Ik heb weer een nieuw stukje af, ik heb geprobeert het verhaal gedetaileerder te maken en aan het einde ging dat behoorlijk goed. Ik ben benieuwd wat jullie er van vinden
Citaat:
De volgende ochtend ben ik vroeg wakker, ik kijk op mijn wekker en zie dat het pas 05.24 uur is. Hoe hard ik ook probeer maar ik kom niet meer in slaap en om 06.04 uur besluit ik om toch maar alvast uit bed te gaan. Ik kleed me aan en ga naar beneden.
Daar pak ik een boterham en loop naar de hooischuur, ik zie dat de deur gisteravond niet was afgesloten. Ik doe de deur open en loop naar de andere kant, de deur daar door en de stallen in. Het zijn buitenstallen maar via een gang binnen kan je er ook komen. Ik loop naar het einde van de stal en ga via daar de wei in. Het is na over het hek klimmen de makkelijkste manier om in de wei te komen. Maar de buitendeur van de stallen krijg je alleen open met een speciale sleutel of van binnenuit.
Ik laat de deur open en maak de stallen van Ringo en Mira open. Ze lopen naar buiten en vallen meteen op het gras aan, ik kijk nog even naar de baal hooi die er ligt en kom tot de conclusie dat die wel weer eens bijgevuld mag worden. Ik bedenk dat ik dat na het uitmesten van de stallen zal doen.
Snel schep ik de drollen uit de stallen en breng ze naar de mesthoop, dan haal ik de natte plekken eruit en gooi die ook op de mesthoop. Ik loop weer naar de hooischuur en pak een baal stro, de ene helft leg ik in de stal van Mira en de andere helft in de stal van Ringo. Snel nog even de baal hooi aanvullen en dan lekker op pad.
Ik loop het huis weer binnen en begin mijn lange bruine haar op te borstelen tot een paardenstaart, die draag ik altijd als ik met paarden ga werken. Nog even roep ik mijn moeder die intussen ook wakker was geworden dat ik een buitenrit ga maken. “Wacht even” riep mijn moeder terug “ik ga met je mee.” Ik ga naar de woonkamer en plof op de poef en zak er half in weg.
Ik wacht een minuut of vijf en sta dan op want ik hoor mijn moeder naar beneden komen. Snel pak ik mijn nieuwe cowboylaarzen, en doe mijn hoed op. Vlug ren ik naar buiten, en loop naar het schuurtje om het zadel en hoofdstel van Ringo te pakken. Daar zie ik ook mijn moeder staan. Ik wens haar goedemorgen en pak Ringo zijn spullen. Ik hang ze op het hek bij het weiland en loop naar Ringo toe.
Aan zijn huid was te zien dat hij weer had liggen rollen, hij was meer zwart dan wit. Ik deed hem zijn halster om en maakte het fel gekleurde halstertouw eraan vast. Ik zag dat Mijn moeder er nog niet was en nam dus ook Mira mee aan haar halster, ze scheen dat altijd om te moeten hebben ook al weet ik niet waarom.
Ik ben soms best jaloers als ik Mira vergelijk met Ringo. Mira is een prachtige KWPNer met een pikzwarte vacht, en Ringo is een zwart gevlekte Paint horse. Ik zou voor geen goud willen ruilen maar zoals Mira soms liep was gewoon prachtig om te zien.
Mira liep met mijn moeder in het ZZ zwaar en ze waren een geweldig team. Ringo en ik hadden alleen nog maar aan onderlinge wedstrijdjes op de manege mee gedaan, en Ringo liep niet altijd even ontspannen.
In gedachte verzonken begon ik Ringo te roskammen en langzaam maar zeker kreeg hij zijn witte vacht met zwarte vlekken terug. Na zeker 10 minuten kon ik eindelijk met de hoeven beginnen, en het duurde niet lang voordat ik het zadel erop kon leggen. Deze keer had ik een pad gepakt met de Amerikaanse vlag erop.
Het hoofdstel is nieuw en moet dus nog op maat gemaakt worden. Na wat gepriegel zit het goed, nog snel de bandages om de benen doen, en ik ben klaar om te gaan. Ik zie dat mijn moeder ook klaar is, dus maak ik de singel nog een gaatje strakker, en stap op.
Naast mijn moeder stappend zit ik diep in gedachten verzonken. Ik vraag me af wat ik te zien zal krijgen, een grote manege vol met prachtige westernpaarden of juist net een ouder vervallen stal met een paar paardjes erin. Ik vraag mijn moeder of ze er iets over weet. “Er is een website, die zal ik dadelijk even opschrijven en dan kan je zien hoe het eruit ziet” antwoord ze.
Na een tijdje zijn we eindelijk in het bos, het is een groot bos met in het midden een meer waar je in de zomer kan zwemmen. Ook worden er het hele jaar door feesten gegeven waar mensen optreden en het veld wat er achter ligt wordt regelmatig door een manege gehuurd voor wedstrijden.
Als we in het bos zijn hoor ik iets ritselen achter de struiken, zal wel weer een vogeltje zijn, die zitten hier een heleboel. Dan schiet er onverwacht een vos uit de struiken, Ringo met zijn kalme karakter doet een paar onrustige stapjes, maar Mira begint te stijgeren en bokken, mijn moeder valt eraf en ze rent het bos in…
“Ga achter Mira aan, snel.!”hoor ik mijn moeder roepen. Snel spoor ik Ringo aan die meteen reageert, hij schiet in galop weg. Ik houd hem bijna niet, en ik zie dat we op Mira beginnen in te lopen. Maar dan gebeurt het ergste wat je op dat moment voor kan stellen… Ringo struikelt…
“Melissa..? Melissa wordt eens wakker” hoor ik mijn moeder zeggen… Ik probeer mijn ogen open te doen maar ik zak steeds weer weg, alsof ik probeer naar de oppervlakte te zwemmen wat niet lukt. Ik geef er na een tijdje maar aan toe.
Als ik mijn ogen weer open doe zie ik mijn moeder naast mijn bed zitten, ze heeft gehuild zie ik. “Melissa, hoe voel je je?” hoor ik haar vragen. Ik wil antwoord geven maar de woorden komen niet uit mijn mond. Ik zak weer weg…
Als ik weer wakker wordt voel ik me veel beter. Ik ben alleen en lig in een donkere kamer, daardoor kan ik niet zien waar ik ben. Ik bedenk me dat ik beter kan gaan slapen en sluit m’n ogen weer.
Als ik mijn ogen open doe zie ik dat het weer licht is, ook zie ik dat ik in het ziekenhuis lig. De muur hangt vol met kaartjes en zowat alle kasten staan vol met bloemen. Ook hangt er een tv, en een stuk of 5 ballonnen.
Ik zie een zuster binnen lopen en vraag wat ik hier doe. “Je bent met je paard gestruikeld, en daarbij heb je je arm en been gebroken, en je hebt een paar ribben gekneusd” geeft ze als antwoord. Dan gaat ze weer weg, en zit ik weer alleen.
Half dromend lig ik me een beetje te vervelen, ik kijk zo af en toe naar buiten als ik iets hoor. Ik zie een aantal keer een helikopter vertrekken en weer terug komen, dan rennen er meteen mensen op af om te helpen. De fel gele helikopter is prachtig, en steekt mooi af tegen het grijze asfalt.
Dan hoor ik iemand binnen komen, het is mijn moeder. Ik vraag meteen hoe het met Ringo is. “Ringo had bij de val zijn nek gebroken en moest worden afgemaakt” hoor ik mijn moeder stotterend vertellen. Ik voel de tranen achter mijn ogen branden, Ringo was een pracht paard, mijn maatje, mijn kameraad. Ik kon alles met hem delen, hij luisterde altijd geduldig, en was nooit vervelend.
Ik hoor in de verte mijn naam maar reageer niet. Ik lig met mijn kussen over mijn hoofd, en met mijn ipod hard, te huilen. Mijn wereld is ingestort, uit elkaar gevallen, totaal kapot. Wat bezielde me toen ik als een gek achter Mira aan ging, ik wist toch dat het bos vol met kuilen zat…
Ik zet mijn ipod uit, ik vang een muziekje op, op een gitaar gespeeld… Ik herken de melodie en de tekst. Mijn favoriete nummer, Place To Hide van Lucie Silvas. Jessie en ik hadden dat liedje een tijdje geleden ingestudeerd voor een bonte avond op schoolkamp. Jessie speelde de gitaar en ik zong. Uiteindelijk hadden we een ander nummer genomen want ik kon wel op het keyboard spelen, maar niet zingen. We kregen er bijna ruzie om… Er verschijnt weer een kleine glimlach op mijn gezicht. Dat was toen een geweldige tijd…
Als ik op kijk zie ik Jessie op een stoel zitten met haar gitaar, zachtjes zing ik mee als het nummer weer opnieuw begint. “If you’re lonely anytime, you can talk to me. When you have trouble on your mind” zing ik zachtjes. Ik zie Jessie lachen, we hebben dit lied zo vaak samen gezongen. De muziek vult de hele ruimte en ik luister er met volle aandacht aan. Als ze stopt hebben mijn ogen zich weer met tranen gevuld.