Ik zou graag willen weten wat jullie er van vinden! Ik weet dat het heel amateuristisch is en dat er zeker nog wel fouten in kunnen zitten, daarom plaats ik dit, om die te vinden! (en natuurlijk voor jullie reactie)
Dit is het eerste deel (hoofdstuk) van (hopelijk) meerdere delen.
Het wordt uiteindelijk geen groot project, ik heb het ook op A5 formaat geschreven, zodat voor mijn gevoel ik wat meer pagina's heb. Dat ontmoedigt minder
Ik ben 14 jaar, dus verwacht geen grootste dingen!
(een wees een beetje lief
)Oh ja, op de punten dat er bij mij in word een pagina eindigt, plaats ik een enter

Citaat:“Op wie sta jij te wachten?” vraagt Jessie aan het meisje naast haar op het perron.
“Op mijn oom.” zegt ze. “Die komt van het vliegveld. En jij?”
Een metro rijdt het station in en mensen met koffers in nette pakken rennen als opgefokte wildebeesten naar de metro.
“Sorry, ik verstond het niet, wat zei je?” zegt Jessie.
“Op wie wacht jij?” herhaalt het meisje. Ze lijkt helemaal niet onder de indruk van de drukte en blijft voor zich uit staren.
“Op een vriend, we zijn allebei een dagje alleen op stap geweest.” vermeldt Jessie vrolijk.
“Leuk! New York is een heel gezellige stad.”
“Dat is het zeker! Hoe heet jij eigenlijk?” vraagt Jessie.
“Emily. Jij?” zegt ze vrolijk. Ze draagt een rok met een felrode legging en een wit blouseje met gilet. Het past wel bij haar.
“Jessie. Leuk je te ontmoeten!”
“Dus, wat heb je vandaag dan bezocht?” vraagt Emily.
“Ik kijk op TV wel eens naar een programma, Animal Cops? Ik wilde een keer in het echt bij de SPCA langsgaan.”
“Een dierenvriend dus? Mijn oom wil er een hond gaan adopteren. Mijn tante wil al heel lang een hond. Hij is nu weer voor twee weken in New York, alleen voor die hond!” vertelt Emily met veel vreugde. “En voor mijn tante natuurlijk.” de twee meiden lachen.
“Wat leuk! Waar was je oom heen geweest?”
“Naar Hawaï. Ik heb hem al heel lang niet meer gezien! Alleen op TV.” zegt Emily, terwijl ze steeds zachter gaat praten.
“Op TV? Maakt hij een documentaire daar?”
“Nee joh, hij speelt daar in een serie.” Emily geeft Jessie een knipoog. “En nu vroeg hij of ik hem op kon wachten.”
“Nou, dan is mijn vriend meneer Obama!” Jessie lacht.
“Haha! Nou, dan hebben we hier straks nog veel mensen om ons heen staan! Dat wordt lachen!” schatert Emily.
“Alles kan hier in Amerika zeggen ze toch?”
“ Nee, maar even serieus, je maakt een geintje toch?” Jessie kijkt een beetje vreemd naar Emily, ze lijkt het wel te menen!
“Nee, ik maak echt geen geintje! Wacht nou maar gewoon af, dan zal je het zien met je eigen ogen, misschien herken je hem wel. Met welke metro komt jouw vriend aan?”
“Met die gele lijn, ik weet de naam even niet. Broadway Local?” zegt Jessie.
“Dat kan. Die lijn heeft mijn oom ook. Hij kan elk moment aankomen.”
Jessie kijkt naar het bord en, inderdaad, de volgende metro komt het station al binnen over 2 minuten.
“Hoe weet je dan dat dit de goede metro is?” vraagt Jessie.
“Leer mij de metro kennen.” zegt Emily.
“Ik ga met de metro naar school, naar dansen, naar familie. Ik ken ze uit mijn hoofd. Elk station, hoe lang een afstand duurt, alles eigenlijk wel. Ze zijn zowat mijn tweede huis!” lacht ze.
*Brrrrrr! Brrrrrr!* *Brrrrrr! Brrrrrr!*
“Dat is mijn telefoon! Wacht even!” Jessie pakt haar mobiel.
“Met Jessie. Hoi lief! Wil je voor mij even doen alsof je Obama bent? Nee, natuurlijk niet. De volgende metro? Ok! Spreek je zo! Doei lief!”
“Was dat Obama? Welke taal was dat?” Emily kijkt verbaasd.
“Haha, dat is Nederlands. En dat was inderdaad Obama. Hij zit ook in de volgende metro.“ zegt Jessie.
“Ik wist niet dat je uit Nederland kwam! Je engels is echt heel goed!” ze staat met een open mond en steekt twee duimen omhoog. “Knap hoor! Als je niets verteld had, had ik het niet gemerkt! Is je vriend ook Nederlands?”
“Dankje! Ja, hij is ook Nederlands. We zijn afgestudeerd en maken een soort wereldreis.” Jessie is erg blij met het compliment.
“Wat superleuk!”
Een metro raast het station binnen en Jessie loopt naar voren.
“Kom je niet mee?” vraagt Jessie aan Emily.
“Nee, we hebben bij deze pilaar afgesproken. Ga jij je vriend maar halen.” Emily geeft Jessie weer een knipoog.
De deuren van de metro gaan open en een stroom van mensen komt door de deuren. Een jong volwassene, ongeveer 23 jaar, stapt uit en kijkt links en rechts.
Jessie zwaait naar de jongen die vervolgens terug zwaait. Hij loopt met een behoorlijke pas richting Jessie. Hij komt niet zonder slag of stoot aan, rechts en links moet hij zich verontschuldigen voor een botsing.
“Jessie! Je gelooft het niet! Weet je wie er bij mij in de wagen zat!” de jongen praat zo luid dat er een kleine echo ontstaat.
“Ik geloofde mijn ogen niet!”
“Joshua, doe eens even rustig! Je lijkt wel een doorgedraaide randdebieltourist!” zegt Jessie op een snauwende toon.
“Jij bent gewoon jaloers!” Joshua zet zijn handen in zijn zij, maakt zich lang en gooit zijn kin in de lucht.
“Ach, welnee! Ik heb echt een een geweldige dag gehad! Al die lieve katten en honden! Ik mocht zelfs even in de stallen kijken! Maar, wie zat er bij je in de wagen dan?”
“MICHAEL EMERSON!”
“NEE!”
“JA!!”
“NEE!!!”
“JAHAH! ECHT WAAR!!!!
“NEE! NIET WAAR!!!!!”
“JA ECHT! ECHT WEL!!!!!!”
“OH MY GOD!”
Jessie en Joshua springen samen op en neer en gillen de longen uit hun lijf. Mensen kijken hun raar aan.
“Maar waar is hij nu dan?” vraagt een opgewonden Jessie.
“Hoe moet ik dat nou weten?” zegt Joshua.
“Heb je een foto genomen?”
“Ja! Hij is niet heel mooi gelukt, maar het is een foto.”
“Laat zien! Laat zien!” Joshua pakt zijn IPhone uit zijn zak en laat met veel trots de foto van Michael zien.
“Wauw! Het is hem echt! Onze vrienden zullen gek worden!”
“Ja echt wel!” Joshua trekt een big smile naar Jessie en stopt daarna zijn mobiel weer terug in zijn broekzak.
“Maar ik wil je even aan iemand voorstellen Josh. Ik heb haar ontmoet op het perron, terwijl ik aan het wachten was. Kom, ze staat daar verderop bij die pilaar.” Jessie trekt Josh mee aan zijn arm en Josh lacht vriendelijk naar alle mensen die rare blikken trekken.
Ze staan bij de pilaar maar Emily is nergens te bekennen.
“Huh? Ze was hier net nog!” zegt Jessie
“Jess, misschien zijn ze al naar huis gegaan.” zegt Joshua.
“Nee, ze wilde Obama nog zien.”
“Je bedoelt mij dus! Hahaha!” ze schateren het uit.
“Ah! Daar is ze!” Jessie zwaait naar Emily en ze zwaait terug.
“Daar ben je! Mijn oom kan me niet vinden, ik heb hem even opgebeld. Hij wordt ook al wat ouder weet je. Haha!”
“Haha! Emily, dit is Joshua. Joshua, dit is Emily.”
“Hoi! Leuk om je te ontmoeten!” ze schudden elkaar de hand.
“Insgelijks! Wat een eer dat ik eindelijk Obama ontmoeten mag! Haha!” Emily lacht vriendelijk naar Josh en naar Jessie.
“Weet je wie ik net in de.....” maar Josh kan niet uitpraten.
“Daar is mijn oom!” ze kijkt langs de rug van Josh.
Jess en Josh draaien zich om.
“Hoi Emily! Lang niet gezien!” hij loopt naar Emily toe en geeft haar een enorme knuffel.
“Heey! Wat heb ik jou lang niet gezien! Leuk dat je weer in New York bent!” Emily laat hem los en draait zich naar Josh en Jessie. Josh staat met open mond te kijken naar het tafereel dat zich hier afspeelt. Jessie sluit met haar handen de mond van Josh die enkele seconden blijft hangen om daarna weel open te vallen.
“Dus, dit is je oom?” vraagt Jessie, zeer verbaasd.
“Ja! Ik zei toch al dat je hem zou herkennen!” ze glimlacht.
“Uh, hoi! Ik ben Jessie!” ze schudt hem de hand.
“Hoi! Ik ben Michael!”
“Josh, JOSH! Wakker worden man! Stel jezelf eens voor!” Jessie kijkt gespannen naar Josh die eindelijk wakker wordt.
“Hai, hoi, hey, hallo, uh, ik ben, uh, JOSH! Oh ja, Josh! Haha, uhuhm...” Josh schudt Michael de hand.
“Hoi, ik ben Michael! Aan je reactie te zien herken je me. Maak je geen zorgen hoor, ik bijt niet.” Michael geeft Josh en Jessie een oprechte glimlach.
Oh ja, voor als het je nog niet is opgevallen, ik ben een grote fan van Michael.
( Zou het echt?
)Groetjes, Maartje
)