Vanavond in een poging om mijn studie te ontwijken
, heb ik een blog geschreven. Het staat op mijn hyves, maar aangezien het een heel paardgerelateerd onderwerp was vond ik dat ik het hier ook wel kwijt kon. Toelichting: Hoofdpersoon is mijn naamgenootje Dorien, is een gelders veulen van ongeveer een half jaar oud.
Citaat:
Mijn leven is mooi. Vooral wanneer ik buiten loop, mama zegt dat het de zon is die dan schijnt en ik rustig aan een paar grassprietjes knabbel.
Ik maak van elke dag een feestje. En tja, soms laat ik die mensen die me altijd eten brengen of me naar de wei brengen weleens wachten. Ik geniet dan of nog te veel van mijn stal, ben net wakker, of ik zie iets heel leuks. Dat moet ik dan wel even controleren.
En laat ik maar niks zeggen wanneer ze me weer naar binnen willen brengen. Áltijd te snel en áltijd schijnt de zon dan nog zo. Ik wil gewoon nog langer buiten spelen!
Mama is dicht in de buurt, soms te dicht en ik kan altijd drinken. Soms niet, dan wil ze me niet of geeft ze niks. Soms heeft ze andere dingen aan haar hoofd. Snap ik niet. Want, zeg nou zelf: waarom moet ze nou altijd gras eten en alles in de gaten houden?
En maar niet te spreken over die momenten wanneer ik helemaal alleen in mijn stal sta. Weg zijn mijn kansen om aandacht te krijgen van haar. En wanneer ze terug komt moet ze me niet meer.
Op zulke momenten besluit ik maar lekker in het stro te gaan liggen, nadat ik eventjes wat heb gedronken. Want mama heeft rust nodig. En ik moet luisteren naar mama!
Wat wel leuk is aan mama, dat ik lekker van die snoepjes mee kan pakken. Die zijn erg lekker. Ook dat stro, dat gele, is gewoon erg lekker om op te knabbelen. Ik kan nog niet bij het stro, maar mama legt heel vaak stro op de rand van de stal waardoor ik wel wat kan krijgen. Lief hé?
Mama zegt ook heel vaak dat ik rustig aan moet doen, en niet zoveel rondjes in de wei moet rennen en al helemaal niet van zulke gekke sprongen moet maken. "Hou je hoeven aan de grond!" Mama weet er niks van. Er is niks leuker dan rondjes te racen, je snelheidsrecords te breken en te springen, te dansen en je kont in de lucht te gooien. Ik moet m'n energie toch ook kwijt!
En dan soms, dan loopt er nog een beest bij me in MIJN wei. Zo'n bruinwit gevlekt beest, die denkt dat ze mag rondlopen en aan MIJN gras mag komen. Dat laat ik niet toe dus die wordt weggejaagd. D'r uit, nu!
En er zijn dan nog veel meer van die gekke dingen. Lig ik lekker weg te dommelen in de wei, komt er opeens een groot ding langs met heel veel lawaai. Altijd, en altijd met zon ding dat aan en uit gaat. Ik heb ook nooit rust.
Maar het raarste vind ik die roodwitte en zwartwitte beesten. Het zijn geen paarden, daarvoor zijn ze te klein! Há, ik ben al groot! Ik word vast groter dan m'n mama en al helemaal groter als die vrouw die aan de overkant van mij staat, die oude chagarijn. Nooit vrolijk.
Naast me staat soms een vrouw die ook bestwel op mama lijkt. Ze is alleen al heel oud en ik mag haar niet te veel plagen. Dat vind mama niet zo leuk. Terwijl ze heel lief is en heel goed tegen mijn geplaag kan. Jammer genoeg zie ik haar niet zo vaak... Of dan zie ik haar, halen ze haar weg én mijn mama en blijf ik alleen over.
Niet eerlijk. Maar voor de rest ben ik blij en hoef nergens aan te denken. Alles is heel mooi wanneer je een veulen bent en al een half jaar oud bent!