit, tussen een paar bomen?” Behoorlijk geïntresseerd kijkt Kim naar de visjes, terwijl ze door haar knieën buigt. Ik rek me eventjes uit, en kijk tussen de bomen door. “Zullen we zo weer terug gaan?” vraag ik, terwijl ik omhoog kijk. Zonder op het antwoord te wachten, draai ik me om, en stap voorzichtig op 1 van de rotsen bij het riviertje. Ik hoor nog wat piepjes van de camera, en hoor dan ook Kim over de rotsen lopen. Na een korte klim sta ik weer in het volle zonlicht, en ze de zinderde lucht boven de huizen in het park hangen. “I love this” zeg ik, terwijl ik naar de bergen om ons heen kijk. “Je bent niet de enige”hoor ik Kim zeggen, waarna ze richting de ingang van het park loopt. “Zwemmen?”vragend kijkt ze me aan, waarna ik loom knik. “Weet je Kim, dat is het beste idee wat ik deze dag gehoord heb”grijns ik, waarna ik mijn arm om haar schouder sla. Ze grinnikt even kort, en lachend lopen we het park in. Ik glimlach even vriendelijk naar de stratenmakers, die kort opkijken van hun werk. “Ik zweer je dat deze heuvel me gaat opbreken”brengt Kim al hijgend uit, en lachend kijk ik opzij. “Is goed voor je”grijns ik, terwijl ik mijn tempo expres verhoog. “Wie het laatst het zwembad induikt, kookt!”roep ik, en ren de tuin in. Snel ren ik de trap richting het zwembad af, waar ik mijn gympies uittrap, en mijn shirtje snel over mijn hoofd trek. Heel even pak ik het touwtje van mijn boardshort vast, maar spring dan snel in het water. Al snel steek ik mijn hoofd weer boven water uit. “I win”roep ik, terwijl mijn haar achterover gooi. Even later duikt ook Kim boven. “I know”grijnst ze wanneer ze mijn big smile ziet. Ik lach even lief naar haar, en duik vervolgens weer onder. Nadat ik weer boven gedoken ben, draai ik me op mijn rug, en kijk naar de strakblauwe lucht. Het is hier geweldig, zonder twijfel.
”Cause we all just wanna be big rockstars, livin’ hilltop houses, driving 15 cars” zing ik zacht, waarna ik Kim met een grijns aankijk. “Dat hilltop house hebben we in ieder geval”antwoordt ze lachend, terwijl ze even naar de berg waar we op uit kijken knikt. Met een glimlach knik ik, we hebben hier een geweldig plekje. “Je moeder heeft het zo slecht nog niet met je voor”zegt Kim, een beetje plagend. Meteen voel ik die irritatie, die zomaar opeens op kan komen, al weet ik best wel waarom dit gebeurt. “Ze is blij dat ze een paar weken van me af is hoor, kan ze haar tijd lekker aan haar nieuwe gezin besteden, zo goed heeft ze het met me voor”antwoord ik kattig. Eventjes blijft het stil. “Sorry, ik bedoelde het niet zo, oké?” hoor ik Kim zeggen. Nog steeds een beetje boos blijf ik naar de lucht staren. “Mariël?” Ik haal even diep adem. “Het is al goed, niet jouw schuld”antwoord ik, nog steeds starend naar het blauw boven ons. Hoewel ik het hier fantastisch vind, weet ik toch wel dat mijn moeder het niet heeft gedaan omdat ze me een ontspannen vakantie gunde, maar omdat ik hier niet in de weg kan lopen. Ik hoor Kim het water uitstappen, en draai me even om. Vragend kijk ik haar aan. “Ik ga beginnen met het eten, aangezien ik de Sjaak ben vandaag”zegt ze lachend, en ik grijns ook even. “Ik reken op 7 gangen”plaag ik eventjes, waarna Kim lachend haar middelvinger opsteekt. “Dahag!”lacht ze, waarna ze de trap richting de voordeur opgaat. Ik grinnik nog eventjes, en laat me dan weer onder water zakken. Vier weken Turkije, heerlijk gewoon. Het is pas onze vierde dag, en het idee dat we nog zeeën van tijd hebben hier, geeft me een voldaan gevoel.
Wanneer ik weer boven duik, kijk ik recht in het gezicht van een onbekende, niet onaantrekkelijke jongeman. Zodra onze ogen elkaar ontmoeten, verdwijnt hij snel. Even grinnik ik, terwijl ik een beetje verbaasd naar de plek kijk waar enkele seconden geleden nog iemand te zien was. Ik frons mijn wenkbrauwen kort, waarna ik het zwembad verlaat. Snel trek ik mijn shirtje over mijn nog natte bikini, en loop snel de trap op. Zonder acht te slaan op mijn blote voeten, verlaat ik de tuin en stap de weg op, op zoek naar de persoon die zo snel verdween. De weg is verlaten, en geen van de struiken naast de weg laat een zojuist genomen sluiproute. Vertwijfeld kijk ik om, hoewel ik er van overtuigd ben dat de jongen die richting niet gekozen heeft. “Hello? Somebody here?” vraag ik onzeker, terwijl ik een paar passen heuvelafwaarts zet. Ik blijf goed op de struiken naast de weg letten, op zoek naar een mogelijk verstopt paadje. Zoekend loop ik naar beneden, er moet hier iets te vinden zijn. “Searching for something?” hoor ik plots achter me, en verschrikt kijk ik om. Camiel, de opzichter, kijkt me vragend aan. “No, no, it’s okay”antwoord ik een beetje geschrokken. “ Really? Are you girls okay alone in the house?” Snel knik ik, en glimlach even. “Perfect, it’s fantastic here”antwoord ik, waarna ik Camiel nog een lief lachje schenk. “Well, when something is wrong, I am over there, or in the park somewhere” zegt Camiel, en weer knik ik. “Thank you, but we’re fine” zeg ik, terwijl ik naar het huis kijk. Camiel knikt even naar me, en loopt dan verder.
Ik kijk hem even na, en draai me dan om. Als ik al kans gehad had op het vinden van de jongen, dan kon ik de hoop nu wel opgeven. Langzaam loop ik omhoog, peinzend over de jongen. Ik kan het gewoon niet uitstaan dat ik niet weet wie hij is, wie weet hoe lang hij naar ons heeft lopen kijken, misschien ons wel heeft bestudeerd, op zoek naar geschikte inbraakplaatsen. Even lach ik, mezelf gek maken is misschien niet zo’n goed plan. In gedachten loop ik de tuin in, het park is niet openbaar, en een werknemer leek het me ook niet. Ik open de deur, en stap de hal in. In de keuken hoor ik Kim luid en vals zingen. Lachend open ik de deur. “Luid, duidelijk en vals plaag ik”, waarna Kim me een theedoek toegooit. “Er is nog altijd iemand nog slechter”antwoordt ze plagend, en lachend steek ik mijn tong uit. “Je hebt me nooit verteld dat je een tweelingzus had”. Grijnzend kijk ik haar aan. “En jij hebt mij nooit verteld dat wij familie waren”antwoordt ze net zo vals terug. Ik steek mijn tong uit, en draai me om. “Ik ga eventjes iets droogs aantrekken, moet ik je zo even helpen?” vragend kijk ik over mijn schouder.Kim schudt haar hoofd. “Had ik maar sneller naar het zwembad moeten rennen, toch?”vraagt ze lachend. Grinnikend knik ik, en loop dan naar de hal. Loom loop ik de trap op, terwijl ik mijn shirtje vast over mijn hoofd trek. Halverwege bedenk ik me, en draai me om. Snel loop ik de trap af, en open de deur. Turend naar de weg pak ik Kims gympen van de stoep, en trek ze aan. Vervolgens loop ik de tuin weer uit, zoekend om me heen kijkend. Ik loop de heuvel af, en sla 1 van de wegen van het park in. Het is rustig in het park, voor deze tijd van het jaar, er zijn maar weinig huizen bezet, wat duidelijk te zien is. Aan het eind van het weggetje loopt een paadje, slingerend tussen de bomen door, omhoog. In een rap tempo begin ik te lopen, terwijl ik goed op de omgeving let.
Na een minuut of 5 kom ik op een onbegroeid stuk uit, waar ik even blijf staan. Met mijn handen in mijn zij kijk ik peinzend om me heen. Ik kan er gewoon niet bij dat ik niet weet waar die jongen langs gegaan is, en wie hij überhaupt is. Ik bijt op mijn lip, en plaats mijn handen in mijn zij, kijkend naar het park. Er moet iets te vinden zijn. “Can I help you?” Ik slaak een korte gil, en draai me met een ruk om. “Wil je me dood hebben ofzo?” schreeuw ik geschrokken, kijkend in de grote, verbaasde ogen van Camiel. “I’m sorry Madam, but I saw you go here, it’s not safe alone to go”brengt hij in zijn gebrekkige engels uit. “It’s okay”antwoord ik, terwijl ik een hand door mijn haar haal. “Come with me, I take you to the houses”zegt Camiel, en loopt voor me uit, het paadje af. Zuchtend volg ik hem, Camiel is oplettend, maar hij is ook erg opdringerig. Camiel loopt stevig door, en af en toe moet ik een stukje rennen om hem bij te houden. Al snel staan we weer voor het huis. “The house is safe for you, stay there”zegt hij, en wijst naar het huis. Ik knik, en loop de tuin in. Camiel was aardig, misschien zelfs wel iets te. “Thanks”roep ik nog, en open dan de deur. Nog 1 keer zwaai ik naar hem, en loop dan naar binnen.