Hallo,
Ik ben begonnen met een verhaal schrijven en ik ben benieuwd wat jullie er van vinden? Ik heb nog nooit een verhaal geschreven, dit is dus de eerste keer dat ik dat doe. Omdat ik het nog wel 'spannend' vind qua commentaar wil ik jullie vragen om echt opbouwende kritiek te geven en niet teveel afkraken. Ik heb via Word een spellingcontrole gedaan, maar ik weet niet of alles klopt. Soms slaat die wel iets over.
En wat de namen betreft, ik ben nog niet uit over de naam van de hoofdpersoon....
‘Er was eens…’ Dat is wat er verwacht word wanneer je een boek schrijft. Maar niet voor mij. Dit boek begint met een meisje die een uiterst normaal leven leidde zoals elke andere tiener van 20, totdat hij kwam…
Hoofdstuk 1
‘Trrrrrrrrrrrrrrrrr’ geïrriteerd sla ik met mijn hand de wekker uit. De eerste dag school, waar ik er helemaal geen zin in heb. Al mijn hele leven volg ik het meest voor de hand liggende pad; peuterschool, basisschool, middelbare school en nu heb ik door aandringen van mijn vader gekozen voor een Rechten studie. Niet dat daar mijn passie ligt, maar volgens mijn vader is dat niet belangrijk. ‘Het gaat erom dat je geld verdient’ hoor ik hem in mijn hoofd zeggen.
Vermoeid stap ik uit bed om me klaar te maken voor school. Eerst maar een lekkere warme douche om wakker te worden. Ondertussen komt Guanita, onze huishoudster, mijn kamer in om kleren voor mij klaar te leggen. ‘Wat zal het vandaag worden, S…..? Je moet er natuurlijk wel goed uitzien op je eerste dag school.’ zegt ze met een sarcastische toon. ‘Nou ik kijk er ook zo onwijs naar uit’ antwoord ik net zo sarcastisch terug. Zolang als ik me kan herinneren werkt Guanita bij ons. Toen ik 8 jaar oud was is mijn moeder overleden en heeft Guanita zich over mij ontfermt. Mijn vader is veel op reis voor zijn werk, en wanneer hij thuis is blijft hij doorwerken. Hij is de ergste workaholic die er bestaat… hij is niet altijd zo geweest, eigenlijk pas sinds mijn moeders dood.
Wanneer ik klaar ben met douchen liggen mijn kleren al klaar. Wat zou ik toch zonder haar moeten? Guanita heeft mijn gebleekte spijkerbroek gepakt, een simpel witte tanktop en een geruit hesje met korte mouwen. Ze weet altijd de dag net iets minder vervelend te maken, ze voelt elke dag weer aan wat ik aan wil trekken zelfs als ik het zelf nog niet weet. ‘S….., je eten is klaar!’ roept Guanita vanuit de keuken. ‘Ik kom eraan, nog even mijn spullen pakken’ snel pak ik mijn boekentas en gooi alles wat nodig heb erin. Met een loodzware tas vol boeken strompel ik de trap af. Bah, hier zouden ze toch echt iets anders voor moeten verzinnen. Geen boeken meer mee maar alles via de laptop.
‘Hopelijk word je hier wat vrolijker van’ zegt Guanita terwijl ze me een bord met verrukkelijke flensjes geeft. Na nog geen tien minuten zit ik helemaal vol en drink ik nog een glas jus d’orange op. Ik ben nooit echt iemand geweest die diëten volgt en op de calorieën let. Gelukkig heb ik het ook nog nooit nodig gehad, schijnbaar heb ik dat van mijn moeder geërfd. Ik heb een foto van haar en mijn vader waar ze allebei in een korte broek staan, zij een tanktop aan en mijn vader een overhemd die los hangt. Mijn moeder is daar heel slank, dit was vijf jaar voor het ongeluk.
In de gang kijk ik nog even in de spiegel en slaak een diepe zucht. Ik oefen even of mijn lachspieren het nog doen en trek de deur achter me dicht. De school is niet ver van huis, het is twintig minuten fietsen en met de bus tien minuten. Vandaag kies ik voor de fiets, het is heerlijk weer buiten. De zon is erg warm en er staat geen zuchtje wind. Dit beloofd een warme dag te worden, niet zo fijn om door te brengen in een klaslokaal. Mijn humeur gaat er niet op vooruit en dit belooft een vervelende dag te worden. Eenmaal op school aangekomen hoor ik de bel al rinkelen. Ik gooi mijn fiets in het fietsenrek en vergeet mijn fietssleutel eruit te halen. Met een rood hoofd van het fietsen ren ik naar mijn klaslokaal. Ik gooi de deur zonder te kloppen open en sta in een volle klas waar iedereen me verbaasd aanstaart inclusief de leraar. Zo maak ik al een goede kans om vrienden te maken… Gegeneerd mompel ik tegen de leraar dat de brug open stond waarna ik een plaats aangewezen krijg. Ik zit helemaal achter in de klas waar nog één stoel vrij is. Fijn, een plaats waar klasgenoten gedumpt worden wanneer ze worden gepest door anderen. Daar zit ik al helemaal niet op te wachten.
Stiekem gluur ik even naast me om te kijken welke bladzijde we zijn. Terwijl ik mijn boeken opensla op de goede pagina, word er op de deur geklopt. Iedereen kijkt op, behalve ik, omdat ik ergens diep in mijn tas aan het graven ben naar een schrift. Fijn, ook dat nog eens vergeten… Ondertussen is er zacht gemompel en hoor ik voetstappen. Wanneer ik opkijk vanuit mijn tas kijk ik naar een paar zwarte motorlaarzen aan. ‘Zou ik hier mogen zitten?’ vraagt hij. Verbaasd kijk ik op en stamel ik ‘j…j..ja n…natuurlijk’.