
Ik bedenk altijd verhalen in mijn hoofd, maar schreef ze nooit op. Van de week ben ik begonnen met het opschrijven van die verhalen. Ik schrijf dus voor de eerste keer, en ik zou wel willen weten wat jullie ervan vinden.
Ik ontvang dus graag commentaar. (zinsopbouw, grammatica, spelling, de verhaallijnen, enz.)
Hier is het eerste stuk, veel leesplezier!
Marlou zit in de keuken te ontbijten, en luistert naar het journaal van 9 uur. ‘Altijd het zelfde nieuws’ denkt Marlou. Brand, moord, diefstal, aanslagen, ontvoeringen, criminelen die ontsnappen uit TBS klinieken, mensen die overlijden door ziekte of ongevallen. Het is eigenlijk maar een trieste wereld waar je in leeft als je dat hoort. Marlou zit een beetje voor zich uit te staren en zit aan haar donkere krullen te frunniken. Dan stoot ze per ongelijk haar elleboog aan de punt van de tafel. ‘Ah!’ Dat doet zeer. Ze is van de week tegen de kast aan gevallen met haar elleboog, toen haar moeder haar duwde omdat Marlou te laat thuis was gekomen. Toen Marlou zei dat ze 10 minuten te laat was omdat de trein vertraging had, duwde haar moeder haar. Vorige week had haar moeder haar ook geslagen. Marlou vindt het raar, zo kent ze haar moeder helemaal niet. Ze is wel een tijd depressief geweest. Maar dat is al bijna 10 jaar geleden. Hun vader verliet de rest van het gezin een week na Marlou’s zesde verjaardag. Haar broertje Sven was toen nog maar 3 jaar oud. Marlou herinnert haar vader vaag. Hij was altijd weg, en als ze hem zag dan lag hij tot 12 uur ’s middags in bed en daarna was hij te lui om iets met haar en Sven te gaan doen. Voor haar moeder was het toen al helemaal te veel toen hij hun verliet en was daardoor ook een jaar depressief geweest. Gelukkig had de moeder van Marlou veel steun aan haar moeder, Marlou’s oma. En heeft mede daardoor die tijd ‘redelijk” door gemaakt.
Marlou is bang dat haar moeder weer depressief wordt. De vader van Marlies en Esmee, Marlou’s en Sven’s halfzusjes – is voor zijn werk naar het buitenland, naar Tsjechië. Hij gaat daar een vakantie park op zetten, in opdracht van zijn baas. Hij verblijft er 8 weken. Haar moeder zal hem natuurlijk vreselijk missen, maar Marlou is blij dat ze van hem af is! Ze mag hem niet op een of andere manier. Ze vindt hem niet betrouwbaar, hij is al nota bene een keer met een andere vrouw op vakantie gegaan. “Ik moet voor werk weg.” Zei die nog. De buurman van Marlou werkt op het zelfde bedrijf als de stiefvader van Marlou. En was ook mee voor het werk. Hij heeft Marlou’s stiefvader en die andere vrouw betrapt en heeft gebeld naar Marlou’s moeder. Marlou’s moeder was razend! Maar, op een of andere manier had hij haar weer zo in kunnen pakken dat ze hem het alsnog vergaf. Hij loopt ook altijd de badkamer in als Marlou in de badkamer is. Als ze vraagt of hij kan wachten, doet hij net of hij het niet verstond en loopt gewoon door en vraagt ‘wat zei je?’. Als Marlou dan zegt dat hij weg moet gaan zegt hij doodleuk: ‘Je hoeft je toch nergens voor te schamen?’’Je kent me al langer dan vandaag.’ Marlou kan er niet tegen. Ze is blij dat er een slot op de badkamerdeur zit!
‘Mama, de postbode!’ Roept Marlies. ‘Misschien is er een brief van papa!’ Marlou’s moeder vliegt naar beneden en kijkt of er post bij is van Geert, de stiefvader van Marlou. ‘De krant, rekening, reclame, reclame, reclame en een brief van de ‘Vriendin’.’ Zegt haar moeder teleurgesteld. ‘Weer niks van Geert!’ Marlou’s moeder opent een brief, hoort Marlou, waarschijnlijk van de ‘Vriendin’. ‘Wat is dit?!’ Hoort ze haar moeder roepen. Marlou schrikt. Laat het niet weer zo zijn dat ze een woede aanval krijgt! ‘Marlies, ga maar even Kipje de kat voeren.’ Zegt Marlou snel. Ze wil niet dat haar halfzusje ziet dat ze geslagen wordt. ‘Marlou! Ik had jou toch gevraagd om dat abonnement op te zeggen?’ roept haar moeder geïrriteerd. ‘Ja, dat heb ik gedaan.’ Zegt Marlou.
‘Ohja?! Wat is dit dan?!’ Haar moeder is kwaad.
Marlou schrikt als ze ziet wat er staat.
“Geachte mevr. J.C Molendijks,
Uw afmelding van de ‘Vriendin’ is niet geaccepteerd. De sluitingsdatum was 31 oktober. Wij ontvingen uw brief op 1 november. Het jaarabonnement is verlengt. Uw abonnement zal volgend jaar november eindigen als u het vroeg tijdigs afmeld. De kosten van €113,- zullen binnenkort van uw rekening afgeschreven worden, uw ontvangt hiervoor nog een acceptgiro.
Veel leesplezier, en wees een vriendin van ‘Vriendin’!”
Marlou staat versteent. ‘Dit kan niet! Ik heb de brief de 30e op de bus gedaan!’
‘Oh nee? Hier staat het toch?! Doe het de volgende keer nog eerder op de bus, dit kost me veel te veel geld!’ Haar moeder is razend en haar ogen schieten vuur. Marlou ziet een arm omhoog komen, Marlou wil haar hoofd bedekken maar het is al te laat. ‘Au!’ schreeuwt Marlou. Het is al de tweede keer deze week dat haar moeder haar slaat. ‘Doe niet, niet weer!’ Ze ziet dat haar moeders ogen weer vuur schieten. ‘Lazer toch op!’ schreeuwt haar moeder. En ze slaat nog een keer ‘je bent me alleen maar tot last!’ Pets! Weer een klap, nu op haar neus. ‘Naar boven nu!’ Marlou wil opstaan, maar ze voelt zich duizelig. Ze grijpt naar haar hoofd en er gaat een steek door haar hoofd heen. ‘Marlou pijn hebben?’ vraagt haar zusje Esmee bezorgd. Haar moeder pakt Esmee op en aait haar over haar hoofd. ‘Schiet op! Je hoeft je niet zo te vertonen bij je zusje!’ Roept haar moeder. Marlou strompelt de trap op. Een maal boven merkt ze dat ze een bloedneus heeft. Snel vlucht ze de badkamer in. Ze pakt een rol wc-papier en probeert haar bloedneus te stoppen. Hoezo niet te vertonen tegenover haar zusje? Alsof ze zelf hier voor kiest! Kan zij er wat aan doen dat het abonnement niet goed is op gezegd. Dat hoeft zij toch niet allemaal te regelen? Haar moeder moet dat zelf regelen, haar moeder leest de ‘Vriendin’ toch?! Marlou kijkt in de spiegel. Haar neus bloed al minder, maar haar hoofd bonkt, en haar oog is dik. Alweer! Dat dikke oog wordt alleen maar dikker, dat is vanmiddag echt nog niet weg! Vanmiddag is de verjaardag van Inge, haar beste vriendin. Ze word 16 dus het is een groot feest! ’s Middags is haar familie en zijn de vrienden en kennissen van haar ouders uit genodigd. ’s Avonds is het de bedoeling dat Inge’s vriendenkring komt, alleen Marlou mag ’s middags al komen, ze zijn al vriendinnen vanaf de basisschool groep 3.
Marlou doet een nat doekje op haar oog en zoekt haar toilettas. ‘Waar is dat ding nou weer heen?’ vraagt Marlou zichzelf wanhopig. Niet in het kastje, niet bij de handdoeken, niet in de douche, niet op de wasbak.. Misschien bij de was? Ze zoekt maar vind geen toilettas. Dan valt haar oog op iets wat onder in de wasmand ligt. Een brief aan haar moeder. Op een of andere manier heeft Marlou de neiging om de brief te openen. Maar aan de andere kant zegt iets haar dat als haar moeder haar nou betrapt, ze nog heel wat slagen kan krijgen! Toch wil Marlou weten wat erin staat. Ze hoort haar moeder de trap opkomen. Ze stopt de brief weer terug in de wasmand en gaat weer verder op zoek naar haar toilettas. Ze hoort haar moeder langs de badkamer komen, maar loopt weer verder. Marlou gaat de badkamer uit en gaat naar haar kamer. Ze sluit de deur en doet een paar seconde haar ogen dicht. ‘Wat moet ik toch hier mee?’ Vraagt ze zichzelf wanhopig. Als ze haar open opent, bekijkt ze eens haar kamer. De donkerblauwe muren met de foto’s van haar, Inge, andere vriendinnen, haar kat Kipje en natuurlijk een hoop foto’s van haar paard Wizz. Haar trots! Haar boekenkasten staan vol met leesboeken, informatieve boeken, tijdschriften én.. foto’s. Ze is dol op lezen en fotograferen. Het is haar grootste hobby naast de paarden. Als ze naar haar bureau kijkt ziet ze een hoop huiswerk én dat haar toilettas op haar bureau staat! Gelukkig! Ze pakt haar spullen en gaat terug naar de badkamer.
Ze voelt aan de deur maar de deur zit op slot. oliebol! Het is niet haar moeder, die komt net de trap af lopen. ‘Laat je broer in de badkamer met rust!’ ‘Die doet tenminste nog nuttige dingen na schooltijd, en gaat niet zoals jij de hele avond nog naar die paarden toe!’ Haar moeder is dus nog steeds kwaad over die opzegging van dat abonnement, wat dus niet goed is opgezegd. Het abonnement moest voor 1 november zijn opgezegd. Marlou had de brief 30 oktober al op de bus gedaan, maar de brief is dus te laat gepost. ‘Sven, laat me erin!’ roept Marlou. ‘Marlou, wat heb ik nou gezegd! Gun die jongen eens een vriendinnetje, jij moet trouwens ook maar eens op zoek gaan naar een vriendje!’ roept haar moeder. Marlou weet niet wat ze hoort! Haar moeder die vindt dat Marlou een vriendje moet zoeken? Normaal is het altijd zo dat Marlou de boodschappen, het huishouden en de afwas moet doen, en betere cijfers moet halen. Ze moet ook Marlies naar gymles brengen en Esmee van de crèche afhalen. Dat doet haar moeder allemaal niet, dat moet Marlou doen. En dan moet ze nou opeens een vriendje? Dan heeft ze toch geen tijd meer voor al die andere verplichtingen die ze heeft? Dat zei haar moeder zélf nog laatst! Sven opent geïrriteerd de deur. Maar, als hij ziet hoe Marlou eruit ziet schrikt hij. ‘Heeft mama dit weer gedaan?’ Vraagt hij zachtjes geschrokken. ‘Ja, wie anders?!’ Antwoord Marlou wanhopig. ‘Ik dacht het al, mama was weer zo geïrriteerd en ik zag dat je nog thuis was, dus dacht ik al wel dat het weer raak was.’ Marlou is blij dat haar broertje zo bezorgd is. Hij heeft het op zich ook zwaar. Hij is dan niet de dupe telkens, want hij wordt niet gehaat door Marlou’s en Sven’s moeder, maar hij kan er niks tegen doen! Terwijl hij het zo erg vindt voor zijn zus. Marlou glimlacht en pakt loopt naar de wasbak. Eerst maar haar gezicht wassen, zodat al dat bloed weg gaat. ‘Ohja, Marlou?’
‘Ja..?’ Antwoord Marlou. ‘Ik, uhh..’ ‘Ik. Ikke..’
Marlou kijkt op. Wat gaat haar broertje haar nou weer vertellen of vragen?
‘Ik ben verliefd.’ Zegt Sven met een knal rood hoofd.
Marlou lacht. ‘Ja, dus..’ en ze kijkt weer naar de spiegel.
‘Nou, hoe moet je nou, flirten?’ vraagt Sven.
Marlou denkt na. ‘Goeie vraag, dat weet ik zelf ook niet. Die paar keer dat ik een vriendje had, gebeurden het gewoon vanzelf.’
‘Ja, lekker handig! Daar heb ik ook veel aan.’ Zegt Sven licht geïrriteerd en gaat op de badrand zitten.
‘Ja, sorry! Gewoon een beetje oog contact proberen te maken, en interesse tonen.’ Marlou haalt haar schouders op. ‘Denk ik.’ En Marlou poedert haar gezicht.
‘Welk meisje is het eigenlijk?’ Vraagt Marlou.
Sven wordt rood. ‘Dat maakt toch niet uit!’
‘Nou misschien wel, dan kan ik kijken of ze interesse in jou heeft!’ plaagt Marlou hem.
‘Haha, heel grappig.’ Sven wordt steeds meer geïrriteerd. ‘Maar je mag het wel weten.’
Marlou draait zich om. ‘Chantal.’ Zegt Sven. Er volgt een diepe stilte. Marlou staat denkend haar gezicht te poederen. ‘Oh, die!’ Zegt Marlou opgetogen. Maar eigenlijk is ze dat helemaal niet. Chantal heeft ze een keer in een oogopslag gezien, ze stond bij de presentatie van het nieuwe schoollogo, maar in die ene opslag vond Marlou nou niet dat ze een aardig meisje was. Ook wat ze van andere hoort is ze dat niet. Maar, ze gunt het beste voor haar broertje, én je mag geen vooroordelen hebben als je alleen maar iemand hebt gezien. ‘Die zit toch in HV2B?’
‘Ja, die ja.’ Zegt Sven. ‘En ik in HV2D. Daardoor is het alleen maar moeilijker!’
‘Ach, misschien ietsje, maar gaat ze vrijdag naar de Dance House?’ De Dance House is dé plek om uit te gaan in de woonplaats van Sven en Marlou. Inge’s zus werkt daar op zaterdag altijd, en dan kan ze Inge en Marlou en wat andere meestal wel naar binnen lozen. Maar ook iedereen vanaf 12 jaar kan er één keer per maand in. Dan hebben ze een aparte zaal.
‘Weet ik eigenlijk niet.’ Zegt Sven. ‘He! Dat is misschien een idee, dan vraag ik haar mee, of ik vraag gewoon of ze gaat!’ Sven ziet het helemaal zitten.
‘Je doet maar!’ lacht Marlou. ‘Au!’ Er gaat weer een steek door haar hoofd.
‘Heb je het wel al gekoeld?’ Vraagt Sven. ‘Een beetje, maar het gaat wel weer.’ Zegt Marlou en ze gaat verder met het poederen van haar hoofd en haar dikke oog. Sven loopt de badkamer uit. ‘Ik ga naar de skate baan. Chantal komt kijken.’ Zegt Sven met een knipoog. ‘Oke, denk aan de wijze tips die je van je zus hebt gekregen!’ Zegt Marlou. Maar Sven is al weg.
Meer moet Marlou echt niet op haar gezicht smeren, dan lijkt ze net zo’n opmaakpop! Maar je ziet nog steeds dat haar oog blauw is. En ze kan moeilijk een of andere smoes verzinnen. Een beetje oog schaduw dan maar er vanavond op smeren. Ze gaat nou naar stal, daar zien ze toch niet of ze iets heeft, en anders kan ze daar wel zeggen dat ze tegen iets aan gelopen is!
‘Ik ga!’ Roept Marlou als ze onder aan de trap staat. ‘Je bent wel op tijd thuis voor het eten he? 12 uur en geen minuut later! En ik wil dat je gedoucht aan tafel komt!’ Roept haar moeder. ‘Natuurlijk!’ roept Marlou blij. Maar dat is ze dus helemaal níet.
Marlou loopt naar de schuur en pakt haar fiets. Hoe laat is het eigenlijk? Marlou kijkt op haar horloge. Kwart voor 10, ze moet opschieten, als ze nog even wil rijden. Marlou pakt haar spiegeltje en kijkt even of je de blauwe plekken en al die andere kleuren van de regenboog kan zien op haar gezicht of hals. Nee, je ziet ze niet, maar wat heeft ze een hoop poeder!
‘Inge!’ roept Marlou, nog fietsend op Inge af. ‘Marlou!’ roept Inge blij terug. ‘Gefeliciteerd met je 16e verjaardag, meid!’ Marlou schut Inge’s hand en geeft haar drie kussen. ‘Het cadeautje krijg je vanmiddag.’
‘Is goed, hoor.’ Zegt Inge. ‘Wat wil je hebben? Appel of aardbei? Ik heb ook nog slagroomtaart maar die is nog niet helemaal af. Zelfgemaakt, je weet wel.’
‘Heb jij taart bij je? Dat is toch niet nodig!’ Zegt Marlou.
‘Dat zei ik ook al!’ roept Mark. Inge wordt rood, maar niet van schaamte omdat ze taart mee heeft. Ze vindt Mark leuk, maar daar weet ze zich geen raad mee. Ze glimlacht. ‘Ach, ik ben jarig, ik trakteer! En trouwens, 3 taarten is niet zo heel veel hoor.’ Dat is nou typisch Inge. Ze hoeft niks, ze wil het allemaal alleen maar voor andere plezierig hebben. Dat is nou ook een van de dingen die Inge geweldig maken als vriendin. Ze geeft en wil niet hebben, ze kan super gek doen, maar is op z’n tijd ook echt verlegen! ‘Doe mij maar aardbei.’ Zegt Marlou uiteindelijk. ‘Maar ik ga eerst even bij Wizz kijken.’
‘Wizzje..’Zegt Marlou als ze voor de stal van Wizz staat. ‘Alles goed, jongen?’
‘Met mij wel redelijk.’ Marlou staart voor zich uit. ‘Het kan altijd slechter.’ Ze denkt na, en er valt een lange stilte. ‘Toch?’ zegt Marlou tegen Wizz. Maar vooral tegen zichzelf. Wat moet ze er toch mee? Het is niet normaal als een moeder haar kind slaat, toch? Daar hebben ze het al zo vaak op school over gehad, dat er heel veel gevallen van kindermishandeling zijn in Nederland, en dat er ongetwijfeld iemand is die je kent die thuis mishandeld wordt. Maar, is het mishandeling wat mama doet? Ze heeft mij een paar keer geslagen, maar is dat mishandeling? Er rolt een traan over haar wang en ze snikt. Hoe moet ze dit nou oplossen? ‘Tegen Sven, Marlies en Esmee is ze altijd aardig! Maar tegen mij..’ Denkt Marlou in zichzelf.
‘Eén aardbeitaartje voor mevrouw!’ Zegt Inge blij. Maar die blijheid is al snel over. ‘Marlou, wat is er?’Inge schrikt van wat ze vindt in Wizz stal. ‘Waarom huil je.’ Marlou veegt haar tranen weg. ‘Ik huil niet, ik stootte net me ergens aan.’ Liegt Marlou. Ze wil niet dat Inge het weet. ‘Oh, daarom is je oog ook blauw.’ Marlou schrikt. Hoe kan dat? Oh nee! Natuurlijk! Haar tranen vegen haar make-up weg! Marlou bekijkt haar handen. Ja hoor, helemaal onder de bruine vlekken van het poeder. Wat moet ze nou zeggen. ‘Dat is wel hard gegaan, dat het nou al blauw is!’ zegt Inge bezorgd. ‘Oh, dat weet ik niet hoor, ik heb altijd al blauwe ogen gehad.’ Probeert Marlou te grappen. Maar het werkt. Inge lacht. ‘Marlou! Jij altijd me je opmerkingen!’ Marlou probeert te lachen.
‘Maar, kom.’ ‘Dan gaan we even jouw gezicht wassen, want je make-up is nogal…’
’Uhhh…’Inge grijnst. ‘weg.’ Marlou schrikt. Maar ik ga niet m’n gezich wassen, dan zien ze allemaal mijn blauwe plekken! ‘Nee, dat hoeft niet hoor!’ zegt Marlou snel. Inge kijkt raar op. ‘Ik heb wel make-up voor je.’ Zegt Inge. ‘Wat gebruik je voor een poeder?’ Marlou krijgt het heet. Wat moet ze hier nou weer op zeggen?
‘Maar dat hoeft niet. Bewaar dat maar voor jezelf. Je moet er toch goed uit zien voor…’ Marlou doet alsof ze nadenkt. ‘Mark?’ grijnst Marlou. ‘Marlou!’ roept Inge. ‘Hoe weet jij dat nou?’ Fluistert Inge verbaasd. ‘Ik ken mijn vriendin wel, en ik ontvang signalen.’ Zegt Marlou. Inge draait met haar ogen. ‘Jij merkt ook echt alles op, hé?’ Marlou grijnst en ze sleurt Inge mee. ‘Kom, we gaan taart eten.’


Oeps, daar heb ik over heen gelezen.
