Hoofdstuk 2+3
2
Onze eerste zoen is inmiddels een week geleden, Wietse en ik spreken elkaar dagelijks en zien elkaar veel, te veel. Ik concentreer me minder op mijn school en het gaat slechter, veel slechter. Ik besluit te zeggen dat ik meer tijd voor mezelf nodig heb. En hij begrijpt me, zoals hij altijd doet.
We zien elkaar sowieso drie keer in de week op de korfbal, maar niemand weet van “ons” we willen er eerst zelf zeker van zijn. Dit idee kwam bij hem vandaan en ik vond het goed. Voor mij hoefde het niet zo te zijn dat iedereen het wist. We gingen meer met elkaar om dan eerst maar niet opvallend veel. Toch merkte een vriendin van mij, die ook bij mij in het team zit, dat er iets was. Ik was zo vrolijk, ondanks dat het thuis niet goed ging. En Wietse en ik keken naar elkaar glimlachten en knipoogden. Ze vroeg zich af wat er was en besloot haar te zeggen dat het niets was.
We gingen steeds vaker afspreken en ik had het gevoel dat ik steeds gekker en gekker op hem werd. Als mijn telefoon trilde maakte mijn hart al een sprongetje, zou het een sms van Wietse zijn? Al was het dan een sms stuurde ik vaak direct iets terug, of niet. Ik kreeg ook wel eens een sms waarop ik niet kon antwoorden.
Standaard gingen we elke zondag weg, lekker samen zijn. De ene keer gingen we de stad in, de andere keer gewoon lekker naar het strand of naar het meer in de buurt. Al gingen we naar het strand of het meer namen we Spike gezellig mee.
Ik vond het geweldig, totdat ik zelf begon te merken dat mijn cijfers slechter werden en mijn ouders het echt niet leuk vonden dat ik zoveel weg was. Ook merken mijn vrienden dat er iets met me aan de hand was, ik denk dat ook zij de roze wolk die om mij, Lotte, heen hing zagen. Het begon op te vallen dat ik veel smsde en wegliep als mijn telefoon ging. Ik wilde niet dat iemand onze gesprekken hoorde.
Exact drie weken na ons eerste gesprek hebben we toevallig samen bardienst in de kantine van de korfbal. We staan eventjes in de keuken een beetje te flikflooien, komt precies Peter binnen. Hij is druk tegen mij aan het praten maar stopt midden in een zin als hij ons ziet staan.
3
Na die bewuste zaterdag hebben Peter en Wietse elkaar beter leren kennen en heeft Peter er helemaal vrede mee. Hij is blij voor me, dat ik gelukkig ben en dat ik een jongen heb gevonden die mij gelukkig kan maken. Toch zegt hij dat hij mij altijd zal blijven beschermen in het leven, of ik het nou leuk vind of niet.
Soms doen we zelfs dingen met zijn drieën. Dat is gezellig maar het voelt vreemd, omdat Peter en ik samen ook een “verleden” hebben. Ik voel me soms wel l*llig tegenover hem om hand in hand met Wietse te lopen en hem te zoenen waar Peter bij is. Het klinkt vreemd maar het is gewoon zo.
Ik voel me zo gelukkig, ik heb iemand gevonden waarbij ik gewoon mezelf kan zijn. Bij Wietse hoef ik niet net te doen alsof ik blij ben en het leven helemaal geweldig vind. Ik kan het soms allemaal niet helemaal meer aan; de drukte op school, de ruzies thuis en dan ook nog vrolijk zijn. Op dat soort momenten ben ik blij als ik alles er even uit kan gooien bij Wietse om vervolgens helemaal opgelucht te zijn. Daarna word ik opgevrolijkt door hem, hij speelt een liedje op zijn piano. Het is vaak Lost, van Anouk, maar dan met zijn eigen aangepast songtekst. Dan voel ik me zó gelukkig en zó rijk.
Het is zondag, en het beloofd een echte bankhang zondag te worden. Ik heb nergens zin in en mijn ouders zijn weer een rondje opa’s en oma’s aan het doen. Ineens hoor ik mijn ringtone, ik sprint naar boven waar mijn telefoon nog op mijn nachtkastje ligt. Chips, oproep gemist van Wietse. Ik bel hem meteen terug, hij zegt dat ik mijn telefoon nou eens in één keer op moet nemen, ik hoor hem erbij lachen dus dat zit wel snor. Hij vroeg zich af of ik zin had om even een film te komen kijken, hij had namelijk ook een echt zondag gevoel.
Een uurtje later hangen we samen op de bank in Wietse’s huis. Zijn moeder is naar haar vriend en Spike heeft ze meegenomen. Ik zie de foto van zijn overleden vader op de kast staan en blijf ernaar staren. Wietse ziet het en schiet vol, het is nu iets meer dan een jaar geleden dat zijn vader overleden is maar hij heeft het er nog elke dag moeilijk mee.
Ik troost hem door hem hard tegen me aan te drukken en te zeggen dat het niets uit maakt dat hij huilt. Natuurlijk snap ik heel goed dat hij het niet leuk vind om te huilen, zeker niet waar ik, een meisje, bij ben.
We besluiten de tv uit te zetten en naar het bos te gaan om lekker eventjes in de frisse buitenlucht te zijn. Het ziet er heel charmant uit, ik in mijn jogging broek met een veel te grote trui en Wietse in zijn trainingsbroek met ook een veel te grote trui.
Als we weer terug zijn in Wietse zijn huis belt zijn moeder dat ze niet thuis komt eten en pas laat thuis is vanavond. Alleen zou ze het wel fijn vinden als we Spike even kwamen halen dus zitten we 5 minuten later op de fiets naar; “De Boerderij”, waar de vriend van Wietse’s moeder woont. We praten wat, maar als het begint te regenen besluiten we naar huis terug te gaan. Met spike aan de fiets gaan we weer terug om na 10 minuten als een stel verzopen katten aan te komen. Maar dan wel slimme verzopen katten, die een regenpak aangetrokken hebben.
Een uurtje later zitten we lekker te smullen van de Lasagne die we samen in elkaar geflanst hebben. Het valt niet tegen zo samen in één huis, totdat het tijd is voor Studiosport en Voetbal Vrouwen tegelijk. Uiteindelijk heb ik Wietse zo ver dat we Voetbal Vrouwen gaan kijken. Ik ben zo geconcentreerd op de tv dat ik niet merk dat Wietse wegloopt. Pas als her reclame is kom ik erachter dat hij niet meer naast me zit op de bank. Ik besluit boven een kijkje te nemen, ik schrik als ik boven kom.
Hij zit in zijn kamer met zijn gitaar op zijn bed, zijn kamer is helemaal donker maar toch verlicht door tientallen kaarsjes die er staan. Als ik ben bijgekomen van de schrik val ik hem om zijn hals en laat hem niet meer los. Ik fluister dat ik hem lief vind en barst in huilen uit.
Zoveel liefde had ik nog nooit gevoelt. Op dat moment wist ik het zeker, ik was verliefd.
Wat…? Ik verliefd? Dit kan niet, dit kan gewoon echt niet. Ik kan niet verliefd worden ik, ik, ik…
Snel verdring ik mijn gedachten en voel me nog blijer dan ooit. Ik denk: “Lot, meid, je hebt het voor elkaar!”. Zo kan ik uren blijven zitten, maar ik moet nodig naar huis. Ik morgen weer naar school en moet nog heel wat aan mijn huiswerk doen.
Dus ik moet kiezen, bij Wietse blijven of naar huis voor mijn huiswerk. Ik kies voor mijn school, dit onder zachte dwang van Wietse. Hij fietst nog even een stukje mee richting mijn huis, omdat hij Spike toch nog uit moest laten.
Als ik thuis ben stuur ik hem de volgende sms; “Hey lieverd, ik vond het geweldig vandaag. Ik zie je snel weer, hele dikke zoen en ik vind je lief!” niet veel later word ik gebeld. Het is Wietse, hij vertelt me dat hij het ook geweldig vond en dat hij denkt dat we elkaar de komende week weinig kunnen zien door zijn tentamens op school. Ik hoor aan zijn stem dat hij het jammer vind, ik vind het ook jammer maar laat het niet merken. We nemen afscheid ik ga verder met mijn huiswerk en val later met een grote glimlach op mijn gezicht in slaap.
Midden in de nacht word ik wakker, ik ben vergeten om het geluid van mijn telefoon uit te zetten en er komt een sms binnen. In eerste instantie heb ik het niet door maar zodra ik mijn ogen normaal open kan houden lees ik de sms. Het is Thomas, waar ik de afgelopen weken uithang en of ik hem nog wel wil zien. Hier schrik ik van, ik bel hem op. We praten en praten en ik geef toe dat ik hem verwaarloos. Daarom spreken we af dat we woensdagavond gaan skaten. Ik hang op en val direct daarna in slaap. Om voor mijn gevoel 5 minuten later alweer wakker te worden van mijn wekker.
_____________________________________________________
Ik ga weer hard verder schrijven aan een volgend hoofdstuk
Laatst bijgewerkt door Tess__ op 14-06-08 17:35, in het totaal 1 keer bewerkt