Ik weet nog dat ik eeuwen geleden hier eens verhalen heb gepost, maar die zo slecht waren dat ik er liever niet mee verder ging.
Nu, na heel lang oefenen, toch maar weer eens de stap gewaagd om een verhaal te schrijven wat niet fanfiction gericht is. Omdat ik graag tips en kritiek wil waar ik wat mee kan, heb ik besloten het hier te posten in delen, zoals de meesten dat hier dus doen.
Veel plezier met lezen!
Citaat:Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 1.
Met een hoofd vol gedachten staarde Louise naar buiten. Het gezeur van haar wiskunde leraar tetterde haar ene oor in en het andere oor weer uit. Hoe wist je wat een prisma was en waarom gingen mensen daarmee de fout in. Hallo, wat boeide haar dat in vredesnaam? Wiskunde was een van haar slechte vakken en waarom zou ze zich in gaan zitten voor iets wat haar niet eens boeide? Dat was nutteloos en het vrat tijd. School vrat sowieso al te veel tijd, al twee jaar lang. De brugklas viel nog mee, maar dit jaar was gewoon echt een hel. Het enige fijne was dat de zomervakantie dichterbij kwam; nog vier lutteloze weken en dan had ze vakantie! Afspreken met vrienden, lol maken en uitgaan. Dit jaar hoefde ze zelfs niet mee met haar ouders; ze mocht na lang zeuren thuis blijven. Natuurlijk wilde haar broer het zelfde, met als resultaat dat zij tweeën zo’n drie weken alleen thuis zouden zitten. Ach, alles wat toch beter dan nutteloos met je ouders op een strand te hangen?
‘’Hé muts, de bel ging. Het is pauze.’’ hoorde ze haar beste vriendin, Natasha, gillen. Geïrriteerd door het gegil propte ze haar boeken in haar tas en stond ze onverstoord op. Een grijns speelde rond de lippen van Natasha. Ze kon hem niet plaatsen, maar tegelijkertijd had ze niet eens zin om daar moeite voor te doen. Hoofdschuddend liep ze met haar het lokaal uit terwijl ze hopeloos naar het gepraat over de vakantie luisterde. Al weken praatte ze nergens anders meer over en op het moment irriteerde ze zich daar ongelooflijk aan. Alsof er niks beters was om over te praten?
‘’En jij, wat ga jij doen in de vakantie?’’ Met opgetrokken wenkbrauwen keek Louise haar vriendin aan.
‘’Dat vraag je me elke dag en elke dag krijg je het zelfde antwoord. Zoek een ander onderwerp of laat me anders gewoon met rust.’’ mompelde ze bot tegen haar terug. De verdere loop naar de aula leek voor haar gevoel een eeuw te duren, terwijl het slechts enkele lutteloze minuten waren. De zwijgzaamheid maakte het ondraagbaar ook al had ze met iedere andere gek kunnen gaan praten uit haar klas. Het enige nadeel was dat Natasha gewoon haar enige goede vriendin was; haar overige vrienden waren gewoon compleet gestoord en zag ze alleen in de pauze. Nu dus.
Met een zwaar uitgestreken gezicht nam ze plaats bij de rest van de mensen. Het waren nog steeds dezelfde mensen als vorig jaar al leken sommigen toch enigszins verandert te zijn ten opzichten van het vorige jaar. Zo gingen ze met anderen mensen om en was haar groep van kennissen gegroeid. Dat niet alleen; sommigen hadden compleet andere stijlen uitgewerkt. De hele groep was nu echt een mengelmoes van punk, kak, hiphop, hardcore, nerds en middelmatige. Het aantal mensen wat met elkaar omging was erg groot geworden en gek genoeg kwamen ruzie’s maar erg weinig voor. Je merkte vanzelf wel wanneer mensen je begonnen te haten; tegen een groep zo groot als deze durfde toch niemand op. Zowel in school als buiten de school niet.
‘’Louise, kijk niet zo.’’ Het was Amber die haar mond open trok. Met open mond keek ze haar aan en rolde toen haar ogen. ‘’Godsamme, doe vrolijk of hoepel op.’’
‘’Amber, houd je in. Het is dat je bevriend met Emma bent, want anders praatte ik echt niet met je.’’ Na haar woorden keek Louise haar strak aan. Een reactie kreeg ze echter niet meer. Amber was een van de weinige die ze echt niet kon uitstaan. Het was een typisch meisje wat altijd maar vrolijkheid wilde en er niet tegen kon als mensen eens chagrijnig waren, terwijl ze zich diep van binnen misschien super ellendig voelde. Emma was ook zo’n iemand, al had zij er geen problemen mee als mensen eens chagrijnig waren. Dat was ze zelf namelijk ook nog wel eens. Zij kon er mee leven en gaf geen commentaar. Op dat vlak was ze heel anders dan Amber.
Vanuit haar ooghoeken hield ze Amber in de gaten. Ze was super vrolijk bezig met iemand anders, zo vrolijk dat het niemand opviel dat ze haar boterhammen had weggegooid. Misschien was het toeval en vond ze het niet lekker? Hoewel ze Amber niet graag mocht, wilde ze dit wel in de gaten gaan houden. Waarschijnlijk was het toeval, maar een extra paar ogen op iemand houden kon toch geen kwaad?
Frans, het laatste uur van de dag. Wat was dat een vreselijk saai vak. Ze snapte er niks van en dat wilde ze graag zo houden. Misschien was ze wel te dom om het te snappen, of kwam het net als bij wiskunde puur door het gebrek aan interesse. Toch, voor wiskunde haalde ze wel nog voldoendes. Voor dit vak gewoon echt niet. Puur uit verveling begon ze naar het gepraat van het joch wat voor haar zat te luisteren. Hij had het over een of andere vriend uit Amsterdam die in de zomervakantie langs zou komen. Opnieuw bracht dit haar aan het denken. Ze wist eigenlijk wel dat ze alleen thuis mocht blijven en wat haar plannen waren op lange termijn, maar wat wilde ze nou eigenlijk écht gaan doen in de vakantie? Misschien kon ze een dagje naar de zee gaan, of op het laatste moment nog een dagje naar het buitenland gaan. Berlijn klonk wel aantrekkelijk, hoewel ze Londen toch leuker zou vinden. Het punt was alleen dat Berlijn waarschijnlijk minder zou kosten.
Verschrikt keek ze opzij toen ze ineens op haar bovenbeen werd geslagen door Natasha. Verbaasd deed ze hetzelfde terug en hard gelach volgde. Soms snapte ze haar eigen humor niet eens, nu ook niet.
‘’Waar was dat voor nodig?’’ vroeg ze, eenmaal uitgelachen.
‘’Je zat weer een beetje te slapen, dus het was mijn plicht om je wakker te maken.’’
Glimlachend schudde Louise haar hoofd en keek naar buiten. Het geroezemoes in de klas was nu drie maal zo erg, waarschijnlijk doordat zij tweeën als eerste door de uitleg heen hadden gepraat van hun lerares. Het was wel grappig, want ze deed er eigenlijk niks mee. Dreigen, maar dat kon iedere gek toch? Al het hele school jaar werd er door haar les gepraat, en nog nooit had iemand straf gehad. Wat kon school soms toch grappig zijn.
‘’Dus, we zijn het eens dat we morgen naar de stad gaan met zijn allen?’’
Het was het voorstel van Emma tegenover de hele groep. Zo’n beetje iedereen stemde in, behalve Amber. Ze schudde haar hoofd en mompelde iets over andere plannen voor morgen. Voor één moment keek iedereen haar aan en vervolgens slenterde iedereen door naar zijn of haar fiets. Louise deed hetzelfde, alleen volgde ze Amber in plaats van Natasha. Haar fiets stond in het zelfde hok en feitelijk woonden ze in de zelfde straat, dus misschien dat ze voor één keertje met Amber mee kon fietsen en kon vragen waarom ze niet mee ging. Ze mocht Amber dan wel niet, maar ze gedroeg zich wel erg vreemd op het moment.
Nadat ze haar fiets had gepakt en zich had verontschuldigt bij Natasha, fietste ze achter Amber aan.
‘’Boe!’’ tetterde ze toen ze eenmaal naast haar fietste. ‘’Ik fiets met je mee, we wonen toch praktisch in de zelfde straat.’’
Het leek haast alsof Amber schrok, maar toch glimlachte ze. Het was de glimlach die ze niet anders van haar was gewend. Binnensmonds slaakte ze een zucht en rolde ze haar ogen. Het zou er niet op gaan lijken dat ze iets uit zichzelf los zou gaan laten.
‘’Waarom ga je morgen niet mee?’’ vroeg ze haar.
‘’Ik heb geen zin en ik heb wel betere dingen te doen.’’
Het klonk bot, gelogen en gehaast. Er klopte iets niet, dat voelde ze gewoon. Hoofdschuddend probeerde ze het hoge fietstempo van Amber bij te houden.
‘’Zoals?’’ dramde ze ondertussen door.
‘’Dingen die jou geen zak aan gaan. Normaal praat je ook niet tegen me, dus wat boeit dit je nou weer?’’
Gepikeerd fietste ze Louise voorbij. Stomverbaasd keek ze haar na en halveerde ze haar tempo. Dit had dus geen enkel nut gehad. Als ze nou slim was ging ze dit laten rusten, maar helaas kende ze zichzelf te goed. Ze moest weten wat er aan de hand was met haar, áls er al iets aan de hand was.
Zwijgend smeet ze haar fiets de schuur in en nog geen minuut later stond ze in de woonkamer. Het eerste wat ze zag waren twee ruziënde mensen, haar ouders. Met open mond staarde ze naar het tafereel. Was dit wel haar huis, waren dit wel haar ouders? Helaas wel. Gefrustreerd stormde ze de gang in en denderde ze naar boven. Recht op haar voetpad kwam ze haar broer tegen. Hij leek al even chagrijnig. Kwaad duwde ze hem opzij en stormde ze haar kamer in. Waarom maakten ze ruzie, waarom deden ze nu ineens zo moeilijk tegen elkaar? Ze hadden nooit ruzie zover ze wist en al zeker niet als zij of haar broer thuis waren. Onbegrijpelijk. Met een gezicht dat op onweer stond smeet ze haar boekentas in de hoek van haar kamer en sloot ze haar deur af. Als ze haar nog wilden zien vandaag, hadden ze in ieder geval grote pech. De sfeer zou dan toch niet leuk zijn vandaag dus het had vrij weinig zin om nog voor het daglicht te komen. Nee, vandaag bleef ze lekker op haar kamer. Niets meer en niets minder.