Ik hoop dat jullie het net zo leuk vinden als het eerste deel
Citaat:Deel II
Wat Cindy daar ziet, kan ze even niet bevatten. Haar moeder fietste ongeveer 15 meter voor hun, ze lette niet op en voor Cindy’s ogen ziet ze hoe haar moeders fiets wordt geplet onder een grote vrachtwagenband. Ze fietst er in volle vaart op af en gooit haar fiets neer. ‘MAM!’ Schreeuwt ze in tranen. Haar vriendinnen komen ook aangefietst. Ze staan met grote ogen te kijken. Cindy’s moeder ligt met een bloedend hoofd op de grond, haar fiets helemaal kapot. De vrachtwagen is net niet over haar moeder heen gereden. Cindy grist haar mobiel uit haar zak en toetst zo snel ze kan 112 in. ‘We komen zo snel mogelijk’ hoort Cindy nog nadat ze het hele verhaal heeft vertelt.
Haar moeder ligt in het ziekenhuis. Cindy zit in de wachtkamer in haar vaders armen. Ze heeft zich nog nooit zo bang gevoeld. Ze hebben nog steeds geen uitslag. ‘Pap, zou ze…’ Ze krijgt het woord bijna niet uit haar mond ‘…dood zijn?’
’Ik weet het niet’ zegt haar vader die alleen maar voor zich uit kan staren.
Dan staat er eindelijk een dokter in de deuropening. Zijn gezicht staat ernstig. Ze wil niet luisteren, ze het niet! Ze drukt haar hoofd tegen haar vader aan en duwt haar hand voor haar andere oor. Dan merkt ze opeens dat haar vader hard zit te huilen. Langzaam komt ze overeind. ‘P-pap, wat is er?’ vraagt ze met trillende stem. ‘Cindy, je moeder is zojuist overleden…’
Cindy ligt op bed. Ze kan het nog steeds niet bevatten. Ze wil dat dit een nachtmerrie is en ze zo wordt gewekt door haar moeder. Ze zit dagen binnen, haar vader moet in tegenstelling hard werken. Hij moet voor Cindy zorgen en zijn drukke baan houden, voor het geld. Haar vrienden weten wel dat het moeilijk voor haar is, maar proberen haar wel wat op te vrolijken. Ze bellen aan en Cindy’s vader doet open. ‘Hallo meneer, is Cin thuis?’ vraagt Moniek. ‘Hallo, ze is boven op haar kamer’ zegt hij en hij wijst naar de trap. ‘Bedankt.’ Ze lopen met z’n drieën naar boven en doen zachtjes de deur open. ‘Cin?’ Cindy kijkt op. Ze had haar vrienden helemaal niet verwacht. ‘Oh hoi'
Dan haalt Jeniffer diep adem en begint te praten: ‘Cin, wij vinden dat je er weer eens uit moet. Ga vanavond met ons mee.’ Cindy denkt na, eigenlijk wil ze niet, heeft ze geen zin. Maar ze kan niet weer haar vrienden teleur stellen. ‘Oke, ik ga mee…’
’Dan zien we je vanavond!’ zegt Jeniffer blij.
Cindy heeft er eigenlijk wel zin in. Ze doet dikke make-up op en leuke kleren. Ze krijgt steeds meer de kriebels. Dan staan eindelijk haar vriendinnen voor deur. Ze gaan nog even naar boven. Moniek en Jeniffer zijn nog niet opgemaakt. Snel gaan Cindy en Alisa (andere vriendin) aan de slag. Cindy deed bij Moniek felle blauwe oogschaduw, wat mooi bij haar topje paste. Ze maakte Moniek prachtig op net zoals Alisa bij Jeniffer deed. Toen gingen ze eindelijk op weg…
Toen ze al een tijdje in een gezellige discotheek waren, merkte Cindy dat ze zich beter ging voelen. Ze ging helemaal los en dronk veel te veel. Haar vriendinnen maakten zich zorgen. ‘Kom Cin, we gaan’ vraagt Moniek voorzichtig. ‘Wat?! Ben je gek? Het is net zo gezellig’ terwijl ze dit zegt, staat ze hevig te zoenen met een onbekende jongen, van minstens 25. Moniek trekt haar mee naar de WC. ‘Ben je gek? Die vent is veel te oud voor je! Je bent net 16!’ zegt ze. ‘Hèuh bedhoell je Marcoo?’ zegt ze helemaal bezopen. ‘Maakt me niet uit hoe hij heet, maar je gaat mee naar huis!’ ‘Neeuh, ikkuh blijf, gaan jhuliee maar’ Moniek zuchtte en wist dat ze niet om te praten was. Ze liep terug naar haar vriendinnen en liet Cindy achter in de WC. ‘Ik maak me echt zorgen om haar’ zegt ze tegen Alisa. ‘Tja, zolang ze zo bezopen is, kan je er niks aan doen ben ik bang,’ zegt ze met een bezorgd gezicht.
Als Cindy de volgende ochtend wakker wordt, barst ze van de hoofdpijn en is misselijk. Ze stapt moe uit haar bed en kan amper blijven staan. Ze kan zich nog weinig herinneren van de nacht daarvoor. Ze pakt wat kleren en loopt de trap af naar de badkamer. Als ze eenmaal onder de douche staat, zakt haar misselijkheid wat weg. Ze geniet weer van de warme stralen op haar lichaam. Als ze klaar is, voelt ze zich weer niet goed. Ze besluit een rondje te joggen. Ze pakt haar sportkleren en eet een broodje. Ze zegt haar vader gedag en doet de deur zacht dicht.
Het is een warme zomerochtend, maar toch loopt ze wat te rillen. Ze zit te bedenken waar ze zal gaan joggen. Het park, het strand of toch maar het bos? Ze besluit naar het strand te gaan. Ze weet dat het zwaar is, maar dat is goed voor de lijn. Als ze eenmaal op het strand is, voelt ze zich al wat beter. Ze geniet van het zeebriesje en botst dan tegen een jongen aan. ‘Oh sorry!’ zegt ze blozend en ze kijkt beschaam naar de grond. ‘Geeft niet hoor’ zegt hij. Als ze zijn stem hoort, kijkt ze verschrikt op. ‘Oh, Dennis! Ik zag niet dat jij het was’ zegt ze beschaamd. Hij kijkt haar vriendelijk aan. ‘Ach, op de gangen van school is het niet anders’ zegt hij met een knipoog. Ze bloost. ‘Zal ik met je meelopen?’ vraagt hij. ‘Oh ja, is goed’ zegt ze terwijl haar hart een paar sprongetjes maakt.
Als ze weer bijna thuis zijn, nemen ze afscheid. ‘Het was gezellig’ zegt Cindy vrolijk. ‘Vond ik ook’ zei hij en hij gaf haar een kus op haar wang. Weer maakte haar hart 3 sprongetjes. Ze loopt naar huis met een goed gevoel. Als ze bijna thuis is, ziet ze de auto van haar vader staan. ‘Dat is gek, hij is toch om deze tijd naar zijn werk?’ denkt ze in zichzelf. Ze loopt naar binnen. Als ze haar vader aan de tafel ziet zitten begint ze te praten. ‘Pap, waarom ben je niet op je werk?’ vraagt ze. Haar vader zucht. ‘Ik kan het niet meer, ik kan het niet zonder je moeder…’ Haar vader en moeder hadden samen een bedrijfje dat veel tijd in beslag nam. Het was een zware baan, dat met z’n tweeën al bijna niet lukt. Als Cindy aan haar moeder denkt, krijgt ze weer tranen in haar ogen. De begrafenis zal over 2 dagen plaatsvinden. Ze ziet er tegenop, het is zal zo moeilijk zijn om haar moeder in de grond te zien zakken. ‘Waarom neem je niet iemand in dienst?’ vraagt ze dan. ‘Makkelijker gezegd dan gedaan’ zegt haar vader met een moeilijk gezicht. ‘Een goed iemand, die het werk net zo goed als je moeder doet, is moeilijk te vinden…’ zei hij bedenkelijk.
Als het een uur of half 3 is, pakt ze de telefoon. Ze toetst een nummer in en wacht. ‘Haay Mo! Heb jij zin om vandaag nog even te shoppen?’ vraagt ze opgewekt. ‘Ja, is goed, ben jij om kwart voor 3 bij mij?’ klinkt het aan de andere kant van de lijn. ‘Ik ga fietsen’ zegt Cindy en verbreekt de verbinding. Ze rent naar boven en pakt wat geld uit haar la. Ze schiet naar buiten en pakt haar fiets en crost weg. Moniek woont best ver, dus ze moet opschieten. Als ze er eindelijk hijgend is belt ze aan. Moniek doet open ‘Zo, dat is snel!’ zegt ze wat verbaasd. ‘Jaja, ik heb leuk nieuws’ zei ze met een grote grijns. Moniek vraagt haar nieuwsgierig binnen. ‘Wat dan?’ vraagt ze dan eindelijk als ze op de bank zitten. ‘Gisteren ging ik joggen en …’ ze vertelt het hele verhaal aan Moniek met een grote glimlach op haar gezicht. ‘Wat fijn voor je!’ zegt ze, ze is blij dat ze weer zo vrolijk is. Na haar moeders dood was ze meestal chagrijnig en had nergens zin in.
Als ze eindelijk in de stad lopen, lopen ze winkel in winkel uit. Bij een kledingzaak heeft Cindy wat leuke kleren uitgekozen. ‘En Mo, staat het een beetje bij me?’ vraagt Cindy met de kleren aan. ‘Tuurlijk jou staat alles’ en ze geeft Cin een knipoog. Als ze bij een schoenenwinkel zijn, ziet Cindy een paar schoentjes die haar nieuwe outfit helemaal afmaken! Ze koopt het en loopt gezellig pratend met Moniek de winkel uit. Als het rond half zes is, gaat Cindy weer richting huis. ‘Bedankt voor de gezellige middag Mo!’ roept Cindy nog.
Die nacht lag ze te piekeren. Over Dennis. Zou hij haar leuk vinden, of alleen maar vrienden willen zijn? Zouden ze echt wat kunnen krijgen, of zou dat onmogelijk zijn? Zo lag ze nog uren te piekeren. Ze kon er niet van slapen. Ze besloot even naar beneden te lopen om wat te drinken. Als ze aan het inschenken is, voelt ze opeens een mes tegen haar nek…
!!
en je kan er een beroep van maken