Het Paardenmeisje
Het zwarte paarden galoppeerde uitgelaten over het wegdek. Zijn hoeven krasten over het asfalt. Op zijn rug zat een vrouw, en ze schreeuwde het uit van de pijn. Ze hing half naast het beest, haar voet nog in de beugel stekend, vastgeklemd aan de singel rond de buik van het paard. De bestuurder van de grote, zilveren truck trapte uit alle macht op de rem, maar tevergeefs. In een slowmotion gleed de truck over het gladde asfalt, richting het paard, wat wild steigerde en het lichaam van de vrouw, die er als een pop bij hing...
Emma is getreurd om het ongeluk van haar moeder, Amber. Helemaal omdat Ambers paard, Change Bird, er zwaar aan toe is. Niet alleen heeft hij een vreselijk lichamelijk letsel, hij is namelijk ook nog eens doodsbang voor mensen geworden. Emma zoekt hulp, omdat ze vindt dat ze het paard niet aan zijn lot mag overlaten. Ondertussen is haar vader, waarmee ze het soms niet zo kan vinden, in een trietse stemming en besluit hij haast hun ranch op te geven, en weer naar New York te gaan. Emma vecht hier tegen, want dat wil ze niet. Dan plots, komt ze in contact met de bijzondere Craig Hamilton. Even lijkt het dat hij niet kan helpen, maar dan komt hij het paard én Emma onder ogen en zijn gedachten veranderen. Hij is niet degene die het paard kan helpen, dat is namelijk Emma. Emma beschikt namelijk, net als de paardenfluisteraar, een gave, die niet vaak meer bij vrouwen en meisjes voorkomt...
Hoofdstuk 1
De duisternis dompelde het prachtige, beboste heuvellandschap van Kentucky onder in een kille omgeving. Ongeveer één km van het nabij gelegen dorp verwijderd, stond een grote, maar geleidelijk oude boerderij, omgeven door groepen bomen. Rechtsvoor op het erf lag een slordige, modderige troep zand, die voor de nacht nog keurig aangeharkt was. Er tegen over, linksvoor, een weiland, verlaten en bezopen. Achter het weiland bevond zich een lelijk, onbewerkt tuintje, en het woonhuis. Daarachter een schuur uitlopend op een zanderig ruiterpad. Achter de buitenpiste stond een klein gebouwtje met buiten stallen, en een kraal, die ze ook wel round pen noemden. Helemaal achteraan nog een paar stukken weiland. Van de vele ramen in het woonhuis was er slechts eentje verlicht. Hij straalde het zwakke licht van een leeslampje uit. Een leeslampje wat zich plaatste op het nachtkastje uit de kamer van een meisje. Het meisje lag in haar bed, op haar rug, met open ogen starend naar het plafond. Haar bureautje was beladen onder papieren, kaartjes, boeken en brieven. Over de grond slingerden proppen papier, kleren, tijdschriften... Aan de muren hingen scheefgezakte posters van popsterren en paarden, haar sprei lag groezelig op het voeteneind en haar kledingkast leek wel een onplofte bom. Alleen dat ene, kleine kastje en het prikbordje erboven, leken nog iets opgeruimd. Er hingen foto's, folders, papiertjes, medailles, rozetten en met de hand geschreven verhalen, kaarten en brieven. Op het kastje stonden drie bekers, een kaarsje en 2 ingelijste foto's, en in het kastje bewaarde ze haar cap, jasje en rijlaarzen. Het meisje had lang, donker haar wat zich verspreidde over haar kussen. Haar blauwe ogen staarden naar het plafond. De wind loeide gevaarlijk, het stortregende en in de verte rommelde het onheilspellend. De ranch-paarden, die hier werkten met de familie en de koeien, de eigenaarspaarden, die hier werden getraind omdat zij zadelmak moesten worden gemaakt, en de mishandelde paarden, die hier tijdelijk opvang kregen tot zij naar een vast verblijfs adres konden, stonden waarschijnlijk binnen. En de koeien dan? Haar vader was een talentvol western ruiter, die zelf western paarden fokte en beleerde, en haar moeder had veel gevoel voor paarden die hulp nodig hadden, niet alleen de jonge paarden die beleerd werden, maar ook de mishandelde dieren. En zij? Emma Campbell, een doodgewone scholiere, met een passie voor de dieren op hun ranch. Emma hield het niet langer uit. Ze draaide zich op haar zij en zag op haar wekkertje met neon-oplichtende letters dat het inmiddels al zes uur was. Haar moeder was een half uur geleden opgestaan, om zich te douchen en om te kleden, en vlug iets naar binnen te werken. Als het goed was, was ze nu bij de paarden en zadelde ze één op, om de koeien te gaan melken en te kijken of er niet toevallig een kalfje was geboren. De koeien liepen op het land rondom hun boerderij, of verderop in het bos, op speciale gebieden, waar het gras niet te lang mocht worden en waar geen motorvoertuigen welkom waren. Emma schudde de dekens van zich af. Haar moeder zou om ongeveer 7 uur thuis zijn. Haar vader zou dan al bezig zijn met voeren, en zij zou dan helpen. En als alle paarden gevoerd waren, dan werden ze direct op wei gezet. De familie nam de tijd voor een ontbijt en om half 8 arriveerden er twee staljongens, die parttime werkten en de stallen uitmesten. Emma wist al precies wat haar moeder tegen haar zou zeggen als de bus aankwam, wanneer zij vaak nog bij de paarden rondhing en sommigen van hen poetste. Dat ze maar even flink haar best moest doen, en dat ze met een beetje geduld zo weer thuis was. Wanneer zij dan zat te leren, dreven haar ouders de koeien naar een ander stuk land, bereden een deel van de paarden en werkten met de jonge dieren. Niet lang daarna zou het huismeisje Jenny komen en bezig met het huis, terwijl de staljongens nog vlug even de paarden binnenhalen, de hun middageten voeren en ze terug zetten. Dan gingen haar ouders aan het werk. Haar moeder was secretaresse van de gemeenteraad en haar vader biologisch onderzoeken aan de universiteit van Kentucky North. Emma stapte in haar versleten sloffen en sloop de overloop op. Ze liep op haar tenen langs de deur van Patrick en Amber Campbell, haar ouders, en luisterde of Patrick nog sliep. Nee, geen zacht gensnurk. Stom, hij was natuurlijk ook al op nu het vakantie was. God mocht weten hoe vaak de dat wel niet vergat. Ze ging de badkamer in, en knipte het licht aan. In de wasmand lag een schone berg kleren, waaronder haar favoriete stalbroek. Het was een oude spijkerbroek, die ooit een mooie, zeeblauwe teint had gehad, maar was inmiddels vaal geworden, zelfs grauw op de knievlakken. Ze trok hem stilletjes aan, samen met een zwart t-shirtje, een rood vestje en gestreepte kniekousen. Ze kamde vlug haar haar bij elkaar en bond het in een staart. Toen knipte ze het licht weer uit en ging de trap af. Beneden was het vreemd stil. Emma leunde even op het aanrecht. Ze opende een keukenkast en pakte de koektrommel eruit. Ze pikte er twee koekjes uit en knabbelde daarop. Ze schonk zichzelf een glas melk in en dronk deze leeg. Toen wurmde ze zichzelf in haar jasje en stapte ze in twee regenlaarzen. Ze glipte de schuur in. Daarin stonden boxen, een binnen piste en een strozolder. Helemaal achteraan zag ze haar vader, Patrick, in de stal bij de bruine Morgan Magic. Amber zag ze nergens. ‘Kom maar, Magic. Kom maar.’ Emma sloop stilletjes richting de ladder en klom het hooi in. Vanaf hier zag ze hoe Patrick Magic rustig de stal uit leidde. ‘Je bent wild,’ mompelde hij. Goh, dacht Emma. Hij heeft een week stil gestaan, dan was zoiets toch logisch? Patrick had het touw stevig vast en liep met Magic de stal uit. Magic keek om zich heen. Emma stond tegelijkertijd op. ‘Pap,’ begon ze, en ze klom weer naar beneden. Haar vader keek op. ‘Ja?’ Emma schraapte haar keel. ‘Euhm, ik denk dat je beter een ander paard kunt nemen…’ Ze zei het voorzichtig, zodat ze hem niet kwetste. ‘…want hij is nogal onrustig.’ Haar vader keek even op zijn neus. ‘Hmm, ja, maar ik kan toch wel iets beter paardrijden dan je zou denken. Ik doe het want ik voel me er goed over, en daarin haal je me niet over. ‘ Emma zuchtte van frustratie. ‘Luister in ieder geval! Magic is onrustig en heeft lang stil gestaan en jij bent een hartstikke strenge ruiter. Dan kun je er niet zo maar even opstappen. Je moet eerst zijn conditie weer opbouwen. Dacht je dat dat beest het werk weer zou aankunnen?’ Patrick keek zijn dochter beschaamd aan. ‘Nou, natuurlijk niet. Hoewel je hier gelijk in hebt, bepaal ik nog altijd zelf wat ik doe,’ zei Patrick en hij blies zijn wangen op. Toen hij uitademde, ging hij verder. ‘dus ik ga wel op Lightner.’ Patrick duwde het touw in Emma’s handen en slofte weg. Emma keek hem na, en kneep toen in het touw. ‘Kom maar, jongen.’ Ze hielp hem mee naar de binnenbak, en liet hem vrij. ‘Zo, daar gaan we.’ Ze zwaaide het touw naar zijn achterhand en dreef hem in draf rond. Op dat moment hoorde ze haar moeders stem. ‘Goedemorgen, lieverd.’ Emma keek om. Ze glimlachte rustig. ‘Hoi mam.’ Emma was altijd al een moederskindje geweest en dat zou niets kunnen veranderen. Ze hield van haar vader, maar kon het niet altijd even goed met hem vinden. Soms was het zelfs zo dat ze zich niet bij hem op haar gemak voelde. ‘Ik kon niet meer slapen. Mag ik mee, naar de kudde?’ vroeg ze aan Amber. ‘Nee. Het stormt, en ik vind het zo te gevaarlijk,’ antwoorde die. Emma stemde met tegenzin toe. ‘Wat kan ik dan doen, hier alleen?’ Amber haalde haar schouders op. ‘Je kunt alvast een deel van de paarden berijden, en de gewonde paarden verzorgen. Je mag ook wel de paarden poetsen en met ze spelen in de bak.’ Momenteel waren er vierentwintig paarden, waarvan vijf merries, drie ruinen, twee veulens en een hengst van de ranch zelf. Acht jonge paarden waren hier in training en vijf paarden die mishandeld waren woonden hier. Amber en Emma verzorgden deze paardjes vaak met hun wonden en gingen met ze wandelen of spelen in de bak. De acht jonge paarden werden gelongeerd en verzorgt door Amber, Patrick én Emma en ze paarden van de ranch, waarmee gereden, gefokt, gelest en getraind werd, werden ook verzorg door de hele familie. Emma trainde vaak twee jonge paarden, bereed drie ranch-paarden en behandelde vier mishandelde paarden per dag. Haar vader zes ranch-paarden en drie jonge paarden. Haar moeder drie jonge paarden, vier mishandelde paarden, en drie ranch-paarden. Samen hadden ze dus een behoorlijk drukke, dagelijkse routine. Emma knikte naar haar moeder. ‘Dan heb ik vanavond tijd voor een lekker buitenritje,’ lachte ze. ‘Misschien wil Luce wel mee!’ Lucia Graphham, die vaak kortweg Luce werd genoemd, was één van Emma’s vriendinnen. De meisjes konden het supergoed met mekaar vinden, en hadden de grootste lol samen. Haar moeder knikte, maar iets in haar blik leek op afwezigheid. Het deed Emma doen rillen. Ze voelde zich niet zo op haar gemak. Het leek wel, alsof de bittere kou in haar huid sneed.
Woorden: 1.568
. Nu is het 1 lap tekst.
Trek je er niks van aan, hier droomde ik van toen ik 10 was