En eindelijk weer een nieuwe entree!
Let wel even op de datum anders kan het misschien verwarrend zijn
Oh en ik ga het wijn stukje nog iets uitgebreider doen, maar ik heb nog nooit rode wijn gedronken, dus was he tmoeilijk om de smaak te omschrijven heheh xD
Oke uhmm, volgens mij heb ik niet meer om mee te delen dus weer veel leesplezier
---------------------------------------------------------------------------
Entree 10
Alcohol, als gif stroomt het door mijn aderen, veroverd het mijn lichaam en toch neem ik iedere dag weer een slok.
De koppijn maakt het schrijven niet veel makkelijker, maar trouw als ik ben heb ik toch de pen gepakt. Van waar de koppijn? Spanje heeft een grote slag weten te winnen! En dat moest helaas uitgebreid gevierd worden. Ik weet zeker dat mijn vrouw, als ze hier was, me voor mijn kop zou slaan omdat ik al even hard meedeed. Bij het eerste biertje gaat het meestal nog van; ahg, dat kan geen kwaad doen. Het tweede biertje ook niet en ja de derde en de vierde krijg je meestal in je handen geduwd. Het is onbeleefd om af te slaan dus drink je die ook op. Daarna vervangd bier je water en smacht je naar een druppeltje meer en uiteindelijk heb je niet eens meer door dat je nog drinkt, tot de volgende ochtend althans. Vanuit de kamers kan ik af en toe wat kreunende geluiden horen. Om mezelf een beetje goed te praten; er waren genoeg mannen die het veel bonter hadden gemaakt. Toch is het geen excuus voor mijn gedrag en ik zweer dat ik het nooit meer zou doen. Klinkt je bekend in de oren? Waarschijnlijk sta je een week later weer met een glas drank in je handen, en ahg die ene kan wel, die tweede misschien ook nog wel en vanzelf ben je weer terug gevallen in hetzelfde ritme tot je de volgende wakker wordt en je alweer diezelfde belofte maakt. Maar nu is mijn euforische stemming van gister wel aardig voorbij is, gaan mijn gedachten naar andere nieuwtjes vanuit het slagveld. Een ding trekt vooral mijn aandacht. Er waren meer dode kampsoldaten gevonden dan ooit te voren. Tientallen. Amerika is zijn legers aan het veranderen, misschien een te kort aan gewone mankrachten of ze hebben ontdekt dat de kampsoldaten beter functioneren in deze oorlog. Er was er zelfs een gevonden die een officier was. Dat was tot nu toe nog nooit gebeurd. We dachten dat de kampsoldaten zo'n opleiding niet kregen, maar misschien hadden we het mis. Het enige wat ik nu erover kan zeggen, is dat er een verandering ontstaat waarvan ik niet kan bepalen of hij goed of slecht is.
Amerika; Kamp A.M.G.D., 02-04-2078. 13:00 pm.
Hij weigerde dit te doen. Hij weigerde de martelaar te zijn.
Gedachten die lang geleden door Milans hoofd tolden. Maar Milan bestond niet meer. De naam was in vergetelheid verloren gegaan, samen met alle morelen waar hij zich aan vast had gehouden.
"Eeeh!" De stok ramde tegen de grond. Jongeren kinderen sloegen elkaar neer. Het was een ritme. De stok klapte tegen de stenen en de kinderen ramde neer op elkaar. Verborgen ogen volgden het scenario, opzoek naar kinderen die weigerden te vechten. Met rustige passen liep hij door de groepen heen. Zijn lichaam torende hoog boven de kleintjes uit en in tegenstelling tot de meeste van zijn leeftijd was het niet slap en slungelig gebouwd. Jaren zware training hadden zijn spieren gedwongen om vroegtijdig te ontwikkelen. Niemand zou zijn leeftijd kunnen gokken als je hem zo zag lopen, zoekend naar een prooi.
"Shetani!" Zijn hoofd keerde direct naar het stemgeluid. Zwarte haren vielen voor zijn voorhoofd, bijna lang genoeg om zijn zicht te belemmeren. Een enorme duistere gestalte stapte op hem af. Het enige wat zijn duistere huid brak was het afgrijselijke rosé litteken over zijn wang. De man -een jongen was het niet meer te noemen- was zeker een kop groter dan degene waarna hij had geroepen. Bij hem waren de kinderen die om hen heen vochten niets. Hij zou ze zowat onder zijn voetzolen kunnen vertrappen.
"Wissel." Ajani zijn stem was al even zwaar als zijn lichaam zwart was. Als Haruni had zijn huid nog een iets lichtere kleur gehad, maar met de jaren verdikte het pigment. Nu zou hij bijna met Budhev zijn kleur kunnen matchen.
Shetani duwde zonder een woord de stok in de grote man zijn rosé handen. De kinderen keken even op naar de wisseling. Achter Shetani klapte de stok weer op de grond en hij kon de kinderen weer horen vechten. De tikken van de stok lieten zijn spieren onbewust opbollen. Het effect was minder wanneer hij de stok zelf bediende, maar dan kon hij zijn agressie ook in het slaan kwijt. Nu liet het zijn vingers gespannen strekken en samenknijpen. Teruggetrokken in zijn eigen spanning verplaatste hij zich uit het kamp. Ondanks dat er geen hekken meer waren die hem tegenhielden om weg te lopen, zette hij geen stap naast het pad wat naar het andere kamp liep. Het kwam niet eens meer in hem op om die kleine poging te wagen. Bij het hek kwam hij er meteen achter waarom hij was gewisseld. Baba stond hem op te wachten.
Het was niet vaak dat ze nog in het aangezicht van de man stonden. In de ochtend deelde hij de taken nog weleens uit, maar daar bleef het voor grotendeels bij. Hun drilmeester, de man die ze Hamer moesten noemen, was degene die Baba's plek had ingenomen in hun leven. Ze trainden onder de bruut tot hun benen onder hun lijf wegzakten en daarna moesten ze kruipend verder. Dat de man gehaat werd, was zacht uitgedrukt. Om Baba nu te zien, staan wachten op hem was een welkome verandering. Het betekende dat er iets ging gebeuren. Er veranderde altijd iets wanneer Baba er was.
"Gamba Shetani." Zijn naam werd in de zware stem uitgesproken zodra hij het hek binnen stapte.
"Kom." Baba's hand werd op zijn rug gelegd. Zo leidde de man hem verder. De aanraking maakte de jongen altijd gespannen, alert alsof de hand in werkelijkheid een dolk was.
"Er staan belangrijke dingen te gebeuren, zoon."
Zelfs nu hij een naam had die Baba wist, bleef de man hem altijd zoon noemen. Shetani had nooit beseft wat het precies inhield toen hij klein was. Nu begon hij het langzaam beter te begrijpen. Baba zag hem als speciaal. De titel zoon werd alleen voor hem gebruikt, niemand anders kreeg de eer. Shetani wist niet wat er in hem zat waardoor Baba hem die extra aandacht zou geven. Hij was niet de sterkste, Ajani of Nassor zouden hem met een hand nog neerleggen. Hij was niet de slimste, daar versloeg Jamar hem altijd in. Hij nam geeneens de leiding als ze iets moesten doen, had ook geen enkele behoefte om die macht te hebben. Er was maar een ding wat hem anders zou kunnen maken: Mensen waren bang voor hem. Niet alleen de kinderen, maar ook de oudere in zijn kamp. Er werd, op de vijf na waarmee hij hier was gekomen, niet tegen hem gesproken. Ze meden hem alsof hij een ziekte had. Eentje die hun dood zou betekenen. Dus was de angst die hij bracht hetgeen wat hem speciaal maakte?
Ze liepen langzaam het terrein weer af. Richting de verwoestte stad waar zoveel oefeningen werden gegeven. Een wit huisje stak af tegen de gebroken omgeving. Het was als een van de weinige dingen nog in goede staat. Met achterdochtige ogen liet Shetani zich er naar toe leiden. Het huis leek misplaatst in deze omgeving. Wie zou hier willen wonen?
Twee mannen stonden voor de ingang. Shetani kende ze beide. De langste was Ohih Haben en gelijk de oudste in het kamp. De ander was Nguvu, zijn eerste naam had Shetani nog nooit gehoord. Bijna altijd werd iemand hier met zijn tweede naam aangesproken. Baba was de enige die een volledige naam op zijn tijd nog weleens wilde gebruiken. Ze liepen langs de twee heen, het huis binnen. Aan de muren in de hal hingen portreten van kinderen. De gezichten waren die van tieners. Je kon direct wat ze waren. Rekruten uit het kamp, maar geen enkele was bekend bij Shetani. Zelfs op het portret straalden de ogen van de tieners die vreselijke bloedlust uit.
Zonder een woord werd hij langs de honderden foto's geleid. Ze kwamen een kamer in. Shetani's ogen schoten over de vreemde voorwerpen die erin aanwezig waren. Nu pas besefte hij waar hij waarschijnlijk was: Budhevs thuis.
"Ga zitten." Baba's hand wees naar het groene bankstel. Behoedzaam liet Shetani zich erop neerzakken. Het ding voelde zachter aan als zijn eigen bed, was het eerste wat hij opmerkte. Baba verdween uit het zicht. Ongemakkelijk gleden zijn ogen door de kamer. Ze bleven hangen op het zwarte scherm aan de muur. Met een schuin hoofd keek hij naar zijn eigen duistere spiegelbeeld.
"Hier." Bijna paniekerig draaide hij zich terug naar het plotselinge stemgeluid. Hij was zo in de ban geweest van zijn spiegelbeeld op het zwarte scherm dat hij Baba nooit had horen terugkomen. Het was dodelijk om zo onoplettend te zijn.
Een doorzichtig glas met een dunne steel werd voor zijn neus gezet. Met vreemde ogen keek hij naar de rood, paarse vloeistof die er rustig in dreef. Baba had zo'n zelfde glas in zijn handen. Observerend keek Shetani toe hoe de man er een kleine slok uitnam, voor hij de vloeistof in het glas liet kolken.
"Neem een slok," lachte Baba de jongen toe voor hij neerzat op de bank tegenover hem. Nadenkend pakte Shetani het glas van het kleine tafeltje af. Een fruitig aroma kwam hem tegemoet, maar er was iets aan dat niet klopte. Iets wat zijn neusvleugels in walging liet spreiden. Het spul rook als gif. Achterdochtig keek Shetani weer op naar Baba die in alle rust nog een slok nam.
"Drink," moedigde Baba hem aan met een brede lach.
Heel voorzichtig bracht Shetani het glas naar zijn lippen. Hij liet de vloeistof over zijn lippen glijden, niet met het nipje wat Baba had gedaan. Hij was niet gewend om te nippen. De smaak deed zijn gezicht al vertrekken en toen het achter in zijn keel schoot moest hij de neiging om het uit te spugen onderdrukken. Zijn maag keerde om en de proestende geluiden die uit zijn keel omhoog kwamen waren niet te ondermijnen. Hij boog zich hoestend voorover om het bedrukkende gevoel in zijn keel en op zijn borst kwijt te raken. Tegenover hem klonk gelach op. Iets hijgend keek Shetani op naar Baba die zich ambachtelijk leek te vermaken.
"Het is geen water, zoon. Dit is wijn. Je hoort het in kleine slokjes te drinken. Ik wil je zo niet van de grond hoeven rapen."
In alle rust nam Baba nog een slokje, alsof hij wilde voor doen hoe het hoorde. Shetani wilde alleen nog maar water.
"Maar dat ter zijde." Baba leunde iets naar voren en Shetani volgde zijn voorbeeld. Eindelijk kwam dan het nieuws.