[VER] De vloek van Asernazia.

Moderators: Essie73, NadjaNadja, ynskek, Polly, Telpeva, Muiz

Toevoegen aan eigen berichten
 
 
Felinde

Berichten: 1178
Geregistreerd: 12-09-05
Woonplaats: Manchester

[VER] De vloek van Asernazia.

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 10-09-06 20:08

Hey,

Een tijdje geleden heb ik dit verhaal getypt voor school. Dacht dat het misschien leuk was om het op Bokt.nl te zetten Lachen Een vervolg zal er niet meer van komen, dit is het hele verhaal.

Veel plezier met het lezen! Haha!

Citaat:
De vloek van Asernazia

Ik werd wakker, na een nacht heerlijk gedroomd te hebben. Ik droomde dat er een wereld was, waar geen mensen meer waren, en alleen maar dieren. Ik was koningin van de dieren. Ik regeerde over de wereld. Alle dieren luisterden naar mij.. hielden van mij.. van mij alleen. Toen ik wakker werd, voelde ik me bijzonder.. gelukkig.. door die mooie droom. Ik stapte uit bed, en ging naar de badkamer. Snel waste ik mezelf, deed mijn lenzen in, en mijn kleren aan. Dan zie ik uit mijn ooghoek iets zwarts op de grond liggen, ik kijk erna. Dan zie ik een hoopje zwarte haren liggen.. vreemd. Onze kat verhaard toch nog niet? Dan ga ik naar mijn kamer om mijn schooltas te pakken. Als ik beneden kom, is alles stil.. vreemd. Mijn vader is er niet, mijn moeder niet, mijn broer en zusje ook niet… vreemd, erg vreemd. Als ik mijn brood gesmeerd heb, stap ik op de fiets. Vier katten, een zwarte en een blonde, een rode en een grijze, zitten op het muurtje naast ons huis. Ze kijken me aan. Ergens zie ik een vergelijking tussen mijn familie, maar ja... dat kan dus niet hé? Zij zijn mensen, geen katten! Nog steeds nadenkend stap ik op mijn fiets en ga richting school. Onderweg kom ik helemaal niemand tegen… zou er wat zijn of zo? Op school aangekomen zie ik ook al niemand. Geen leerlingen, geen leraren, en zelfs Suzzy is er niet! (voor het geval je het nog niet wist, Suzzy is iemand waar ik een bloedhekel aan heb..) Dan zie ik een haan lopen. Meteen moet ik aan onze leraar biologie denken.. die vind hanen zó leuk! Ook zie ik nog verscheidene andere dieren rondlopen, een geit (mijn lerares engels?), een groot, gitzwarte fries paard (mijn gymleraar, tevens mijn mentor?) een stier (de conciërge?), een schildpad (mijn leraar natuurkunde?), een schaap (heeft wel wat weg van het schoolhoofd..), en tenslotte ook nog een grote grijze ezel, het beest heeft behoorlijk veel weg van mijn leraar wiskunde. De dieren gingen om mij heen staan en kijken mij met hun doordringende ogen aan. Plotseling hoorde ik een stem in mijn hoofd. De stem van… mijn gym leraar! ‘’hoi Arya. Je moet ons helpen’’ klonk het. ‘’wij zijn, net als alle andere mensen veranderd in het dier waar wij het meeste op lijken. Jij niet.. je moet naar Egypte toe, en de Tombe van Asernazia opzoeken. Zij heeft vandaag precies 2500 jaar geleden een vloek uitgesproken, dat alle mensen die nu zouden leven, in het dier waar ze het meeste op leken werden veranderd.’’ Sprak hij. ‘’verlos ons van de vloek door haar hart, welke nog steeds rood van het bloed ziet, eruit te snijden met een kristallen dolk, gemaakt van het fijnste zand, gemaakt door de Vrouwe der Winden, in het groene vuur van Imothep te gooien.’’ Maar waar vind ik het groene vuur van Imothep dan? ‘’Die kun je ten Zuiden van de Tombe van Asernazia vinden. Daar waar het ochtendlicht van het eerste uur een lotusbloem tekent op de grond.

Zo ging ik dus op weg, met alleen een fles water, 6 marsen, een slaapzak, een pan, een zakmes en wat extra kleding mee. Van Nederland ging ik naar Duitsland, Italië en toen na 2 weken reizen, eindelijk in Egypte. Daar waar het heet en droog was.

Nu was ik dus in Egypte. Maar hoe kon ik Asernazia’s tombe nu vinden? Toen herinnerde ik de woorden van mijn gymleraar.. ‘’Asernazia’s tombe kun je vinden door goed te luistenen naar de wind. Zij brengt het ruisen van het bloed in Asernazia’s hart mee. Volg de wind. Zij zal je naar haar toe brengen.’’ En zo ging het. Ik voelde, hoorde de wind. Ik volgde haar.. en hoorde het ruisen steeds luider worden. Ik wist dat ik op het goede pad was. Na 1 week met de Vrouwe der Winden mee te gaan, fluisterde zij met haar knisperende stem: ‘’Arya… mijn volgeling.. 7 dagen lang heb jij mij met een trouw hart gevolgd, daarvoor wil ik jou belonen. Neem dit mee, een gift van de Wind.’’ Plotseling voelde ik iets zwaars in mijn hand. Ik keek ernaar, en zag de mooiste dolk die ik ooit gezien had in mijn hele leven. Vol bewondering keek ik er na. Het was zwaar beladen met fonkelende diamanten en saffieren. Het glansde mij tegemoet.
Op het zelfde moment zag ik een reusachtig gebouw voor mij opreizen. Het was van gitzwart onyx gemaakt, en in de pilaren waren turquaasen ter grote van een voetbal geplaatst. In het midden van de voorgevel stond: Tombe van Asernazia. Vol ontzag keek ik erna. Een deur ging open… ik ging naar binnen.. maar er was niemand! Ik pakte een brandende fakkel van de muur. Toen zag ik drie deuren. Boven de linker deur stond; ‘’De gr… van… E..ka.hn…. en de rest was vervaagd door de tijd. Boven de rechter deur stond: ‘’Hier ligt Oramis, de houder der Smarten’’, en boven de middelste deur stond iets in de muur gekrast. Runen, welke ik jammer genoeg niet lezen. Ik besloot om de middelste deur maar open te doen, en de kamer binnen te treden. Toen ik de deur achter mij sloot, gingen er plotseling allerlei fakkels aan, mat een lichte paarse gloed. De kamer was rond, met in het midden een grote rots. Op de punt zat een groot zwart iets. Ik keek beter, en zag het licht op en neer bewegen. Plotseling hoorde ik een harde stem: ‘’wie durft hier binnen te treden?’’, ‘’Ik ben Arya’’ zei ik terug. ‘’wat doe je hier’?’’ vroeg de stem. ‘’Ik kom hier om de vloek van Asernazia op te heffen.’’ Zei ik weer. Een luid gelach weerklonk door de kamer. ‘’jij? Jij bent niks anders dan een klein vliegje, welke zich voordoet als een edelmoedig strijdros! En na die woorden sloeg de draak zijn machtige vleugels uit, en vloog naar mij toe. Hij lande vlak voor mij, en bracht zijn oog tot op mijn ooghoogte. Met vlammend rode ogen keek hij me doordringend aan. Arya.. zei hij. Weet jij wel wat die naam betekent? Nee, zei ik. Maar ik zou het wel graag willen weten, als dat zou kunnen. Ja, zei de draak. Ik weet het. Arya betekent hoedster der Draken. Een zeer bijzondere naam, welke nog maar een keer is gegeven. Het is een zeer bijzondere en krachtige naam. Wees er trots op. Met die woorden vloog de draak weer naar de top van de berg. Nog eenmaal keek hij naar beneden, en zei:’’Vaarwel Arya, hoedster der Draken. Moge de sterren over je waken, en hun geluk op jou neerdalen. Ga nu, en redt de wereld met al zijn mensen van hun noodlot. Maar neem dit eerst aan. Een gift van de Draken.’’ Voor mij verscheen uit het niets een fraai helder wit paard met een lange, vlijmscherpe hoorn op zijn hoofd. Het dier droeg een zadel van rozenrode zijde met donker leer, en een hoofdstel van het puurste zilver. Toen draaide ik mij om, pakte de teugels en ging weer door de deur. Ik stond weer in de hal, voor de drie deuren. De middelste had ik nu gehad. Welke zou ik nu doen? De rechter dan maar. Ik deed de krakende deur open. Meteen gingen er, net zoals in de vorige kamer, ineens allemaal fakkels aan. Dit keer met een fel blauwe gloed. Het was een kleine, vierkante kamer, met in het midden een graftombe. Ik liep erheen, en las de beschrijving op de deksel. ‘’hier ligt Oramis, de houder der Smarten. Schend dit graf, en er zal eeuwige verdoemenis op u vallen.’’ Hmm.. erg griezelig dacht ik. Ik keerde mij om, en liep de kamer weer uit. Toen was het toch echt tijd om de linker deur open te doen. Ik nam het dier mee de deur door. En kwam in een donkere grot terecht, waarvan ik het einde niet kon zien. Ik stapte op het paard en reed weg. Nog steeds kon ik het einde niet zien, terwijl ik toch echt al 3 uren op het paard reed. Toen ik toch echt vermoeid was, besloot ik maar te rusten, iets te eten, het paard, welke ik maar Cadoq had genoemd, te verzorgen, en wat te slapen.

Toen ik wakker werd, lag Cadoq tegen mij aan, zodat ik het lekker warm had. Ik bedankte hem daarvoor, ook al bergreep hij het waarschijnlijk niet. Ik at nog wat, zadelde Cadoq weer op, en reed weer verder. Na een uur of 5/6 gereden te hebben, kwam ik weer bij een andere deur aan. De deur was van puur pyriet gemaakt, en fonkelde alle kanten op. Ik zag nergens een deurknop, wat erg vreemd was. Ik vroeg hardop aan mijzelf hoe ik dit nou open moest krijgen. Toen liep Cadoq op de deur af, en raakte de deur met het topje van zijn hoorn aan. Het pyriet begon langzaam aan te smelten, zodat wij door de opening heen konden. Toen we in een donkere kamer stonden, waar de lucht erg vochtig aanvoelde, begon Cadoq erg onrustig te snuiven. Ik kalmeerde hem, door hem steeds op zijn hals te aaien, en rustig tegen hem te praten. Dit hielp gelukkig wel.

Met een lucifer stak ik mijn fakkel, welke inmiddels was gedoofd, weer aan. Toen het eerste vonkje op de fakkel oversprong, begonnen er plotseling een hele rij fakkels aan de muur te spontaan te branden. Samen verspreiden zei een fel groene gloed door de kamer heen. Nu kon ik de kamer mooi bekijken. Het was een hele grote vierkante kamer, met een koepelvormig dak. De muur was uit spiegelgladde donkere speksteen gehakt, en bezet met grote brokken amethist. De vloer bestond uit verschillende plateaus, en liep als een trap naar boven. Ik bond Cadoq aan een uitstekende brok amethist vast, en liep de plateaus op. Eenmaal bovenaan, kwam ik op een balkon terecht, welke uitzag op een hal bestaand uit puur diamant. In het midden van de hal, stond weer een graftombe, opgetrokken uit appelgroene chrysopaas. Aan mijn rechterkant liep een trap naar beneden. Toen ik bij de graftombe stond, las ik de inscriptie op de tombe: ‘’hier ligt Asernazia. Zij die heerst over het dal der zielen , de edelstenen, en de duistere magie. Zij die zichzelf een eeuwig leven wou geven, maar slechts een hart heeft dat nu nog leeft. Op die dag van haar waanzinnigheid, heeft zij de mensheid vervloekt, en over 2500 jaar precies, zal deze uitkomen.’’ Ik bleef nog even staren, en bedacht me hoe ik dat zware deksel eraf kon krijgen. Vermoeid nam ik een paar stappen terug, en ging op de vloer zitten, om even wat uit te rusten. Na een tijdje stond ik op, om het maar gewoon met brute kracht te proberen. Dit lukte! Ik snapte niet hoe, maar meteen met de eerste zet, rolde het deksel opzei, en zag ik het lijk van Asernazia. Het was in zijden lappen gewikkeld, en straalde op een vreemde manier, kracht uit. Opeens hoorde ik het ruisen van het bloed weer, maar dit keer ook de hartkloppingen. Al een paar dagen had ik het niet meer gehoord, maar dat kwam omdat ik het geluid had buitengesloten. Voorzichtig verwijderde ik de lappen, en zag het lichaam. Een bloedmooie vrouw, met lang, krullend haar als mahoniehout. Haar huid was perzikkleurig, en haar lippen zo rood als rozenblaadjes. Ze was gekleed in een witte, zijden jurk met zilveren stiksels. Ik kon me niet voorstellen dat ze hier al 2500 jaar lag. Zo mooi, zo… vers. Het leek gewoon alsof ze lag te slapen, maar ze ademde niet. Voorzichtig pakte ik haar bovenlichaam op, kleedde haar uit, en legde haar weer neer. Toen kwam iets waar ik heel erg tegen op zag. Het verwijderen van haar, nu nog kloppende hart.

Ik pakte de dolk, en sneed haar huid ermee open. Ik zag haar hart kloppen, en moest overgeven. Toen ik weer wat bijgekomen was, ging ik verder. Voorzichtig sneed ik het hart eruit, en stopte het in een zilveren doos. Toen ik nog een blik op haar wou werpen, zag ik alleen nog maar oude, grijze botten liggen… ik schrok, en berouw vulde mijn geest. Ik had haar vermoord… vermoord… moord… Plotseling werd het zwart voor mijn ogen. Toen ik bijkwam, herinnerde ik mij weer wat ik had gedaan..bah! Maar goed. Het was voor de wereld. Ik klom de trap weer op, liep de plateaus af, en pakte Cadoq bij zijn teugels. Toen we weer in de grot waren, klom ik op Cadoq, en liet hem in volle galop wegrennen.

Na een tijd gereden te hebben, was ik weer erg moe, en liet Cadoq halt houden, om wat uit te rusten. Ik ging op de vloer zitten, en Cadoq kwam naast mij staan. Hij legde zijn snoet op mijn schouder. Zo bleven we een tijdje voor ons uit zitten te staren. Dan besluit ik nog maar wat te eten, en wat te drinken. Daarna klom ik weer op Cadoq.

Eindelijk kwamen we weer bij de deur. Ik stapte af, leidde Cadoq naar de deur, deed hem open, en weer dicht. Toen we eindelijk buiten waren, en weer frisse lucht in konden ademen, waren we allebei gelijk weer een stuk fitter. Ik spoorde Cadoq aan tot galop. En reed naar het zuiden.

Twee dagen was ik onderweg geweest, toen ik bij een kleine oase kwam. Ik liet Cadoq voorzichtig drinken, vulde mijn waterflessen bij, en waste mezelf. Wat erg verfrissend was, na die lange tochten in de woestijn, en in de grotten van Asernazia’s laatste rustplaats.
Ik bleef nog een dag en een nacht bij de oase, en kwam weer helemaal tot rust. Toen ik weer op Cadoq stapte, merkte ik een glimp van iets op te vangen. Ik keek, en zag in de verte een stofwolk aankomen. Toen ik nog een keer wat beter keek, zag ik dat het een groepje ruiters was. Ze droegen glimmende helmen, en reden op zwarte paarden met harnassen om. Ze hadden allemaal tig dolken aan hun zijde hangen, en reden met angstaanjagende snelheid op me af. Steeds kwamen ze dichterbij.. en dichterbij. Toen ze op 40 meter nog steeds als gekken op me afkwamen, besefte ik maar eens, dat ik ook maar eens met een vliegende vaart moest weg rijden. En dat deden we. Toen ik Cadoq voor het eerst helemaal liet gaan, leek het wel alsof we vlogen. Zo snel..Maar nog steeds zaten de mannen achter ons aan. Ze leken ons aardig bij te kunnen houden. Toen ik toch wel erg bang was, dat Cadoq er bij neer zou vallen, besloot ik maar te stoppen. Toen de mannen op 10 meter voor ons stopten, en mij aankeken, voelde ik mezelf groeien. Ik keek hun aan… en zij keken terug.Ze waren met zijn drieën. Van het ene op het andere moment, stormde iemand op me af. In een tel was hij bij me, klaar om een mep te geven, met een lang zwaard. Hij hief zijn zwaard op, en sloeg. Maar hij raakte me niet. Een energiebarrière keerde zijn slag, en hij keek me stomverbaasd aan. Stomverbaasd… maar wel met een verwonderde blik…zijn mond zakte open, en ging weer dicht. Stil reed hij weg. Toen hij weer het groepje stond, fluisterde hij iets in de oor van een man, wie blijkbaar hun leider was. Het volgende reedt de man op mij af, steeg af, en viel op zijn knieën. Zo bleef hij enkele minuten zitten, en stond toen weer op. Hij keek me aan, en zei toen; ‘’Mijn naam is Golang. Dat is Curzha, en dat is Galbatorix. Wij zijn de rijders van de woestijn. Vele jaren zwerven wij hier al rond, zonder ooit iemand tegen gekomen zijn, welke onze zwaarden konden weerstaan. Daarom zullen wij ons aansluiten bij jou, maar eerst zullen wij tegen elkaar vechten’’. En zo ging het. Ik kreeg het zwaard van Galbatorix.. Het was een mooi zwaard, niet al te licht, niet al te zwaar, en met prachtig ingezette robijnen. Ik ging tegenover Golang staan, en ging in de verdedigingshouding staan. Golang haalde uit, en ik keerde zijn slag. Daarna volgde een reeks aanvallen, en ik ontweek ze allemaal. Zo ging het 2 uren door. Toen Golang toch wel erg moe werd, en zijn slagen minder krachtig werden, veranderde ik van positie, en nam de aanvalshouding aan. Ik haalde uit, en sloeg, tot mijn verbazing, met een slag Golang’s zwaard uit zijn handen. Verbaasd stonden we te kijken. Het gevecht was gedaan. Ik was de winnaar, en een raar vreugde gevoel trad binnen in mijn gevoelens. Ik, welke voor het eerst een zwaard beet hield, had zojuist iemand verslagen, welke met het zwaard in zijn handen geboren was. Nog steeds staarde Golang naar zijn lege hand, en keek toen naar mij. ‘’Je hebt ons respect verkregen door mij te verslaan. Je moet weten, dat jij de eerste in 100 jaar bent, welke mij verslaat.’’ Toen pakte hij zijn zwaard van de grond af, liep hij naar z’n paard, gespte het zwaard aan het zadel vast, steeg op, en ging naast de andere twee staan. Toen voelde ik iets tegen mijn rug aan. Het was Cadoq, ik gaf hem een aai en steeg ook op. Ik reed naar het groepje toe, en keek naar hun. Toen vroegen ze: ‘’Waar gaan we heen?’’ waarop ik antwoordde: Naar het groene vuur van Imothep. En we reden in volle galop naar het Zuiden. Drie dagen lang reden we achterelkaar aan, met soms een kleine pauze van een uur. Op de vierde dag kwamen we weer bij een soort tempel aan, alleen wel 2 keer zo groot als die van Asernazia. Toen ik het gebouw beter bekeek, zag ik dat het geheel helemaal uit smaragden bestond. Omdat het al laat in de middag was, besloten we voor de tempel te overnachten. We maakten een kampvuurtje, in een hoekje van voorplaats van de tempel. Toen we het eten op hadden, welke bestond uit gedroogde dadels, perziken, en een soort brood, besloten we om te gaan slapen.

Met het eerste ochtendlicht werd ik wakker, en keek verbaasd om me heen. Waar was ik nou?? Ooh jah. Ik was de wereld aan het redden. Dat was waar ook. Ik stond op, en zag dat de mannen ook al wakker waren. Ze zaten met bekers in de hand, voor het voor. Ze waren aan het praten in een vreemde taal, welke ik verrassend genoeg ook verstond. Ik stond op, en liep naar het kampvuurtje toe. De mannen waren gelijk stil, toen ze mij zagen. Toen ik tegen hun begon te praten, verscheen er een verbaasde uitdrukking op hun gezichten. Toen ik vroeg wat er aan de hand was, zei Golang: Hoe komt het dat jij in onze taal spreekt? Waarop ik antwoordde: Deed ik dat dan? Ja dus, zei Golang weer. Plotseling begon iedereen te lachen, en was de stemming in eens een stuk ‘’luchtiger’’ Welke erg goed aanvoelde. Nadat we ontbeten hadden, besloten we om de tempel in te gaan. Daar binnengekomen, viel het me gelijk op, dat er een zware, parfum achtige geur in de lucht hing. We liepen een lange, hoge hal door. Waar we aan het einde twee deuren vonden. We kozen voor de linker deur, omdat daar een vel groene vlam in stond gegraveerd. Toen we door de deur heen waren, stonden we weer en een hal. Hij was zwak verlicht met lichtgroene brandende toortsen. Weer liepen we door, en weer kwamen we bij een deur. Toen we de deur open wouden doen, bewoog deze geen centimeter. Na een paar keer geprobeerd te hebben, hielden we maar op. Er was echt geen beweging in te krijgen. Daarom nam ik een paar stappen achteruit, en bekeek de deur nogmaals. De deurklink, gemaakt van een soort steen, welke ik niet herkende, sierde de deur. Toen ik met mijn vinger tegen het gaatje drukte, ging de deur open! De mannen kwamen snel aangelopen, en gingen na mij door de deur heen. We kwamen in een mooie, ruime hal, met in het midden een altaar, waarop een groen vuur brandde. Het vuur van Imothep. Voorzichtig liep ik erheen, het zilveren doosje met Asernazia’s hart in mijn handen omklemmend. Toen we bij het vuur stonden, deed ik het doosje open, en pakte met de kristallen dolk, het hart op. welke nog steeds lichtjes klopte. Ik bekeek het nog even, en gooide het toen in het vuur. Een grote steekvlam ontstond, en een krijsende stem galmde door de hal. Ik realiseerde dat het de laatste kreet van Asernazia was. Plotseling begon de grond heen en weer te schudden, en stof viel naar beneden. Snel pakte Golang mij bij mijn arm, en trok me mee. De tempel stortte in!

Zo snel als we konden renden we door de gangen heen. Toen we net buiten waren, stortte de tempel onder een luid gekraak en gebulder in. Een enorme stofwolk raasde over ons heen. Toen alles weer normaal was, en we weer om ons heen konden kijken, was erg geen spoor meer van de tempel te bekennen.

Plotseling schoot ik wakker door mijn wekker. Het was 7 uur, tijd om van bed af te gaan. Ik had heerlijk gedroomd over een wereld waar ik de enigste mens was, en de rest allemaal dieren waren. Ik liep naar de badkamer, en deed mijn lenzen in. In mijn ooghoeken zag ik iets zwarts liggen, wat wel op haar leek. Toen ik klaar was met ontbijten, en op mijn fiets zat. Keek ik nog eens achterom. Op het muurtje voor ons huis zaten vier katten. Een zwarte en een blonde, een rode en een grijze. Ze lijken wel wat op mijn familie is de eerste gedachte die bij me opkomt…..


..Einde..



Het verhaal telt 3630 woorden, en 19802 tekens (inclusief spaties)

Nogmaals, er komt geen vervolg meer op Knipoog

Wat vonden jullie ervan? Lachen

JoSav

Berichten: 4768
Geregistreerd: 08-02-05
Woonplaats: Verweggistan

Re: [VER] De vloek van Asernazia.

Link naar dit bericht Geplaatst: 11-09-06 14:25

Je wisselt nogal veel van tijd en dat is toch echt best storend. Verder val je ook erg in herhaling. Shift F7 bestaat niet voor niets! Overigens maak je ook verkeerde samentrekkingen, af en toe. Je omklemt iets niet in je handen. Je klemt het in je handen of je handen (of vingers, of wat ook) omklemmen het.

Wat ook heel erg vaak gedaan wordt (je moest eens weten HOE vaak) is een verhaal te laten beginnen en/of eindigen met het ontwaken van de hoofdpersoon.

Toch vind ik het zeker geen slecht verhaal, begrijp me alsjeblieft niet verkeerd! Er is alleen best ruimte voor verbetering. Nederlands is van zichzelf al een best passieve taal, dus het is erg moeilijk een goed verhaal in het Nederlands te schrijven. Dingen als '(en) toen' of '(en) dan' halen de vaart uit je verhaal en geven het een niet heel serieuze uitstraling.

Toch vind ik ook het idee erg leuk. Avonturenverhalen zijn immers een goede reden om thuis te blijven met een kop chocolademelk. Ik begrijp dat het bedoeld is als een kort verhaal maar het is jammer dat je niet ingaat op bepaalde dingen, die de spanning zeker verhoogd zouden hebben. Ondanks de vele punten die ik aanstip (er zitten ook wat spelfoutjes in) vind ik het helemaal niet slecht, ik vond het zelfs wel leuk om te lezen. Let op overgangen en symboliek, word je daar bewust van in een verhaal, dat geeft het al heel wat meer diepte. Verder mag je van mij zeker blijven schrijven, het zit best in je!

Felinde

Berichten: 1178
Geregistreerd: 12-09-05
Woonplaats: Manchester

Re: [VER] De vloek van Asernazia.

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 11-09-06 16:37

Hey,

Heel erg bedankt voor je reactie, ik kan me ook erg goed vinden in je commentaar, maar goed.. het was dan ook het allereerste verhaal, welke ik geschreven heb. Voorheen heb ik nog nooit zoites gedaan Bloos

Nogmaals bedankt! Haha!

missyissy
Berichten: 623
Geregistreerd: 11-07-06
Woonplaats: boven de rivieren.

Re: [VER] De vloek van Asernazia.

Link naar dit bericht Geplaatst: 11-09-06 16:38

ik vind het wel een mooi verhaal ik heb niet veel verstand van maar vind het wel mooi