[VER] Onzeker over geschreven tekst.

Moderators: Essie73, NadjaNadja, ynskek, Polly, Telpeva, Muiz

Toevoegen aan eigen berichten
 
 
Leonyr

Berichten: 2558
Geregistreerd: 02-10-09
Woonplaats: Zuid Holland

[VER] Onzeker over geschreven tekst.

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 02-11-10 21:03

Omdat er zoveel verhalen op UK geplaatst worden en ik toch onzeker word over hoe mijn schrijfstijl is besloot ik een stukje te plaatsen uit mijn boek in progress. Wanneer hier positieve reactie's op worden gegeven, zal ik meer plaatsen. Ik probeer te voorkomen dat ik dadelijk mijn complete verhaal hier neer zet, terwijl geen hond het interessant vindt. Ik heb ook geen spellingscontrole op mijn Word-uit-de-prehistorie, dus typfouten zitten er hoogstwaarschijnlijk in grote aantallen in. Het stuk wat ik hieronder heb geplaatst is dus niet het begin, het is ergens uit het verhaal genomen, om te kijken of mensen ook zonder verdere informatie geintresseert raken. Ik hoop op tips, reactie's en aanmoedigingen. Een stad wordt niet gebouwd door één enkele persoon. :D

Let op! Dit is een fantasie verhaal! Mensen met een vooroordeel over deze schrijfstijl kunnen het beter niet lezen.

Het duwde en trok aan ieder lichaamsdeel van Zaroq. Scherven glas gleden in de zelfde richting als hem, om het volgende moment omgegooid te worden en zich diep in Zaroq’s vlees te boren. Agstig van pijn en kou wierp Zaroq een blik door het meer. Delen van het gangenstelsel en bruisende luchtbellen belemmerde zijn zicht. Hij trachtte naar boven te zwemmen, maar het kostte hem meer moeite dan hij aanvankelijk had gedacht. Huiverig gooide Zaroq zijn arm naar boven om het volgende moment het wateroppervlakte te bereiken. Een nieuwe stroom energie vulde zijn lichaam. Gedreven door deze reserves schoot hij weer naar beneden in de hoop een glimp op te vangen van Orao. Een plooi van haar paarse jurk verscheen tussen het schouwspel van duizende luchtbellen. Opgelucht dook Zaroq verder de diepte in. Een afschuwelijk pijn in zijn oren deed hem trillen, gevolgd door een onverdragelijk hoofdpijn. Een nieuwe lading sneeën verscheen op zijn lichaam ten gevolge van een stroom scherven. Hij voelde hoe duizende splinters zijn wangen doorboorden alsof het speldenkussens waren. Zijn ooglid was niet meer in staat te knipperen van het glas in zijn ogen. Een groter fragment glas stak in zijn bovenbeen en maakte het bewegen onmogelijk. Ondanks het overschreiden van zijn pijngrens zette Zaroq zijn zoektocht voort. Weer zag hij een plooi van Orao’s jurk. Hij greep ernaast, waardoor hij snelheid en afstand verloor. Na nog twee slagen slaagde hij erin om de zoom van de jurk te pakken, en vervolgens de ijskoude pols te grijpen. Zich bewust van zijn ademnood begon Zaroq naar het oppervlakte te zwemmen. Algauw kwam er een zwarte waas over zijn ogen, tintelingen in zijn ledematen veranderde in verlammingen. Hij stuurde een hulpkreet naar Lupea, maar kreeg geen contact. Nog twee slagen. Licht en donker wisselde elkaar af, de wonden van de glasscherven leken hem niets meer te doen. Hij dacht aan zijn vader, wier hem zo trouw had verzorgdt. Een steek van verlangen schoot naar boven. Nog twee slagen. Hij dacht aan Lupea. Hij voelde haar zachte neus nog steeds in zijn handpalm. Ondanks zijn benarde positie verschenen zijn met bloed besmeurde tanden. Een glimlach van puur geluk die hij in vroegere tijden had gevoeld. Twee sterke kaken leken zijn pantalon te grijpen. De lucht werd uit zijn longen geperst, om het volgende moment zich te vullen met nieuwe zuurstof. Met het gevoel dat hij ieder moment zijn leven verloor staarde Zaroq naar het gedaante onder hem; Orao. Met een zachte bons belandde hij enkele minuten later op de grond. De vaste aarde was voor hem een enorme opluchting. Een vage onbekende stem weergalmde door zijn hoofd, verder leek er een complete stilte te heersen. ‘Zaroq, Zaroq!’ De stem klonk lichtelijk bekend, desondanks kon Zaroq hem niet plaatsen.. ‘Wie... wie ben je?’ Hij hoorde zijn eigen stem in zijn hoofd, het maakte hem duizelig.

Wees niet terughoudend in het reageren. Een reactie plaatsen kost maar een minuutje, en na dat minuutje heb je een zeker meisje weer blij gemaakt met een nieuwe mening. :D

Liefs,
Leonie

FemkeRoosje

Berichten: 1530
Geregistreerd: 28-11-09
Woonplaats: Vianen

Re: [VER] Onzeker over geschreven tekst.

Link naar dit bericht Geplaatst: 02-11-10 21:24

Leuk verhaal!
Ben benieuwd naar een vervolg! Misschien dat je in een van je volgende stukken kan beschrijven wat voor iets Zaroq is?

Leonyr

Berichten: 2558
Geregistreerd: 02-10-09
Woonplaats: Zuid Holland

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 02-11-10 21:32

FemkeRoosje schreef:
Leuk verhaal!
Ben benieuwd naar een vervolg! Misschien dat je in een van je volgende stukken kan beschrijven wat voor iets Zaroq is?

Bedankt, gelukkig! :D
Even ter toelichting:
Zaroq is een gewoon, normaal functionerend mens. Het enige wat hem scheidt van de burgers is dat hij kan comminuceren met een mytisch wezen, in dit verhaal is haar naam Lupea. :)

EngeltjeS

Berichten: 16922
Geregistreerd: 06-06-03

Re: [VER] Onzeker over geschreven tekst.

Link naar dit bericht Geplaatst: 02-11-10 21:35

Agstig? (angstig?)

Volgens mij mag je delen tekst plaatsen als je 1500 woorden hebt :)
*leest verder*

Seraphim
Berichten: 6199
Geregistreerd: 19-09-05

Re: [VER] Onzeker over geschreven tekst.

Link naar dit bericht Geplaatst: 02-11-10 21:39

Ik weet niet zeker wat ik ervan vind. Het is wel goed geschreven en ondanks dat het een nogal heftig begin is, zit ik er meteen midden in. Ik ben wel benieuwd naar een vervolg :j

Leonyr

Berichten: 2558
Geregistreerd: 02-10-09
Woonplaats: Zuid Holland

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 02-11-10 22:01

Seraphim schreef:
Ik weet niet zeker wat ik ervan vind. Het is wel goed geschreven en ondanks dat het een nogal heftig begin is, zit ik er meteen midden in. Ik ben wel benieuwd naar een vervolg :j

Ik zal morgen het eerste hoofdstuk van mijn verhaal plaatsen, ik ben opgelucht dat het toch een beetje in goede smaak lijkt te vallen. En die 1500 woorden gaat wel lukken, mijn complete verhaal bestaat uit meer dan 20.000 woorden, en dan is het nog niet eens op een kwart. :D

Agstig moet inderdaad angstig worden, bedankt!

EDIT: Handiger om het maar meteen te plaatsen. Voor de duidelijkheid: Dít is hoofdstuk 1, dít is het begin van het verhaal. Ik vind zelf het begin heel slap, ik vermoed dat het komt doordat ik al meer dan twee jaar geen verhaal meer heb geschreven, en het heel erg inkomen was.

Een gesmoordee kreet trok door het oeroude woud. Vertrokken van de pijn greep Zaroq zijn middel. Met een vurige blik staarde hij naar de woeste gestalte voor hem. ‘Jij ver..’ Woedend spande hij zijn boog en wierp een pijl af in de hoop het beest neer te halen. De pijl schoot er ruimschoots naast. Met zijn gespierde lichaam ontweek hij een klauw van de beer. Hij werkte zich naar voren, zodat hij achter het beest kwam te staan. Gevuld met spanning greep zijn ruwe hand zijn speer. De beer draaide zich om, zijn rode ogen keken recht in die van Zaroq. Onder een gevoel van twijfel rende hij schreeuwend naar voren en duwde de speer in de maag van het beest. Deze zwaaide nog een maal met zijn vervaarlijke klauwen en liet zich daarna kreunend op de grond vallen. Hijgend bekeek Zaroq de beer die ruim twee koppen groter was dan hem, het verwonderde hem hoe hij dit kolossale beest neer had weten te halen. Omdat hij nooit had gedacht een dier van deze grootte te doden had hij er ook nooit over gedacht hoe hij hem moest verslepen. Twijfelend liet hij zich op de grond zakken. Even overwoog hij de beer te laten liggen, het leek hem onmogelijk een beest met deze omvang mee te slepen met zijn verwondingen. Na een tijd rust begon hij huiswaarts te lopen, zijn maag sterk omklemmend, af en toe omkijkend naar de dode beer die op de grond bleef liggen.
De vele regenbuien van de herfst hadden het mos vochtig gemaakt en de takken waren gevaarlijk glad geworden. Zaroq deed de grootste moeite om overeind te blijven. De pijn bleef drukken, het bloed dat hij verloren had maakte dat hij zich slap en moe voelde. Zijn verlangen naar huis werd met iedere stap groter, ondanks het feit dat hij wist dat hij nog niet eens de helft had afgelegd van de route, die zigzaggend door het woud liep. Met zijn oogleden half gesloten probeerde hij zijn laatste stappen voort te zetten. De gladde boomwortel op de grond ging hem totaal voorbij. Met een klap belandde hij tegen het bemoste pad. Een zwarte waas vulde zijn ogen en hoofd, een hoge toon weerklonk in zijn oren. Uitgeput sloot hij zijn ogen.

‘Zaroq?’ Er werd aan hem geschud. Vermoeid probeerde Zaroq wakker te worden, langzaam aan opende hij zijn oogleden. Een fel licht viel zijn ogen binnen. Geschrokken drukte hij ze weer dicht. Weer werd er aan hem geschud. Met een waas voor zijn oogleden keek hij recht in het gezicht van zijn beste vriend, Dréque. ‘Hoelang?’ Zijn keel voelde droog. Dréque grijnsde bezorgd. ‘Een paar uur.’ Dréque draaide zich om en begon te ijsberen. ‘Je vader zal niet blij zijn, je hebt net een paar dagen zijn toestemming om te jagen. Hij pakt het zo weer af.’ Ernstig wierp hij een blik naar Zaroq. ‘Ik ben over een paar dagen jarig,’ antwoordde deze schor, ‘dus hij zal dat recht niet zomaar afnemen.’ Voorzichtig sloeg Zaroq de dekens weg en deed een poging om overeind te komen. Een vreemd voorgevoel stroomde zijn lichaam in bij het zien van de onrustige bewegingen van zijn vriend. ‘Dréque, is er iets?’ Pijnzend draaide deze zich om. ‘Weet je, ik heb het leven in dit dorp altijd saai gevonden’, begon zijn vriend. ‘Ik wil eens actie, net zoals jij.’ Er viel een moment stilte in de kamer. ‘Zaroq, ik heb besloten bij het leger te gaan.’ Dréque staarde naar de grond. Er liep een huivering over Zaroq’s rug. Hij schudde zijn hoofd en zette zijn voeten op de grond, overwegend of hij al kon staan. Een luid geklop op de deur verbrak de spanning in de kamer die was opgebouwd. Door de deur kwam een vrij brede jongen, gekleed in enkel een broek, om zijn gespierde bovenlichaam hing een pijlenkoker met een prachtig versierde boog. Verbaasd trok Zaroq zijn wenkbrauwen op. ‘Wechet?’ Deze grijnsde breed naar Zaroq. ‘Broertje, altijd al gedacht dat je niet sterk genoeg was voor de jacht.’ Dréque negerend liep hij naar het bed waar hij vervolgens een hand uitstak. ‘Tijd dat je je werk op de boerderij weer voortzet, ik ben het zat om alles alleen te doen. Het jagen is je overigens ontnomen door vader.’ Dréque draaide zich om, zijn blik bleef rusten op Wechet. ‘En dat zeg je zo kalm?’ Hij trok een wenkbrauw op. Woedend draaide Wechet zich om. ‘Hou je erbuiten, kleintje.’ Hij grijnsde minachtend bij het laatste woord. ‘Kom op, tijd om op te staan.’ Hardhandig greep hij de schouder van Zaroq, die ineen krampte van de pijn. Dréque liep op Wechet af. Met een sissende klank in zijn stem begon hij dreigend te spreken. ‘Blijf van hem af.’ Een moment leek het alsof de twee elkaar aan zouden vallen. In plaats daarvan draaide Wechet zich zonder een woord te zeggen om en verliet de kamer. Zaroq bleef roerloos zitten. ‘Maak je geen zorgen, hij probeert je zorgen te vergroten.’ Hoofdschuddend stak hij een helpende hand uit naar Zaroq die hem dankbaar aan pakte. ‘Wechet is de laatste tijd zo veranderd’, begon hij twijfelend. ‘Alsof hem iets dwars zit.’ Dréque grinnikte. ‘Inderdaad, er zit daarboven een steekje los.’ Zaroq schudde ontkennend zijn hoofd, zonder verder te antwoorden. Vermoeid hees hij zich op. Leunend op de schouder van zijn vriend, strompelde hij de boerderij uit. Buiten blies een zwak briesje, een paar regendruppels vielen naar beneden. De winter begon langzaam in te vallen, het zorgde voor een koud gevoel. Verderop lagen de uitgestrekte akkers van de vader van Zaroq, Kiyto. De stadsmuur bevond zich achter de boerderij. Deze laatste was voornamelijk uit hout gemaakt. Het rieten dak beschermde het gezin, dat drie personen telde, tegen de regen. Verderop bewogen twee brede gestalten zich op de akker. Wechet en Kiyto. Strompelend, met de steun van Dréque, bewoog hij zich naar de achterste akkers waarop vader en zoon aan het werk waren. Eenmaal aangekomen liep Wechet met een uitdrukkingsloos gezicht weg, Kiyto keek op. Zodra hij Zaroq in het oog kreeg, schudde hij zijn hoofd en liep naar het tweetal toe. ‘Je hebt je vreselijk onverantwoord gedragen’, begon hij. ‘Het zou dan ook een logische gedachte zijn om het jagen te verbieden. Helaas zitten we met een voedseltekort. Zodra je hersteld bent, wil ik dat je direct begint met jagen.’ Gehoorzaam knikte Zaroq. Pas toen Kiyto zijn werk hervatte liepen de twee weer terug naar de boerderij. Opgelucht dat hij nu een tijdje rust zou hebben, liet Zaroq zich in één van de hoekstoelen vallen. Pas toen herinderde hij zich het gesprek tussen hem en Dréque. ‘Het is gevaarlijk.’ Begon hij peinzend. Verbaasd keek Dréque hem aan. ‘Het leger bedoel ik’, verduidelijkte Zaroq. Zijn schouders ophalend liep Dréque naar de ijskast, waaruit hij een fles water haalde. ‘Kan best,’ Dréque schonk twee glazen vol, ‘maar ik doe het toch. Dan bewijs ik eindelijk een dienst tegenover de koning.’ Zaroq dacht aan de dikke muren die de stad beschermde. Dréque gaf een glas aan Zaroq. Dankbaar pakte Zaroq het aan. ‘Maar het volk zou het niet weten. Je weet zelf goed dat het leger zich verborgen moet houden voor het volk. Het is me altijd een vraag gebleven waarom.’ Hij nam een flinke slok. ‘Maar als jij zonodig in het leger wilt, dan volg ik je voorbeeld.’ Bij die woorden keek Dréque zijn vriend ongelovig aan. ‘Meen je dat?’ Zaroq knikte. ‘Je denkt toch niet dat je het gaat overleven zonder mijn hulp?’ Dréque grinnikte, ‘Dat is waar.’ Dréque zette het lege glas weer neer en liep naar de deur. ‘Spijt me, maar ik moet naar huis.’ Zaroq gaf hem een bemoedigend knikje, waarna Dréque de oude boerderij uit liep. Zuchtend leunde Zaroq achterover. Het leger... Hij sloot zijn ogen, fantaserend over hoe het zou zijn, zij aan zij met Dréque.

Op zijn zestiende verjaardag kreeg Zaroq toestemming om zich bij het leger te voegen. De aanmelding volgde niet veel later, evenals de brief of hij zijn spullen in wil pakken om zich bij het leger aan te sluiten. Met een lichte tinteling in zijn buik pakte Zaroq in gezelschap van Dréque zijn koffer in. ‘Het is echt waar Dréque, we gaan de stad verdedigen.’ Hij wierp een blik naar zijn vriend. ‘Denk je echt dat het daarbij blijft,’ antwoordde deze. ‘We zullen worden uitgezonden naar andere rijken om ook daar te verdedigen.’ Dréque lachte om Zaroq’s verbaasde blik. ‘Wij zijn niet de enige stam hier. Je hebt een stam in het bos, bij de bergen, en niet te vergeten, bij het moeras en het meer. Dat zijn er dus vier, vijf met ons meegerekend.’ Zaroq verbaasde zich over de informatie waarover Dréque beschikte. Hij pakte zijn laatste spullen in, waarna hij de koffer mee naar beneden bracht. Voor het raam stond Doc, het paard, gespannen voor de oude houten kar. Wechet en Kiyto hielden het onrustige dier bij de teugels. Met een diepe zucht opende Zaroq de deur en plaatste hij zijn koffer op de kar. ‘Klaar?’ Kiyto keek hem met vochtige ogen aan, het verbaasde Zaroq. Hij gaf een kort knikje naar Wechet waarna hij naar Kiyto liep. ‘Ik ga je missen pa.’ Hij glimlachte schraal. Snel omhelsde hij zijn vader, knikte kort, en liep naar de bok. Dréque nam plaats aan de andere kant van de bok. Onrustig sloeg Doc met zijn ruwe staart. Voorzichtig ging Zaroq naast Dréque zitten en pakte de leren teugels tussen zijn vingers. ‘Bedankt pa, ik red het wel.’ Twijfelend liet Kiyto de teugels los en gaf een bemoedigend klopje op de warme paardenhals. Wechet liep de boerderij in, het verbaasde niemand. Niet veel later volgde Kiyto. Zacht klakte Zaroq met zijn tong. Gedreven door de kou stapte het paard door het ondertussen witte landschap. Tevreden en geladen met spanning keek Zaroq om zich heen. Dréque verbrak de stilte. ‘Alle vijf de rijken hebben oorlog met elkaar. Een oude ruzie is opgelaaid. Alle rijken, behalve wij, zijn bezig de stad bij het meer, Tikja, te veroveren. Aangezien Tikja een belangrijke handelsstad voor ons is, voelen wij ons noodgedwongen om die stam te verdedigen. Helaas hebben de bewoners van de vijandelijke stam trollen in hun macht.’ Hij stopte even. Zaroq was gevuld met vragen. ‘Hoe zien die trollen eruit, en hebben die andere drie stammen zich samengevoegd tot één rijk?’ Dréque lachte om deze vragen. ‘De trollen zijn vreselijk sterk, er zijn er maar weinig die een aanval van een trol hebben overleefd. Om je tweede vraag te beantwoorden, ja, één koning heeft de macht gegrepen over alle drie de stammen. Uhgual heet hij. Hij is meester over de trollen. Mensen zeggen dat hij de beste zwaardvechter is.’ Zaroq was onder de indruk van dit verhaal. ‘Weet je ook hoe het kamp eruit ziet?’ Spijtig schudde Déque zijn hoofd. De rit verliep verder in stilte. Slechts de hoeven van het paard maakte geluid, dat de complete vallei leek te vullen. Het bos, de boerderij, het kasteel, ze lieten het allemaal achter. De heuvels die nog net tot hun stam behoorde, doemde op aan de horizon. ‘We zijn er bijna.’ Melde Déque overbodig. Zaroq knikte afwezig. Zonder zijn blik af te wenden van de horizon, liet hij het paard aangalopperen. Hun tempo versnelde hierdoor aanzienlijk, waardoor de heuvels al gauw groter werden. Nadat het paard met moeite de eerste heuvel was opgekomen, zagen ze aan de voet van de heuvel het legerkamp, gevuld met slaaphutten en stallen. Het kamp lag in een kom, aan de voet van de omliggende heuvels. Aan alle kanten verhief de grond zich, waardoor het kamp door buitenstaanders niet werd opgemerkt. Aan de linkerkant van het kamp, bevond zich de grootste heuvel, die weer grensde aan het bos dat zich ook achter het kasteel bevond. Het Grübelwoud. Dit woud was tevens ook het woud waarin de stam van Uhgual zich schuil hield, 30 mijl van het legerkamp verwijderd. Voor de heuvels aan de voorkant, bevond zich een enorme lege vlakte, gevuld met voedzaam gras. In het westen van deze vallei, bevond zich een meer, dat grensde aan de zee. Aan het meer lag de handelsstad Tikja. Tevreden liet Zaroq het paard voorzichtig afdalen tot ze bij de muur kwamen die het kamp nog eens extra beschermde tegen vijanden. Een wacht op de muur gaf een teken door aan de poortwachter, die vervolgens gewapend op de kar afkwam. Behendig sprong Zaroq van de kar, Dréque volgde. Met een argwanende blik vroeg de poortwachter om de brieven die de uitnodiging bevatte. Vlug grepen de twee vrienden hun rugzakken, waaruit al gauw de twee witte vellen tevoorschijn kwamen, bestempeld met het wapenteken van hun eigen stam, Haïgo. De poortwachter knikte bij het zien van de tekens. Met een simple handzwaai naar de wachter op muur liet hij de poort zakken. Doc werd weg geleid door de poortwachter. Zenuwachtig betreedden Zaroq en Dréque het kamp. Mensen in pakken waren op het veld achterin bezig hun gevechtstechnieken te verbeteren, terwijl er een heerlijke geur vanuit de keuken werd vespreid. In de stallen stampte de paarden uit ongeduld, in de slaaphutten was het doodstil. Onder de indruk keek Zaroq rond. Voor hem kwam een jongen, niet veel ouder dan hen, op hen afgerend. ‘Hé’, zei hij verrast. ‘Jullie moeten Zaroq en Dréque zijn?!’ Zonder te wachten op antwoord begon hij aan een nieuwe woordenstroom. ‘Ik hoorde dat jullie uit Haïgo kwamen? Hoe dan ook, ik ben gevraagd om jullie wegwijs te maken. Aangenaam, ik ben Ut.’ Hij glimlachte kort. Zaroq bekeek Ut nauwkeurig. Hij was anders dan de mensen uit Haïgo. Kleiner, en licht gebruind. ‘Waar kom je vandaan?’ Vroeg Dréque geïnteresseerd. Ut leek een moment verbaasd. ‘Uit Tikja.’ Hij glimlachte weer. Verbaasd trok Zaroq zijn wenkbrauw op. ‘Hoe erg is het daar gesteld?’ Vroeg hij nieuwsgierig. Ut keek hem een moment roerloos aan. ‘Je wilt het niet weten’, antwoordde hij tenslotte hoofdschuddend. ‘Complete stukken van de stad zijn weggevaagd. Bevolkingsgroepen zijn bezweken onder het geweld van koning Uhgual.’ Verward staarde Zaroq naar de heuvels, beseffend dat het een veel zwaardere taak zou worden dat hij aanvankelijk had gedacht. Dit was nooit besproken in het dorp, evenals de ruzie. Ut leek de stilte ongemakkelijk te vinden. ‘Kom op, ik laat jullie alles zien.’ Tot Zaroq’s grote verbazing toverde de kleine jongen weer een glimlach op zijn gezicht. Dréque leek er niet op te letten. ‘Wat gebeurt er zoal de hele dag?’ Benieuwd wachtte het tweetal op antwoord. ‘Aannemend dat jullie nog een proeftijd voor de boeg hebben, moet je erop rekenen dat je wordt getest in vaardigheid met het wapen, je kunsten op het rijdier, en het leren van de nieuwe taal.’ Ut nam een korte pauze terwijl hij ongestoord door liep naar het oefenveld. ‘Afhankelijk van je prestaties word je uitgezonden naar Tikja, of je blijft hier.’ Zaroq liet het even bezinken. ‘Wat bedoel je met je kunsten op het rijdier? Ik zag dat er maar een stuk of vijf paarden in de stallen stonden.’ Ut knikte bevestigend. ‘Klopt, en geen van allen zijn bedoeld voor de strijd, enkel voor het verslepen van gewonden.’ Hij knipoogde, een teken dat hij niet meer kwijt wilde omtrent dit onderwerp. Pas toen ze aankwamen bij het oefenterrein vervolgde hij zijn verhaal. ‘Jullie zullen eerst jullie vechtkunsten moeten laten zien. Er worden verschillende wapens uitgeprobeerd. Later zullen de hoofden besluiten welke het beste bij jou past. Vervolgens wordt er getraind op conditie. Eerst zullen jullie 10 minuten intensief moeten vechten, twee keer op een dag. Dit wordt langzaam opgebouwd, totdat je een complete dag zou door kunnen vechten, zonder pauzes. Zoals je hoort is het een lang proces, dat zeer vermoeiend kan zijn.’ Hij draaide zich om naar Zaroq en Dréque. ‘Ik zal jullie je slaapplaatsen laten zien. Daarna kun je naar het oefenterrein komen, de hoofden verwachten jullie.’ Na die woorden liet hij hun slaapvertrek zien. Deze lag vlakbij het oefenveld. Aan de andere zijkant lagen nog drie andere langgerekte hutten, pas daarna kwam de keuken. Tegenover hun hut lagen ook nog vier vertrekken op een rij.

JoSav

Berichten: 4768
Geregistreerd: 08-02-05
Woonplaats: Verweggistan

Link naar dit bericht Geplaatst: 03-11-10 15:23

Allereerst, het schrijven van een goede fantasy is juist erg moeilijk, zeker omdat 'alles al eens gedaan is', het barst van de clichés en er veel slechte boeken in omloop zijn. Ik vind het dan een mooie mix van moed en naïviteit dat je het aandurft. :)
Waar ik in jouw geval het meest op wil hameren is "show, don't tell!"

Je maakt er ook een beetje een woordenbrei van. Er is geen opdeling, er zijn geen alinea's en geen overgangen, waardoor je tekst vermoeiend is en een beetje van de hak op de tak gaat.
Je mag ook wat meer leunen op de regel "show, don't tell" oftewel in plaats direct zaken te vertellen je karakters wat meer het woord te laten voeren in de vertelling en meer te laten volgen uit de situatie, expressie, gebeurtenissen, enz. Bijvoorbeeld, wanneer het broertje van Zaroq binnenkomt niet te vertellen dat Zaroq verbaasd is maar het te laten zien in zijn expressie, houding, woorden.

Als Zaroq Ut voor het eerst ziet vertel je dat Ut anders is, maar verder dan dat hij klein en licht gebruind is vertel je niet. Hoezo is hij anders? Omdat de rest groot en blank is? Dit is een uitgelezen kans om te laten zien wat Ut anders maakt; praat hij ook anders? Kleedt hij zich ook anders? Is hij heel erg van de handgebaren als hij vertelt of juist helemaal niet? Enz. En wederom, vertel dat dan niet, maar laat het zien.
Dan nog een voorbeeld: op het laatst knipoogt een van de personages zogezegd als teken dat hij over een onderwerp verder niets kwijt wil. Show, don't tell. Laat zien dat hij er verder niets over kwijt wil, zonder er expliciet bij te hoeven vertellen dat zijn houding dat verraadt. Dat is een uitdaging, een die weinig huidige schrijvers nog ter harte nemen, maar maakt je verhaal rijker, echter, vloeiender en pakkender.

Dat Zaroq in het begin moeite doet om overeind te blijven: je vertelt, maar je laat niet zien.

Je mag ook wat creatiever zijn over die houdingen, gelaatsuitdrukkingen en trekken van je karakters. Of is het heel natuurlijk dat ieder dorpslid nogal de neiging heeft om de wenkbrauwen op te trekken bijvoorbeeld? Of zich steeds om te draaien.

Ban ook de combinatie 'pas toen' uit je verhaal. Breid je woordenschat wat uit, wissel wat af, ook in de zinsbouw en lengte. let ook op directe woordherhaling. Dat kan een stilistisch opzettelijke keuze zijn, maar vaak leidt het onnodig af.

Bijvoorbeeld: '...regendruppels vielen naar beneden. De winter begon langzaam in te vallen.'
Ook mag je wat minder vertellen op wat voor manier iets gezegd wordt: wederom show don't tell. :) Je moet ook zo min mogelijk vertellen wie wat zegt; ook dat moet uit de tekst zelf rollen.

Over het begin: het is natuurlijk een cliché om met een gevecht te beginnen, maar dat is op zich helemaal niet erg. Wel is het zo dat je erin slaagt om iets dat potentieel heel spannend zou kunnen zijn op een dusdanige manier te verwoorden (dit dan dit, dan dit, en nu is de beer dood) dat je als lezer weinig kans krijgt de spanning aan te voelen, in het strijdgewoel te worden gezogen. Al gaat het ongetwijfeld allemaal heel snel, als je in een gevaarlijke of akelige situatie zit lijkt het voor jou soms een eeuwigheid te duren, terwijl er in werkelijkheid maar seconden of minuten voorbijgaan. Dat gegeven kun je omzetten in een verteltruk door het moment van strijd tussen Zaroq en de beer (ook vanuit de beer) wat meer te rekken, de spanning op te bouwen, de boog te spannen zeg maar. Dat vereist natuurlijk best wat oefening en ervaring, en dat komt met het schrijven vanzelf, maar met dat in het achterhoofd kun je het begin pakkender maken. En daarmee de lezer het gevoel geven of hij midden in een strijd om leven en dood verwikkeld zit en vanaf de zijlijn mag meekijken. :Y)

Let verder ook op je taal; er zitten wat grammaticale en stilistische fouten in (o.a. enkelvouden waar meervouden op hun plek zijn).
Je mag je tekst wat netter verzorgen en je zou kunnen letten op de punten die ik hierboven noemde om het naar een hoger niveau te tillen. Maar, al met al, is het zeker niet vervelend om te lezen en kijkt het ondanks dat het een grote massa is nog vrij lekker weg.

Oh, nog 1 klein punt: behalve jaartallen moet je getallen liefst altijd voluit schrijven. Dertig mijl dus, niet 30.

Leonyr

Berichten: 2558
Geregistreerd: 02-10-09
Woonplaats: Zuid Holland

Re: [VER] Onzeker over geschreven tekst.

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 03-11-10 16:20

Práchtig, ongelofelijk bedankt voor je uitleg! Ik krijg al weer kriebels om te gaan schrijven. :D

hamsterfan

Berichten: 4250
Geregistreerd: 09-11-07
Woonplaats: Velserbroek (bij Haarlem)

Re: [VER] Onzeker over geschreven tekst.

Link naar dit bericht Geplaatst: 03-11-10 18:59

Gaaf! :D