als ik vertel
dat de hemel niet bestaat
en de hel
slechts een verzinsel is
zou je me geloven?
of zou je lachen en vragen
of de wereld die wij bewonen
dan de enige is?
als ik verklaar
dat elkaar vergeven
als een doornomaal gebaar
de enige uitweg is
zou je dan voor een keer
willen overwegen
dat de waarheid
misschien eenmalig voor het grijpen ligt?
Ik stoor me aan het feit dat de laatste strofe net iets anders is dan de overige drie howel het misschien ook iets ''extra's'' geeft aan het gedicht.
edit: typfout eruit gehaald