Moderators: NadjaNadja, Essie73, Muiz, Polly, Telpeva, ynskek
! Erg leuk verhaal om te lezen hoor
.

Citaat:Hoofdstuk 10
They say memories are golden
Well maybe that is true
I never wanted memories
I only wanted you
A million times I needed you
A million times I cried
If love alone could have saved you
You would have never died
In life I loved you dearly
In death I love you still
In my heart you hold a place
No one could ever fill
If tears could build a stairway
And heartache make a path
I’d walk the path to heaven
And bring you back again
Zes oktober zat er weer aan te komen. Op school had niemand nog enig idee van wat er op de eerste schooldag was voorgevallen.
De meeste leerlingen hadden het laten gaan, iedereen besefte dat ze niet de enige waren die last van de puberteit hadden. Althans, dat was waar het door de leraren op af was geschoven. De enige die van het ware verhaal wist, was de directeur. En de Marieke Verbeek had er op gestaan dat hij het niet door zou vertellen.
In de klas waren er vijf personen die wisten dat er meer aan de hand was geweest, dan alleen de puberteit. Wát er was gebeurd, bleef voor vier personen een raadsel. De enige die wist wat er precies was gebeurd was, was Roos zelf. Daarnaast waren er twee met geen enkel vermoeden, dit waren Ruben en Fleur.
De eerste hield zich er toch wel mee bezig, hij moest niets van haar, en tegelijkertijd wilde hij alles van haar weten.
Fleur op haar beurt, dacht dat Iris en Roos wat voor haar te verbergen hadden, en zag het geheim van Roos als iets volledig stompzinnigs. Ze wilde alleen niet als einzelgänger overkomen op school, dus deed ze alsof het haar niet kon schelen.
De twee overgebleven personen waren Iris, en zeer verrassend, Manon.
Iris had het hele voorval van twee jaar terug licht meegekregen, ze had foto’s in de krant zien staan. Het was al snel duidelijk geworden dat Roos dit meisje had gekend, toen Iris voor het eerst bij Roos thuis was, had ze foto’s zien hangen, van twee gelukkige gezinnen bij elkaar. Van twee spelende meisjes. En veel foto’s van het tweetal op hun paarden. Een van de foto’s was gigantisch groot, en ingelijst. De foto was door een professionele fotograaf gemaakt, de twee meiden zaten op Angelo en Papillon. Iris wist dat Roos iets in haar leven miste, maar als dit hetzelfde meisje was geweest, als het meisje dat twee jaar geleden omkwam bij een ongeluk. Dan begreep ze het verdriet dat Roos had gekend, en nog steeds mee om moest gaan.
Manon daarentegen, wist bijna zeker wat er met Roos aan de hand was geweest op die eerste schooldag. Ze had Shirley Beekman gekend. Jaren geleden kwam ze haar eens tegen op een wedstrijd, samen met Roos. Het enige waar ze nog niet zeker over was, was of het echt Roos was geweest op die wedstrijd. Ze wist niet of Roos Shirley had gekend, want dan zou ze het wel over haar hebben gehad. Zo zag Roos er wel uit.
De dag na zes oktober meldde Roos zich ziek op school. Het was de vorige dag zwaar voor haar geweest en ze had de hele nacht slecht geslapen. Als ze al sliep, raakte ze meteen in een droom over Shirley en werd ze weer huilend wakker. Het ongeluk herhaalde zich non-stop in haar hoofd. De volgende morgen stond haar moeder om kwart voor 8 bij haar bed. Op wonderbaarlijke manier was de wekker niet afgelopen, hoewel het stipje er wel stond.
“Moet jij niet naar school?”
Met een felle beweging deed Marieke de gordijnen open.
Roos hoorde haar moeder wel praten, en ze hoorde de gordijnen open gaan. Maar ze weigerde haar ogen open te doen, in haar hoofd leek iets te kloppen. Hoofdpijn.
Voorzichtig opende ze alsnog haar ogen. Het monster dat ze maar Hoofdpijn noemde, leek nog vervelender te worden. Snel deed ze haar ogen dicht.
“Hup, opstaan!”
Roos trok de dekens maar weer over haar hoofd.
De stem van haar moeder klonk wel tien keer zo hard als dat hij daadwerkelijk was.
“Mam, ga weg.”
Een wapperend handje kwam onder het dekbed weg terwijl ze de woorden fluisterde.
“Wat is er?”
“Ik heb een monster in mijn hoofd, dat monster heet Gruwelijke Hoofdpijn.”
“Moet ik je ziekmelden?” Vroeg haar moeder, die toch wel door had dat als Roos zo lang bleef liggen en begon te fluisteren, ze écht ziek was.
“Ja, graag.” Fluisterde Roos terug.
Marieke sloot de gordijnen weer en sloot de deur achter zich.
De hele nacht huilen en wakker liggen had Roos toch wel moe gemaakt, en ze viel weer in slaap.
Pas om vijf uur die middag wordt Roos wakker, eigenlijk wakker gemaakt door haar moeder.
“Slaap je nu nog?”
Als Roos op de wekker kijkt, blijkt het dus al vijf uur te zijn. En nog steeds heeft ze het gevoel dat ze amper heeft geslapen. Hoofdpijn is gelukkig wat minder aanwezig dan eerder die dag.
“Ben je in al die tijd wel een keer wakker geweest?”
“Nee.”
“Dat is niet goed hoor.”
“Valt wel mee toch? Ik heb gisternacht slecht geslapen en de afgelopen nacht nauwelijks.”
“Oké, ik kijk het nog wel een paar dagen aan.”
“En anders?”
“Anders bel ik de dokter.”
“Waarom?”
“Ik vermoed dat het iets met het ongeluk te maken heeft, teveel in een keer, en dat je nog niet volledig hersteld bent. Een hersenschudding, ook al was het geen hele ernstige, moet je serieus nemen.”
“Oké. Maar wat eten we? Ik heb wel honger.”
“Lasagne.”
Die avond lag Roos weer vroeg op bed.
Ze begreep de bezorgdheid van haar ouders totaal niet. Als ze eens een dagje lekker slaapt, wat zou er dan meteen mis zijn?
Diezelfde nacht werd Roos weer bestookt met nachtmerries.
Midden in de nacht wordt ze schreeuwend wakker, ze zit rechtop in bed.
Het was een nachtmerrie, een nachtmerrie die ze eerder had gehad.
Shirley en Roos galoppeerden over een grote vlakte, waar ze vroeger vaak met hun ouders kwamen. Bij mooi weer gingen ze in het voorjaar picknicken in het bos en namen ze de paarden mee, zodat Shirley en Roos zich niet hoefden te vervelen.
Een keer was het gebeurd dat ze elkaar als idioten achterna zaten, als in een western, met Roos voorop. En toen ze op een gegeven moment omkeek was Shirley in geen velden of wegen meer te bekennen. Van haar pony gevallen.
Het jaar ervoor had ze dezelfde nachtmerrie, maar toen reed Shirley voorop.
Roos besluit een uitje te maken naar het toilet, en haar bezwete hoofd te verfrissen onder de kraan.
Als ze gebogen bij de kraan staat voelt ze ineens een bekende hand op haar rechterschouder. Diezelfde hand ligt als ze haar hoofd afdroogt in de handdoek ineens op haar linkerschouder. Ze kijkt op, maar er is niets.
Eenmaal in bed valt ze als een blok in slaap. Het moment dat ze haar bewustzijn bijna verliest voelt ze nog net een hand over haar gezicht strelen. Weer die bekende hand. Maar ze is te moe om nog weer wakker te worden om om zich heen te kijken.
De hand pakt Roos’ hand, en neemt Roos mee naar dromenland. Waar ze als kleine meisjes verstoppertje spelen in het stro. Zoals ze vroeger altijd deden, wanneer ze niet naar huis wilden. Of wanneer ze weer eens kattenkwaad uit hadden gehaald.
De volgende morgen sliep Roos opnieuw door de wekker heen. Maar werd wakker van de voetstappen van haar moeder op de gang.
Zin in school had ze niet, maar het idee dat Marieke de dokter zou gaan bellen als ze niet zou gaan, was minder prettig.
Met een hoop tegenzin klimt ze uit bed, en doet ze alsof ze voor haar kledingkast staat na te denken over haar kleren die dag.
“Je bent al wakker zie ik?”
“Juh..” Klinkt het niet al te vrolijk uit de mond van Roos.
Ze denkt aan de nachtmerries, eigenlijk was er maar één echte nachtmerrie, en dat was toen Shirley ineens was verdwenen. Zoals twee jaar geleden echt was gebeurd.
De tweede nachtmerrie, was eigenlijk een prachtige herinnering, die Roos zou moeten doen lachen, maar lachen deed ze niet. Ze wilde niets meer weten van wat er vroeger was gebeurd. Alles was diep weggestopt in de tas met spullen van Shirley die bij Roos op zolder lag.
Haar blik viel op het witte pak, dat ze twee jaar geleden had gekregen. Zou het nog passen?
Roos spiekte snel even op de klok, eigenlijk had ze hier geen tijd voor. Maar toch deed ze het. Snel schoot ze in het witte pak. De lichtblauwe bloes paste niet meer dicht, ze had in twee jaar tijd toch wel dikkere borsten gekregen. De broek zat strak om haar heupen. En toen ze voorover boog om haar blazer van bed te pakken, knapte de knoop.
De broek zakte niet meer naar beneden, zoals het vorig jaar nog gebeurde. Haar billen waren wat dikker geworden.
Snel deed ze haar kleren weer uit, en wisselde ze voor een simpele spijkerbroek, haar inmiddels half afgetrapte Nikes, en een simpel truitje aan.
Een borstel door het haar was zo gebeurd, ze hoefde er niets aan te doen. Het viel vanzelf wel in model.
Haar moeder had al wat brood gesmeerd, en haar broodtrommel zal al in de tas. Het broodje op het aanrecht at ze snel op, en met een glas jus d’orange smeert ze haar keel.
Met de smaak van de jus d’orange nog in haar mond, poetst ze haar tanden in een halve minuut. Veel te weinig, maar ze was veel te laat.
Een jas aan, en de fiets op.
Ze had nog 20 minuten, wat te halen moest zijn.


Cupcake_ schreef:Ik vond het wel weer een goed stuk, er gebeurde niet erg veel in, maar er werd dus wel duidelijk waarom Manon de naam Shirley had genoemd, vorig jaar in de klas.
Verder: Ben benieuwd wat Roos gaat doen op het einde, want de dag ervoor had ze zich verslapen terwijl ze naar school moest, en nu had ze zich verslapen, en ze trok haar oude kleren en rijbroek aan? Maar haar moeder gaf wel een broodtrommel mee? De paarden staan toch bij Roos thuis of niet?
Nou iig ik ben weer nieuwsgierig naar het volgende stuk.
Ze doet een simpele spijkerbroek aan. C_arola schreef:Ik vond het ook een goed deel.
Alleen nog even de spelling;
Hoofdpijn is gelukkig wat minder aanwezig dan eerder die dag.
Het is De hoofdpijn.
En dikkere borsten, zijn grotere borsten.
Verder was de spelling goed
Citaat:Haar moeder had al wat brood gesmeerd, en haar broodtrommel zal al in de tas. Het broodje op het aanrecht at ze snel op, en met een glas jus d’orange smeert ze haar keel.
Janine1990 schreef:Cupcake_ schreef:Ik vond het wel weer een goed stuk, er gebeurde niet erg veel in, maar er werd dus wel duidelijk waarom Manon de naam Shirley had genoemd, vorig jaar in de klas.
Verder: Ben benieuwd wat Roos gaat doen op het einde, want de dag ervoor had ze zich verslapen terwijl ze naar school moest, en nu had ze zich verslapen, en ze trok haar oude kleren en rijbroek aan? Maar haar moeder gaf wel een broodtrommel mee? De paarden staan toch bij Roos thuis of niet?
Nou iig ik ben weer nieuwsgierig naar het volgende stuk.
Ze gaat gewoon naar school hoorZe doet een simpele spijkerbroek aan.
De paarden staan inderdaad gewoon thuis.C_arola schreef:Ik vond het ook een goed deel.
Alleen nog even de spelling;
Hoofdpijn is gelukkig wat minder aanwezig dan eerder die dag.
Het is De hoofdpijn.
En dikkere borsten, zijn grotere borsten.
Verder was de spelling goed
Dat van die borsten zal ik veranderen. Maar hoofdpijn was in dit geval een naam, en ik heb 'de' bewust weggelaten.
Citaat:Het monster dat ze maar Hoofdpijn noemde, leek nog vervelender te worden.

Skygirl schreef:Citaat:Het monster dat ze maar Hoofdpijn noemde, leek nog vervelender te worden.
Hier is het een naam geworden.
Maar het is wel een beetje verwarrend.
Vind het nog steeds leuk, ga zo door!
Citaat:De volgende morgen sliep Roos opnieuw door de wekker heen. Maar werd wakker van de voetstappen van haar moeder op de gang.