ik ben begonnen met een eigen boek te schrijven,
maar mijn vraag is wat jullie ervan vinden,
wees eerlijk

hier is het verhaal ( hoofdstuk 1)
Hoofdstuk 1
Tess stapt haar bed uit, vandaag, een gewone dag, als alle andere. Ze loopt naar beneden, stopt even, en denkt na of ze wel gewenst is daar, of hebben papa en mama alweer ruzie?
Ze loopt weer door, als ze de keuken binnenstapt is ze opgelucht.
“Hoi mam, is papa al weg?” Vraagt Tess. “Ja, hij moest er eerder zijn, hij had een Beurs vandaag.”
Ze pakte een cracker met kaas, en een glas melk, en keek naar buiten, zondag was de grote dag, de wedstrijd met Lucky, ze was benieuwd hoe het zou gaan, zou ze een hengstevlecht maken, of was dat te moeilijk.
En ze moest nog naar de winkel om nieuwe peesbeschermers te kopen, ze had alleen zwarte om mee te trainen, maar die waren versleten, Lucky moet er helemaal fantastisch uit komen te zien.
Als ze klaar is met eten, loopt ze naar boven toe, trekt haar bruine rijbroek aan van Pikeur, pakt haar cap, doet haar bruin met paars geruite paardrijsokken aan, en doet haar chaps aan.
Het is nog vroeg in de morgen dat kan je goed zien, het schemert, de zon is aan het opkomen, verder geen wolken te zien, een hele mooie dag.
Ze loopt naar de stal, zet Puck samen met Roos en Tolerant in de wei, en pakt haar blauwe poetskoffer die ze al 2 jaar heeft, maar waar nog geen schrammetje aanzit, hij is alleen een beetje verkleurd.
Ze maakt de stal open van Lucky, waarna hij meteen hinnikt van vreugde.
Ze borstelt hem, zadelt hem op, en neemt hem mee naar buiten.
Tijdens het rijden voelt ze de frisse ochtend wind door haar gezicht, en een gevoel van trots dat ze Lucky heeft ontmoet.
Het was op een warme zondagavond net nadat ze een duik had genomen in het zwembad, haar moeder nam haar mee naar de stallen, en vroeg of ze in de 3e stal wou kijken, ze keek en keek haar moeder raar aan, haar moeder zei dat dit Luckstar was, van de stal van opa, toen was het nog een veulen, maar nu 4 jaar later is ze al veel vooruit gegaan.
Ze had al zo’n goeie band met hem opgebouwd, dat het niet mis kon gaan.
Toen ze klaar was met rijden, besloot ze om Mirthe te bellen.
“Hee tess!”
“Hee Mirthe, heb je zin om dalijk hierheen te komen, en te blijven slapen?”
“Jaa, lijkt me super leuk!”
“Neem je je paardrijspullen mee? Dan kunnen we nog even gaan rijden.”
“Is goed, ik kom er zo aan!”
“Tot zo!”
Nadat Tess haar huiswerk af had, was Mirthe er.
“Hee Tess, ik heb wat lekkers meegenomen voor Roos, zullen we even naar haar toe gaan?”
“Ja is goed, zullen we dan gelijk de stallen uit gaan mesten, moet ook weer gedaan worden.”
“oke.”
Ze lopen naar de stallen toe, geven Roos wat lekkers, en mesten de stallen uit. Daarna besluiten ze om even naar de manege van Truus te gaan.
Onderweg op de fiets komen ze een man tegen die ze tegenhoudt, en zegt, “Vanavond half 9 bij de hooischuur van de manege van Truus, of er komt gevaar.” Hij loopt door, en doet zijn zwarte muts van zijn lange leren jas om. Tess en Mirthe weten niet wat ze moeten doen, en zijn al te laat om naar de man toe te gaan, en te vragen wat hij daarmee nou precies bedoelde, daarom gaan ze vanavond maar naar de hooischuur.
Als ze op de manege aankomen, komt Truus naar ze toe, en vraagt of ze Becky willen borstelen en rijden, natuurlijk willen ze dat!
Ze lopen naar de stal en beginnen Becky te borstelen, nadat zijn hoeven gekrabt zijn, zadelen ze hem op, en lopen naar de rijbak, Mirthe mag hem het eerste halfuur rijden, daarna Tess.
Als ze klaar zijn met rijden, zien ze dat het al 6 uur is, en ze om kwart voor 6 gingen eten, hopelijk vond Tess moeder dat niet erg!
Als ze thuis aankomen, horen ze Tess vader schreeuwen. “Tess! We zouden om kwart voor 6 gaan eten, en hoelaat is het? 6 uur! Ga nu onmiddelijk naar je kamer, jij slaat het eten maar een keer over!”
Tess en Mirthe kijken elkaar aan, en Mirthe slikt en vraagt, “Krijgen we nu echt geen eten?” Tess kijkt Mirthe aan, “Ik niet nee, maar jij wel.”
“He! Maar dat kan toch niet! Dan ga ik mee naar boven, ik ga niet alleen beneden zitten. Waar is je moeder eigenlijk?” Vraagt Mirthe.
“Geen idee, die is vast de was aan het doen ofzo, geloof me ik ben het gewend.”
Ze lopen samen naar boven, en als ze op Tess kamer zijn, haalt Tess een mega trommel uit haar witte bureaula vol met snoep en koekjes.
“Dit wordt ons avondeten” Zegt Tess. “Oke, geen probleem!” Antwoord Mirthe. Tess geeft Mirthe 4 oreokoekjes, een zakje winegums, 1 toverbal, 1 chocoladereep, en een kauwgum.
Dan klopt iemand aan, ze eten gauw alles op wat ze in hun mond hebben, en verstoppen de rest onder de dekens.
Het is Tess moeder, ze komt binnen met een schaal met soep, en brood erop. “Ehm, sorry van papa Tess, hij is de laatste tijd in een slechte bui, en het avondeten kan je niet missen, zeker niet je lievelingssoep!”
“Dankjewel mam, zonder jou in huis, zat ik hier elke week zo!”
Ze geeft haar moeder een kus op haar wang. Als haar moeder de kamer uit is, weten ze niet hoe ze dit nog ooit opkrijgen. Ze besluiten het brood in de trommel te doen, en de soep door de gootsteen te spoelen. Tess heeft er moeite mee, haar moeder heeft speciaal soep voor haar gemaakt, en zij gooit het weg, maar ze moest wel.
Tess kijkt op haar paarse IceWatch waar ze zo lang voor gespaard had, en ziet dat het 8 uur is.
“Nee, het is al 8 uur, we moeten zo gaan! Maar ik mag mijn kamer vanavond niet meer uit!” Zegt Tess.
“Maar wat nou als we zeggen dat ik mijn spullen ben vergeten, en ze nog even moet ophalen, maar echt niet alleen de straat op mag van mijn moeder!” Stelt Mirthe voor.
“Dat is geniaal, dat doen we! En dan zetten we je tas buiten neer, uit het raam, en nemen die mee op de terugweg?”
“Ja dat doen we, kom we gooien mijn tas uit het raam en gaan naar beneden.”
Ze gooien Mirthe’s tas uit het raam, lopen naar beneden toe, en vragen het aan Tess Moeder, die vindt het goed.
Ze lopen naar buiten, stappen op de fiets en zijn op weg naar de hooischuur. Als ze daar aankomen, zit het hek al dicht, dus moeten ze erover klimmen, ze zijn ontzettend zenuwachtig, niet wetend wat ze te wachten staat. Langzamerhand komen ze aan bij de hooischuur, als ze de deur open doen, zien ze de man niet. Ze lopen naar binnen, en gaan op een strobaal zitten tot de deur langzaam open gaat.
Dan gooit iemand een briefje naar binnen, ze schrikken en willen weten wie dat was, maar als ze de deur open doen, is die iemand weg.
Tess loopt langzaam naar het briefje toe, en opent die. Ze schrikt, er staat met grote angstaanjagende letters op geschreven:
Jullie pakken mijn af.
Nu pak ik jullie.
Tess leest het hardop voor, en geeft het briefje aan Mirthe.
“Jullie pakken mijn, mijn, he, waarom zit hier een vlek? Nu pak ik jullie?! Dit is een dreigement, we moeten naar de politie!” Zegt Mirthe. De Deur klapt plotseling dicht. “Ik weet niet of dat ons zal helpen Mirthe!”
Ze kijken elkaar aan, en besluiten om terug naar huis te gaan.
Als ze aankomen, pakken ze volgens plan Mirthes tas, en gaan naar binnen, daarna begint het ineens hard te onweren. “O nee, we moeten snel de paarden binnen zetten, het bleef toch droog vanavond?!” Zegt Tess. “Kom snel, voordat het nog harder gaat regenen!”
De meiden rennen naar buiten door de stromende regen en het onweer, ze pakken de paarden en zetten ze gauw op stal.
Eenmaal op stal zien ze dat Het naambordje van Lucky weg is. “He, waar is het naambordje van Lucky? Dit is echt vreemd, zou het iets te maken hebben met die man van vandaag?” Zegt Mirthe, waarop Tess antwoordt: “Oke, ik vindt dit echt raar, ik ga nu meteen naar binnen, voor er nog iets gebeurt, de rest zoeken we morgen wel uit!”
Ze rennen naar binnen en besluiten om nog een film te gaan kijken, en dan maar te gaan slapen, voor er nog iets raars gebeurd.
Als de film op pause staat, en ze wat lekkers gaan pakken, horen ze een fikse ruzie tussen de ouders van Tess.
“Johan nu is het genoeg geweest, je geeft Tess niet eens de kans!” Zegt Marit. “Hoe bedoel je geen kans, jij bent degene die haar te veel kansen geeft, waardoor ze later geen kans krijgt!” Zegt Johan.
“Ach hou je mond Johan, jij hebt geen idee, je moet ze juist de kans geven, zodat ze dat kunnen ontwikkelen, en hun droom kunnen volgen, laat Tess gewoon met rust!”
Tess komt langzaam de huiskamer ingelopen, want ze moet door de huiskamer om bij de keuken te komen. Haar ouders zijn plotseling stil, Tess loopt naar de keuken, en kijkt ze aan. “Wat nou, heb ik iets misdaan ofzo, geef me dan in ieder geval de kans om het uit te leggen, he?!”
Ze loopt de keuken in, en haalt een zak paprikachips uit de la, met een fles cola, en 2 glazen, en loopt weer naar boven. Als ze eindelijk boven is, barst ze in huilen uit. “Ze hadden weer ruzie, dit keer over mij!”
Nadat ze haar hart gelucht heeft over het gedoe dat zich al maanden afspeeld, voelt ze zich een stuk beter.
“Dat had je veel eerder moeten vertellen, maar wat kunnen we er aan doen?” Tess blijft stil, en stelt voor om de film aan te zetten. Als de film is afgelopen gaan ze slapen.
De volgende dag worden ze wakker en schijnt de felle zon, door het raam met de witte kozijnen, waar verschillende foto’s op zijn geplakt van Tess paarden.
Ze lopen naar beneden toe, ontbijten samen wat, en da ging Mirthe even naar huis om haar spullen daarneer te zetten, en hij paardrijkleren aan te doen, en de rest mee te nemen. Terwijl Tess wordt toegesproken door haar moeder, ze vertelt dat ze dit jaar niet op vakantie gaan, waardoor Tess kwaad wegloopt naar de paarden, ze gaat bij Lucky in de stal zitten.
Na een tijdje komt Mirthe binnen gelopen. “Eh, Tess? Waar ben je? Je moeder zei dat je hier was, maar ik zie je niet?”
Daarna loopt ze weer naar binnen, en zegt tegen Marit dat ze Tess daar niet kan vinden. “he, ik zag toch echt dat ze daar naar binnen liep!”
Mirthe schrikt ervan, en denkt dat het iets met die man te maken heeft, maar dat kan eigenlijk niet, want waarom zou die Tess ontvoeren ofzo?
“Oke, ik ga nog wel een keertje kijken, misschien is ze in de stallen.”
Mirthe loopt naar de stallen toe, en begint natuurlijk bij Lucky’s stal, ja hoor, daar is Tess, ze is in slaap gevallen bij Lucky.
Mirthe maakt haar zachtjes wakker. “He, Tess, we waren je kwijt, word eens wakker!”
Tess wordt langzaam wakker, kijkt om haar heen, en ze beginnen allebei te lachen. “haha, sorry, ik was nog zo moe, en hier was het zo lekker rustig.” Zegt Tess.
“haha, maakt niet uit, zou ik ook fijn vinden hoor.” Zegt Mirthe lachend.
“he, dat is een goed idee!! Een slaapfeest voor ons tweeën in de stallen, wat vindt je daarvan?!” Zegt Tess enthousiast.
“dat is een geweldig idee, kom we gaan het aan je moeder vragen!”
Ze rennen samen naar Marit, en Tess vraagt het met haar liefste stemmetje ooit.
“Lieve mama, je weet dat ik van je hou, en dat je...”
Haar moeder onderbreekt haar. “Jaja heel erg lief bent, en wat wil je?”
“Mogen we alsjeblieft in de stallen slapen vannacht?”
“No way, veel te gevaarlijk, en waar wil je dan überhaubt gaan slapen?.”
“Owh alsjeblieft!!!! Dat is niet moeilijk dan gaan we gewoon met slaapzakken en kussens op de hooizolder slapen, dat kan toch geen kwaad?” Zegt Tess.
“nou, oke vooruit dan, maar je moet wel zelf alles doen.” Zegt Marit toch maar.
“Owh, dankje dankje dankje mam!!!” Ze omhelst haar moeder, en geeft haar een zoen. Dan lopen ze naar boven.
“Yes het mocht!” Zegt Mirthe. “Ja, ik ben ook zo blij!”
Ze pakken de slaapzakken en de kussens en lopen naar de stallen.
Tot hun verbazing laten ze al hun spullen vallen.
“He, waarom staan de paarden ineens allemaal in de wei?” Vraagt Tess.
“Ik heb niks gedaan hoor.” Zegt Mirthe verschrikt.
“Wacht even, die man, zou die dan misschien? Kom snel de paarden terug zetten, voor mama erachter komt!”
Wel beetje lang, haha bedankt voor het lezen, zet wat je ervan vond maar hier neer
