http://www.asg.wur.nl/NR/rdonlyres/3875 ... 630/71.pdf
bladzijde 29:
Citaat:Geleidelijk hebben de ‘stands’ de laatste decennia plaats gemaakt voor de (relatief
kleine) individuele box van 3x3 meter. Het houden van paarden in individuele boxen heeft uit oogpunt van
bewegingsvrijheid en verzorgingsgedrag weliswaar veel voordelen, maar komt onvoldoende tegemoet aan de
behoefte aan beweging en vooral sociaal gedrag. In navolging van de groepshuisvesting zoals deze ook bij
landbouwhuisdieren wordt toegepast, is er ook in de paardenhouderij een trend naar groepshuisvesting.
Onderzoek naar sociaal gedrag van paarden en het uitdragen van deze onderzoeksresultaten hebben bijgedragen
aan de bewustwording van paardenhouders met betrekking tot de wenselijkheid van groepshuisvesting.
Citaat:Paarden zijn sociale nomadische dieren die leven in kleine hiërarchische groepen. Als prooidier zijn paarden zeer
gericht op de omgeving en alert op bedreigingen. Paarden kunnen zich goed aanpassen aan uiteenlopende
ecologische omstandigheden en zijn daarom uiterst succesvol gedomesticeerd. Paarden blijven een sterke
behoefte hebben aan het uitvoeren van hun aangeboren en aangeleerde gedrag en dat brengt in de huidige
paardenhouderij problemen met zich mee. Wanneer de omgeving waarin paarden worden gehouden te veel
afwijkt van hun natuurlijke omgeving en mogelijkheden, ontstaan problemen die zich uiten in frustratie en stress,
uiteindelijk resulterend in afwijkend gedrag (agressie en overactiviteit) en stereotypieën (in de paardenhouderij
eufemistisch stalondeugden genoemd: kribbenbijten, luchtzuigen, weven, stallopen, houtbijten). Er is veel
onderzoek gedaan naar de oorzaken van afwijkend gedrag en stereotypieën bij paarden, de oorzaak lijkt het
grote verschil tussen de beperkingen (beweging, afleiding, rantsoensamenstelling) in de huidige houderij en de
natuurlijke gedragsbehoefte van paarden te zijn.
Citaat:Het africhten van paarden start meestal na de tweede winter (racepaarden na de tweede zomer) terwijl ze fysiek
pas tussen de 4-6 jaar zijn uitgegroeid. Paarden hebben dan veelal in groepen in het land gelopen en worden van
de ene op de andere dag individueel opgestald. Direct na opstallen vertoont bijna driekwart van de paarden
minstens enkele dagen afwijkend gedrag. Het stallen van paarden in individuele boxen levert veel chronische
stress op, zeker wanneer de box drie dichte wanden heeft. Paarden kunnen hun sociale gedragsrepertoire, zoals
bijvoorbeeld een begroeting, niet afmaken. Dit leidt tot frustratie en stress. Veel paarden ontwikkelen hierdoor
chronisch afwijkend gedrag of stereotypieën.
In groepen huisvesten van paarden is in opkomst maar wordt nog op hele kleine schaal toegepast; men is vaak
bang voor ongelukken. De voordelen van groepshuisvesting van paarden lijken evident, maar er is meer
onderzoek nodig naar praktische haalbaarheid, richtlijnen voor het vormen van groepen en ontwerp voor
groepshuisvesting: het plaatsen van een scheiding (schot of hangende balk) in het groepshok is een eenvoudige
en snelle manier om ranglage paarden een ontwijkmogelijkheid te geven en zo onrust, stress en de kans op
ongelukken te verminderen.
Voor sommige paardenhouders, waar veel wisselingen zijn, is groepshuisvesting geen optie. Voor deze groep zou
een welzijnsvriendelijkere box (met uitloop) en meer mogelijkheden voor sociale interactie met buurpaarden een
grote verbetering zijn. Particulieren die hun paard welzijnsvriendelijk willen huisvesten, experimenteren met vele
varianten. Daaruit voortkomende oplossingen kunnen worden benut als voorbeeld voor anderen. Het
welzijnsvriendelijk huisvesten van managepaarden zou een onderdeel van het FNRS-sterrensysteem kunnen
worden.
Citaat:In de natuur grazen paarden 12-16 uur per etmaal en leggen daarbij 5-10 kilometer af. In de paardenhouderij
krijgen paarden in gemiddeld 2 maaltijden alle benodigde nutriënten binnen. Aan de aangeboren behoefte om
graasbewegingen met de mond te maken wordt niet in voldoende mate voldaan. Paarden zoeken andere
mogelijkheden om aan deze behoefte te voldoen wat veelal leidt tot het ontstaan van afwijkend gedrag en
stereotypieën (met name kribbenbijten).
Een energierijk en vezelarm rantsoen staat ver af van het natuurlijke dieet van paarden dat erg vezelrijk is. Het
verteringsstelsel van paarden kan rantsoenen met veel energie niet goed aan. De lage zuurgraad (pH) in de maag
wordt door een gebrek aan speekselproductie (door te weinig kauwbewegingen door te weinig vezels) niet
voldoende geneutraliseerd met o.a. risico op maagzweren. Veel paarden hebben maagzweren, naar schatting
heeft 50% er merkbaar last van. Ook de verstrekking van een beperkt aantal maaltijden per dag levert
verteringsproblemen op.
Oplossingsrichtingen voor beide vormen van ongerief liggen in het verstrekken van meer maaltijden per dag in
combinatie met een hogere ratio ruwvoer/krachtvoer en het stimuleren van foerageren (bijvoorbeeld door een
plak stro op oneetbare bodembedekking te leggen).
Plotselinge overgangen van rantsoen zijn oorzaak van veel gezondheidsproblemen bij paarden, met name in het
voorjaar wanneer paarden te lang op een energierijke weide worden gelaten.
Dit is nog maar een deel van de interessante stof die ze te vertellen hebben.
Ik ben erg blij met dit rapport

Zeker als je leest dat ze ook een soort beleid hebben gemaakt om er wat aan te gaan doen
Opvallen, en nieuw voor mij, is de opmerking over het optreden van afwijkend gedrag bij driekwart van de paarden binnen enkele dagen na 'ophokken'. Ik wist niet dat het zo snel ging.


)


maar dat ligt meer aan de verwoording
.
. Ben blij dat het straks weer voorjaar wordt. Dan mogen ook zij weer lekker 24/7 het land op.....