Moderators: NadjaNadja, Essie73, Muiz, Polly, Telpeva, ynskek
Maartje1990 schreef:owh.. nee natuurlijk niet! daar had ik even niet aan gedacht nee, en.. ik heb 't dus al uitgeprint. Maar ik ga het natuurlijk echt niet verspreiden oid! Uhm.. zal ik het verscheuren oid als ik het.. afgelezen heb?
Maar misschien snap je wel wat ik bedoel? verder vind ik het echt heel goed!! Ik weet niet wat voor opleiding jij doet? maar wil je ook echt schrijfster worden? Aangezien je ook al eerder verhalen geschreven hebt? Ik ga eerdaags ook eens voor zitten om dat 1e verhaal van je te lezen (zag ik in je profiel staan) zijn ook behoorlijk positieve reacties op zag ik.
Dus wel iets in die richting alleen schrijf ik nu zoveel andere dingen dat ik amper aan andere verhalen schrijven toekom.. Helaas!
)Citaat:‘Zo nog weer even lekker aan de wijn? Ik hoorde dat er een discotheek op dit terrein zit en dat we daar heen gaan!’ Stralend kijkt ze mij aan. Ik begin te lachen. Ook Steffie begint nieuwsgierig te worden.
‘Feestje dus?’ Vragend kijkt zij Wilma en mij aan. Ik begin te knikken. Theo, Stefan en Bart volgen ondertussen ons gesprek. Nieuwsgierig kijken ze van de één naar de ander. We praten nog even door en dan merkt één van ons dat Opboss al een tijdje mee staat te luisteren.
‘Hebben jullie toevallig mijn draaiboek gejat ofzo?’ Grijnzend kijkt hij ons groepje rond en zwaait triomfantelijk met zijn mapje met alle informatie over de introductie die wij niet mogen weten.
‘Jullie hebben gelijk, we gaan nog even feesten! Maar eerst gaan we nog weer terug naar onze plek. Nog even wat drinken!’ Bart kijkt mij even onderzoekend aan. Ik glimlach even en besluit meteen niet meer te gaan drinken vanavond. Ja, cola dan. Hij kijkt mij even recht aan en glimlacht dan even.
‘Dat wordt vast nog wel gezellig vanavond.’ Zegt hij tegen niemand in het bijzonder.
Citaat:Tegen drie uur s’nachts probeer ik het stapelbed op te klimmen. Het geval wankelt al als je er even tegenaan tikt. En met de hoeveelheid drank ik mijn lichaam wordt het wankelen van het bed er niet beter op. Steffie staat met haar rug tegen de mijne aan en mompelt wat over een schommelend bed. Wilma is in één van de onderste bedden gedoken en ligt al te slapen. De masselaar. Als ik mij omdraai valt Steffie bijna achterover.
‘Wil je dat eens even niet doen?’ Ze kijkt me met een schuin hoofd aan. Ik begin te lachen.
‘Sorry ik kom mijn bed niet in en wou even de kunst van jou afkijken!’ Grijns ik. Even kijkt Steffie mij moeilijk aan.
‘Lig ik nog niet in bed dan? Ik meende echt dat ik al kon slapen?’ Klinkt het dan verward. Even kijk ik haar ongelovig aan.
‘Wil je mij nu vertellen dat je tegen mijn rug aan lag te slápen?’
‘Stond eerder denk ik.’
‘Stond dan?’
‘Ja?’ Steffie kijkt mij wantrouwig aan. ‘Tenzij we op een bed staan en daaronder geen gat is en het plafond erg hoog zit?’
‘Ik geloof dat jij een glaasje teveel op hebt meisje,’ met moeite onderdruk ik een gaap. Vervolgens ontdek ik een halfvol glas wijn op de wastafel en vraag mij hardop af waarom daar een halfvol glas wijn staat en wat ermee is gebeurd. Uit het bed klinkt wat gemompel en Steffie begint te knikken.
‘Die was van Wilma, voor morgenvroeg, tegen de kater! En als zij hem niet wil opdrinken doe ik dat nu wel!’ Ze loopt naar de wastafel en zet het glas aan haar mond. Vervolgens haalt ze hem daar weer af zonder ook maar één slok genomen te hebben.
‘Jammer, ik hoopte dat ze zou gaan protesteren,’ mompelt ze dan. Het volgende moment zwaait ze haar been omhoog en probeert door deze beweging op het bed te belanden. Één seconde later klinkt er een geluid dat overeenkomt met een zak aardappelen die op de grond is gevallen. Gelukkig voor Steffie is dit niet het geval. Zij is op het andere onderbed beland, wel met haar been op de grond, maar ze loopt wel voor op mij wat betreft in bed terecht komen.
‘Ik wist dat ik wel op dat hoge bed terecht zou komen,’ klinkt het tevreden. Ik bekijk even hoe ze er bij ligt en haal haar slaapzak van het bovenste bed en gooi het bovenop haar. Ondertussen komt Bart de kamer binnengerent.
‘Wat is hier aan de hand?’ Zwijgend wijs ik naar Steffie, die zich ondertussen heeft omgedraaid en half onder haar slaapzak ligt.
‘Wil ik weten wat er is gebeurd?’ Ik schud mijn hoofd en kijk hem dan even aan. Hij grijnst even.
‘Ik dacht al dat jij dat lawaai veroorzaakte, ik geloof dat ik nog nooit iemand zo zat heb gezien!’ Ik slaak een verontwaardigde kreet en jaag hem vervolgens de deur uit. Dan drink ik het halfvolle glas wijn leeg en ontdek het tafeltje aan de andere kant van de kamer. Een klauterpartij van amper tien seconden later lig ook ik in mijn bedje. Wankel is het wel, maar dat kan ook door de drank komen. Plotseling duikt er een liedje in mijn hoofd op wat in zachtjes begin te zingen. ‘Van voor, naar achter, van links, naar rechts. Van voor, naar achter…’
‘…Kun je ook even je kop houden? Ik probeer te slapen in mijn hoge bed! En het wankelt al genoeg zonder jouw liedje!’ Hoor ik opeens vanaf één van de onderste bedden.
‘Slaap kindje slaap dan?’ Hoor ik mijzelf nog triomfantelijk zeggen voordat ik in een diepe slaap val.
Een hazenslaapje dan. Een kleine twee uur later worden er verwoede pogingen gedaan om ons het bed uit te krijgen.
‘Je bent hier niet voor je vakantie!’ Hoor ik een vrolijke én wakkere Opboss zeggen. Ik vraag mij af hoe hij zo wakker kan zijn, het is half 6 ’s ochtends en de kans is groot dat hij evenveel slaap heeft gehad als wij. Uit mijn mond komt een uitgebreide gaap. Opboss kijkt onze kamer rond en meldt dat hij de jongens wakker gaat maken.
‘Kom, hup jullie bed uit! Als jullie er met vijf minuten nog niet uit zijn gaat er een emmer met ijskoud water over jullie heen!’ Ondertussen is er voor mijn neus een vrolijk meisje in een rood T-shirt gaan staan, inclusief een emmer met water.
‘Hoe koud is dat water?’ Klinkt het uit het bed onder mij. Ik concludeer dat Wilma ondertussen ook wakker is. Ik werp een blik naar het bed schuin onder waar Steffie ligt. Het lijkt erop dat ze meer dood is dan levend. Omdat mijn stem nog niet in staat is ook maar iets te protesteren tegen een emmer met water wijs ik naar het bed waar Steffie in ligt. Het rode T-shirtje kijkt om en begint te grijnzen.
‘Ja, ik heb mijn eerste slachtoffer!’ Gilt ze dan in het oor van Steffie. Deze schrikt op en kijkt met grote ogen naar de emmer met water voor haar neus. ‘Grapje,’ grijnst het rode T-shirtje dan en kijkt mij aan. ‘Ze is wakker, blij? Ja? Tong verloren?’ Ik knik. ‘Oh ik dacht dat je niet zo spraakzaam was ’s ochtends vroeg. Maakt niet uit, ik sta stijf van de redbull want ik heb niet geslapen vannacht. Maar dat betekend niet dat jullie kunnen blijven liggen! Dus hup! Tempo! Anders eten de andere Kids jullie ontbijt op en dat lijkt mij ook geen goed idee na de hoeveelheid drank van een paar uur geleden en de planning van vandaag! Jullie hebben nog één minuut!’ Vervolgens sprint ze de kamer uit. Tegen de tijd dat ik een zucht uit weet te brengen zijn de andere twee ook op dat punt beland. Met zijn drieën tegelijkertijd slaken we een diepe zucht.
‘Uit bed dan maar?’ Mompel ik zachtjes.
‘Lijkt mij een goed plan.’ Hoor ik Wilma mompelen.
‘Ik dacht dat ze die emmer met water over me heen ging gooien.’ Ik werp een blik naar Steffie die ondertussen al rechtop in haar bed zit. Ik begin te grijnzen.
‘Ik hoopte dat ze dat deed!’ Voordat ik het doorheb staat het rode T-shirtje voor mijn neus.
‘Je hoopte dat ik wát deed? De emmer over je leeggooien? Géén probleem!’ Voordat ik het doorheb zijn mijn telefoon en camera in veiligheid gebracht en ook is mijn kussen naar de vloer verdwenen, vervolgens krijg ik een plens met ijskoud water over me heen. Het volgende moment krijgt ook Wilma met hetzelfde te maken en maakt Steffie dat ze de kamer uitkomt. Als ik van de ijskoude schok ben bijgekomen wijs ik naar de deur waardoor Steffie is verdwenen.
‘Maakt niet uit! Die krijg ik nog wel te pakken!’ Grijnst het rode T-shirtje. Het volgende moment wandelt ze de deur uit. Met een lege emmer. Onder mij hoor ik Wilma proesten. Ik begin te lachen.
‘Naja, één voordeel. We zijn nu tenminste wel wakker. Heb jij ook zo’n zin in een warme douche?’ Ik hang ondersteboven uit mijn bed en kijk een verzopen Wilma aan. Dan begint ook zij te lachen.
‘Elk voordeel heb zijn nadeel hé!’ Lacht ze dan.
Tegen een uur of acht ’s avonds moet ik toegeven dat ik mij bij lange na niet zo brak voel als dat ik had gedacht. Voor mijn neus staan de jongens heen en weer te springen en ik besluit even lekker in mijn stoel te blijven zitten en na het tafereel voor mij te kijken. Voor mijn neus staan een aantal mensen op het podium te dansen en ze proberen iedereen mee te laten doen. Gelukkig is ongeveer de helft van ons vanochtend verrast door een emmer met ijskoud water en is drie-vierde van de gehele groep even aan het bijkomen. Stiekem hoop ik dat het vannacht geen latertje gaat worden, maar ik weet al bijna zeker dat dit niet het geval is. Naast mij zit Opboss zijn schoenen ondertussen strak aan te knopen. Hij kijkt mij even aan.
‘Goede loopschoenen aan?’ Ik knik.
‘Wat gaan we doen dan?’ Mijn blik spreekt boekdelen en Opboss heeft al snel door dat ik hartstikke nieuwsgierig ben.
‘Oh dat merk je vanzelf.’
‘Je gaat echt niks loslaten?’
‘Nee!’
‘Moet ik toch maar een keer het draaiboek zien te jatten.’ Opboss kijkt mij verschrikt aan en trekt het blauwe mapje uit zijn vest.
‘Bedoel je deze?’ Ik knik. Het volgende moment stopt hij het mapje onder zijn T-shirt. Ik kijk hem even gefrustreerd aan.
‘Tja, punt één: Je mag mij niet aankomen want ik heb een vriendin. Punt twee: Ik heb een harige buik.’ Hij neemt mij even op. ‘Punt drie: Ik kan je makkelijk aan. Dus, hoe wil je het draaiboek te pakken krijgen?’
‘Oh, ik zorg dat je dronken bent, je vriendin dronken is, ik dronken ben. En dan heb ik dat draaiboek zo te pakken!’ Ik zet mijn liefste glimlachje op en Opboss begint spottend te lachen.
‘Gister was je anders niet meer in staat om een draaiboek te jatten!’ Met een spottende blik kijkt hij mij aan. Ik voel dat ik een kleur krijg en zak mokkend terug in mijn stoel. Jammer genoeg heb ik geen weerwoord hiertegen. Plotseling komt Bart naast mij zitten. Hij tikt mij even aan en kijkt mij vervolgens diep in mijn ogen.
‘Ze hebben het erover dat we het bos ingaan vannacht.’ Fluistert hij dan in mijn oor.

Citaat:"Ik voel hoe mijn mond droog wordt. Tijd voor een drankje. Ik kijk Maris even aan en maak een drinkgebaar. Ze schudt van nee. Ik sein even naar haar dat ik even naar de bar loop. Ze knikt en ik zwaai even naar de groep vrienden van Wouter en tik Wouter even aan.
‘Waar ga je heen?’
‘Even wat drinken, zo terug.’
‘Okey! Zie je straks wel weer!’ "
Maartje1990 schreef:ik ga het een dezer dagen wel weer helemaal opnieuw lezen want er zit nu een beetje een gat in m'n geheugen doordat het zo'n tijd geduurt heeft (niet dat ik jou iets kwalijk neem hoor!) maar dan weet ik niet meer hoe het vooraf ging
Ben benieuwd wat er in het bos gaat gebeuren
Jane_ schreef:Zo herkenbaar dat een meisje al die moeite moet doen voor een jongen..
Surion schreef:Jane_ schreef:Zo herkenbaar dat een meisje al die moeite moet doen voor een jongen..
Vreselijk he..
)
Dankjewel! A_lette schreef:Iedereen bedankt voor de reacties. Leuk om te lezen! Willen jullie er wel even op wijzen om OT te blijven.. ( Mod he)
Citaat:‘En, al iemand op het oog hier?’ Ellen, één van mijn nieuwe collega’s kijkt mij lachend aan. Ik glimlach even en haal mijn schouders op.
‘Er lopen hier wel wat leuke jongens rond.’ Antwoord ik vaag . Ellen haar glimlach wordt wat groter en kijkt mij ondertussen nieuwsgierig aan.
Citaat:‘Ik hoop dat hij er is…’ Hoor ik mijzelf zeggen. Hij. Mijn leuke collega. Hoop ik echt dat hij er is? Ben ik wel toe aan een ander?
‘Ga je voor een avondje fun of?’ Zegt Maris opeens. Ik haal mijn schouders op.
‘Ik zie wel wat dat lot van mij me vanavond brengt.’ Antwoord ik vaag.
Citaat:‘Hallo lieverd! Wat brengt jou hier?’ Begroet ik mij / begroet hij mij. Ik ruik de bierlucht door zijn adem en heb door dat hij al heel wat alcohol achter zijn kiezen heeft.
‘Even lekker stappen. En wat brengt jou hier?’
want volgens mij moet ik dus hij zijn 
Citaat:‘Maar wat deed je vanmiddag in de winkel dan? Ik neem niet aan dat je er voor mij was.’ Probeer ik de situatie wat te redden.
Citaat:‘Lieve schat, dat hij Rutger moest zijn had ik al lang door. Die grijns op je gezicht spreekt boekdelen.’ Zegt Maris zacht tegen mij voordat ze haar hand met een stralende glimlach uitsteekt naar die van Rutger om hem te schudden.
Citaat:‘En waarom is dat zo?’
‘Omdat er teveel mensen zijn die mijn naam weten.’
Citaat:Plotseling voel ik zijn arm om mijn middel en bijna automatisch draai ik mijn lichaam iets naar hem toe. Even wisselen Maris en ik nog een blik. Dan mimet Maris ‘succes’ en gaat ze met één van de vrienden van Rutger praten. Ik voel dat Rutger zijn vingertoppen van zijn andere hand over mijn kaaklijn laat glijden.
Citaat:‘Ik heb een vermoeden wie je bedoelt.’ Ik begin te lachen.
‘Denk ik wel weet wie je bedoelt ja.’
Citaat:Even neem ik Anne op, het is duidelijk dat ze een rokerspauze nodig heeft.
‘Nou het is half 10. En ik ben het wel aan pauze toe.’ Reageert ze kort. Ik bedenk even hoe geweldig aardig ik haar vind. Niet dus. Ik knik even.

Citaat:‘Hij is een collega en zaterdag hebben we gezoend.’ Mijn moeders haar ogen lichten even op. In haar ogen brandt nieuwsgierigheid.
‘En verder?’
‘Wazigheid.’ Mijn moeder haalt haar schouders op. Even kijkt ze teleurgesteld, dan glimlacht ze even.
) maarja dat moet je natuurlijk zelf weten 
Citaat:‘Ik zou het niet weten’, verzucht ik dan. Ellen kijkt mij even moeilijk aan en loopt naar mij toe. Als ze voor mij staat werpt ook zij een blik naar de afdeling groente en neemt iemand op. Als ik mij even snel omdraai zie ik dat Rutger ondertussen weer op zijn afdeling is.
Citaat:Hij heeft zoveel nadelen én toch val je op hem.’ Ellen trekt haar wenkbrauw op en kijkt mij bedenkelijk aan. Tja, waarom vind ik hem leuk? Ze heeft gelijk wat Rutger betreft.

Citaat:Het volgende moment kan ik mijzelf wel een klap voor mijn gezicht verkopen. Wát doe ik nou? Wil ik achter hem aan? Ga ík als een schoothondje achter hem aanlopen? Achter een kerel die zoveel nadelen heeft en weet ik veel wat allemaal nog niet meer?

Citaat:Wát je ook doet, het lukt gewoon niet. Het is twee uur ‘s nachts, slapen kan ik niet. Nog steeds heb ik het beeld in mijn hoofd dat hij van mij wegloopt. Misschien niet bewust, misschien wel. Wie zal het zeggen?
Citaat:Ik wil hém. Het maakt mij niet uit hoe hij zoent, ik wil hem gewoon. Het is alleen de vraag hoe ik hem kan krijgen óf ik hem nog kan krijgen.

Citaat:. Iets waar ik veel zin in heb. Eindelijk een ding wat ik echt wil. Waar ik echt zin in heb. Eindelijk mijn eigen ding doen
) maar hier wordt het gewoon 4 keer gezegt.. vind ik iets te veel van het goedeCitaat:Langzaam voel ik mij wegzakken in een diepe slaap. Net voordat ik echt in slaap val doemt het beeld van Rutger nog één keer op. Ik glimlach even, vervolgens zak ik echt weg in een diepe slaap vol dromen.
Citaat:Jammer genoeg kennen ze Monica beter dan mij en ben ik vaker het slachtoffer. Het resultaat is dat ik ondertussen een stuk of zes dates met verschillende zestienjarige vakkenvullers in mijn agenda kan schrijven.
Citaat:Net zoals mijn benen trouwens. En waar zijn mijn armen mee bezig? Waarom houden mijn handen zich vast aan het middel van Bart?
Citaat:. Ik voel dat ik mij al iets minder draaierig voel en dat het drankeffect wat is afgenomen. Mijn hoofd voelt nog steeds wel iets wazig aan, maar mijn lichaam doet tenminste weer wat ik wil.
(favo woordje?
)Citaat:‘Jullie hebben gelijk, we gaan nog even feesten! Maar eerst gaan we nog even terug naar onze plek. Nog even wat drinken!’
)Citaat:Wilma is in één van de onderste bedden gedoken en ligt al te slapen. De mazzelaar. Als ik mij omdraai valt Steffie bijna achterover.
Citaat:Tja, punt één: Je mag mij niet aanraken want ik heb een vriendin
ik hoop dat 't ook een beetje duidelijk is welke stukjes ik gebruikt heb
maar opzich vind ik het wél een heel goed verhaal hoor maar af en toe gewoon een foutje 
(das echt al te lang geleden)