Toch nog een keertje proberen, ik heb een verhaal in mijn hoofd, geen idee of het interessant genoeg is om jullie te boeien
Citaat:
Met een gelukzalig gevoel kroop ik verder onder de dekens. De zwoele lucht van kaarsen hing in de kamer en de openhaard knetterde luid.
Ik had me vandaag weer een stukje overtroffen, de gebeurtenis die me vanmiddag in de schoot werd geworpen was een teken. Een teken van God.
Niet dat ik zozeer gelovig was, maar ik wist nu zeker dat ik tekens van god kreeg. Misschien was ik wel een uitverkorene, wie zal het zeggen?
Ik hief mijn hoofd wat op en draaide een kwartslag, op de rode cijfers van mijn digitale klok, las ik af dat het pas 7 uur was. Toch was ik moe. Moe maar voldaan.
Glimlachend wond ik mijn vinger om een goudblonde krul. Ik bedacht me dat het weer tijd werd voor een bezoekje aan de kapper.
Alhoewel we meer aan het roddelen waren over celebraties, vrienden en soms zelfs familie. Morgen zou ik Shirley, mijn beste vriendin en tevens eigenaresse van de kapsalon, bellen voor een afspraak.
Met een lichte zucht stond ik op, de minibar die ik als laatst in het ouderlijk huis had ingebouwd was een slimme zet geweest. Ik mocht dan wel geen miljonair zijn, aan luxe mocht het in mijn huis niet ontbreken.
De hapjes die ik eerder die dag had klaargemaakt, stonden klaar om te worden opgepeuzeld. Door mij alleen.
Ik likte mijn lippen af bij de aanblik op de gemakkelijke, maar oh zo lekkere hapjes.
’s Ochtends was ik al vroeg uit bed gekomen om boodschappen te gaan doen, Het liedje ‘Rosanne’ wat ik normaal erg waardeerde, wekte nu mijn irritatie op. Met een veeg beweging smeet ik zo mijn nieuwe wekkerradio van het nachtkastje. Direct daarna controlerend of deze het nog wel deed.
Eerder dit jaar had ik al diverse wekkerradio’s verslonden.
Aan het voeteneind van mijn tweepersoonsbed zette ik een groot dienblad neer, ik stalde wat plankjes eropuit met daarop de hapjes. De blokjes kaas, worst en komkommer keken me aan, met een elegante beweging pakte ik een stukje worst en liet deze genietend in mijn mond glijden. Ik smakte even hard, om de smaak goed in me op te nemen.
Ik bedacht me dat het tijd werd voor een filmpje, uit de tas naast mijn bed haalde ik de DVD die ik vanmiddag bij de videotheek had gehaald. Het werd lekker griezelen deze avond!
Mijn baan bij de politie had me goed gedaan, ik leerde meer voor mezelf op te komen en me in sommige situaties meer te beheersen.
Inmiddels was ik doorgestroomd naar het werk met de honden, het was fascinerend hoe ze getraind werden en hoe ze door het vuur gingen voor hun begeleider.
In mijn baan zocht ik spanning en avontuur, het extreemste wat ik tot nu toe was tegengekomen was een zakje wit poeder in de broekzak van een tiener, het was achteraf gezien een lachertje, het bleek een zakje bloem te zijn. Geintje van medescholieren. Ik had me vernederd gevoeld, bijna gekwetst. Niet alleen omdat de taken bij de politie werden onderschat, ook omdat er wéér niks was gebeurd.
Natuurlijk had ik dat tegen niemand gezegd, een goede agent hoorde toch de vrede en rust te bewaren? Daarbij was de actie die ik in mijn hoofd had te fel en extreem.
Vanmiddag tijden de boodschappen, het was gebeurd. Eindelijk had er iets plaatsgevonden in dit slaperige stadje. Een scherpschutter was gesignaleerd nadat er één kogel door de lucht was gevlogen. Mijn hoofd fier in de lucht, om te horen of ik het wel goed had gehoord. Mijn gehoord werd bevestigd door de gillende menigte die direct als een kip zonder kop kriskras door de straten rende. Ik speurde de omgeving af, waar kwam de kogel vandaan. Belangrijker nog, was er iemand gewond?
Voorzichtig sloop ik langs de muren, iets wat ik op de politieacademie had geleerd, maar nooit in mijn beroep had kunnen uitoefenen.
Met een paar passen zag ik het al, er stond een groepje durfals gebogen over een bepaald punt. Ik snelde eropaf, me voorbereidend wat ik zou gaan zien. Ik verwachte een man te zien liggen, in tegenstelling. Een slank meisje met blond haar lag op de straat, de handen op de buik en haar ogen wijdopen.
Mijn politiepenning ophoudend drong ik mezelf door de menigte heen. Ik ving op dat de ambulance al was gebeld, mooi. Voorzichtig legde ik twee vingers op de halsslagader van het meisje, snel, maar vrijwel onzichtbaar ging haar ademhaling tekeer. Aan de wijdopen gesperde ogen was het meisje in shock. Voorzichtig gingen mijn ogen naar haar buik, er was niet veel te zien, maar het was duidelijk dat de kogel zich een gat door haar buikholte had geboord.
Rustig begon ik tegen haar te praten, niet de standaardopmerkingen die we hadden geleerd zoals ‘Alles komt goed’ , maar ik vertelde haar wat nieuwtjes die ik altijd met Shirley besprak. Ik was vrijwel zeker dat deze tiener op school diverse roddels kreeg te horen. Haar blik werd iets minder wijd, ik zag dat ze zich ontspande.
Na 10 minuten arriveerde de ambulancebroeders, snel bracht ik ze op de hoogte. Ten teken dat ze het had begrepen legde ze het meisje op een brancard, schoven haar de wagen in en reden met piepende sirenes weg.
De menigte viel uiteen en even bleef ik verbluffend staan, verbaasd van de menigte die nu weer gewoon doorgingen met hun leven en winkeltjes binnen liepen.
Met een toastje zalm in mijn mond dacht ik terug aan de gebeurtenis, enerzijds met een onbehaaglijk gevoel, anderzijds met een glimlach.
De glimlach van een tevreden persoon en zo voelde ik mezelf ook, de handeling die vanmiddag had plaatsgevonden hadden we duizendmaal getraind op de academie, maar nog nooit in werkelijkheid uitgevoerd. Mijn debuut was geslaagd.
Het eerste stuk van de film had ik al gemist, zo in verdachten verzonken was ik. Ik concentreerde mijn blik op het plasmascherm en genoot van de afslachting. Gelukkig zag mijn moeder me niet zo liggen, ze had een verschrikkelijke hekel aan thrillers en zeker als het afslachtingen betrof.
Met één klik op de matzilveren afstandsbediening zette ik de film op pauze, grinnikend keek ik naar het beeldscherm. De hoofdfiguur stond met een quasi verschrikte uitdrukking op het scherm , boven in het beeld rustte een mes die met een vaart op hem afkwam.
Met mijn pas gezette acrylnagels toetste ik Shirley’s mobiele nummer in. Na een paar keer overgaan nam ze op: ‘Shirley’ antwoorde ze wat kort.
‘Hee Shir, met mij!’ antwoorde ik vrolijk door de hoorn. Ik hoorde een ontspannen zucht door de telefoon. ‘Jeetje, je liet me schrikken Denies. Bart is net de deur uit en ik ben weer helemaal in de stress door die donkerte om me heen’. Geluidloos lachte ik, ik wist hoe Shirley was. Ik besloot haar maar niet over mijn film te vertellen, dat deed ik haar maar niet aan.
‘Relax Shir!’ gaf ik haar als antwoord. ‘Niet iedereen heeft het op je gemunt’ een korte lach gaf aan dat ze zich al iets meer had ontspannen. ‘Hee, waar ik je eigenlijk voor bel…’ even laste ik een moment van stilte in, ik vond het altijd vervelend om te vragen omdat ik wist hoe druk ze het had. ‘Ja?’ hoorde ik ongeduldig aan de andere kant, Shirley haatte het om te wachten.
‘Oh ships, momentje. Ik heb een wissel’. Snel nam ik het andere gesprek aan, benieuwd wie me op deze avond nog wilde bereiken.
‘Denise, met Jason. Ik weet dat je vandaag een vrije dag hebt opgenomen, maar we hebben je dringend nodig. Waarschijnlijk een moordzaak’.
Tijd om te antwoorden kreeg ik niet, voordat ik wat kon uitbrengen was de hoorn er aan de andere kant alweer opgesmeten.
Twijfelend keek ik naar mijn hapjes en beeldscherm, maar een moordzaak? Het voorval wat vanmiddag had plaatsgevonden, zou dat het zijn?
Misschien hadden ze te weinig personeel om de boel af te zetten en op afstand te houden, de hele boel moest natuurlijk onderzocht worden. Hetzelfde moment bedacht ik me dat dat vanmiddag allang moest zijn gebeurd. In geval van moord moest alles direct worden onderzocht door het onderzoeksteam.
Nieuwsgierig als ik was besloot ik toch maar te gaan, het had dringend geklonken, daarbij was ik trouw aan mijn baan.
Snel draaide ik de sleutel om in het slot, ik sloeg mijn jas nog wat ver om mezelf heen. De koude wind woei door mijn haren en prikte gemeen in mijn ogen. Ik opende het portier en stapte snel in mijn Alfa Romeo. Kerstcadeautje van mijn ouders.
De rit verliep voorspoedig, stoplichten sprongen spontaan op groen en de spoorbomen zaten me deze keer wél mee. Tien minuten eerder dan verwacht kwam ik op het bureau aan. Het was precies te zien waar iedereen zich bevond in het gebouw, het linker gedeelte was flink verlicht.
Met een knikje merkte Jason mijn komst op, ik schoof één van de plastic stoelen naar achter en nam plaats. Snel keek ik de ruimte even door, behalve ik en Jason waren ook Tim, Remco en Jim aanwezig. Vreemd, bij het afzetten van een plaats delict was nou niet zoveel versterking nodig.
‘Goed dames en heren, zojuist kreeg ik een telefoontje van Peter’ Onze blikken peilend stopte hij even. ‘Waarschijnlijk moord’. Ik wreef verward in mijn ogen. Peter was de specialist op gebied van sinterklaas-, kerst-, paas- en oranje spullen. Je kon het zo gauw niet bedenken of hij had het.
Vaag hoorde ik nog kenmerken, die niet tot me doordrongen.