Citaat:
We kijken wat films en worden om half 4 wakker gemaakt door het kloppen op de deur. Als ik naast me kijk zie ik dat Jessica het nog niet gehoord heb. Ik stap voorzichtig van de bank af, wanneer ik rechtop sta voel ik mijn hoofd duizelen. Ik loop richting de deur en moet me vasthouden aan de deurklink. Wanneer ik de deur zachtjes opentrek zie ik dat Jason daar staat. “Gaat het?”, vraagt hij bezorgd. “Ja”, antwoord ik dapper en probeer de zwarte vlekken voor mijn ogen te negeren. Ik draai me om, om Jason binnen te laten en dat was de druppel, ik zak door mijn knieën en voel nog net twee armen die mij opvangen voordat ik op de grond val. Hij drukt me tegen zich aan en draait me voorzichtig om zodat ik met mijn gezicht naar hem toe kijk. “S-sorry”, brabbel ik zachtjes. Hij slaat zijn armen steviger om me heen en drukt me tegen zich aan en ik kan niet ontkennen dat het heel fijn en veilig voelt. Veel te snel laat Jason me alweer los en kijkt nog steeds bezorgd. “Zitten jij”, zegt hij streng. Jessica is inmiddels ook weer ontwaakt en we besluiten gezamenlijk wat te eten. Na het eten vertrekt Jason weer en laat nog een fruitschaal achter. Jessica belooft deze nacht nog te blijven slapen en morgenochtend wil ik weer te werk. Jessica en Jason waren het er allebei niet mee eens, maar ze kunnen niet tegen mijn koppigheid in. In de avond heb ik ook mijn moeder nog gebeld en alles verteld over de laatste dagen en ook over John. Ze was erg boos dat Steve er niet meer aan deed en ik moest haar beloven niet meer in de buurt van John te komen.
De volgende ochtend voel ik me gelukkig stukken beter. We zijn op tijd gaan slapen en ik heb aan één stuk doorgeslapen. Bij Leitz had ik eerst een gesprek met Steve. Hij verontschuldigde zich meerdere keren, maar ik bleef hem zeggen dat het niet zijn fout was. Hij kon John niet ontslaan, maar wel voor deze week schorsen, de vader van John schijnt een belangrijk man te zijn in Italië. “I told the rest what happend, I hope that is OK with you?”, vraagt Steve. Ik knik toestemmend. “The rest of your internship you will work with Jason, we both thought that was the best decision”, vertelt Steve verder. “Thank you Steve,” en ik sta op om weer naar het werk te gaan. “For the last time, my apologies Sara”, Steve lijkt er echt heel erg mee te zitten. “For the last time Steve, it wasn’t your fault, it’s OK, thanks for your help”, en ik loop het kantoor uit waar Jessica op mij staat te wachten. “Ging het wat?”, vraagt Jessica. “Het ging goed en nu wil ik er niks meer over horen goed?”, antwoord ik. Jessica kijkt me met een schuin oog aan maar loopt dan toch mee met me richting het pakhuis. Ik voel de blikken die medelijdend naar me kijken en dat bevalt me helemaal niet. Ik loop zo snel mogelijk naar Jason en ben blij dat we vandaag buitendienst hebben, weg hier. “Gaat ie?”, vraagt Jason belangstellend. “Het gaat prima”, snauw ik. “Had je de auto al ingeladen”, vraag ik wat vriendelijker als ik Jason zie schrikken van mijn antwoord. “Uh, ja, dat had ik al gedaan”, antwoord Jason duidelijk van stuk gebracht. “Sorry, ik wil er gewoon liever niet meer over nadenken goed?” “Oké, ik snap het, wil jij rijden?”, vraagt Jason en rinkelt met de sleutels in zijn handen. “Graag”, straal ik en ik zie dat Jason zijn glimlach ook niet kan tegenhouden. We hebben een heerlijke dag samen. We zijn langs veel verschillende adressen geweest, dus we hebben heel veel gezien van Italië. Jason blijkt nog een oudere broer te hebben van 28 jaar. Hij heeft zijn studie als commercieel medewerker afgerond en wilde dit doen als extra ervaring voor zijn verdere carrière. We zijn er achter gekomen dat we goed kunnen praten met elkaar, we bespreken werkelijk alles met elkaar. “Het lijkt echt alsof ik je al jaren ken”, zeg ik als we onderweg naar huis lopen. We hadden de bus nog wel kunnen halen als we gehaast hadden, maar we hadden rustig aan gedaan, want het was zo warm. Ik heb inmiddels al vijf nieuwe jurkjes gekocht, het is te warm voor een broek of iets wat daar op lijkt. “Dat gevoel heb ik nou ook”, lacht Jason.
De weken vliegen voorbij en we zijn inmiddels drie maanden verder, al op de helft van de periode. Het is vandaag donderdag en morgen ben ik vrij tot en met maandag want mijn vrienden komen over van het weekend. Ik sta vandaag werkelijk te stuiteren en de dag kan me niet snel genoeg gaan. “Doe toch is rustig gek”, Jason lijkt erg onder de indruk van mijn opgewekte stemming. “Ik kan gewoon niet wachten”, jubel ik. Ik heb het al helemaal gepland voor het weekend. Ze zouden morgenvroeg aankomen en dan zorg ik eerst dat ze uitgebreid kunnen ontbijten en gaan we lekker een dagje relaxen op het strand. In de avond zitten we lekker ouderwets aan mijn keukentafel om weer alles met elkaar te kunnen bespreken. Zaterdagmiddag gaan we op pad samen met Jason en Jessica en James die inmiddels een stelletje zijn. Zaterdagavond is er een muziekfestival in Verona dus daar kunnen we mooi heen met de auto. Ze pasten precies in één auto, Co, Pieter, Romy, Ray en Frank. Maandag zullen ze helaas weer vertrekken richting Nederland, maar daar wil ik nu nog niet aan denken. Als het eindelijk drie uur is en de bus voor de deur staat ruim ik alles in een rap tempo op zodat de werkplek weer netjes is. John is nooit meer op komen dagen, maar daar rouwt niemand om. “Ik ga nog even boodschappen doen, dus ik rijd niet mee, zou je dat ook even tegen Jessica willen zeggen”, informeer ik Jason. “Oké, maar doe je wel voorzichtig”, en ik zie Jason zijn gezicht betrekken. “Komt goed”, glimlach ik. “Ik waardeer je bezorgdheid, maar het is nu 2,5 maand geleden”. “Ik ben gewoon zuinig op jou goed”, antwoord Jason. “Dat is erg lief van je”, en ik voel mijn wangen rood kleuren dus ik draai me snel om. “Ik zie je zaterdag”, roep ik nog snel.
In de supermarkt trek ik alle afbakbroodjes en zakken chips uit de schappen. Ik zorg ook voor lekker beleg en natuurlijk genoeg drank. Gelukkig had ik genoeg tassen mee en is het niet ver lopen naar het appartement, want ik lijk wel een pakezel. Zodra ik thuis ben zet ik de afspeellijst op mijn laptop aan en begin snel even met boenen van mijn appartement. Ook verschuif ik de meubels in mijn woonkamer en keuken want er moeten natuurlijk drie luchtbedden kunnen liggen. Als ik alles klaar heb kijk ik tevreden in het rond en toets het nummer van Frank in, die met een vrolijke stem opneemt, “Saar!”. “He Frank, hoe gaat het met jullie?”, vraag ik. “Hier gaat alles goed, heb jij het al netjes gemaakt bij je thuis?”, ik hoor een hoop gepraat door elkaar heen. “Je staat via de luidspreker”, grinnikt Frank. “Hallo allemaal!”, roep ik door de telefoon. Ik hoor enthousiaste begroetingen en ik krijg mijn glimlach niet meer van mijn gezicht af. We kletsen wat over en weer, tot dat we onderbroken door de bel. Deze bel gaat eigenlijk normaal nooit, want het betekent dat er iemand voor het appartementencomplex staat beneden. “Momentje hoor, ik kijk even wie er beneden staat”. “Ja, doe die deur eens open!”, krijg ik als reactie van Frank. “Wat?”, vraag ik verbaasd. Ik ren via de trap naar beneden en sla bijna stijl achterover. “Jullie zijn er al!!”, roep ik uit en ik trek de deur open. “Je hebt de verrassing verpest trut”, Co komt als eerst door de deur en grijpt me stevig vast en tilt me van de grond. Gierend knuffel ik mijn vrienden één voor één. ”Ik ben zo blij dat jullie er zijn”. Dan gieren de vlinders door mijn buik en ik voel mijn knieën zwak worden. Piet. “He Saar”, hij drukt een zoen op mijn voorhoofd en trekt mij dicht tegen zich aan. “Ik heb je gemist”, fluister ik in zijn oor. “Ik jou ook”, glimlacht hij en hij laat me los en bekijkt me van top tot teen. ”Je ziet er goed uit”, zegt Pieter zachtjes en hij geeft mij zijn knipoog waar ik lang geleden op verliefd ben geworden. Het is jammer hoe het gelopen is, maar ik schud die gedachte van me af, dit weekend draait om ons allemaal. “Zijn jullie benieuwd naar mijn huisje?”, vraag ik enthousiast. We rennen als een stel kleine kinderen naar mijn kamer en er word enthousiast gereageerd. “Wat is het netjes”, prijst Romy. De jongens hebben allang hun tassen om de grond neergegooid en lopen al onderzoekend door mijn appartement heen. “Het is maar goed dat jij er nog bent Room, jij ziet het tenminste”, grinnik ik. “Ik kan gewoon niet geloven dat jullie er zijn!”. Alle spullen worden uitgepakt en de luchtbedden worden opgepompt. We genieten van de muziek, van ons samenzijn en er word weer flink gelachen. “Zal ik even wat snack voor ons halen?”, stel ik voor terwijl iedereen druk bezig. Iedereen stemt in en ik maak vluchtig een lijstje. “Zal ik even met je meegaan”, stelt Pieter voor. “Jij krijgt je tijd nog wel, ik wil nu even met mijn buurmeisje op stap”, buldert Co en hij stompt Pieter op zijn arm. Co trekt mij grinnikend met zich mee en ik kan nog net een verontschuldigende blik werpen naar Piet die er gelukkig ook om kan lachen. Binnen een uurtje zijn we weer terug en dankzij Romy is gelukkig de tafel gedekt. “Voedsel!”, roept Co en hij zet de tas op tafel waar iedereen gretig naar begint te graaien. Na het eten word de drank op tafel gezet en word ik op de praatstoel neergezet. Ik vertel alles over mijn eerste dag, Jessica, Leitz, en het land en iedereen luistert aandachtig. “Ik denk dat jullie nog nooit zo stil zijn geweest”, sluit ik mijn verhaal af. “Jullie zullen ook wel moe zijn”, als ik de groep rond kijk zie ik kleine oogjes. Het is ook alweer half twaalf, dus we besluiten allemaal naar bed te gaan. Romy slaapt bij mij, Pieter slaapt met Frank en Co en Ray liggen ook samen in een bed. “Welterusten”, roep ik nog richting de woonkamer, maar iedereen is al in dromenland verzonken en tevreden val ik dan ook in slaap.