Moderators: Neonlight, C_arola, Firelight, Sica, Dyonne, NadjaNadja, balance, Essie73
runningkawa schreef:Het nivo word afgeleid van de wedstrijd sport
B staat voor beginners
L voor licht
M voor midden
Z voor Zwaar
Elke klasse is dan moeilijker en moet je beter kunnen rijden.
helaas word er te vlug op maneges met klasses gegooit, want daar hebben ze M groepen, die op wedstrijd niet eens in het B zouden kunnen rijden.
Dat zouden ze doen om het stimulerend te houden voor de ruiters.
Allleen lijkt mij dat ze een verschrikkelijke domper op hun neus krijgen als ze zich eens in het wedstrijd gebeuren gaan begeven, of op een echt M paard gaan zitten en die inees rare dingen doet.
Citaat:Moeilijkheidsgraad van de klassen in dressuur
Om te kunnen promoveren naar een hogere klasse moet de combinatie hier natuurlijk wel aan toe zijn. Door gerichte africhting/training komt het paard beter in evenwicht en ook beter aan de hulpen. Hierdoor zullen de oefeningen er mooier uit gaan zien terwijl het paard op nagenoeg onzichtbare hulpen plezier in het werk blijft houden.
Telkens als een bepaald aantal winstpunten is behaald mag men promoveren naar een hogere klasse. De oefeningen in die hogere klasse zijn zwaarder. Door op tijd met de voorbereiding op deze hogere klasse te beginnen zal de overgang kleiner zijn.
Hieronder treft je een opsomming aan met nieuwe oefeningen voor de volgende klasse.
TIP: plak de laatste bladzijde uit je 'oude' boekje achterin het nieuwe. Dan heb je altijd de ring met letters bij de hand.
--------------------------------------------------------------------------------
B (Beginnende combinaties)
In deze klasse wordt geacht dat de ruiter zijn paard redelijk in de hand heeft. Dat het paard normaal reageert op hulpen en dat het op verzoek van de ruiter overgangen en wendingen kan maken.
Het evenwicht van het paard zal meestal meer op de voorhand zijn.
Het paard gaat in aanleuning op de hand van de ruiter, waarbij door nageeflijkheid (het ontspannen van nek- en kaakgewricht) de oefeningen beter uitgevoerd kunnen worden.
Ten alle tijde is het paard voorwaarts, op verzoek en onder controle van de ruiter.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
het rijden van rechte lijnen
het rijden van wendingen op de letter
(progressieve) overgangen, tussen de letters
omstellingen (b.v. gebroken lijn 5 meter)
enkele passen middendraf
galop, met grote volte
halsstrekken in draf en op de grote volte
soms doorzitten
stilstaan
L1 (Lichte oefening)
In deze klasse worden de oefeningen meer 'op de letter' gereden. Het inzetten van een overgang moet dus preciezer voorbereid worden. Het paard dient nageeflijk voorwaarts te gaan.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
minder ruimte voor overgangen, meer 'op de letter'
middendraf over hele diagonaal
enkele sprongen middengalop (ook op een deel van de grote volte!)
kleinere wendingen (10 meter doorsnede)
wijken voor het binnenbeen, 5 meter
scherpere omstellingen (slangenvolte 3 bogen)
gebroken lijn 10 meter
L2 (Lichte oefening, verzwaard)
De oefeningen zijn in het verlengde van de L1 echter verzwaard. Hierdoor is de aansluiting naar de M beter. Met name de snellere opeenvolging van wendingen, omstellingen en overgangen zorgen voor een paard dat goed in de hand is.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
wijken voor het binnenbeen, 10 meter
bijna steeds doorzitten
enkele passen achterwaarts gaan
aangalopperen op de letter
volte 15 meter doorsnee in galop
overgangen middengalop op de letter
kleinere omstellingen (gebroken lijn 20 meter)
gehele grote volte in middengalop
afwenden in galop
M1 (Middel-zware oefening)
In de M1 wordt verwacht dat het paard door training meer in een horizontaal evenwicht gaat. De overgangen dienen nog steeds progressief getoond te worden. Enkele oefeningen nodigen echter duidelijk uit tot meer evenwicht op de achterhand.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
schouderbinnenwaarts (halve lange zijde)
wending om de achterhand
uitgestrekte stap
exact aantal passen achterwaarts (4 passen)
aangalopperen op de middellijn
wendingen in galop van 10 meter doorsnede
contragalop (ruime wendingen)
M2 (Middel-zware oefening, verzwaard)
In de M2 dient een horizontaal evenwicht getoond te worden. De oefeningen volgen elkaar sneller op. Overgangen die direct zijn, dus niet meer progressief, worden hoger beloond.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
5 passen achterwaarts
travers
uitgestrekte draf
keertwending om de achterhand
verzamelde gangen
scherpere wendingen in contragalop (slangenvolte)
directe overgangen galop-stap-galop
langere reprises in contragalop
apart cijfer voor de verzameling
Z1 (Zware oefening)
In de Z1 zal het gewicht al meer door de achterhand overgenomen worden. De overgangen moeten direct uitgevoerd worden. De nadruk ligt op het voorwaarts gaan en de verzamelde gangen.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
directe overgangen
vaak verzameling met daarbij de overgangen
eenvoudige galopwisseling
scherpe wendingen in contragalop
appuyeren, ook zig-zag, in draf
uitgestrekte galop
schouderbinnenwaarts langs de gehele lange zijde
Z2 (Zware oefening, verzwaard)
In de Z2, de hoogste klasse van de basissport, wordt een paard verwacht dat volledig aan de hulpen staat, met daarbij het evenwicht meer op de achterhand. Oefeningen dienen zeer exact getoond te worden.
De volgende oefeningen moeten onder andere getoond kunnen worden:
galopwisseling
volte 8 meter in galop
appuyeren in galop

JodyB schreef:P.s. wat betekent: langere reprises in contragalop?
Ja ik weet het, ik ben lastig