[VER] Donkere Nachten (Fantasie)

Moderators: NadjaNadja, Essie73, Muiz, Polly, Telpeva, ynskek

Toevoegen aan eigen berichten
 
 
Aquilia
Berichten: 698
Geregistreerd: 22-03-09
Woonplaats: Tilburg

[VER] Donkere Nachten (Fantasie)

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 22-03-09 23:54

Ik heb geen inleiding ofzo, dus...

Met neergeslagen ogen zit ik voor mijn raam. Het is koud en ik zit met een lekker warme deken om mij heen gewikkeld op de vensterbank. Groot is het niet, maar er kunnen een paar kussens om zodat ik een zachte ondergrond heb. Dan open ik langzaam mijn ogen en laat die over de straat glijden. Ik ben een doodnormaal meisje met doodnormale vrienden, maar ik heb een hele rare eigenschap. Tenminste, dat vinden andere mensen. Graag houd ik me bezig met paarden, iets wat mensen in deze buurt niet gewend zijn. Gelukkig ben ik niet de enige want mijn zus is er ook dol op, maar een eigen paard hebben we niet. Dan hoor ik mijn moeder roepen. Met een ruk draai ik me om en kom langzaam van de vensterbank af en ik gooi mijn deken van me af. “Ja?” roep ik vanaf boven de trap. Er is geen gehoor, dus loop ik naar beneden om te vragen of ze me nu precies nodig heeft of niet. Weeral vraag ik wat er is en dit keer krijg ik wel antwoord. “Wat wil je eten?” vraagt mijn moeder. Ik haal mijn schouders op aangezien ik geen idee heb. “Ik weet het niet, doe maar wat.” Zeg ik niet geïntresseerd. Mijn moeder kijkt me aan, maar daar trek ik me niks van aan. “Vraag andera aan Lacy wat ze wil eten, die heeft toch altijd honger.” Beide moeten we lachen. Lacy was dan ook een klein rond tonnetje aan het worden van het vele eten. Je zou denken dat dat kind iets mankeert. Met een pas keer ik me weer om en voel Lacy tegen me oplopen. “Kijk uit!” Ik kijk mijn zus aan die weer eens geen manieren heeft en gewoon doorloopt zonder enig pardon. Mijn moeder kijkt Lacy kwaad aan, waar ze zich niks van aan lijkt te trekken. “Wat eten we?” hoor ik haar vragen. Mijn moeder schud haar hoofd als bedoeling dat ze het niet weet. “Torilla’s!!” hoor je opeens. Het leek een schreeuw, maar dat was het niet. Lacy kijkt mij en mijn moeder aan in de hoop dat het goed is. Ik knik en mijn moeder twijfeld. “Laat haar een keer eten wat ze lekker vind, is ze ook weer blij.” Zeg ik met een vredig gezicht en zet dan een paar passen richting de trap. “Goed dan.” Hoor ik mijn moeder nog zeggen voor ik naar boven verdwijn. Deze keer pak ik mijn laptop en doe die aan. Het schiet niet erg op dus kijk ik wat magazine’s rond die mijn vader heeft meegebracht uit de stad. We wonen er nou niet bepaald dichtbij, maar toch is het vreemd dat deze mensen niets van het paarden gebeuren af weten. Hoe zou dat komen? Dat besloot ik uit te gaan zoeken toen eenmaal mijn laptop opgestart was. Met een paar klikken sluit ik wat dingen af die niet van belang zijn en start Google op, in de hoop dat ik een soort legende ofzo kan vinden. Na uren zoeken heb ik nog niks gevonden en besluit het op te geven en het was trouwens ook tijd voor het eten dus dat komt goed uit. Met een snelle pas loop ik naar beneden aangezien ik nu toch wel honger heb gekregen en schuif meteen aan. Nog sneller dan Lacy zit ik aan tafel, alleen mijn vader leest er de krant. “Lacy! Eten!” roept mijn moeder. Alsof er een kudde olifanten van de trap denderd stuiterd Lacy de laatst maar treden er vanaf. “Auw.” Roept ze. Ik lach, wat ze niet bepaald leuk vind. Al snel staat ze weer op en schuift ook aan. Ze wrijft in haar handen en trekt een lekkerbek gezicht. Het zal ook eens niet. Al niet veel later zitten we allemaal al aan het toetje aangezien we allemaal behoorlijke trek hadden is het eten snel op gegaan. “Ik ruim de tafel wel af.” Zeg ik beleefd en mijn moeder knipoogt. “Ik help je wel met de afwas.” Zegt ze en Lacy pakt snel een afdroog handdoek. Het enige voordeel is dat ze toch nog wel iets doet in huis en niet alles aan mij overlaat. Daar staan we dan, met 3 man achter het aanrecht, druk bezig om alles schoon en droog te krijgen.

Na een klein half uurtje zijn we klaar en bergen alles op. Vader zit in de huiskamer soms vanachter zijn krant mee te kijken. Hij lijkt net een ouder iemand die van zijn pensioen geniet, alleen was mijn vader een best jonge vader. Mijn moeder kijkt bevredigend aangezien alles klaar is. Lacy rent meteen naar boven, alsof er iets aan de hand is, dus ik besluit haar te volgen in de hoop dat ze mijn voetstappen niet hoort. Als ze dreigt om te kijken verstop ik me snel in een andere kamer, het huis was tenslotte groot genoeg en Lacy sliep niet ver van de overloop. Eenmaal haar kamer bereikt gooit ze de deur dicht, maar hij klapt terug open en blijft op een kier staan. Met zachte kleine passen loop ik naar de deur en zet mijn oog ervoor, in de hoop iets te kunnen zien. Met nog steeds geen benul van wat ze aan het doen is probeer ik beter te kijken. Het lijkt net of er een jongen is, maar goed kan ik het –helaas- niet zien. Met dit zicht kan ik niets zien, dus besluit het er maar bij te laten. Tenslotte mag ik me niet met haar leven bemoeien, maar als grote zus doe je dat toch. Een sterke zucht verlaat mijn longen en komt via mijn luchtpijp naar buiten. Moe loop ik naar mijn eigen kamer en besluit eens wat verder te surfen op het web, of ik misschien nog mythes en legendes kan vinden. Na weer een aantal uren zoeken stuit ik op een legende. Snel klik ik de link aan in de hoop er iets te vinden waarna ik zoek. Mijn ogen glijden langzaam over het scherm. Het hele stuk lees ik aandachtig, maar veel geloof ik er niet van. In het kort samengevat zou er een aantal eeuwen geleden een paard geleefd moeten hebben met de naam Loquacious. Een betekenis stond er niet van bij, dus besloot ik het hier maar bij te laten. Met een scherpe blik op de klok schrik ik van de tijd en lees het stuk nog snel af. Loquacious zou een grote stoere zwarte merrie moeten zijn geweest. Mijn hersens denken na. Het is dit keer geen hengst. Vaag. Met veel interesse lees ik verder. In de nacht zou ze veranderen in een halve vampier. Zodra mijn ogen hierover glijden schiet ik in de lach. Een paard dat in de nacht veranderd in een vampier? Tranen lopen over mijn wangen, zo ongeloofwaardig. Dan opeens staat Lacy aan mijn duur. Ze kijkt me aan. “Wat zit jij zo hard te lachen? Ik kan je aan de andere kant van de gang horen.” Ze komt naar me toe en ik laat haar het stukje over het veranderen zien. Lacy kijkt me aan en loopt ongeïnteresseerd weg. Met een koele blik kijk ik haar na. Ze lijkt wel immuun voor dit soort verhalen. Zou ze er iets vanaf weten? Dan denk ik terug aan de tijd, het is laat en ik moet maar eens gaan slapen. Mijn laptop laat ik aan staan voor het geval ik morgen de site niet meer terug kan vinden. Met een lachend gezicht loop ik naar mijn kast en trek er een pyjama uit, waardoor er een paar stapels paarden tijdschriften op de grond vallen. Ik kijk er na en daar is ook alles mee gezegd. “Dat komt morgen wel.” Zeg ik half gapend en kleed me uit om vervolgens mijn pyjama aan te doen. Mijn sokken gooi ik ook ergens neer en kruip dan lekker onder de wol nadat ik de deken weer goed op zijn plek heb gelegd. Mijn gordijnen laat ik voor deze nacht open. Iets wat ik wel eens meer doe. Met een vredige gedachte over het verhaal wat ik net heb gelezen val ik in slaap.

De volgende ochtend word ik wakker van een gekraai. Met slaperige ogen tuur ik naar buiten en zie de haan van de buren. “Dat rotbeest ook!” mompel ik. Nee, ik ga niet opstaan. Denk ik bij mezelf en draai me om, maar weeral begint meneer de haan te kraaien. “We wonen hier net en je kunt al niet fatsoenlijk slapen!” Met een donderwolk als uitdrukking op mijn gezicht werp ik een blik op mijn wakker. Ik schrik van de tijd aangezien het pas zes uur in de ochtend is! “No way dat ik op ga staan.” En weeral draai ik me om. Eindelijk is het stil, maar dan voel ik een hand op mijn schouder. Met een ruk draai ik me om en zie Lacy naast mijn bed staan. “Is er iets?” Ze kijkt me aan en loopt dan de kamer weer uit. Met een vaag gezicht kijk ik haar na en snap er eigenlijk niet veel van waarom ze niks terug zegt. Slaapwandelt ze? Mijn hersens leggen dit niet vast aangezien ze nog half slapen, net als mijn ogen. Weeral draai ik me om in de hoop nu in rust en vrede verder te kunnen slapen. Maar nee, meneer de haan kraait weer eens en ik besluit maar uit mijn bed te stappen. Goed chagrijnig loop ik in mijn pyjama naar beneden en plof neer in de bank. Vader, moeder en Lacy zijn ook al op maar daar schenk ik geen aandacht aan. Nog half slapen staar ik voor me uit. “Severria, lust je wat koffie of thee?” word me gevragen. Het duurt lang voor ik antwoord geef aangezien mijn hersens nog niet eens werken om zes uur in de ochtend. “Koffie” antwoord ik kortaf. Lacy komt naar me toe lopen en kijkt me aan. “Zo Severria! Je lijkt net een zombie!” Ik kijk haar aan, maar geluid komt er niet uit. Eigenlijk wilde ik een gemene opmerking terug geven maar achteraf heb ik er toch geen zin in. Strompelend loop ik naar de tafel en neem mijn koffie in ontvangst zodra die klaar is. Als mijn moeder de suikerpot op tafel heeft gezet pak ik de lepel die erin zit en gooi zowat een hele berg suiker mijn koffie in. Niemand vind het normaal, maar ik, ik vind het de normaalste zaak van de wereld. Eigenlijk drink ik gewoon suiker met koffie. Met volle teugen geniet ik ervan. Het is zo heerlijk warm en dat kunnen mijn hersens wel gebruiken na deze wakker schudding van meneer haan. Alleen al als ik er aan denk word ik chagrijnig. Waarom moeten we dan ook in een stom dorp wonen? De mensen hebben hier niet eens van mensen gehoord die van paarden houden. Net of het een stel zombies zijn uit een heel andere eeuw die opnieuw tot leven zijn gekomen. Dan bedenk ik me opeens de legende die ik nog op mijn laptop heb staan. Met mijn kop koffie in mijn hand en met een ondertussen in mijn hand gedrukt broodje loop ik naar boven. De koffie zet ik op veilige afstand zodat die zeker niet om kan vallen en mijn broodje prop ik in mijn mond, aangezien ik toch wel wat honger had zo vroeg. Met mijn niet bekruimelde hand open ik mijn laptop en lees het kleine laatste stukje wat ik gisteren –blijkbaar- over het hoofd heb gezien.

Easy Street

Eeuwen geleden leefde Loquacious, een mooie zwarte stoere merrie in dit dorp. Easy Street wist nog niet wat er aan de hand was. Het gerucht ging rond dat deze mooie merrie ’s nachts in een vampier zou veranderen. Niemand in het dorp geloofde het totdat ze het op een dag zelf zagen. Loquacious vloog met haar vleugels over de stad en veranderde voor de ogen van de inwoners in een vampier. Ze bleef wel haar paarden uiterlijk houden, alleen haar tanden, die veranderde. Iedere inwoner zette het op een lopen, maar voor bijna alle mensen was het te laat. Loquacious veranderde hen in het wezen wat zij was. Een iemand overleefde het. Meneer van Tellingen. Na deze gebeurtenis is er niet meer over Loquacious gesproken. Niemand weet of het waar is. Meneer van Tellingen zwijgt hierover.
Laatst bijgewerkt door Lontje op 23-03-09 20:46, in het totaal 1 keer bewerkt
Reden: Tekst toegevoegd

Anoniem

Re: [VER] Donkere Nachten (Fantasie)

Link naar dit bericht Geplaatst: 28-03-09 21:16

Weet je wat ik jammer vind. Je begin zin trekt mij wel. Alleen ben ik vrij snel afgehaakt omdat je aan één stuk door heb geschreven en dat vidn ik zelf erg lastig lezen.
Dus ben niet verder eggaan, aan jou de tip, maak gebruik van alinea's zo kan je je verhaal opdelen in stukjes. Dat leest een stuk prettiger weg.

Aquilia
Berichten: 698
Geregistreerd: 22-03-09
Woonplaats: Tilburg

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 28-03-09 21:19

Chiqa schreef:
Weet je wat ik jammer vind. Je begin zin trekt mij wel. Alleen ben ik vrij snel afgehaakt omdat je aan één stuk door heb geschreven en dat vidn ik zelf erg lastig lezen.
Dus ben niet verder eggaan, aan jou de tip, maak gebruik van alinea's zo kan je je verhaal opdelen in stukjes. Dat leest een stuk prettiger weg.

Wat bedoel je met 'Aan een stuk door gegaan?' :)

Anoniem

Re: [VER] Donkere Nachten (Fantasie)

Link naar dit bericht Geplaatst: 28-03-09 22:49

Nou dat ej achetr elkaar doorschijft. Zowat geen een zin op een nieuwe regel, dat zou het aantrekkelijker maken.
Bv een nieuw gedeelte van een verhaal op een andere alinea of met een geheel nieuwe zin waar je dan aan het begin van de regel mee start.
Ik wil het wel gaan lezen hoor, het spreekt me wel aan alleen mijn hoofd staat er nu niet helemaal naar (Zieke kat thuis)
maar mss als de indeling is zoals ik nu adviseer dat er ook meer reactie's komen.

Aquilia
Berichten: 698
Geregistreerd: 22-03-09
Woonplaats: Tilburg

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 28-03-09 22:53

Chiqa schreef:
Nou dat ej achetr elkaar doorschijft. Zowat geen een zin op een nieuwe regel, dat zou het aantrekkelijker maken.
Bv een nieuw gedeelte van een verhaal op een andere alinea of met een geheel nieuwe zin waar je dan aan het begin van de regel mee start.
Ik wil het wel gaan lezen hoor, het spreekt me wel aan alleen mijn hoofd staat er nu niet helemaal naar (Zieke kat thuis)
maar mss als de indeling is zoals ik nu adviseer dat er ook meer reactie's komen.

Kun je misschien een klein voorbeeldje maken?
Mijn schrijven is inderdaad niet helemaal perfect :)

Anoniem

Link naar dit bericht Geplaatst: 28-03-09 23:06

Met neergeslagen ogen zit ik voor mijn raam. Het is koud en ik zit met een lekker warme deken om mij heen gewikkeld op de vensterbank.
Groot is het niet, maar er kunnen een paar kussens om zodat ik een zachte ondergrond heb. Dan open ik langzaam mijn ogen en laat die over de straat glijden. Ik ben een doodnormaal meisje met doodnormale vrienden, maar ik heb een hele rare eigenschap. Tenminste, dat vinden andere mensen. Graag houd ik me bezig met paarden, iets wat mensen in deze buurt niet gewend zijn. Gelukkig ben ik niet de enige want mijn zus is er ook dol op, maar een eigen paard hebben we niet.

Dan hoor ik mijn moeder roepen. Met een ruk draai ik me om en kom langzaam van de vensterbank af en ik gooi mijn deken van me af. “Ja?” roep ik vanaf boven de trap. Er is geen gehoor, dus loop ik naar beneden om te vragen of ze me nu precies nodig heeft of niet. Weeral vraag ik wat er is en dit keer krijg ik wel antwoord. “Wat wil je eten?” vraagt mijn moeder. Ik haal mijn schouders op aangezien ik geen idee heb. “Ik weet het niet, doe maar wat.” Zeg ik niet geïntresseerd. Mijn moeder kijkt me aan, maar daar trek ik me niks van aan. “Vraag andera aan Lacy wat ze wil eten, die heeft toch altijd honger.” Beide moeten we lachen. Lacy was dan ook een klein rond tonnetje aan het worden van het vele eten. Je zou denken dat dat kind iets mankeert. Met een pas keer ik me weer om en voel Lacy tegen me oplopen. “Kijk uit!” Ik kijk mijn zus aan die weer eens geen manieren heeft en gewoon doorloopt zonder enig pardon. Mijn moeder kijkt Lacy kwaad aan, waar ze zich niks van aan lijkt te trekken. “Wat eten we?” hoor ik haar vragen. Mijn moeder schud haar hoofd als bedoeling dat ze het niet weet.

“Torilla’s!!” hoor je opeens. Het leek een schreeuw, maar dat was het niet. Lacy kijkt mij en mijn moeder aan in de hoop dat het goed is. Ik knik en mijn moeder twijfeld. “Laat haar een keer eten wat ze lekker vind, is ze ook weer blij.” Zeg ik met een vredig gezicht en zet dan een paar passen richting de trap. “Goed dan.” Hoor ik mijn moeder nog zeggen voor ik naar boven verdwijn.

Deze keer pak ik mijn laptop en doe die aan. Het schiet niet erg op dus kijk ik wat magazine’s rond die mijn vader heeft meegebracht uit de stad. We wonen er nou niet bepaald dichtbij, maar toch is het vreemd dat deze mensen niets van het paarden gebeuren af weten. Hoe zou dat komen? Dat besloot ik uit te gaan zoeken toen eenmaal mijn laptop opgestart was. Met een paar klikken sluit ik wat dingen af die niet van belang zijn en start Google op, in de hoop dat ik een soort legende ofzo kan vinden. Na uren zoeken heb ik nog niks gevonden en besluit het op te geven en het was trouwens ook tijd voor het eten dus dat komt goed uit.

Met een snelle pas loop ik naar beneden aangezien ik nu toch wel honger heb gekregen en schuif meteen aan. Nog sneller dan Lacy zit ik aan tafel, alleen mijn vader leest er de krant. “Lacy! Eten!” roept mijn moeder.
Alsof er een kudde olifanten van de trap denderd stuiterd Lacy de laatst maar treden er vanaf. “Auw.” Roept ze. Ik lach, wat ze niet bepaald leuk vind. Al snel staat ze weer op en schuift ook aan. Ze wrijft in haar handen en trekt een lekkerbek gezicht. Het zal ook eens niet.

Al niet veel later zitten we allemaal al aan het toetje aangezien we allemaal behoorlijke trek hadden is het eten snel op gegaan. “Ik ruim de tafel wel af.” Zeg ik beleefd en mijn moeder knipoogt. “Ik help je wel met de afwas.” Zegt ze en Lacy pakt snel een afdroog handdoek. Het enige voordeel is dat ze toch nog wel iets doet in huis en niet alles aan mij overlaat. Daar staan we dan, met 3 man achter het aanrecht, druk bezig om alles schoon en droog te krijgen.

Na een klein half uurtje zijn we klaar en bergen alles op. Vader zit in de huiskamer soms vanachter zijn krant mee te kijken. Hij lijkt net een ouder iemand die van zijn pensioen geniet, alleen was mijn vader een best jonge vader. Mijn moeder kijkt bevredigend aangezien alles klaar is.

Lacy rent meteen naar boven, alsof er iets aan de hand is, dus ik besluit haar te volgen in de hoop dat ze mijn voetstappen niet hoort. Als ze dreigt om te kijken verstop ik me snel in een andere kamer, het huis was tenslotte groot genoeg en Lacy sliep niet ver van de overloop.
Eenmaal haar kamer bereikt gooit ze de deur dicht, maar hij klapt terug open en blijft op een kier staan. Met zachte kleine passen loop ik naar de deur en zet mijn oog ervoor, in de hoop iets te kunnen zien. Met nog steeds geen benul van wat ze aan het doen is probeer ik beter te kijken.

Het lijkt net of er een jongen is, maar goed kan ik het –helaas- niet zien. Met dit zicht kan ik niets zien, dus besluit het er maar bij te laten. Tenslotte mag ik me niet met haar leven bemoeien, maar als grote zus doe je dat toch. Een sterke zucht verlaat mijn longen en komt via mijn luchtpijp naar buiten.
Moe loop ik naar mijn eigen kamer en besluit eens wat verder te surfen op het web, of ik misschien nog mythes en legendes kan vinden. Na weer een aantal uren zoeken stuit ik op een legende. Snel klik ik de link aan in de hoop er iets te vinden waarna ik zoek. Mijn ogen glijden langzaam over het scherm. Het hele stuk lees ik aandachtig, maar veel geloof ik er niet van.

In het kort samengevat zou er een aantal eeuwen geleden een paard geleefd moeten hebben met de naam Loquacious. Een betekenis stond er niet van bij, dus besloot ik het hier maar bij te laten. Met een scherpe blik op de klok schrik ik van de tijd en lees het stuk nog snel af. Loquacious zou een grote stoere zwarte merrie moeten zijn geweest. Mijn hersens denken na. Het is dit keer geen hengst. Vaag. Met veel interesse lees ik verder. In de nacht zou ze veranderen in een halve vampier. Zodra mijn ogen hierover glijden schiet ik in de lach. Een paard dat in de nacht veranderd in een vampier? Tranen lopen over mijn wangen, zo ongeloofwaardig. Dan opeens staat Lacy aan mijn duur. Ze kijkt me aan. “Wat zit jij zo hard te lachen? Ik kan je aan de andere kant van de gang horen.” Ze komt naar me toe en ik laat haar het stukje over het veranderen zien. Lacy kijkt me aan en loopt ongeïnteresseerd weg. Met een koele blik kijk ik haar na. Ze lijkt wel immuun voor dit soort verhalen. Zou ze er iets vanaf weten? Dan denk ik terug aan de tijd, het is laat en ik moet maar eens gaan slapen. Mijn laptop laat ik aan staan voor het geval ik morgen de site niet meer terug kan vinden. Met een lachend gezicht loop ik naar mijn kast en trek er een pyjama uit, waardoor er een paar stapels paarden tijdschriften op de grond vallen. Ik kijk er na en daar is ook alles mee gezegd. “Dat komt morgen wel.” Zeg ik half gapend en kleed me uit om vervolgens mijn pyjama aan te doen. Mijn sokken gooi ik ook ergens neer en kruip dan lekker onder de wol nadat ik de deken weer goed op zijn plek heb gelegd. Mijn gordijnen laat ik voor deze nacht open. Iets wat ik wel eens meer doe. Met een vredige gedachte over het verhaal wat ik net heb gelezen val ik in slaap.

De volgende ochtend word ik wakker van een gekraai. Met slaperige ogen tuur ik naar buiten en zie de haan van de buren. “Dat rotbeest ook!” mompel ik. Nee, ik ga niet opstaan. Denk ik bij mezelf en draai me om, maar weeral begint meneer de haan te kraaien. “We wonen hier net en je kunt al niet fatsoenlijk slapen!” Met een donderwolk als uitdrukking op mijn gezicht werp ik een blik op mijn wakker. Ik schrik van de tijd aangezien het pas zes uur in de ochtend is! “No way dat ik op ga staan.” En weeral draai ik me om. Eindelijk is het stil, maar dan voel ik een hand op mijn schouder. Met een ruk draai ik me om en zie Lacy naast mijn bed staan. “Is er iets?” Ze kijkt me aan en loopt dan de kamer weer uit. Met een vaag gezicht kijk ik haar na en snap er eigenlijk niet veel van waarom ze niks terug zegt. Slaapwandelt ze? Mijn hersens leggen dit niet vast aangezien ze nog half slapen, net als mijn ogen. Weeral draai ik me om in de hoop nu in rust en vrede verder te kunnen slapen. Maar nee, meneer de haan kraait weer eens en ik besluit maar uit mijn bed te stappen. Goed chagrijnig loop ik in mijn pyjama naar beneden en plof neer in de bank. Vader, moeder en Lacy zijn ook al op maar daar schenk ik geen aandacht aan. Nog half slapen staar ik voor me uit. “Severria, lust je wat koffie of thee?” word me gevragen. Het duurt lang voor ik antwoord geef aangezien mijn hersens nog niet eens werken om zes uur in de ochtend. “Koffie” antwoord ik kortaf. Lacy komt naar me toe lopen en kijkt me aan. “Zo Severria! Je lijkt net een zombie!” Ik kijk haar aan, maar geluid komt er niet uit. Eigenlijk wilde ik een gemene opmerking terug geven maar achteraf heb ik er toch geen zin in. Strompelend loop ik naar de tafel en neem mijn koffie in ontvangst zodra die klaar is. Als mijn moeder de suikerpot op tafel heeft gezet pak ik de lepel die erin zit en gooi zowat een hele berg suiker mijn koffie in. Niemand vind het normaal, maar ik, ik vind het de normaalste zaak van de wereld. Eigenlijk drink ik gewoon suiker met koffie. Met volle teugen geniet ik ervan. Het is zo heerlijk warm en dat kunnen mijn hersens wel gebruiken na deze wakker schudding van meneer haan. Alleen al als ik er aan denk word ik chagrijnig. Waarom moeten we dan ook in een stom dorp wonen? De mensen hebben hier niet eens van mensen gehoord die van paarden houden. Net of het een stel zombies zijn uit een heel andere eeuw die opnieuw tot leven zijn gekomen. Dan bedenk ik me opeens de legende die ik nog op mijn laptop heb staan. Met mijn kop koffie in mijn hand en met een ondertussen in mijn hand gedrukt broodje loop ik naar boven. De koffie zet ik op veilige afstand zodat die zeker niet om kan vallen en mijn broodje prop ik in mijn mond, aangezien ik toch wel wat honger had zo vroeg. Met mijn niet bekruimelde hand open ik mijn laptop en lees het kleine laatste stukje wat ik gisteren –blijkbaar- over het hoofd heb gezien.

Easy Street


Zo heb even een beginetje gemaakt van het idee wat ik bedoel, dit leest toch al een stuk overzichterlijker snap je nu wat ik bedoel?

Aquilia
Berichten: 698
Geregistreerd: 22-03-09
Woonplaats: Tilburg

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter : 28-03-09 23:12

JA ik snap het :D

Zal er de volgende keer op letten als ik een stuk erbij schrijf ;)