Zoals de titel al zegt: ik heb zelf een paardenverhaal in elkaar geknutselt
ik ben benieuwd wat jullie er van vinden: ( Dit is alleen nog maar hoofdstuk 1! )
Ester
Ontdekt de paardenwereld
Hoofdstuk 1.
De eerste keer.
Het zonlicht schijnt door het raam als Ester wakker word. Ze stapt uit bed en kijkt uit het raam. “Wat een prachtige dag…”Zegt ze dromerig. Dan ziet ze de kleren die over haar stoel hangen. Ja! Denkt ze. Vandaag is de dag. Ze pakt de mooie licht/donker bruin geblokte rijbroek van haar stoel. Ze kijkt ernaar. “Perfect” Zegt ze. Ze trekt hem aan, pakt de rijsokken en het shirt met een paardenhoofd erop en trekt die ook aan. Dan kijkt ze in de spiegel. Het zit haar als gegoten. “Lang niet gek” Zegt ze tot haar verbazing. Al die spullen heeft ze van haar buurmeisje Vera gekregen. Die is al wat ou-der en rijd al wel 12 jaar. Ze had nog heel veel dingen die haar niet meer pasten, dus mocht Ester die allemaal hebben.
Ester loopt naar de badkamer, pakt haar borstel en borstelt haar haar. Ze pakt een elastiekje en maakt een heel lange vlecht in haar mooie, lange, blonde haar. Ze wast haar ge-zicht, poetst haar tanden en met een muntige smaak in haar mond loopt ze naar beneden. “Goede morgen” Zegt haar moeder tegen haar als ze de keuken binnenkomt. “Lekker geslapen?” Vraagt haar vader, die de krant aan het lezen is. “Heerlijk” Antwoord Ester. Ze gaat aan de eikenhouten keukentafel zitten, waar haar brood al klaar staat. Ze kijkt op de klok. “Hoe laat heb ik ook al weer les mama?” Vraagt ze. “10 uur” Antwoord haar moeder “Dan moet je om half 10 weg. Toen ik belde zeiden ze dat je er om kwart voor tien moet zijn” “Oke”knikt Ester. “Dan gaan we zo weg, oke pap?” Vraagt ze. “Ja, maar eerst je brood opeten” Antwoord haar vader. “Ja, ja. Ik ben al bezig” Zegt ze snel terwijl ze een hap van haar boterham met Hagel-slag neemt. Ze loopt met haar lege bord naar de vaatwasser en zet haar bord en beker erin.
Dan loopt ze naar de gang, waar haar joppes en Japs al klaar staan. Ze trekt haar joppes aan en doet de Japs eroverheen, Vera heeft haar gisteren precies laten zien hoe het moet. Ze pakt haar cabtas. Doet haar cab, handschoenen, een flesje ranja en een liga erin en rent naar de auto. Haar vader komt haar al achterna en start de auto. Zenuwachtig zit Ester aan het bandje van haar cab te frieme-len. “Ben je zenuwachtig?” Vraag haar vader. “Een beetje” Ant-woorde Ester. “Het komt allemaal wel goed” Zegt haar vader. Maar dat stelt Ester nog niet gerust.
Dan opeens ziet Ester voor een lange oprijlaan een bord hangen waar in grote rode letters opstaat: Rijschool De Paardenhoeve. Haar vader draait de met kiezelstenen bedekte oprijlaan in en in een wei aan de linkerkant van de oprijlaan ziet Ester achter een mooi bruin-houten hek 3 prachtige Schimmel Arabieren staan grazen. Als ze naar de linkerkant kijkt ziet ze een klein weiland met hoge sprongen staan. Tot haar grote vreugd ziet ze dat er een vrouw op een groot Bruin paard met Zwarte manen aan het springen is. Die sprongen moeten minstents 1 meter hoog zijn. Toen Ze aan-kwamen op de manege zag Ester tot haar verbazing dat het er helemaal niet zo klein was, zoals ze had gedacht. Haar vader parkeerde op de parkeerplaats met kiezelsteentjes als onder-grond. Ester stapt uit en kijkt vol verbazing naar het grote stalgebouw. Haar vader loopt er al naar toe en snel loopt ze achter hem aan. Als ze door de poort die naar het stalgebouw leidt zijn, ziet Ester dat er nog heel veel grote stalgebouwen zijn.
“Wow…” Mompelt ze in zichzelf. Ze stapt het stalgebouw binnen via de mooi geschuurde houten deuren die opengeklapt tegen de muren staan. Links en rechts van haar staan stallen met paarden. Allemaal meisjes lopen rondt met paarden, veu-lens, zadels, borstels en nog veel meer. Ester kijkt haar ogen uit. Haar vader loopt naar de bak, en Ester loopt snel achter hem aan. Middenin de bak staat een slanke jonge, roodharige vrouw. Ze roept dingen naar de meisjes die aan het paardrijden zijn, en de meisjes doen precies wat ze zegt. Dan kijkt ze naar Ester en loopt meteen naar haar toe. “Hallo, ik ben Kirsty” Zegt ze vriendelijk. Kirsty geeft Esters vader een hand. “Aangenaam” Zegt hij. “En, wie ben jij?” Vervolgt ze te-gen Ester. “Ester” Antwoordt ze. Er loopt een meisje achter hun langs. “Yvonne? Op welke pony moet jij straks?” Vraagt Kirsty aan het meisje. “Tjatja, hoezo?” Antwoordt Yvonne. “Nou, dan ga jij op Tjatja goed Ester? Want dan kan Yvonne meelopen” Zegt Kirsty “ Meestal doen we dat niet hoor, maar anders moet je op Bits, en dat is een gevorderde pony. Hij kan erg lastig zijn en ik wil niet dat je er vanaf valt.” “Oke” Zegt Ester maar.
“Kom maar mee” Zegt Yvonne en ze wenkt Ester dat ze mee moet komen. Ester en haar vader lopen achter Yvonne aan. Yvonne loopt door de gang met links en recht paarden en doet aan het einde van de gang een deur open. Als Ester bin-nenstapt, weet ze niet wat ze ziet, overal liggen zadels, hoofdstellen, borstels, halsters, laarzen, cappen, zwepen en nog veel meer. Yvonne loopt naar een zadel, boven het zadel hangt een gouden bortje waarop staat: Tjatja. “Jij mag het za-del ook wel meenemen, maar het lijkt me verstandiger als ik het doe” Lacht Yvonne. Ze pakt het hoofdstel en legt die over haar schouder. Dan laat ze het zadel soepel in haar armen glijden. “Kom maar mee” Zegt Yvonne. Ze loopt weer door de gang met paarden het erf op. Ester en haar vader lopen meteen achter haar aan. Dan gaat Yvonne een stal in, de stal van de pony’s blijkbaar. Er zijn 20 boxen aan elke kant, 40 pony’s in totaal dus. Yvonne loopt al pratend over de pony’s verder.
“Op deze manege is het makkelijk om je pony te vinden, want er staan naambordjes op de stallen. In sommige maneges is dat niet zo, een vriendin van mij is een half uur bezig geweest om haar pony te vinden” Yvonne hangt het zadel over een staldeur. Meteen steekt een Vos haar hooft over de staldeur en kijkt Es-ter nieuwsgierig aan. “Hoi, Tjatja” Begroet Yvonne de pony terwijl ze over de zachte neus van de koperkleurige merrie aait. Ester Aait de pony nu ook. Wat geweldig, denkt ze. Straks zit ik op haar rug. Yvonne pakt een borstel uit de poetskist die bij de stal staat. “Elke pony heeft een eigen poetskist, dat is duur, maar wel heel hygiënist” Vertelt Yvon-ne. “Pak maar een borstel hoor, Ester.
Op de manege waar mijn vriendin rijdt, doen alle pony’s samen met borstels. Als 1 paard een huidziekte krijgt, is het heel goed mogelijk dat al-le pony’s dat dan ook krijgen. Maarja, wat die je eraan?” Ra-telt ze verder. Ester pakt een borstel en loopt samen met Yvonne de stal in. Yvonne laat zien hoe je een pony moet bor-stelen. “Met korte, stevige slagen” Zegt Yvonne. Esters vader staat er bij en kijkt geïnteresseerd toe. Als de pony schoon is pakt Yvonne het hoofdstel. Ze kijkt op haar horloge. “O, het is al 5 voor 10!” Zegt ze geschrokken. “Ik laat je een an-dere keer wel zien hoe je een pony moet opzadel, oke?” Vraagt ze. “Goed” Antwoordt Ester. Binnen 2 minuten heeft Yvonne de pony kant-en-klaar. Ze geeft Ester de teugels. “Neem jij hem maar mee, ik loop wel aan de andere kant” Vastberaden pakt Es-ter de teugels, met Yvonne aan de andere kant en haar vader naast haar loopt Ester naar de bak. Daar eenmaal aangekomen ziet Ester dat er al een hele rij pony’s staat. 8 Pony’s heeft ze geteld.
Dan doet Kirsty de houten deurtjes die naar de bak lijden open en de meisjes stappen met hun pony’s naar binnen. De andere meisjes, die in de les voor hen hebben gereden zit-ten nog op hun pony’s en wachten tot de ingang van de bak vrij is. Dan stappen ze op hun pony’s achter elkaar de bak uit. Yvonne staat stil met Tjatja in het midden van de bak. Ze trekt de singel aan en haalt de beugels naar beneden. “Als je opstapt, moet je altijd aan de linkerkant van je paard staan. Ik heb wel eens meisjes gezien die aan de verkeerde kant op-stapten, dat werkte niet echt. Je doet je linker voet in de beugels en trekt je met je armen op aan het zadel” Zegt Yvon-ne, terwijl ze het voordoet. Als Yvonne weer in afgestapt schuift Ester haar voet in de linkerstijgbeugel. Met moeite stekt ze zich op aan het zadel.
Ze zwaait haar rechterbeen over de zadelboom heen en ze zit. Ze kijkt naar beneden. “Wat hoog!” Zegt Ester verbaast. “Ja, als je ernaast staat lijkt het niet zo hoog, maar als je erop zit…” Lacht Yvonne. Ester kijkt is rond, vanaf de rug van Tjatja kan ze alles goed be-kijken. Bij sommige pony’s lopen meisjes mee, andere doen het zelf. “Zo, is het allemaal gelukt?” Vraagt Kirsty. “Ja!” Schreeuwen alle meisjes. “Zo mag ik het horen” Zegt Kirsty op-gewekt. “Aan de slag dan maar”. Alle meisjes stappen rondjes door de bak. “Handen iets lager Nadia. Als Lila langzamer gaat dan moet je je kuiten in zijn buik drukken Sandra. Goedzo Es-ter” Zegt Kirsty tegen de meisjes. “En nu gaan we een stukje in draf, probeer te staan en te zitten op het ritme van de po-ny, op het verkeerde of goede been lichtrijden komt later nog wel. Het is nu belangrijk dat jullie er niet af vallen” Zegt Kirsty en ze lacht even.
Het voorste meisje dat alleen rijd wacht tot Kirsty wat gaat zeggen. “In draf… Maruss” Het voors-te meisje schopt haar pony flink in zijn buik en de pony be-gint meteen hard te drafen. “Rustig Elaine, je hoeft de trem niet te halen” Roept Kirsty. Elaine gaat rustiger drafen en de meisjes kunnen het weer bijhouden. Ester probeert het staan en zit. Het lukt aardig, maar Ester blijft het lastig vinden. Es-ter kijkt naar Yvonne, die rent met Tjatja mee alsof ze nog nooit anders gedaan heeft. Kirsty legt 4 balken neer op de hoefslag. “Als je over de balken heengaat” Vertelt Kirsty. “Is het de bedoeling dat je in de verlichte zit gaat zitten. Dan ga je in de beugels staan, en leun je als het ware naar voren, daardoor wordt je evenwicht beter en val je minder snel van de pony af. Probeer het maar” De meisjes gaan eroverheen, ze vin-den het zo te zien allemaal nog wel een beetje lastig.
Dan valt het Ester op dat haar vader glimlachtent toe staat te kijken. Ester glimlacht terug naar hem. “Kom allemaal maar op de binnenhoefslag stappen” Zegt Kirsty als ze allemaal een paar keer over de balken geweest zijn. Kirsty legt de balken weg. “Elaine, jij kan het alleen wel. Begin jij maar” Elaine galoppeert netjes aan en krijgt na een paar rondjes een com-plimentje van Kirsty.
“Elaine, jij mag volgende week wel in de les van 9 tot 10, dan leer je alle figuurtjes, en daarna mag je zelf weten welke kant je op wilt. Dressuur, springen of mennen.” Vertelt Kirsty bemoedigend aan Elaine. Die knikt en straalt helemaal. Ieder-een is nu geweest, behalve Ester. “Wil jij ook een keer Es-ter?” Vraagt Kirsty. “Het hoeft natuurlijk niet” zegt ze er gouw achteraan. “Doe maar niet” Zegt Ester voorzichtig. “Oke, dan gaan we nu uitstappen” De meisjes doen hun teugels op het langste en hun voeten uit de beugels. Yvonne loopt nog een paar rondjes mee en laat Tjatja dan stoppen in het midden van de bak. “Mag ik nu?” Vraagt Yvonne. “Ja, maar hoe kom ik eraf?” Vraagt Ester een beetje onzeker.
Yvonne begint te la-chen. “Voeten uit de beugels, en je rechterbeen over het zadel heen zwaaien” Commandeert ze lachend. Als Ester van de rug van Tjatja af is komt haar vader aanlopen. “En? Vind je het wat?” Vraagt hij. “Ik vind het zo leuk! Mag ik volgende week weer?” Vraagt Ester opgewonden. “Ik vind het goed” Zegt Esters vader. “Maar kom, we gaan nu naar huis”. “Mag ik niet blijven?” Vraagt Ester smekend. “En dan moet ik je straks zeker weer op-halen?” Vraagt haar vader spottent. “Ze mag wel met mij mee, dan mag ze de hele middag wel blijven” Bemoeit Yvonne zich er-mee. “Mag dat?” Vraagt Ester met een beetje hoop. “Oke, bel me maar op als ik je moet ophalen” Zegt haar vader.
“Jippie!” Juichen Ester en Yvonne. Ester zegt haar vader gedag en gaat naar de kantine, vanaf daar kan ze precies de springles van Yvonne volgen. Aan het eind van de les ziet Ester dat er klei-ne koetsjes met pony-tjes ervoor de bak binnenkomen. Ester gaat gouw naar Yvonne. “Waarom rijden die meisjes niet op hun pony’s?” Vraagt Ester verbaast. “Dat heet mennen” Antwoord Yvonne “Als jij goed kunt rijden en alle figuurtjes kent, kan jij dat ook gaan doen hier”. “Cool!” Roept Ester meteen. Dat lijkt haar wel wat. Yvonne brengt samen met Ester Tjatja naar haar stal en zadelt haar af.
Ze brengt gouw het zadel weg en gaat met Ester naar de kantine. Yvonne haalt een flesje water uit haar tas en neemt een slok. Ester heeft ook wel dorst ge-kregen en drinkt ook wat. Ze volgen de menles precies. De koe-tjes, 4 in totaal, moeten om pionnen heen in stap draf en ga-lop. Vanaf de kantine kun je ook de parkeerplaats zien, Ester ziet dat Yvonne daarnaar staart. Als Ester ook naar de par-keerplaats kijkt ziet ze dat er een witte limousine het grind op komt rijden. “Daar zul je Dennis hebben!” Roept Yvonne.
Ik ben benieuwd wat jullie er van vinden!
Als je iets niet goed vind, en je vind dat ik dat moet verbeter,
zeg dat dan gerust. Ik sta open voor commentaar.